bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Vuilboom, 27 nov 2020

 vuilboomklein

De Vuilboom of sporkehout (foto:zaailingen met kenmerkende rode wortels)is hard op weg het symbool van de meerbomen.nu actie te worden, waarbij we gratis een miljoen bomen in hee Nederland bij boeren en in grotere projecten gaan uitdelen (van15 nov. tot 15mrt) en nog eens een half miljoen aan burgers om in de tuin tegels eruit en bomen erin te krijgen (van 17mrt tot 1 april).

Bijzonder

Wat is er zo speciaal aan de vuilboom:

1: De naam klinkt niet lekker, maar trekt wel de aandacht. Maar je wordt er niet vuil van. De naam is een soort eretitel, omdat thee uit de bast het meest laxerende middel uit de natuur is (die helpt goed tegen knagende herten, die laten dit boompje wel staan), maar ook om alle vuil uit je lichaam kwijt te raken. Zo deden ze dat bij detoxkuren vanaf de steentijd.

2: De vuilboom is de waardplant voor de rups van het boomblauwtje

en de citroenvlinder (inzetten). Graag geziene gasten in een tuin.

3: De vuilboom is de plant die het langste bloeit en bessen maakt van alle planten in Nederland: bloei van april tot september en bessen van mei tot oktober; Ideaal voor insecten en vogels en dus meer biodiversiteit.

4: Houtskool van deze soort is van ‘norit’ kwaliteit, dus ook voor het maken van buskruit. Voor de hobby van Napoleon Bonaparte was in zijn tijd deze soort bijna uitgeroeid.

5: Last but not least: Als je een eik of een wilg plant in je tuin, leven die meestal niet zo lang omdat ze heel groot worden. Maar de vuilboom houdt het bij een bescheiden 3-4m. Ideaal dus om tuinen biodivers te maken. Kortom: alle tuinen van Nederland verdienen een vuilboom!

Waar

Er zijn verschillende vuilboom ondersoorten. Zo groeien ze in moerasgebieden met hun voeten in het water, maar ook op droge arme zandgronden in de duinen en de Veluwe. De gemeenschappelijke factoren daarbij zijn zure grond en voedselarm. Spontaan kiemen doen ze niet in de vaak rijke gronden van de Haarlemmermeer, maar als zaailing of als aflegger geplant, doen ze het bijna overal. Alleen op de fundamenten van de ex-Overbos hoogspanningsmasten ken ik ze van nature.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur op Meijerslaan 17 in Heemstede.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 10 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 gagelplantenGagel30 aug 2009augustus

Gagel, 30 aug 2009

 gagel

De Gagelstruiken in De Heimanshof hebben volop katjes en een experiment met bierbrouwerij Klein Duimpje uit Hillegom hiermee, leverde recentelijk echt gagelbier op. Gagel komt in de Haarlemmermeer verder weinig voor, maar de struik is zo interessant dat ik u deze soort niet wil onthouden. Gagel is een inheemse struik van lichtzure en vochtige grond en wordt 1-2 m. hoog. Bij wrijven aan het blad komt een aangename harsachtige geur vrij. Net als elzen kan gagel in voedselarme bodems overleven door een symbiose met andere organismen in wortelknolletjes die stikstof vastleggen uit de lucht. Gagelstruiken hebben meestal of mannelijke of vrouwelijke katjes. Echter dezelfde struik kan van geslacht kan wisselen zodat hij in het ene jaar vrouwelijke katjes draagt en in een ander jaar mannelijke.

Bijzonder

Gagel werd vroeger als medicinale toverplant beschouwd: De latijnse naam van gagel: Myrica gale, is afgeleid van het Keltische woord gal, dat zoveel betekent als balsem. De Kelten maakten waarschijnlijk al extracten van gagelblad om pijnen aan handen en benen te verzachten. Zowel blad als twijgen van gagel hebben klieren die het harsachtige

aroma verspreiden. Deze hars heeft een roeswerking en werd b.v. bij kiespijn toegepast. Het blad en takken werden ook gebruikt om insecten te weren. Daarnaast werd de plant toegepast bij leerlooien en de gele bloemknoppen als verfstof. Gagel werd vanwege de bitterstof in het blad voor de ontdekking van hop tot de 13e eeuw gebruikt bij bierbrouwen. Gagel was het voornaamste bestanddeel van gruit; een kruidenmengsel van vooral gagel, rozemarijn en kruiden als duizendblad, serpentijn, laurierbessen, dennenhars en salie. Gruit gaf het bier smaak en had, net als hop, een conserverende werking. Er schijnt een heuse hop/gagel-oorlog ten grondslag te liggen aan het feit dat hop nu het geaccepteerde smaak/conserveermiddel van bier is. Gagel staat op de Rode lijst van planten als algemeen voorkomend, maar sterk in aantal afgenomen.

Waar

Gagel is een struik die voorkomt op kalkarme natte, zure of venige grond. De struik komt van nature voor in N-Amerika en NW-Europa. In Nederland is gagel plaatselijk vrij algemeen op de zandgronden in het oosten, midden en zuiden en in laagveengebieden en in het kalkarme duingebied te noorden van Bergen

 Gagelgrootmankatjes

 gallenlensgaldetailandersGallen10 sep 2007september

Gallen, 10 sep 2007

 gallenlensgaldetail

Augustus is een goede tijd om eens op gallen te letten. Gallen zijn woekeringen op planten (meestal bomen) die veelal veroorzaakt worden door galwespen. Het doel is om hun larven bescherming en voedsel te bieden. 75 % van alle gallen komt voor op berken, populieren, wilgen, pruimen en vooral op eiken. In het Nederlandse gallenboek worden ruim 1400 soorten gallen besproken. Gallen ontstaan omdat galwespen en hun larven hormonale stoffen uitscheiden, die de plant aanzetten tot die woekering. Bekende gallen zijn de lensgal, aardappelgal (op eikenblad), de ananasgal (eikenbladknop) de knoppergal (eikels), en de de knikkergal (tak). Ook op de stam, de bloem en de wortel kunnen gallen voorkomen. Een bekende gal op de roos is de mosgal en een leuke gal op de iep die veel in de Haarlemmermeer voorkomt is de knotsgal(blad). De reden waarom de eik zo populair is, is hoogst waarschijnlijk vanwege het feit dat de

boom pas laat in het seizoen de bladeren verliest en dus tot laat in het jaar een (voedende) sapstroom heeft. De plantengallen zijn met een los weefsel gevuld, dat meestal door een verharde laag omgeven is. Het binnenste bestaat uit olie en eiwitrijke cellen die als voedsel dienen voor de larven. Als de larve dood gaat, houdt ook de groei van de gal op.

Bijzonder

: Gallen werden vroeger veel gebruikt voor het maken van looistof en inkt. Er leven veel parasieten van de galwespenlarven in de gal. Dat zijn dus hyperparasieten: parasieten op parasieten. Het geeft wel aan dat een gal een geliefd plekje is om in op te groeien. Overigens blijft de galwesplarve wel in leven, want deze levert immers het zo belangrijke groei-hormoon voor de gal, zolang hij leeft.

Waar

Een oplettende waar

 galananasgaleik

 galeikenlensgalandersGallen10 sep 2007september

Gallen, 10 sep 2007

 galeikenlensgal

Augustus is een goede tijd om eens op gallen te letten. Gallen zijn woekeringen op planten (meestal bomen) die veelal veroorzaakt worden door galwespen. Het doel is om hun larven bescherming en voedsel te bieden. 75 % van alle gallen komt voor op berken, populieren, wilgen, pruimen en vooral op eiken. In het Nederlandse gallenboek worden ruim 1400 soorten gallen besproken. Gallen ontstaan omdat galwespen en hun larven hormonale stoffen uitscheiden, die de plant aanzetten tot die woekering. Bekende gallen zijn de lensgal, aardappelgal (op eikenblad), de ananasgal (eikenbladknop) de knoppergal (eikels), en de de knikkergal (tak). Ook op de stam, de bloem en de wortel kunnen gallen voorkomen. Een bekende gal op de roos is de mosgal en een leuke gal op de iep die veel in de Haarlemmermeer voorkomt is de knotsgal(blad).
De reden waarom de eik zo populair is, is hoogst waarschijnlijk vanwege het feit dat de boom pas laat in het seizoen de bladeren verliest en dus tot laat in het jaar een (voedende) sapstroom heeft.
De plantengallen zijn met een los weefsel gevuld, dat

meestal door een verharde laag omgeven is. Het binnenste bestaat uit olie en eiwitrijke cellen die als voedsel dienen voor de larven. Als de larve dood gaat, houdt ook de groei van de gal op.

Bijzonder

: Gallen werden vroeger veel gebruikt voor het maken van looistof en inkt. Er leven veel parasieten van de galwespenlarven in de gal. Dat zijn dus hyperparasieten: parasieten op parasieten. Het geeft wel aan dat een gal een geliefd plekje is om in op te groeien. Overigens blijft de galwesplarve wel in leven, want deze levert immers het zo belangrijke groei-hormoon voor de gal, zolang hij leeft.

Waar

Een oplettende waarnemer kan overal gallen vinden. Voor een minder geoefende waarnemer is De Heimanshof of het bomenpad in het Haarlemmermeerse bos een goede start. Alle genoemde gallen en nog vele meer kunnen in de eiken, iepen en rozen worden aangetroffen.
Voorkomen: vooral in de zomer
Status: Geen speciale bescherming bekend

 gallenlensgaldetail

 Gebakken-Kip_Lyophyllum_decastespaddenstoelenGebakken Kip zwam4 jan 2015januari

Gebakken Kip zwam, 4 jan 2015

 Gebakken-Kip_Lyophyllum_decastes

Een halve hek­senkring van grote (12 cm) pad­den­stoe­len op een gazon vlak bij De Heiman­shof (foto) zette mij op een speur­tocht met ver­rassende resul­taten, die ik graag met u deel.

Mijn eerste indruk vanaf de weg was dat het een soort wilde champignon leek, waar­van som­mige soorten wel 25 groot kun­nen wor­den. Maar de eerste inspec­tie sloot dat al uit. Alle champignons hebben zwarte sporen en een ring (velum) om de stam. En deze exem­plaren had­den geen ring en de plaat­jes onder de hoed waren maagdelijk wit.

De vol­gende stap is dan om alle pad­den­stoe­len gid­sen er bij te nemen. Daar kwa­men als optie Gordi­jnzwammen uit naar voren. Gordi­jnzwammen hebben net als deze soort laag afhangende en brede plaat­jes en er blijken wel 180 soorten van te bestaan. Maar alle­maal hebben ze bru­ine sporen. Als de pad­den­stoe­lengid­sen geen uit­sluit­sel

geven is Pro­fes­sor Ernst mijn geheime wapen. Deze pro­fes­sor waar ik in 1980 bij afges­tudeerd ben heeft toe­gang tot netwerken waar micro­scopis­che details uit­sluit­sel geven. Hij kwam de weten­schap­pelijke naam van deze zeer algemene en grote soort die geen Ned­er­landse naam heeft, maar in Amerika Gebakken kip zwam heet. Deze soort heeft nl witte ronde sporen, ter­wijl de enige Gordi­jnzwam met wit­tige sporen appelvormige sporen heeft.

Bij­zon­der

De naam geeft al aan dat het een eet­bare soort is. De smaak van de verse hoed doet aan radijs denken. In Azië wordt deze soort mas­saal gek­weekt en zeer gewaardeerd in purees en soepen. In het westen is dit min­der. Met de juiste kruiden smaakt de hoed naar gebakken kip en de robu­uste stam wordt of vers­maad of ook in gepureerde vorm ver?w?erkt?.De weten­schap­pelijke naam van de gebakken kipzwam is Lyophyl­lum decastes, omdat hij opval­lend vaak in clus­ters van 10 exem­plaren voor schi­jnt de komen; deca is 10 in het latijn.

Waar

Deze soort komt bij voorkeur op ver­sto­orde gron­den voor, waar hij organ­isch mate­ri­aal ver­teerd. Waar hij voorkomt is het meestal in zeer grote aantallen.

 Gehakkelde_Aurelia2insectenGehakkelde Aurelia3 mrt 2019maart

Gehakkelde Aurelia, 3 mrt 2019

 Gehakkelde_Aurelia2

We hebben net een week record warm weer achter de rug. Die week met temperaturen van boven de 20 graden in februari gaf ook een explosieve ontwikkeling te zien van activiteit in de natuur: vroeg bloeiende planten, zingende vogels en een keur aan insecten die een maand eerder dan gebruikelijk actief werden. Van die insecten zijn de dagvlinders opvallende en vrolijke verschijningen. Naast de citroenvlinder die altijd een van de eerste is, zag ik ook verschillende gehakkelde aurelia’s. Deze gehakkelde aurelia’s’ zijn oranje rood gekleurd en hebben opvallende inkepingen in hun vleugelranden, die hen helpt om er als verdord blaadje uit te zien en zo predatie door vogels te vermijden.

Bijzonder

Met de kleine vos , de atalanta en de dagpauwoog heeft de gehakkelde aurelia zijn voornaamste waard plantgemeen: de grote

brandnetel. Maar de rups van deze soort leeft ook wel op de hop, of de ruwe iep, de berk. Die brandnetel is trouwens pas recentelijk zijn voornaamste waardplant geworden. En er verandert meer bij deze soort. 20 jaar gelden kwam deze soort niet off nauwelijks in de Haarlemmermeer en West-Nederland voor en tegenwoordig is hij een van de meest algemene soorten. De gehakkelde aurelia heeft in Nederland meestal 2 generaties. De overwinterende eerst generatie is meestal donkerder van kleur en de zomergeneratie is meestal lichter. Beide generaties hebben op de buitenvleugels een witte c of komma bij dichtgeslagen vleugels.

Waar

De vlinder komt voor in vrijwel heel Europa, in Noord-Afrika en in Noord-en Centraal-Azië tot en met China, Korea en Japan. De soort vliegt tot hoogtes van 2000 meter boven zeeniveau. De areaalgrens van de gehakkelde aurelia is behoorlijk variabel. Door de tijd heen vinden flinke verschuivingen plaats. De laatste jaren schuift het voorkomen op naar het noorden onder invloed van de klimaatverandering. Deze verschuivingen zorgen voor fluctuaties in het voorkomen in landen dicht tegen de areaalgrens, zoals Nederland en Groot-Brittannië.

 geitenruitplantenGeitenruit23 jun 2018juni

Geitenruit, 23 jun 2018

 geitenruit

Soms weet je niet waar een bijzondere plant opeens vandaan komt. Nota bene voor De Heimanshof in het gazon aan de Wieger Bruinlaan bloeit dit jaar een vrij grote vlinderbloemige met lila bloemen. Hij is wel 1.5 m hoog en zit vol met paarse bloemen (foto). Ook wij als plantenkenners moesten 2 plantendeterminatie app’s gebruiken om achter de naam te komen. De Nederlandse naam is geitenruit. Die naam stamtuit de tijd toen men dacht dat het een familie van de ruitfamilie (zoals kleine ruit en poelruit) was.

Bijzonder

Geitenruit heeft veel gebruiksmogelijkheden. De plant bloeit erg lang en is een rijke bron van nectar en stuikmeel voor insecten. Hij werd veel geteeld voor bodemverbetering en als voedsel voor vee. Ook heeft het vele medicinale gebruiksmogelijkheden. Het gebruik als veevoer viel niet goed bij alle soort vee. Mogelijk heet het daarom

geitenruit, omdat die het wel konden eten zonder bijwerkingen. De meest gebruikte toepassing is zijn bloedsuikerspiegel verlagende werking bij diabetespatiënten. Dankzij onderzoek aan deze plant is het meest gebruikte diabetesmedicijn ontdekt. Daarnaast vermindert het de eetlust wat bij meeste zware diabetes type 2 patiënten ook een pre is. De Latijnse naam slaat op het effect op melkproductie bij zogende vrouwen. Galega staat nl voor ‘melk voortbrengen’ omdat het melkklieren stimuleert. Maar er zijn nog meer werkingen: het is ook een diureticum, dwz de nieren worden gestimuleerd om meer urine te produceren en ook de zweetproductie wordt verhoogd en als zodanig helpt het bij griep, bloedstolsels worden tegen gegaan en het heeft een antibacteriële werking waardoor wonden sneller genezen. Het is dus een behoorlijk interessante plant die meer aandacht en plek verdient.

Waar

Oorspronkelijk komt deze uit Rusland, maar is al lang in heel Europa ingeburgerd. Het is een zonminnende plant die zoals veel vlinderbloemigen houdt van arme bodems: omdat ze zelf met bacteriën stikstof uit de lucht kunnen vast leggen hebben deze een concurrentie voordeel.

 gekraagdeaardsterpaddenstoelenGekraagde Aardster5 jan 2014januari

Gekraagde Aardster, 5 jan 2014

 gekraagdeaardster

De natuur lijkt in rust in de winter, maar niets is minder waar.

Voor de goede waarnemer is er volop activiteit waar te nemen.

Zo zwerven er miljoenen wintergasten door ons land die overleven op de bessen en grassen van onze rijke rivierdeltagronden.

In de bossen is het al een gekrioel van planten. Dat komt omdat de bosplanten hun levenscyclus rond moeten hebben voor het bladerdek van de bomen gesloten is. Dat is goed te zien in De Heimanshof waar nu al weer 3 soorten planten bloeien en 40 soorten stinsenplanten zich massaal uit de strooisellaag omhoog werken. Dat doen ze vanuit reservestoffen in bolletjes en wortelstokken.

Spiedend naar de bolletjes valt ook op dat er ook gedurende de winter nog veel paddenstoelen te vinden zijn: bv judasoren en vele soorten elfenbankjes, kogelzwammen en opvallende gele

trilzwammen. De meest curieuze zwam die plaatselijk algemeen uit de strooisellaag tevoorschijn komt, is de gekraagde aardster.

Bijzonder

De gekraagde aardster is een zogenaamde buikzwam, die verwant is aan de bovisten. Deze soorten maken bolvormige vruchtlichamen die grotendeels verstuiven in de vorm van sporen.

De gekraagde aardster barst in 2 niveaus open.

De buitenste wand is heel dik en barst in de vorm van een ster open, waarmee hij zich naar boven drukt uit de strooisellaag.

Daarbij komt een 2-5 cm dikke bol vrij met een heel dun velletje, waarin bovenin een gaatje valt. Door regendruppels en dieren die er op stappen, worden de rijpe sporen in dit bolletje als een soort vulkaan explosie weggeblazen. (Zie foto). Heel leuk voor kinderen (en volwassenen) om eens te proberen. Veel bovisten zijn eetbaar zolang de sporen niet rijp zijn. Van de gekraagde aardster is dit niet zo bekend, want hij drukt zich pas boven de grond uit als de sporen rijp zijn. De sporen werden in traditionele geneeskunst gebruikt om ontstekingen en bloedingen tegen te gaan.

Waar

De Gekraagde Aardster komt wereld wijd voor in gematigde streken. In de Heimanshof staan veel exemplaren.

 gekraagde_roodstaartvogelsGekraagde Roodstaart13 jun 2010juni

Gekraagde Roodstaart, 13 jun 2010

 gekraagde_roodstaart

De gekraagde roodstaart is een van de mooiste zangvogeltjes van Nederland. Helaas voor de Haarlemmermeer houdt hij niet van open polderlandschappen. Hij komt in Nederland vooral voor op de zandgronden in kleinschalige landschappen met afwisselend bos en open plekken. Verder is het voorkomen van lege spechten holen belangrijk om te kunnen broeden. Ik was dan ook niet weinig verrast toen ik tot tweemaal toe in mijn tuin op de Geniedijk een prachtig mannetje waarnam en binnen twee weken daarna ook een melding uit Nieuw- Vennep kreeg. Vooral het mannetje is spectaculair gekleurd, zijn bruine borst en roodbruine staart, steken fel af tegen zijn zilverkleurige kop met helderwit ´petje´. Het vrouwtje is grauwbruin maar heeft wel ook de rode staart.

Bijzonder

Volgens SOVON wisselde in de periode 1990-2007 het aantal broedparen sterk, zo was er tussen 1998 en 2005 sprake van een daling, maar daarna steeg het aantal weer. Rond

2007 broedden er nog ongeveer 26.500 paar in Nederland. De gekraagde roodstaart staat niet op de Nederlandse rode lijst. De gekraagde roodstaart is tegenwoordig niet meer zo algemeen als enkele decennia geleden.

Waar

De gekraagde roodstaart is een vogelsoort van oude, parkachtige bossen. Deze vogelsoort is vooral te vinden op de zandgronden. Open plekken, oude bomen, graslanden of heiden moeten elkaar afwisselen. Gekraagde roodstaarten zijn holenbroeders, welke ook wel van nestkasten gebruik maken. De aanwezigheid van een gekraagde roodstaart blijft vaak onopgemerkt: het is nogal een schuwe en onopvallende vogelsoort die vaak pas opvalt wanneer het mannetje uitbundig zit te zingen. De gekraagde roodstaart komt voor in de koele tot warme gematigde delen van Europa tot in Oost-Siberië. Graag krijg ik speciaal voor deze soort meldingen door over het voorkomen. Het kan zijn dat hij door het veranderen van ons polderlandschap we deze aanwinst erbij cadeau krijgen.

 gekraagderoodstaart2

 gelekornoeljebomenGele Kornoelje19 jan 2016januari

Gele Kornoelje, 19 jan 2016

 gelekornoelje

De Gele Kornoelje is een groot deel van het jaar een onopvallend struikje of kleine boom. Het is een zeer langzaam groeiende plant, waarvan het hout om die reden erg hard is. In maart doet de gele kornoelje zijn naam eer aan. Voordat er blad aan zit en voordat andere bomen en stuiken in blad komen, wordt het hele struikje knalgeel van de bloesem (foto). Ik zou deze column dus eigenlijk in maart moeten schrijven, maar ik doe het nu omdat door het vreemde weer van deze winter de gele kornoeljes al sinds de eerste week van januari in bloei zijn gekomen. Ik hoop dat ze die bloei tot in maart volhouden. Ook in september is de struik weer opvallend: uit de bloesem komen namelijk eetbare vruchten. De hele struik kan dan rood zijn. Ze zijn wat zuur, maar er kan jam en sap van worden gemaakt.

Bijzonder

De naamgeving van de kornoelje familie is wat bizar.

De gele kornoelje heet geel vanwege zijn bloesem. De rode kornoelje die in Haarlemmermeerse bossen een plaagplant is, heeft echter geen rode bloemen, maar witte. Deze heet rode kornoelje omdat zijn groene takken in de winter rood kleuren. Wel niet zo rood als de Japanse sierkornoelje, maar toch. Zijn zwarte bessen zijn niet eetbaar voor ons mensen, maar wel voor vogels. En wat voor bloesem zou de witte (sier) kornoelje hebben: ook wit. Want deze struik heet wit om dat hij witte bessen heeft. De gele kornoelje staat graag op kalkhoudende grond, dus dat past wel bij de Haarlemmermeer. Hij is in Nederland zo zeldzaam dat hij op een wettelijke bescherming geniet en op de zogeheten rode lijst staat als ‘zeldzaam, maar stabiel’.

Waar

Er stonden een paar prachtige gele kornoeljes langs de Hoofdvaart in Hoofddorp. Maar die zijn het afgelopen jaar gesneuveld. De enige gele kornoeljes die ik ken in de Haarlemmermeer, staan in De Heimanshof en in het bomenpad van het Haarlemmermeerse bos. Gele kornoelje komt in een groot deel van Europa tot ver in Turkije van nature voor. De struiken groeien in en langs randen van bossen.

 ggeleringboleetpaddenstoelenGele Ring Boleet20 okt 2016oktober

Gele Ring Boleet, 20 okt 2016

 ggeleringboleet

In deze tijd van het jaar komen er vele paddenstoelen tevoorschijn.

Veel mensen blijven door onbekendheid hangen in het vooroordeel dat ze wel giftig zullen zijn. Maar het helpt om een aantal grote groepen te leren onderscheiden, bolvormige stuifzwammen (bovisten), hoed vormende plaatjeszwammen (een bonte verscheidenheid) en buisjes zwammen (boleten), en staaf of plaatvormige soorten. Dan heb je soorten die de biomassa (hout, bladeren) verteren (saprofytisch), soorten die levende bomen kunnen ziek maken (parasitair) en soorten die samen werken met bomen (symbiotisch). Van deze laatste groep zijn de boleten het school voorbeeld. Een derde indeling is de eetbaarheid: ik ken misschien 500 soorten, verreweg de meeste daarvan zijn eetbaar, maar niet smakelijk (houtig, vezelig, etc), een 40 tal zijn lekker en maar een enkele zoals de aconieten heeft een giftigheid waar de meeste mensen zo bang voor zijn.

Bijzonder

De boleten springen er in alle indelingen uit. Ze hebben buisjes onder de hoek, zijn vaak zeer smakelijk en ze zijn allemaal symbiotisch. Die symbiose werkt als volgt: de schimmel kan bepaalde mineralen vooral uit arme grond wel opnemen en levert die aan de boomwortels (mycorrhiza) die daar voor suikers aan de schimmel levert. Zo kunnen deze bomen vitaal in zeer arme bodems groeien waar ze anders kwarrig zouden zijn.

Een aantal boleten zoals eekhoorntjesbrood en heksenboleet, heb ik al eens behandeld. Maar deze week verscheen er in De Heimanshof een heksen kring van een hele zeldzame soort: de gele ringboleet. Deze soort leeft uitsluitend samen met de lariks boom. En lariksen zijn er in dit deel van Nederland weinig. Die staan vooral in de droge zanderige streken. Maar er staan 3 lariksen op de heemtuin en die hebben ze weten te vinden. Ook de gele ringboleet is eetbaar. Alleen de hoed is zeer slijmerig en die laag kun je beter verwijderen. Een leuke eigenschap van veel boleten is dat ze bij beschadiging blauw kleuren.

Waar

De gele ringboleet is een beschermde zeldzame soort die uitsluitend bij larikswortels groeit en dus vaak op zandgrond. Maar het kan dus ook op de Haarlemmermeerse klei.

 geletrilzwam1plantenGele trilzwam17 nov 2010november

Gele trilzwam, 17 nov 2010

 geletrilzwam1

Paddenstoelen zijn de voortplantingsorganen van een zwamvlok of mycelium dat meestal verborgen ondergronds of in hout leeft. Omdat de voornaamste functie van de paddenstoel is om sporen te vormen en te verspreiden, verspillen een heleboel schimmelsoorten er niet te veel tijd aan. Vele soorten paddenstoelen groeien bijzonder snel (uit de ondergrondse reserves) en zijn ook al weer snel versnotterd of verdroogd. Maar zoals altijd in de natuur, bestaan er talloze andere fascinerende ´strategieën´. Deze week wil ik uw aandacht vragen voor de trilzwammen´ aanpak´. Bij de natuurwerkzaamheden in de Groene Weelde kwamen we onderop dode eikentakken prachtige gele klompjes geleiachtig materiaal tegen. Deze geleiklompjes hebben op jonge leeftijd een heldergele of oranje kleur en worden bij het ouder worden lichtgeel. Bij goed kijken bestaan deze klompjes uit in elkaar gevlochten flapjes. Daarmee wordt het oppervlak van de paddenstoel vergroot en daarmee ook de ruimte voor sporenvormend materiaal.

Bijzonder

Bij nog beter

kijken, blijken de gele trilzwammen niet de enige zwammen op die takken te zijn. Bijna de hele onderkant was bedekt met een korstvormige soort. Dat is bijzonder, want vaak koloniseert een soort zwam een plek en laat dan geen andere soorten meer toe. De Gele trilzwam is namelijk een parasitaire soort, die niet leeft op hout, maar van deze korstzwammen. Trilzwammen zijn nauw verwant aan de bekende judasoren, Beide kunnen jaarrond gevonden worden. Afhankelijk van de weersomstandigheden kunnen ze tot harde korsten opdrogen of met regen weer opzwellen. Zodra ze opzwellen gaan de onderbroken levensfuncties, zoals sporenvorming weer door.

Waar

De gele trilzwam leeft van schorszwammen (Peniophora), die dode loofboomtakken verteren. Vaak zitten deze takken nog aan de boom. Ze komen jaarrond voor en zijn niet zeldzaam. Wereldwijd komen er zo´n 500 soorten trilzwammen voor. De meeste in de tropen. In Nederland zijn 10 soorten trilzwammen gevonden.

 geletrilzwam2

 geleklisboorvlieginsectenGeleklisboorvlieg30 mei 2015mei

Geleklisboorvlieg, 30 mei 2015

 geleklisboorvlieg

Het droge voorjaar van 2015 lijkt zeer insectenvriendelijk te zijn.

Zo hebben zich in de afgelopen 2 weken zeker 14 honingbijzwermen in en om De Heimanshof vertoond. Maar ook andere insectensoorten lijken te gedijen en de plantengroei lijkt van de droogte weinig last te hebben.

Zo is de grote klis aan een groeispurt bezig die in de komende maand planten van wel 2- 2.5 m hoog gaat opleveren en die de stekelige klitten maken die in haar en kleren vast blijven zitten.

Bij het verwijderen van een groot deel van deze dominante planten viel ons oog op een bijzonder insect (foto Lou vd Linden), die weer inzicht in een hele nieuwe wereld van insectenleven opleverde. Het was de Gele Klisboorvlieg.

Bijzonder

Boorvliegen zijn een familie van insecten uit de orde vliegen en muggen of tweevleugeligen. Ze

heten ook wel fruitvliegen, maar horen niet tot de bekende laboratorium fruitvliegjes familie.

Wereldwijd zijn er wel 5000 soorten boorvliegen beken in ca 500 geslachten.

Boorvliegen onderscheiden zich van deze soorten en van andere insecten door de mooie tekeningen van vlekken, banden of zigzagstrepen op de vleugels, waardoor ze op het eerste zicht op een springspin kunnen lijken. Zij danken hun naam aan het feit dat de vrouwtjes de eitjes in een plant leggen met behulp van hun puntige legboor, die vaak langer is dan de rest van het lichaam. De lichaamslengte bedraagt maximaal 1,5 cm.

De larve van aantal boorvliegsoorten is heel klein en vreet gangen uit tussen de onder- en bovenkant van bladeren. Andere soorten leven parasitair op andere insecten.

Volwassen vliegen voeden zich met plantensappen en vocht uit rottend plantenmateriaal. De eieren worden apart of groepsgewijs afgezet onder de schil van vruchten.

Enkele boorvliegsoorten staan bekend als plaagsoorten van fruitbomen zoals de appelvlieg uit Noord-Amerika en kersenvliegen uit Zuid-Europa, die via transport hier terechtgekomen zijn.

Waar

De Gele klisboorvlieg is gebonden aan de Grote klis als waardplant.