bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Gewone Es, 10 okt 2020

 es

Es

De es is met de populier een van de karakteristieke bomen van deze polder. Overal langs wegen is hij aangeplant en ook zaait hij zich goed uit. De es heet in het latijn Fraxinus excelsior omdat hij als hij de kans krijgt heel hoog (wel 60m) kan worden. Maar een boom zijn gang laten gaan, is niet aan onze poldergenoten besteed. Ik ken er geen een, die ook maar in de buurt van deze hoogte komt. De meesten worden al lang daarvoor gekapt. Essen, net als esdoorns hebben nu zaden met vleugels eraan. De es maakt losse zaden met 1 vleugel, de esdoorn paren met 2 vleugels. Die worden lekker ver met de wind mee genomen.

Bijzonder

Er is vele bijzonders te vermelden over de es. Zo heeft deze boom de laatste 10 jaar te lijden van een nieuwe ziekte: De essentaksterfte. Dat is een nieuwe schimmel die bv in de Flevopolder halve bossen doet afsterven. Leuker

is dat de es heel mooi recht en sterk hout met grote trekkracht levert, waarmee gereedschapsstelen (hamer, spade en ook speren) werden en worden vervaardigd. Zo heeft elke houtsoort zijn eigen karakteristieken en toepassingsmogelijkheden. Ook leuk is dat een es de oudste boom van de polder is. Deze polder is in 1852 drooggelegd en de oudste essen die altijd in deze polder gestaan hebben, zijn minstens 330 jaar oud (van 1701).Ze staan rond de eendenkooi Stokman. Hoe het kan dat ze ouder zijn dan de polder is omdat (dijken van) de ringvaart niet in het water van het meer gebouwd konden worden. Er is dus overal een strook land en in dit geval een schiereiland in de polder meegenomen. En ze staan daar niet voor niets. Essen zijn net als wilgen nl heel goed te knotten. En als je ze om de 10 jaar knot heb je heel mooi haard hout of hout voor palen. Daarom werd er in het verleden al essenhakhout op dijkjes geplant die met hun wortels de dijken bij elkaar hielden .

Waar

Essen zijn oer Hollandse bomen. De gedijen goed in onze natte klei en veen. Ze staan vaak in moerassen of aan sloot kanten, maar ze zijn ook vaak langs wegen en in de bebouwde kom aangeplant.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur op Meijerslaan 17 in Heemstede.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 4 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 gekraagde_roodstaartvogelsGekraagde Roodstaart13 jun 2010juni

Gekraagde Roodstaart, 13 jun 2010

 gekraagde_roodstaart

De gekraagde roodstaart is een van de mooiste zangvogeltjes van Nederland. Helaas voor de Haarlemmermeer houdt hij niet van open polderlandschappen. Hij komt in Nederland vooral voor op de zandgronden in kleinschalige landschappen met afwisselend bos en open plekken. Verder is het voorkomen van lege spechten holen belangrijk om te kunnen broeden. Ik was dan ook niet weinig verrast toen ik tot tweemaal toe in mijn tuin op de Geniedijk een prachtig mannetje waarnam en binnen twee weken daarna ook een melding uit Nieuw- Vennep kreeg. Vooral het mannetje is spectaculair gekleurd, zijn bruine borst en roodbruine staart, steken fel af tegen zijn zilverkleurige kop met helderwit ´petje´. Het vrouwtje is grauwbruin maar heeft wel ook de rode staart.

Bijzonder

Volgens SOVON wisselde in de periode 1990-2007 het aantal broedparen sterk, zo was er tussen 1998 en 2005 sprake van een daling, maar daarna steeg het aantal weer. Rond

2007 broedden er nog ongeveer 26.500 paar in Nederland. De gekraagde roodstaart staat niet op de Nederlandse rode lijst. De gekraagde roodstaart is tegenwoordig niet meer zo algemeen als enkele decennia geleden.

Waar

De gekraagde roodstaart is een vogelsoort van oude, parkachtige bossen. Deze vogelsoort is vooral te vinden op de zandgronden. Open plekken, oude bomen, graslanden of heiden moeten elkaar afwisselen. Gekraagde roodstaarten zijn holenbroeders, welke ook wel van nestkasten gebruik maken. De aanwezigheid van een gekraagde roodstaart blijft vaak onopgemerkt: het is nogal een schuwe en onopvallende vogelsoort die vaak pas opvalt wanneer het mannetje uitbundig zit te zingen. De gekraagde roodstaart komt voor in de koele tot warme gematigde delen van Europa tot in Oost-Siberië. Graag krijg ik speciaal voor deze soort meldingen door over het voorkomen. Het kan zijn dat hij door het veranderen van ons polderlandschap we deze aanwinst erbij cadeau krijgen.

 gekraagderoodstaart2

 gierzwaluwvogelsGierzwaluw12 jun 2010juni

Gierzwaluw, 12 jun 2010

 gierzwaluw

De Gierzwaluw heet ook wel 100-dagen vogel omdat hij pas in mei verschijnt en al weer in juli vertrekt. Hij behoort ondanks zijn naam niet tot de echte zwaluwen zoals de boerenzwaluw, maar is sterker verwant aan de kolibrie. De gierzwaluw heeft in verhouding zeer lange sikkelvormige vleugels met een spanwijdte van ca 45 cm. De snavel is relatief klein en kan ver geopend worden, om beter insecten te kunnen vangen in de vlucht. Door huizen als rotskliffen te gaan beschouwen hebben gierzwaluwen lang geleden hun oorspronkelijk broedareaal aanzienlijk verruimd. Met hun gierende vluchten geven ze zomeravonden in (oude) stadswijken een speciale sfeer. Omdat hij voor zijn voedselvoorziening volledig afhankelijk is van het aéroplankton, is de gierzwaluw zeer gevoelig voor slecht weer. Het zijn uiterst nuttige vogels die tot 15.000 insecten per dag verorberen. Het voedsel voor de jongen bestaat

uit speekselballetjes met 300 tot 500 insecten. De jongen kunnen tot 20 balletjes per dag krijgen.

Bijzonder

De gierzwaluwen zijn zeer sterk op het leven in de lucht aangepast. In feite vliegen ze altijd. Alleen in het nest als jong, of om te broeden vliegen ze niet. Gierzwaluwen brengen ook de nacht in de lucht door op een gemiddelde hoogte van 1.500 m. In duikvlucht halen ze meer dan 200 km/uur. Als er bij koud weer onvoldoende insecten zijn, kunnen jonge gierzwaluwen in een soort winterslaap betere tijden afwachten. Ook volwassen exemplaren kunnen dat, maar verkiezen vaker om gebieden met beter weer op te zoeken. Voor onze Haarlemmermeerse vogels kan dat Parijs zijn! De stand van de gierzwaluw is de laatste decennia afgenomen, door sloop en renovatie van oude stadswijken, en door betere isolatie. Het aantal broedparen in Nederland wordt geschat op 50.000 - 85.000.

Waar

Gierzwaluwen zijn lange-afstandstrekkers die de winter doorbrengen het gebied tussen Mali en Zaire. Het broedgebied betreft geheel Europa ten zuiden van de poolcirkel, en grote delen van Azië en Midden-Oosten.

 boomklevervogelsBoomklever22 mei 2010mei

Boomklever, 22 mei 2010

 boomklever

Afgelopen zaterdag hebben we met de jeugdclub van De Heimanshof alle in 2008 gebouwde nestkasten gecontroleerd. Van de 50 gecontroleerde kasten waren er 38 bewoond met totaal 280 jongen: meest pimpel- en koolmezen en gemiddeld 7.5 jongen per nest. In het Robin Hoodbos werd een kast bewoond door een nest boomhommels, maar de grootste verrassing was een boomklevernest in het Wandelbos, omdat het niet eens bekend was dat deze vogelsoort in onze polder voorkwam. De boomklever heeft een voorkeur voor oud hoog bos en dat hebben we niet veel. Maar het wandelbos uit 1935 voldoet blijkbaar aan zijn wensen. De boomklever broedt van eind april tot juli. Hij maakt het nest niet zelf, maar gebruikt oude, verlaten holen van spechten en nestkastjes. Hij pleistert de ingang dicht met klei vermengd met speeksel zodat hij er zelf nog net doorkan. Het voedsel bestaat vooral uit insecten die hij zoekt door met de snavel in de boombast te hakken. Hierbij klimt hij als enige Nederlandse vogel ook met de kop naar beneden omlaag. Behalve insecten worden vooral in de winter ook

noten en zaden gegeten. In het najaar legt de boomklever een ruime wintervoorraad van zaden en noten aan.

Bijzonder

Boomklever is een van de soorten die het de laatste tijd voor de wind gaat. Dat heeft wellicht te maken met modern bosbeheer, maar ook met het feit dat hij zich aan past aan menselijke bewoning en deels een cultuurvolger aan het worden is. Rond 1975 werd het aantal broedvogels in Nederland geschat op 5000 en nu op 18000. Boomklevers leven in een heel klein territorium; meestal niet groter dan 1000 m². In een eenmaal gevestigd territorium blijven ze het hele jaar door en komen er alleen uit in de winter, bij voedselschaarste.

Waar

Boomklevers broeden in vrijwel geheel Europa en de gematigde klimaatzone van Azië tot Japan. Het zijn vogels van oude bossen, parken en tuinen met veel loofhout. De volwassen vogels zijn standvogels, maar jonge vogels zwerven soms over kleine afstanden uit.

 boomkleverinnestkast

 zwartkopmanenvrouwvogelsZwartkop16 mei 2010mei

Zwartkop, 16 mei 2010

 zwartkopmanenvrouw

Het is volop voorjaar en dat betekent o.a. dat de meeste vogels druk bezig zijn met nestelen en het bevechten van een territorium, waarin ze hun jongen veilig groot kunnen brengen. Zangvogels ´bevechten´ hun territorium door luidkeels te zingen. Dat zingen is vooral bedoeld voor andere paartjes van dezelfde soort. Hoe overtuigender een mannetje zingt hoe meer zijn vrouwtje of vrouwtjes zich veilig voelen en hoe meer respect naburige mannetjes voor hem hebben. Eén van de zangvogel- soorten die het goed doet, dicht bij huizen voorkomt, maar toch niet erg bekend is, is de zwartkop. Dat is jammer want hij heeft een prachtige zang, die klinkt als een explosieve vorm van de merelzang. Zwartkop is eigenlijk alleen van toepassing op het mannetje, dat een soort alpinopet op heeft. Zijn vrouwtje

heeft een bruine alpinopet.(zie foto) Zwartkoppen maken een komvormig nest tussen de struiken. Dichte bramenstruiken zijn geliefde nestplaatsen. De nestbouw wordt eerst door het mannetje opgepakt. Hij begint met het ruwe werk en laat vervolgens het vrouwtje voor de afwerking zorgen. Zwartkoppen zijn insecteneters, maar lusten bij gebrek aan beter ook wel stukjes peer, appel, bessen of de krenten en rozijnen uit krentenbrood. De zwartkoppen overwinteren meestal in Zuid-Europa en rond de Middellandse zee en verschijnen in april weer bij ons om te broeden.

Bijzonder

De zwartkop is een van de vogelsoorten die sterk profiteert van het feit dat we de laatste tientallen jaren meer aandacht hebben voor natuurlijk bosbeheer.

Waar

De zwartkop leeft het liefst in gemengde bossen meteen struiklaag en redelijk grote bomen. Veel oudere tuinen voldoen hier ook aan. Alleen al in De Heimanshof broeden tegenwoordig 4-5 paartjes. De zwartkop komt bijna overal in Europa voor tot ver in Siberië, behalve in het hoge noorden.

 wildeeendennestvorkenmesvogelsWilde eend1 mei 2010mei

Wilde eend, 1 mei 2010

 wildeeendennestvorkenmes

Het is nu mei en de meeste vogels zijn druk bezig met hun nest. Een broedend vrouwtje zoekt meestal een veilige, verborgen plek op. Twee keer had ik deze week een ervaring met een eendennest. Een eend in het Haarlemmermeerse Bos had zoveel vertrouwen in de mens dat ze haar nest in een plantenbak midden op het terras van het restaurant Vork en Mes had gemaakt (zie foto). De 2e ervaring doe ik bijna elk jaar op in mijn tuin langs de Geniedijk. Het Hoogheemraadschap houdt voor de boeren een laag winterpeil en een 20- 25 cm hoger zomerpeil aan. Dat is op zich onnatuurlijk, want door onze natte winters en droge zomers zijn inheemse planten aangepast aan de omgekeerde situatie. Die peilverhoging is dit jaar rond 23 april ingezet. En dat is elk jaar het moment dat een eend in mijn tuin haar 12 eieren bijna uitgebroed heeft. Op 25 april kwam het nest

onder water en gingen de eieren drijven. Hoeveel watervogels zal dit lot nog meer treffen vraag ik mij af. Graag krijg ik meldingen van andere gevallen. Wilde eenden zijn zeer algemeen in onze streken. Het mannetje of de woerd is prachtig gekleurd met een groene kop en het vrouwtje heeft een prima schutkleur. Hun enige gemeenschappelijke kenmerk is de blauwe vleugelspiegel.

Bijzonder

De wilde eend is sinds 1999 het enige soort waterwild wat bejaagd mag worden. Dat mag van 15 augustus tot 31 januari van een half uur voor zonsopkomst tot een half uur na zonsondergang. Vrouwtjes die hun nest verloren hebben of nog niet broeden worden vaak belaagd door een of meer woerden, die graag een 2e kans benutten om nageslacht te produceren. Het gaat er soms zo heftig aan toe dat vrouwtjes verdronken worden of dat eenden zich tegen auto´s en glazen wanden te pletter vliegen.

Waar

De wilde eend is een veelvoorkomende soort in de gematigde en subtropische wateren in Europa, Noord-Amerika en Azië. De vogel komt ook wel voor in Centraal-Amerika en het Caribische gebied.

 beflijstervogelsBeflijster17 apr 2010april

Beflijster, 17 apr 2010

 beflijster

Van de lijsterachtigen kent iedereen de merel, velen kennen de zanglijster en ook wintergasten als de koperwiek en de kramsvogel zijn vast redelijk bekend. Maar wie heeft er ooit in de Haarlemmermeer een beflijster gezien? Ik zeker niet, maar een lezeres uit de wijk Vrijschot bij het Haarlemmermeerse bos overkwam dat vorige week wel. De beflijster lijkt erg op de merel, maar onderscheidt zich vooral bij het mannetje door een brede witte band of zijn borst. Deze band heeft de soort zijn naam en ook zijn bijnaam dominee-merel gegeven. Ook de lichte randen rond zijn zwarte veren (zie foto) geven deze vogel een iets gedistingeerds, alsof hij een krijtstreep pak aan heeft. De bef is bij het bruine vrouwtje minder duidelijk. Terwijl de merel een standvogel is, is de beflijster net als de koperwiek en de kramsvogel een trekvogel met een krachtige vlucht. De maand april is de kans het grootst om er één of meer te zien. Dan trekken ze in Nederland in de grootste aantallen door van de Middellandse zee naar hun Scandinavische

broedgebieden.

Bijzonder

In Nederland worden de meeste exemplaren op de voorjaarstrek in april op de Waddeneilanden gezien. Soms alleen of samen met koperwieken en kramsvogels. In deze voorjaarstrek terug naar hun broedgebieden in het noorden lijken deze vogels minder haast te hebben. Ze worden dan vaker gezien en blijven soms een tijd hangen. In de herfsttrek naar het zuiden hebben ze meestal veel meer haast en worden minder gezien.

Waar

Beflijsters zijn broedvogels van bergachtige gebieden en rotsachtige natte heiden met een spaarzame begroeiing. Het nest wordt op de grond gemaakt, bij voorkeur onder een overhangende rots. De belangrijkste broedgebieden van de beflijsters liggen in Noorwegen, delen van Schotland en Engeland, in de Alpenlanden en de Balkan. In grote delen van west en midden Europa wordt de soort als trekvogel waargenomen. In Nederland broedt de beflijster zelden of nooit.

 beflijster2

 ruigpootbuizerdvogelsRuigpootbuizerd19 mrt 2010maart

Ruigpootbuizerd, 19 mrt 2010

 ruigpootbuizerd

De buizerd is in onze polder de laatste jaren gelukkig weer een gewone verschijning geworden. Dat hebben we voor een groot deel te danken aan het terugdringen van het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Overal zie je ze vooral in de winter op paaltjes, in bermen en in bomen zitten. Daar wachten ze op het moment dat hun voornaamste prooidier, de woelmuizen belieft omuit hun holletjes te komen. De meeste van deze vogels komen uit noordelijke streken, maar talloos zijn al de paartjes, die ook hier blijven en broeden. Een veel minder algemene en bekende wintergast is de ruigpootbuizerd. Niet weinig verrast was ik dan ook toen ik er vorige week (voor het eerst in 15 jaar) langs de spoorweg tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep wel zes in een groep zag jagen. De ruigpootbuizerd herken je aan

zijn witte stuit en aan zijn zwarte polsvlekken op de ondervleugel.

Bijzonder

De ruigpootbuizerd is groter dan de buizerd en kan een spanwijdte tot wel 1,5 m hebben. De naam ruigpootbuizerd komt van het feit dat zijn poten tot aan de tenen bevederd zijn. Bij de meeste ander Nederlandse roofvogels zijn de poten kaal. De manier van jagen is ook anders. Hij leeft vooral van op de grond levend kleine zoogdieren, die hij vangt door er net als een torenvalk vanuit ´bidstand´ of na een korte stootduik vanaf een zitplaats op te duiken.

Waar

Ruigpootbuizerds komen voor in een groot gebied rond de Noordpool in Noord-Europa, Azië en Noord-Amerika. Broedvogels uit Scandinavië komen in de winter in een groot deel van Europa voor. Ook in Nederland zijn ze alleen ´s winters aan te treffen. In de zomer broeden de vogels, die in Nederland overwinteren, in de Noorse berggebieden in boomloze moerassige terreinen, afgewisseld met heide, wilgenstruweel en rotsen. Het voorkomen in Nederland in de winter heeft een grillig karakter met kleine aantallen. Sinds het jaar 2000 lijken deze wintergasten in aantal toe te nemen.

 brandgans1vogelsBrandgans20 feb 2010februari

Brandgans, 20 feb 2010

 brandgans1

Met alle sneeuw van deze winter is het in het luchtruim boven de Haarlemmermeer niet alleen druk met vliegtuigen. Nederland is namelijk een belangrijk toevluchtsoord voor allerlei soorten ganzen uit het hoge noorden. Een van de talrijkste en meest opvallende soorten in Nederland is de brandgans. Een groot gedeelte van de wereldpopulatie overwintert in Nederland. Afhankelijk van de vorst en de sneeuwgrens verplaatsen veel ganzen zich tussen het Waddengebied, Flevoland, de veenweiden van Holland en de Zeeuwse Delta. Bij die verplaatsingen treken er vaak grote groepen over de Haarlemmermeer en komen ook hier op akkers en weilanden fourageren. De brandgans is door zijn contrastrijke zwart-witte verenkleed ook in de lucht goed te herkennen.

Bijzonder

Brandganzen eten vooral gras, maar ook mos en ongebruikelijk voor ganzen ook veel zaden. Het eiwit daarvan wordt verteerd, en het groene gras zelf wordt weer uitgescheiden. Ze eten vooral overdag en tegen het

vallen van de avond zoeken ze een veilige rustplaats. Tijdens de poolzomer zijn ze 24 uur per dag actief, om hun jongen te beschermen en om reserves op te bouwen voor de trek naar het zuiden.

Waar

De brandgans broedt op rotskusten op Groenland, Nova Zembla en Spitsbergen. Tegen roofdieren bouwt de vogel zijn nest op een plaats die meestal alleen vliegend te bereiken is. Er zijn brandganzen die ook in Nederland broeden. Net als bij Canadese ganzen en Nijlganzen stammen deze af van uit parken ontsnapte dieren. De vogels overwinteren, vaak in groepen van duizenden vogels, vooral in Friesland, het Deltagebied, Noord Groningen en de Dollard. In de wintermaanden worden er honderdduizenden exemplaren waargenomen. Het maximum aantal in één groep was 150.000. Over de Haarlemmermeer vliegen vooral de inheemse grauwe en nijlganzen. Maar ook groepen brandganzen kunnen van tijd tot tijd worden waargenomen en bij het Kunstfort verblijven ´inheemse´ brand- en Canadese ganzen jaarrond.

 brandgans

 blauwe-kiekmanvogelsBlauwe Kiekendief14 feb 2010februari

Blauwe Kiekendief, 14 feb 2010

 blauwe-kiekman

Natuurwaarnemen kan zo eenvoudig zijn als het over de A4 rijden, terwijl er een grote roofvogel overzweeft met v-vormig omhooggehouden vleugels en een witte stuit. Dat is een beeld dat ´s winters vaker te zien is dan zomers. In de winter komen namelijk de Skandinavische blauwe kiekendieven naar ons land en dat zijn er veel meer dan de100 paar die nog in ons land broeden. Bij de kiekendieven zijn de mannetjes en de vrouwtjes verschillend gekleurd. Het mannetje is blauwgrijs met zwarte vleugelpunten en die witte stuit, terwijl de vrouwtjes en de onvolwassen dieren bruin gekleurd zijn. Maar die zweefvlucht met opgeheven vleugels en de witte stuit zijn onmiskenbaar. Muizen en zangvogels staan meestal op het menu in maar ook grote prooien, zoals konijn en fazant.

Bijzonder

De blauwe kiekendief was vroeger een vrije algemene broedvogel. Door het in cultuur brengen van het land is de soort steeds meer naar uithoeken verdreven. De soort zit nu als broedvogel

in de gevarenzone in Nederland en staat op de rode lijst van bedreigde soorten als gevoelig. Die achteruitgang komt o.a. door het verdwijnen van geschikte leefgebieden, maar ook doordat de vogel vaak broedt in weilanden, waar regelmatig eieren en jongen verloren gaan als het gras wordt gemaaid. De populatie floreerde tijdelijk in de jaren tachtig door het droogleggen van de Flevopolders.

Waar

Blauwe kiekendieven leven in open, vochtige gebieden. Zij zoeken hun voedsel en maken hun nest bij voorkeur in moerassen met een lage, dichte vegetatie en brede rietkragen en in kruidenrijke akkerranden. De meeste Blauwe Kiekendieven broeden op de Waddeneilanden en rond de Oostvaardersplassen, maar elk jaar broeden er ook één of meer paar in de akkers onze polder, samen met de laatste bruine kiekendieven (hierover is al een column verschenen). Door het steeds verder ´omvormen´ van akkerland is er een gerede kans dat we de kiekendieven als Haarlemmermeerse soorten gaan verliezen.

 blauwekiekvrouw

 smientgrootvogelsSmient30 jan 2010januari

Smient, 30 jan 2010

 smientgroot

Door de strenge vorst van vorige week was alle water van het grote meer behalve het diepste deel rond Vork en Mes dichtgevroren. Op dit soort diepe meren verzamelen zich dan alle watervogels uit de wijde omtrek. Het is zeer de moeite waard om dan eens te gaan kijken. Watervogels hebben in winter hun mooiste kleed en zijn bijzonder actief om hun vrouwtjes te imponeren (baltsen). Zonder moeite telde ik bijna 20 verschillende soorten: Canadese ganzen* (wel 50), grauwe ganzen*, nijlganzen*, knobbelzwanen, dodaarsjes *, en futen, aalscholvers *, meerkoeten en waterhoentjes, de zeldzame nonnetjes*, kuifeendjes*, tafeleenden, wilde eenden, krakeenden*, slobeenden, een pijlstaarteend * maar vooral veel smienten. Van de met (*) gemerkte soorten is reeds een column verschenen. Ik telde van de smient wel 3000 stuks. De smient is een van de mooiste eendensoorten en heeft voor een eend een bijzondere roep. De mannetjes roepen ´wiew-wiew´ en daarom heten de smient ook wel fluiteend. Hun gefluit schalt voordurend

over het water.

Bijzonder

De smient is in de winter de meest algemene watervogel in Nederland. Wereldwijd zijn er ongeveer 1.5 miljoen dieren, waarvan er zo´n 400.000 in Nederland overwinteren. Op de Ouderkerkerplas naast de A9 zag ik er deze week wel 100.000. Het lijkt wel of smienten de hele dag niets doen. Dat komt omdat ze overdag in grote groepen bij elkaar bescherming zoeken op open water. Pas in de schemer en de nacht fourageren ze. De soort is beschermd en boeren krijgen een vergoeding voor schade.

Waar

De smient broedt in IJsland en de noordelijke delen van Scandinavië en Siberië, maar in Nederland nauwelijks. Ze gedragen zich eigenlijk niet als eenden, maar als ganzen: ze grazen de hele nacht op weilanden en eten per nacht wel de helft (300 gr) van hun lichaamsgewicht. ´s Nachts is het kenmerkende gefluit van overvliegende dieren overal te horen.

 smient

 putterkleinvogelsPutter23 jan 2010januari

Putter, 23 jan 2010

 putterklein

In de winter kunnen vogels moeilijker aan voedsel komen en wagen zij zich dichter in de buurt van huizen. Zeker als er voer wordt opgehangen. Een lezer van deze column stuurde mij deze perfecte foto van een van onze kleurigste zangvogels: de putter of distelvink. De kop is rood, wit, zwart en de vleugels zijn zwart met helder geel. De putter is familie van de vink. Vinkachtigen zijn zaadeters en hebben daarvoor een stevige brede bek. De putter heeft zoals goed op de foto te zien is een vrij lange snavel, die niet zo breed is als andere vinkachtigen. Dat is handig om tussen de stekels van distelbloemen de zaadjes uit te vissen, want dat is hun lievelingsdieet.

In de zomer eten ze ook insecten en zoals bij de meeste zangvogels worden hun jongen vooral met insecten grootgebracht.

Bijzonder

Bij de meeste vogelsoorten zingt alleen het mannetje. Bij de puttertjes zingt ook het vrouwtje, alleen iets minder uitgebreid. Omdat ze er leuk uitzien en vanwege het gezellige gezang van beide seksen, wordt de putter ook wel als kooivogel gehouden. Ook in het uiterlijk verschillen de seksen weinig. Alleen is de rode ring om de snavel bij het vrouwtje smaller dan bij het mannetje en houdt deze bij haar voor het oog op.

Waar

Het puttertje komt in heel Europa, Azië en Noord Afrika voor. Meestal is het een standvogel. Alleen de noordelijkste dieren trekken in de winter naar het zuiden. Daarom zijn er in ons land in de winter meer puttertjes, die meestal in groepen rondtrekken. In Nederland is de putter een vrij algemene broedvogel. Ook in de Haarlemmermeer kan de soort in veel tuinen worden aangetroffen, zeker in de winter en ook broedt hij in De Heimanshof.

 roerdomp2vogelsRoerdomp16 jan 2010januari

Roerdomp, 16 jan 2010

 roerdomp2

Iedereen kent de blauwe reiger, die bij ons in de polder b.v in het Wandelbos van Hoofddorp broedt. Maar er zijn nog 10 andere soorten reigers, waarvan de ene soort nog schuwer en/of zeldzamer is dan de andere. Zo meldde ik vorig jaar winter dat er grote zilverreigers in onze polder waren terechtgekomen en ook dit jaar is er al weer tenminste één gezien. De roerdomp is een andere schuwe reigersoort. Deze inheemse reiger leeft sinds mensenheugenis in de moerassen en rietvelden van ons land, die vroeger algemeen en uitgestrekt waren. Rond 1975 schatte met het aantal broedparen op 500 tot 700. Daarna ging het snel bergafwaarts o.a. door het verdwijnen van rietvelden door bosopslag, recreatiedruk en stedenbouw. Na de winter van 1996 waren er nog maar circa 150 paar. Een herstel na deze strenge winter -zoals daarvoor altijd het geval was- bleef uit. De roerdomp staat daarom nu op de rode lijst van bedreigde vogelsoorten.

Bijzonder

De roerdomp is een middelgrote, bruine reiger, die

veelal verborgen leeft in het riet en daarvoor (zie foto) een prima schutkleur heeft. Tussen het riet zoekt deze soort naar amfibieën en vissen en dan vooral in schemerperioden. Als hij zich bespied waant, blijft hij roerloos staan met de snavel recht naar boven wijzend. In deze ´paalhouding´ is hij vrijwel onzichtbaar. Het geluid dat de roerdomp maakt, is een laag dreunend en zeer ver dragend ´hoemp´ geluid. Om vrouwtjes te lokken, maakt hij een hoog en scherp geluid. Vroeger dacht men soms dat de roep van deze vogel het geluid van de duivel was.

Waar

Het broedbiotoop bestaat uit grote, ongestoorde rietvelden die in het water staan. In de winter is de kans om een roerdomp te zien groter dan in de zomer, omdat er ´s winters meer roerdompen zijn en omdat ze ´s winters vaker het riet verlaten om voedsel te zoeken. Soms zie je ze zelfs over het ijs schuifelen Vorig jaar winter zag ik een roerdomp overvliegen en de afgelopen week werd er een exemplaar in het Haarlemmermeerse Bos waargenomen.

 roerdomp4