De meeste mensen hebben geen positieve associatie met vliegen. Hoewel ze (meestal) niet steken worden ze maar lastig gevonden. De meeste insecten hebben 4 vleugels, maar de vliegenfamilie kenmerkt zich door 2. De achterste 2 vleugels zijn weggevallen of gereduceerd tot knopjes die halters of kolfjes worden genoemd. Deze bewegen even snel als de vleugels maar tegengesteld en lijken te dienen voor stabiliteit in de vlucht. Er zijn wel 5.000 soorten vliegen, waarvan er bijna 170 inheems zijn in Nederland. De meeste vliegen zijn onopvallend, compact n vorm en donker gekleurd. Volwassen dieren leven meestal van nectar en zijn daarom net als bijen belangrijk voor bestuiving. Maar er zijn ook vliegengeslachten die bloed zuigen, die jagen op andere insecten en die vloeistoffen uit rottend fruit en wondvocht opzuigen. De larven van veel vliegen ontwikkelen zich in rottend plantaardig of dierlijk materiaal of mest. Een vliegensoort die wat uiterlijk betreft boven de meeste vliegensoorten uitsteekt is de schorsvlieg. Het is een grote soort die glanzend zwart is, met oranje op de vleugelaanzet, poten en de kop (foto). Deze soort legt zijn eieren in mest van runderen of paarden. Maar de larven eten niet de mest zelf maar jagen op de larven van andere insecten die ook in die poep leven.
Bijzonder
De schorsvlieg heet zo omdat hij een voorkeur heeft om te zonnen op bomen. En dat is precies de manier waarop ik deze soort ontdekte: door een grote cluster van deze vliegen op een boomstam. Vliegen kunnen dagelijks 100-150 eieren leggen die binnen een week larven produceren die maden genoemd worden. Daarmee zijn het belangrijke opruimers in de natuur die significant bijdragen aan de cyclus van groei en afbraak. En ze zijn een belangrijke voedselbron in de voedselpyramide voor andere insecten, vogels en ander dieren.
Waar
Schorsvliegen zijn gebonden aan de mest van grote grazers. Daarom komen ze voor in en rond veeteeltgebieden. De soort is daarom in Nederland algemeen.