De ooievaarsbekfamilie is groot en heeft een wereldwijde verspreiding. Veel soorten zijn ook al tuinplant of in huis geliefd. In het wild en inheems zijn er ook tientallen soorten. De associatie met de ooievaar is dat de zaden van alle soorten een karakteristieke puntige snavel vormen en het steeltje waarop ze zitten recht is, zoals een ooievaar zijn nek houdt tijdens het vliegen. Dat in tegenstelling tot de reigersbekfamilie die ook puntige zaden heeft, maar waarbij het steeltje de karakteristieke knik heeft van reigers in vlucht. Elke soort die (nog) bestaat heeft een succesvol mechanisme ontwikkeld waarmee hij grazers en mee-eters op afstand kan houden totdat er nakomelingen zijn. Dat kan alles zijn van doorns, haren, etherische olie, snelle groei of herstelvermogen, noem maar op. Er zijn net zoveel mechanismes als er soorten zijn. Een belangrijk mechanisme bij de ooievaarsbekken is een soort etherische olie. Die geeft alle geraniumsoorten een kenmerkende en beetje muffe of naar citroen neigende geur. Die geur stoot af als je erin bijt en de planten zijn ook een beetje kleverig. De meeste intens geurende wilde geraniumsoort is Robertskruid. De mooiste wilde soort vind ik zelf de beemdooievaarsbek. Deze soort heeft meestal blauwe bloemen (maar wit kan ook) van ruim 5 cm diameter (foto). Elke plant kan er wel 200-500 hebben afhankelijk van de groeicondities. Daarom is deze soort ook populair als tuinplant. Het is een vaste plant die elk jaar terugkomt maar in de winter ondergronds verdwijnt.
Bijzonder
De beemdooievaarsbek is niet alleen mooi voor mensen maar ook een belangrijke nectarplant voor talloze bijen, zweefvliegen, hommels en vlinders. De beemdooievaarsbek is ook eetbaar: zowel de bloem, het blad als de zaden. Daarbij is de wortel weer geneeskrachtig: bloedzuiverend en rustgevend.
Waar
De beemdooievaarsbek is een kenmerkende soort van niet al te rijke droge kalkrijke gronden maar op rijke gronden doet hij het ook en kan dan wel meer dan 1000 bloemen per plant maken in een grote bol met een diameter van 1 m.