De Argusvlinder is één van de vele vlindersoorten die het moeilijk heeft. Vroeger was het een algemene soort op halfopen graslanden. Helaas is deze soort sinds 1992 met 98% in aantal afgenomen. Je zou zeggen dat er in Nederland nog genoeg grasland is, maar toch…. In de literatuur staat dat het onduidelijk is waarom die afname zo groot is. Ik denk dat ik 3 redenen ken: De eerste is het spuiten met ‘gewasbeschermingsmiddelen’ die ook 75% van de andere insecten heeft doen uitsterven. De tweede en meer soort specifieke reden is dat door de overmaat aan stikstof er overal bijna geen graslanden zijn met hier en daar open plekjes. De grasmat is overal dicht aaneengesloten. De derde reden is dat met grote machines alle gras gemaaid wordt, vaak meerdere keren per jaar. Bij dat maaien worden niet alleen weidevogelnesten en -jongen vermalen maar ook de graspollen waarop eitjes of rupsen zitten van deze en veel andere vlinders en insecten. De argusvlinder hoort bij de zandoogjes maar hoewel deze soort sterk achteruit gaat nemen bv het bonte en bruine zandoogje die ook op gras leven wel toe.
Bijzonder
De Argusvlinder kreeg zijn naam door de vele oogvlekken op zijn vleugels (met argusogen naar iets kijken). Die oogvlekken leiden de aandacht van vogels af van het aanvallen op het lijf van de vlinder. Argusvlinders hebben kale plekken tussen graspollen nodig omdat mannetjes en vrouwtjes elkaar daar laag bij de grond ontmoeten en vliegen. Voor het jaar 2000 waren er meestal 2 generaties per jaar. Eentje van april tot juni en eentje van juli tot september. Door de klimaatverandering komt daar tegenwoordig vaak een derde generatie bij van september tot oktober/november. De vlinder overwintert als rups. Op koude dagen schuilt hij in pollen of spleten en op warme dagen in de winter gaat hij gewoon door met eten.
Waar
Hoewel de soort in Nederland het heel moeilijk heeft komt hij in een groot deel van Eurazië voor en doet het elders beter. Het was dus een geluk dat een van mijn vaste fotografen (Marianne vd Linden) hem voor de lens kreeg.