Bomen- en insectenpad

In november 2007 is ter voorbereiding op de opening van het Insectenpad (juni 2008) en ter verfraaiing van het Bomenpad (opening mei 2007) een groot aantal bollen, vaste planten, bomen en struiken en akkerkruiden aangebracht.
De bedoeling van de aanplant is meervoudig:

  • Voor de wandelaar om gedurende een zo groot mogelijk deel van het jaar bloeiende planten langs de routes te hebben.
  • Voor insecten om gedurende een zo groot mogelijk deel van het jaar nectar en stuifmeel beschikbaar te hebben en waardplanten waarop de eieren afgezet kunnen worden.

In het insecten- en bomenpadboekje, die via De Heimanshof verkrijgbaar zijn staat meer informatie over de relaties tussen de planten en de insecten.

Situatie 2013

Bollen: Terwijl de toestand van de bomen en de informatie bordjes redelijk dramatisch is verslechterd, doen de bollen die langs de route geplant zijn wat er van ze verwacht werd. Deze wilde bollen houden zich taai en vermenigvuldigen zich jaar op jaar. Het meest hebben zich de uien uitgebreid: armbloemig look en daslook worden als echte plakkaten. Maar ook de winteraconieten en alle drie de sneeuwklokjessoorten doen het goed. De anemonen hebben meer moeite met het oprukkende groen zoals bramen en brandnetels en met het feit dat er veel naast de paden gelopen wordt. Tegen de verdichting die hierdoor ontstaat kunnen ze niet echt.

Akkerkruiden 2013: Tot 2013 handhaafden de akkerkruiden zich prima. Omdat er in 2012 niet is gefreesd is vrijwel alles verdwenen. We gaan proberen dit eind 2013 weer te herstellen. De zaden zitten nog wel in de grond, maar de bloeiers kunnen niet concurreren met de grassen.

Insectenhotel Insectenpad: Onder de eerste hoogspanningsmast in het insectenpad langs de IJtocht hebben we sinds 2008 gebouwd aan een vandalisme bestendig insectenhotel bestaand uit den bouwwerk met ingeboorde holletjes en bamboe stokken en een rioolpijp met zand . In maart 2013 is eindelijk de laatste hand gelegd aan de laatste details. En voor het 4e jaar zijn er bamboestokjes aangevuld. Vanaf 2008 tot 2013 is er een gestage toename geweest van solitaire bijen. De eerste 2 jaar waren er maar 2- 3 holletjes bewoond en in 2012 al een paar honderd. Dat geeft aan dat het hotel een functie heeft en dat er voor 2008 maar heel weinig bijen in deze buurt verbleven.

Situatie 2010

Stinsenplanten in het bos in de ondergroei langs de paden bij het bomen- en insectenpad:

 

Soort Bloeitijd Soort Bloeitijd
Winteraconiet (geel) dec – feb Sneeuwklokje jan – mrt
Bosanemoon (wit) feb-mrt Gele anemoon feb – mrt
Blauwe anemoon feb-mrt Daslook (wit) apr – juni
Armbloemiglook (wit) apr- juni Salomonszegel (wit) juni – juli
Vogelmerk (wit) mei- juni Longkruid (blauw) jan – juni

Bollen: Kenmerk van de wilde stinzenplanten is dat zij zichzelf (onder gunstige omstandigheden, dwz als ze niet overgroeid worden door struiken of te veel belopen worden) verder uitzaaien. Langs het bomenpad is dat in de winter en vroege voorjaar goed te zien. Elk jaar verdubbelt het aantal bloeiende bollen zich . Het kan echter nog wel 5 – 10 jaar duren voor de hele berm van de paden vol begroeid is.

Akkerkruiden ingezaaid bij het insectenpad langs de IJtocht : In mei 2009 beginnen de akkerkruidenstroken en vooral het die op het veldje bij de hoek N201 en de IJtocht weer in bloei te komen. limnanthes Opvallende bloeiers in dit veld zijn klaprozen, korenbloemen en een laag plantje met opvallende wit en gele bloemen. Dit is geen inheemse soort: de moerasbloem.(zie foto)
Jammer genoeg zijn er in het zaadmengsel allerlei kunstmatige kleurvarieteiten van klaprozen en korenbloemen terecht gekomen.

In juni 2009 staan veel van de zomerkruiden in bloei: opvallend zijn klaproos, korenbloem, knoopkruid (paars), bolderik(paars) rolklaver (geel: waardplant van icarusblauwtje), margriet, honingklaver (geel en witte). Minder opvallend zijn spiegelklokje (paars) en wondklaver (geel), voederwikke (paars) en tengere wikke (lichtpaars).

In 2010 is het deel van de bloemenweide dat gefreesd is (ongeveer 30 % op de hoek van de Driemerenweg en de N201) weer prima tot bloei gekomen. In alle niet gefreesde stukken is in een jaar de bloei eruit. Ook opvallend is dat alle gecultiveerde variëteiten korenbloem en klaproos weggevallen zijn. Alleen de “wilde” variëteiten zijn teruggekomen. In 2010 was het ook nodig om 3 m3 distels en zuring tussen de 500 m2 bloemen uit te trekken.