bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

hondskruid, 25 jul 2020

 hondskruid1

Hondskruid klinkt niet echt aantrekkelijk. Toch zit er achter deze naam een fascinerend verhaal. Hondskruid is nl een orchidee. En niet zo maar 1. Bij orchideeën denken veel mensen aan tropische orchideeën die je in de winkel kunt kopen. Maar ook in Nederland komen ca 70 soorten orchideeën voor. En daarbij denken de meest mensen dan aan Limburg, want op de kalk van Limburg komen zo’n 60 soorten voor. Wat meestal niet bekend is, is dat in onze ‘kale landbouwpolder’ die steeds meer met woningen en kantoren wordt gevuld misschien wel meer orchideeën voorkomen dan in Limburg. Nog pas 2 weken geleden heb ik een fietstocht langs een veld met ca 1 miljoen orchideeën gehouden. Tot op heden hebben we in de Haarlemmermeer 14 soorten gevonden. Dat komt omdat we een oude waddenbodem hebben, waar nog schelpen (kalk) inzit, de oude zandbanken zijn voedselarm en

beetje brakke kwel helpt ook. Van die 14 soorten is hondskruid een van de zeldzaamste.

Bijzonder

De eerste plant werd een jaar of 10-15 gelden ontdekt in Beukenhorst aan de kruisweg. Die werd geplukt. Een jaar of 8 gelden verscheen er 1 ook in Beukenhorst aan de Kagertocht, die na 2 jaar werd ook werd geplukt. Nu is er een heel veldje gevonden in het Groene Carre Zuid. De plek werd ontdekt en gefotografeerd door Ruud Luntz, Waarvoor dank.

Helaas is in 2017 aan de meeste orchideeën de status van beschermde soort ontnomen. Dat kwam project ontwikkelaars beter uit en onze overheid luistert ‘goed’ naar de samenleving.

Waar

Hondskruid houdt van zonnige plekken op zand-, leem- of kleibodem. Het komt voor rond de middellandse zee en in Europa tot Noord-Duitsland, Schotland, en Ierland. In Nederland is de plant zeer zeldzaam en komt voor in Zuid-Limburg, Zeeland, in de duinen bij Wijk aan Zee en Noordwijk aan Zee en in het westen van het land op opgespoten braakliggende industrieterreinen. Wellicht door de klimaatverandering is de soort aan een gestage opmars bezig. Dat is dus ook in onze polder te merken.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur op Meijerslaan 17 in Heemstede.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 7 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 vos3burchthmeergrote dierenVos (3)18 mei 2008mei

Vos (3), 18 mei 2008

 vos3burchthmeer

e Vos 3 Elk jaar zwemmen er vossen de ringvaart over, vanuit de duinen of het Groene Hart. Over de vos is zoveel interessants te melden, dat dit een serie van 3 columns is geworden. De vorige twee weken de algemene gegevens en de bijzonderheden. Deze week het voorkomen in en buiten de Haarlemmermeer: De rode vos heeft het grootste verspreidingsgebied van alle roofdieren (vroeger was dit de wolf). Hij komt in praktisch het gehele Noordelijk Halfrond voor en ontbreekt alleen in woestijnen, toendra′s en afgelegen eilanden. Dat komt omdat hij zich goed kan aanpassen en niet kieskeurig is. Zijn favoriete leefgebied is bos met open gebieden. Een zelf gegraven hol bevindt zich meestal in een zandbank, onder een omgevallen boom, tussen boomwortels en heeft vaak 2-4 ingangen. Zo’n groot hol wordt een burcht genoemd. Meestal gebruiken alleen drachtige vrouwtjes het hol. Buiten het voortplantingsseizoen verblijft de vos overdag meestal op beschutte plaatsen. Elk

jaar worden er vossen in de Haarlemmermeer aangetroffen. Ze zwemmen van alle kanten de ringvaart over. De meeste meldingen heb ik gekregen uit het Haarlemmermeerse Bos en van de Geniedijk bij Aalsmeerderbrug, maar ook in Lisserbroek was er zo’n 6 jaar geleden een verkeersslachtoffer. Ook de dieren in het Haarlemmermeerse Bos eindigen bijna allemaal als verkeerslachtoffer op de N201 of de Driemerenweg. De vossen op de Geniedijk hebben het voor zover ik weet, nooit verder gebracht dan de A4. Op een plek bij Vijfhuizen is er al bijna 5 jaar regelmatig een koppeltje dat een burcht bouwt. Of dit hetzelfde koppel is of telkens een ander is onbekend. In de afgelopen 5 jaar zijn er tenminste 2 keer jongen tot volwassenheid opgevoed. Eenmaal 3 jongen (waarvan er minstens 1 aan het verkeer ten slachtoffer viel) en vorig jaar 1 jong. De burcht van vorig jaar (zie foto) is dit jaar nog leeg gebleven. Graag houden we ons aanbevolen voor andere meldingen over het voorkomen van vossen in onze polder.

 vos2uitholgegraven

 vos2jachtgrote dierenVos (2)11 mei 2008mei

Vos (2), 11 mei 2008

 vos2jacht

Elk jaar zwemmen er vossen de ringvaart over, vanuit de duinen of het Groene Hart. Over de vos is zoveel interessants te melden, dat dit een serie van 3 columns wordt. Vorige week de algemene gegevens. Deze week de bijzonderheden en volgende week het voorkomen in en buiten de Haarlemmermeer. Een vos kan tenminste 28 verschillende geluiden voortbrengen en hij kent ook een groot aantal houdingen om mee te communiceren. Onderdanige vossen houden bijvoorbeeld de oren naar achter, de mond lichtelijk open met opgetrokken lippen, en kwispelen met hun staart. Agressieve vossen plaatsen de oren zijdelings en houden hun bek wagenwijd open. Een vos kan 10 jaar worden, maar de meeste vossen worden niet ouder dan 3 jaar. Jacht is de voornaamste doodsoorzaak. Ook worden veel vossen verkeersslachtoffer. Belangrijke ziektes waaraan vossen kunnen lijden zijn schurft en hondsdolheid.

Over de jacht op vossen zijn de meningen verdeeld. Voorstanders van de jacht vinden:
- Dat de vos ziekten en parasieten met zich mee kan dragen, met name hondsdolheid en bepaalde soorten lintwormen;
- De vos jaagt op allerlei soorten fauna, waaronder weidevogels, landbouwdieren als kippen en konijnen en fazanten, waarbij hij soms meer

doodt dan hij nodig heeft;
- Bejaging van vossen dient ter bescherming van weidevogels;
- Jacht maakt natuur natuurlijk. In de kleine Nederlandse natuurterreinen is geen plaats voor grote roofdieren. Jacht compenseert dat door het aantal vossen te controleren.

Tegenstanders van de jacht hebben andere argumenten:
- Vossen vangen grote aantallen veldmuizen, en woelratten, die in economisch opzicht veel meer schade veroorzaken dan vossen.
- Door jacht zwermen dieren uit aangrenzende gebieden de vrijgekomen territoria in. Dit kan juist leiden tot het verspreiden van ziekten via migrerende vossen.
- Er is een alternatief voor beheersing van hondsdolheid door de jacht: de vos kan d.m.v. uitgelegd aas gevaccineerd worden tegen hondsdolheid. En Nederland en België zijn momenteel vrij van hondsdolheid.
- Houders van kippen en konijnen kunnen hun dieren beschermen met een deugdelijk hok.
- Jacht is onnatuurlijk. Vossen als deel van het ecosysteem geeft een natuurlijker evenwicht.
- De vos is niet de directe veroorzaker van een lage weidevogelstand. Hiervoor zijn vele andere oorzaken te noemen. Bijvoorbeeld de verlaging van de grondwaterstand, bemesting en de tegenwoordige landbouwmethoden.

 vos2wegslachtoffer

 vos1muizenspronggrote dierenVos (1)4 mei 2008mei

Vos (1), 4 mei 2008

 vos1muizensprong

Elk jaar zwemmen er vossen de ringvaart over vanuit de duinen of het Groene Hart. Over de vos is zoveel interessants te melden, dat dit een serie van 3 columns wordt. Deze keer de algemene gegevens. Volgende week de bijzonderheden en vervolgens het voorkomen in en buiten de Haarlemmermeer. De vos is één van de grootste roofdieren van Nederland en dat is een hele prestatie. Hij weegt 6-10, soms 15 kilo. Mannetjes zijn meestal groter dan vrouwtjes. Vossen jagen alleen, meestal ′s nachts en in de schemering, maar waar hij niet belaagd wordt is het een dagdier. Hij kan hard rennen, tot 60 kilometer per uur, met 6-13 km als kruissnelheid. De vos leeft het liefst in een groep van zo′n 6 dieren. Een dominante rekel (mannetjesvos) en een dominante moervos worden begeleid door ander moervossen, vaak uit vorige worpen. Rekels worden, zodra ze volwassen zijn,

uit de groep verjaagd. De ondergeschikte moervossen helpen bij de opvoeding van de jongen. Het leefgebied van een vossenpaar is 1-12 km², afhankelijk van het voedselaanbod. De paartijd duurt van december tot februari. De jongen worden tussen maart en mei geboren. Een worp telt meestal 4-6 jongen. De worpgrootte is afhankelijk van het voedselaanbod. Veel jacht leidt tot grotere worpen. Bij de geboorte zijn de jongen blind en doof en wegen ongeveer 100 gr. Na 10 maanden zijn ze geslachtsrijp. De vos is een opportunist en eet bijna alles. In tegenstelling tot de heersende ideeën leeft een vos vooral van grote kevers en muizen. Deze vangt hij met de karakteristieke ‘muizensprong’ (zie foto). Verder vangt hij konijnen, hazen, vogels en katten, eieren, regenwormen en egels. Ook vruchten en bessen worden gegeten, evenals aas en afval. Ooit kon ik een uur lang een vos volgen, die al die tijd gevallen pruimen zocht en at. Dagelijks eet een vos ongeveer een pond aan voedsel. Soms doodt een vos meer dan hij nodig heeft. Vooral op plaatsen waar meerdere prooidieren op elkaar zitten en niet kunnen ontsnappen, kan hij een slachtpartij aanrichten, bijvoorbeeld in kippenhokken of kolonies van grondbroedende vogels zoals kokmeeuwen.

 hommelnestmot1insectenHommelnestmot4 jul 2020juli

Hommelnestmot, 4 jul 2020

 hommelnestmot1

Op de foto is de ravage te zien die de hommelnestmot of hommelmot aangericht heeft in het nest van een aardhommel (Foto Janet Bakker). Met als inzet een van de rupsen die deze spinsels gemaakt hebben. De hommelnestmot is een nachtvlinder van 2-4.5 cm. De rupsen eten de was van de raten en nemen vaak ook meteen stuifmeel, honing en rommel in het nest mee. Ze eten niet van de larven. De schade wordt extra groot omdat ze de neiging hebben tunnels dwars door het nest te vreten. Omdat er tot 100 eitjes gelegd worden per vrouwtje geeft dat het beeld op de foto. Van dat hommelnest komt niets meer terecht. Deze motten parasiteren de nesten van allerlei soorten hommels, maar ook wel bijen en wespenraten. Waarom ze niet door de werksters van deze kolonies worden doodgestoken en verwijderd heb ik nergens kunnen vinden. Ze zullen wel de geur van de kolonie aannemen op de een of ander manier. Ze parasiteren ook op de raten vroeg in

het voorjaar als de kolonie nog klein en zwak is. En als ze aangevallen worden houden ze zich dood. Wellicht speelt er een combinatie van al deze zaken. Er zijn ook andere soorten (de grote en de kleine) wasmotten die vooral van de raten van honingbijen leven. Nesten van de gewone wesp kunnen zo snel uitgebouwd worden, dat zowel de motten als de wespenkolonie aan hun trekken komen.

Bijzonder

De spinsels van de hommelnestmot zijn bijzonder sterk en dicht en ook dat helpt mogelijk mee als bescherming tegen aanvallen van werksters. Het paringsritueel van wasmotten is vrij uniek. Naast het produceren van feromonen (sexgeurstoffen) wat alle insecten doen, hebben de mannetjes ‘timbalen’ waarmee ze ultrasone ritmische geluiden produceren om de vrouwtjes te lokken, net als bij sprinkhanen en krekels. Maar geen enkele andere nachtvlinder doet dit. Dit geluid en de feromonen wordt ook gebruikt om ander mannetjes te weren.

Waar

De hommelnestmot is een Europese soort en vliegt van juni tot augustus. Met de mens is hij ook in Amerika en Azië terecht gekomen.

 aardappelgal1insectenAardappelgal2 mei 2020mei

Aardappelgal, 2 mei 2020

 aardappelgal1

Aardappelgal

In mijn tuin staat een zomereik en die bleek deze week helemaal vol te zitten met rood-gele ballen: honderden in een boom van ca 5 m hoog(foto):allemaal aardappelgallen, waarvan sommige meer dan 4 cm groot waren en nog zacht en sponsig aanvoelden. Nog nooit heb ik er zoveel bij elkaar gezien. De verklaring vond ik bij naspeuren op internet. Het heeft namelijk nauwelijks gevroren en de veroorzaker van deze gallen zijn galwespen die daardoor in extra grote getalen de winter hebben overleefd. De eik is bekend om de grote aantallen soorten gallen die er op voorkomen: meer dan 40 soorten op hout (knikkergal), knoppen (ramshoorngal), eikels (knoppergal, blad (bv bloedgal) en zelfs op de wortels. In Nederland komen ca 1400 soortengalwespen voor: op bijna elke plantensoort zijn er wel soorten te vinden. Deze veel voorkomende, onzichtbare en dus absoluut niet lastige insecten (ook

wespen!) maken dat er meer dan 20.000 soorten insecten in Nederland voorkomen: heel leuk om er oog te voor te krijgen en je elke dag weer te laten inspireren over de veelvormigheid!

Bijzonder

Aardappelgalwespen hebben een ingewikkelde levenscyclus met een geslachtelijke en een ongeslachtelijke generatie. In de gallen zitten de larfjes van de geslachtelijke generatie. In elke gal zitten verschillende kamers. En daaruit komen mannetjes- en vrouwtjeswespen. Nadat de seksuele generatie de gallen heeft verlaten en bevruchting heeft plaatsgevonden, leggen de vrouwtjes op jonge wortels van de boom eitjes, waaruit de ongeslachtelijke generatie ontstaat. Deze larfjes veroorzaken daarbij tot circa 1 meter onder de grond op de wortels lichtbruine tot roodachtige, knobbelachtige galletjes ter grootte van een kleine knikker. Elke galletje bevat een larvekamer, waaruit in februari een ongevleugeld vrouwtjeswespje komt. Dit wespje klimt omhoog in de boom en prikt de boom aan waardoor de aardappelgallen ontstaan.

Waar

De aardappelgalwesp komt alleen op de zomereik voor en dus overal waar de zomereik groeit.

afbeelding niet gevondeninsectenSteenhommel29 mrt 2020maart

Steenhommel, 29 mrt 2020

Het voorjaar vordert gestaag. Er zijn al weer talloze bloemen uitgebloeid zoals sneeuwklokjes, krokussen en narcissen en vele soort uien en de eerste planten zonder reservevoedsel uit bollen zoals longkruid en madeliefjes bloeien al. Dat lokt insecten uit hun winterslaap. In maart zijn de katjes van de wilgen de belangrijkste voedselbron. Die katjes leveren stuifmeel als eiwitbron voor jonge bijen. Dat stuifmeel wordt in april aangevuld met nectar van bv de sleedoorn, fruitbomen en daarna de meidoorn. Pas na de meidoorn komt de overvloed aan veldbloemen. Honingbijen zijn de enige insecten die niet in winterslaap gaan. Zij gebruiken hun honingvoorraad om warm de winter door te komen en kunnen op elke zonnige dag op jacht naar eten. De eerste insecten die wel een winterslaap houden zijn de hommels. Die zijn niet voor niets zo dik met een bontjasje. Zo kunnen ze zich eerder dan andere insecten buiten wagen. Het zijn altijd de grote koninginnen die we nu zien met als allereerste de aardhommel: zwart met een wit kontje en een gele streep. Een dag erna zag ik al een

steenhommel: zwart met een rood kontje (foto)

Bijzonder

Er leven ca 40 soorten hommels in Nederland, waarvan er een stuk of 6 algemeen zijn. De steenhommel is daar 1 van. Zoals de naam steenhommel aangeeft, maakt zij haar nest (meestal) in een muur. Een aardhommel maakt dat nest bv in een muizenhol in de grond. Zo gebruikt de boomhommel een boomholte of een nestkast en zijn er weide-, tuin-, akker- , heidehommels en ga zo maar door. Alle hommels hebben een duidelijke kleurcodering: een soort streepjes code van zwart, wit , rood en geel. Op internet zijn er hommelkaarten te vinden als hulp. De koninginnen zijn nu bezig de eerste werksters op te kweken. Over 1-2 maanden zie je alleen die, tot die uitsterven en er in augustus weer alleen koninginnen zijn die de winter moeten overleven. Hommels kunnen steken, maar doen dat alleen in uiterste nood.

Waar

Steenhommels komen bijna overal voor, ook in de bebouwde kom.

 bessenglasvlinderinsectenBessenglasvlinder8 nov 2019november

Bessenglasvlinder, 8 nov 2019

 bessenglasvlinder

Bessenglasvlinder

Het insectenseizoen ligt al weer achter ons. In de zomer krijg ik zoveel meldingen, dat ik wel elke dag een column kan maken. Sommige waarnemingen zijn zo mooi of bijzonder, dat ik u deze niet wil onthouden. Zo kreeg ik begin september de bijgesloten foto van een van de meest actieve volgers van deze column (Janet Bakker uit Cruquius). Deze foto van de bessenglasvlinder is niet alleen bijzonder fraai. Het is ook weer eens een foto van een soort uit een groep waar ik zelfs nog nooit tegen aangelopen ben in 50 jaar: de wespvlinders. Iedereen kent wel dagvlinders en nachtvlinders, maar deze groep van dag actieve nachtvlinders met doorschijnende vleugels is niet erg bekend. In Nederland komen er 13 soorten wespvlinders voor en wereld wijd ca 1400.

Bijzonder

Wespvlinders zijn volledig

onschuldige nectar-eters zonder bijzonder verdedigingsmiddelen en zijn daardoor een makkelijk prooi van bv vogels. Het risico om al te veel als prooi opgepeuzeld te worden verminderen zij , net als veel ander onschuldige insecten( zoals zweefvliegen) door gebruik te maken van mimicry: ze hebben in de loop van evolutie een vorm aangenomen die lijkt op wespen. Daar hoort de tekening bij en de voor vlinders smalle en doorschijnende vleugels. De bessenglasvlinder heet zo, omdat zijn rups bijna alleen leeft op de planten van zwarte, rode en kruisbesstruiken. De rups van deze vlinder leeft 1 tot 4 jaar in het hout van deze bessenstruiken en is kaal waardoor hij op een vliegenmade lijkt.

Waar

De bessenglasvlinder komt in heel Europa voor maar niet in Noord-Scandinavië en niet op de Middellandse Zee-eilanden in Noord-Turkije , de Baltische staten, Wit-Rusland, de Oekraïne, het Europese deel van Rusland, Noord-Kazachstan en tot de Altaj. Met ribes struiken is de soort in de VS, Zuid-Canada, Zuid-Australië en Nieuw-Zeeland terecht gekomen. In Nederland wordt de soort weinig waargenomen. Feromoon(seks geurstof) onderzoek heeft uit gewezen dat de soort algemener is dan gedacht.

 veldwolfspininsectenVeldwolfspuin28 sep 2019september

Veldwolfspuin, 28 sep 2019

 veldwolfspin

De zomer gaat geleidelijk over in de herfst en dat is bij uitstek de tijd waarin spinnen duidelijk aanwezig zijn. Iedereen kent de kruisspin. Een van de veel webvormende spinnen. Maar er zijn wereld wijd wel 45000 soorten en in Nederland ca 700 soorten, die na een zomer jagen dik en volwassen zijn en overal eipakketen mee zeulen of in spinrag inbedden. Spinnen zijn geen insecten en ze onderscheiden zich daarvan o.a. doordat ze 8 poten hebben i.p.v. 6, dat ze geen antennes hebben en alle maal kunnen ze draden spinnen. Er zijn een grote groepen: de webvormende spinnen de springspinnen, vogelspinnen en mijten. De webvormende spinnen zitten in of bij hun web met kleverige draden waarmee ze prooien vangen. De springspinnen, waaronder de wolf spinnen jagen actief, zijn zeer bewegelijk en blijven niet in de buurt van een spinsel of nest. Vogelspinnen zijn zeer groot en komen niet in Nederland voor en mijten zijn juist zeer klein. Spinnen en mijten kunnen ook in water voorkomen. Deze week zag ik een klein actief wolfspinnetje van een mm of 5 rondscharrelen

(foto) Het met een panter of tijgerpatroon uitgeruste beestje bleek een veldwolfspin.

Bijzonder

De Veldwolfspin is een actief overdag jagende soort. Hij is daarvoor met 8 ogen uit gerust, 2 hoofdogen voor op de kop en 6 wat kleinere bij-ogen. De soort is extreem bewegelijk en dus moeilijk op de foto te krijgen en rent en springt bijna constant. Zoals bij alle spinnen is het mannetje kleiner dan het vrouwtje: 5 mm tov 8 mm. Maar het verschil is niet zo groot als bij veel andere spinnensoorten: bv de tijgerspin is het vrouwtje 1.5 cm en het mannetje een paar mm. De veldwolfspin jaagt vooral op kleine vliegjes, springstaarten en andere kleine insecten.

Waar

De veldwolfspin is een algemene soort die in graslanden en velden voorkomt . Liefst in een beetje vochtige omstandigheden. Hij komt in heel Europa, Rusland, Zuid Siberië en Turkije voor.

Correctie op Woudaapcolumn van 4-9: Het was geen Woudaapje, maar een Kwak (net zo zeldzaam!)

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl. Alle columns vanaf april 2006 vindt u op www.stichtingmeergroen.nl

 distelvlinderinsectenDistelvlinder24 aug 2019augustus

Distelvlinder, 24 aug 2019

 distelvlinder

Vlinders behoren tot de insecten met de grootste aaibaarheidsfactor. En dat geldt dan vooral voor de dagvlinders. Er zijn een stuk of 20 dagvlindersoorten die nog redelijk veel voorkomen in de Haarlemmermeer en elk jaar te zien zijn. Van de 500 soorten dagvlinders die in Nederland voorkwamen is dat niet veel. De oorzaken van de achteruitgang zijn bekend: steeds minder ruige bloemenweides, het vroegtijdig maaien van de waardplanten (waar de rupsen van leven) en nectarplanten, versnippering van geschikte biotopen, steeds meer steen en asfalt, spuiten en vele vlinders vallen ook ten prooi aan autoverkeer. Maar er zijn ook vlinders die juist tegen de verdrukking in toenemen zoals de gehakkelde aurelia en het bont zandoogje. Vaak is de klimaatverandering daar mede debet aan. Af en toe is er ook een tijdelijk opleving van bepaalde soorten. Naast vlinders die lokaal blijven zijn er nl trekvlinders, die enorme afstanden af kunnen leggen en

soms in de vorm van invasies enorm talrijk kunnen zijn. 2 jaar geleden was dat het geval met de gele luzernevlinder en ook dit jaar is er zo’n invasie gaande. Dit jaar is dat de distelvlinder (foto).

Bijzonder

Net als de Atalanta (zwart met wit en oranje) is de Distelvlinder een trekvlinder. De vlinders die we in mei en juni al zagen, kwamen uit zuidelijk streken zoals de Sahel of het Midden Oosten. Daarbij worden ze geholpen door gunstige winden. Dat is lang niet altijd zo. In 2009 was de vorige invasie. In maart dit jaar waren er meldingen uit Israël dat er 700 miljoen tot 1 miljard distelvlinders noordwaarts trokken. Daarvan kwam een deel in mei en juni in Nederland aan. Mede door het warme weer toen hebben deze vlinders hier zoveel nakomelingen gekregen dat de distelvlinder nu de meest algemene vlinder hier is. Deze vlinders maken nu zoetjes aan de reis terug naar het zuiden. Voorwaar een enorme prestatie over een afstand van 6000 km of meer!

Waar

De waardplant van de distelvlinder is de distel. Voor nectar gebruiken ze alle bloemen. Als trekvlinder komen ze in grote delen van Eurazië en Afrika voor.

 roodtipbasterdweekschildkeverinsectenRoodtipbasterdweekschildkever21 jun 2019juni

Roodtipbasterdweekschildkever, 21 jun 2019

 roodtipbasterdweekschildkever

De foto van deze bijzonder fraaie kever kreeg ik toegestuurd van Cees Versluis. De naam Roodtipbasterdweekschildkever is bijna niet uit te spreken, maar er zit wel een zekere logica in. Roodtipkever komt van het achterste deel van de dekschilden, die opvallend rood gekleurd zijn. En het is een weekschildkever. Dat is een uitgebreid groep van kevers waarvan de dekschilden niet erg hard zijn en niet hun hele achterlijf bedekken. Hun vleugels zitten opgevouwen onder die dekschilden. Kortschildroofkevers maken het wat dat betreft nog bonter. Die hebben een schildje dat maar een derde van hun achterlijf bedekt en hun vleugels zitten zeer ingewikkeld opgevouwen. Onvoorstelbaar dat ze die zo snel kunnen uitklappen door de aderen in de vleugels vol te pompen. De meest bekende soort weekschildkever in Nederland is het Rode soldaatje. In Nederland komen zon 50 soorten weekschildkevers voor. Dat is een zeer

algemene kever die in de zomer massaal op bloemen, vooral schermbloemen zoals wilde wortel te vinden is.

Bijzonder

Weekschildkevers zijn roofinsecten die op andere insecten jagen. Het zijn alleseters. De larve leeft van wormen en slakken, andere insectenlarven zoals vliegen- en muggenlarven, maar eet ook plantendelen. Een volwassen soldaatje eet vooral nectar, pollen, honingdauw, bladluizen en andere insecten. Deze kever is dan ook erg geliefd in de tuin. Die jacht is de voornaamste reden dat ze veel op die schermbloemen zitten. Want die produceren veel nectar waar insecten op af komen. Maar ze eten ook nectar en stuifmeel van de bloemen zelf. De Roodtipbasterdweekschildkever heeft een speciale manier om zich te verdedigen. Net zoals andere kevers zoals het lieveheersbeestje, bladhaantjes en oliekevers kunnen, kan hij als hij zich bedreigd voelt, bloed uit de kniegewrichten laten vloeien. Dit heet reflexbloeden. De afweerstoffen in het bloed zijn giftig, hebben een bijtende werking en ruiken vies.

Waar

De Roodtipbasterdweekschildkever heeft een voorkeur voor bloemrijke ruige graslanden. Ze komen in heel Europa voor.

 mijterwantsinsectenMijterwants24 mei 2019mei

Mijterwants, 24 mei 2019

 mijterwants

Mijterwants

Deze week kreeg ik een mooie foto op gestuurd van Janet Baker uit Cruquius, die al vaker leuke waarnemingen door stuurde. Op een salieplant zat deze mijterwants. De naam mijterwants komt van de vorm van het insect, dat met een beetje fantasie lijkt op een mijter: zo’n hoofddeksel waarmee ook Sinterklaas getooid is. De mijterwants hoort bij een grote familie van schildwantsen, die meestal nogal groot en vierkant van vorm zijn (inzet Groene schildwants). Zo vierkant is de mijterwants niet, maar hij heeft wel die 5 antennesegmenten waar kenners deze groep van wantsen mee karakteriseren. Schildwantsen hebben nog een kenmerk gemeen. Als ze zich bedreigd voelen, scheiden ze een stinkend vocht af. De geur van dat vocht is zo sterk dat vogels en andere rovers het wel uit hun hoofd laten om door te bijten of aan een volgend slachtoffer te beginnen. En zo’n druppel kan

ook een halve emmer bramen onsmakelijk maken om verder te gebruiken. Stinkwantsen is daarom een andere groepsnaam.

Bijzonder

De groep van wantsen is nog weer veel groter dan schildwantsen. En wat alle wantsen gemeen hebben is een steeksnuit waarmee ze meestal in planten boren en sappen opzuigen. Maar er zijn ook wantsen, bv waterwantsen die met die steeksnuit levende prooien als voer gebruiken. Wantsen horen weer bij een groep insecten die we relatief primitief noemen, waartoe ook bv sprinkhanen behoren. Deze groep krijgt uit eieren zgn. nimfen. Deze nimfen zijn kleine kopieën van volwassen insecten, maar hebben bv nog geen vleugels. Die krijgen ze pas na 4-5 vervellingen. De ‘hogere’ vormen van insecten zoals vlinders, bijen, vliegen en kevers kennen een volledige gedaanteverwisseling. Zo lijken de jongen vlinders (rupsen) totaal niet op hun volwassen soortgenoten. Het zijn vreetmachines die zich omvormen tot een pop waaruit op miraculeuze wijze een volledig ontwikkelde vlinder, kever, vlieg of bij verschijnt.

Waar

De mijterwants leeft van grassen en wordt soms als nuttig en soms als schadelijk beschouwd in de landbouw. Hij is zeer algemeen in grote delen van Europa, en komt ook voor in Azië en in Afrika.

 goudwespinsectenGoudwesp13 apr 2019april

Goudwesp, 13 apr 2019

 goudwesp

We maken niet voor niets veel insectenhotels. Het zijn natuurkunstwerken, die een veilige nestelplek leveren aan de meest fantastische insecten. Al die soorten zijn ook nog eens allemaal onschuldig en steken niet: ze zijn dus ideaal om het te algemene beeld dat ‘insecten’ eng en gevaarlijk zijn onderuit te halen. De mooiste ambassadeur van de deze insectenwereld is de goudwesp. Eerst even de theorie: in een insectenhotels leggen solitaire bijen hun eitjes met nectar en stuifmeel als voedsel. Ook veel wespen soorten leggen er hun eitjes, maar die brengen daar als voedsel levende prooien bij, die verlamd zijn. Overal in de natuur waar voedsel te vinden is, komen rovers op af. Dan kan een specht zijn of de ‘batman’vlieg’ die larfjes van de metselbij oppeuzelt en tal van soorten andere rovers, waarvan talloze gespecialiseerde wespensoorten het meest algemeen zijn. Wespen zijn de roofdieren van de insectenwereld, waar

leeuwen en wolven dat van de zoogdieren zijn. De Goudwesp is een van die profiteurs.

Bijzonder

De Goudwesp heet niet voor niets zo. Het is een van de mooiste insecten van Nederland met metaalachtig glanzende groene, blauwe en rode kleuren. Er zijn 13 geslachten in Nederland bekend met ca 60 soorten. De afgebeelde soort, die deze week op een van onze insectenhotels zat, is de meest algemene gewone goudwesp. Deze soort parasiteert vooral op andere solitaire wespensoorten zoals de plooivleugelwesp. Goudwespen zijn zgn. koekoekswespen: ze leggen nl een eitje bij de larve van hun waardsoort. Bij deze groep wespen is de angel omgevormd tot een legbuis. Steken kunnen ze dus niet. Dat eitje komt eerder uit dan zijn slachtoffer. En het kleine wespje eet eerst dat larfje op en daarna de voedselvoorraad die de moeder van het slachtoffer voor haar jong heeft aangesleept. Koekoeksparasitisme komt in de natuur vaker voor en niet alleen bij vogels. Koekoekshommels steken bv een hommelkoningin dood en laten zich verzorgen door de werkster van die hommelkoningin.

Waar

Goudwespen komen behalve op Antarctica op alle continenten voor.