bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

hondskruid, 25 jul 2020

 hondskruid1

Hondskruid klinkt niet echt aantrekkelijk. Toch zit er achter deze naam een fascinerend verhaal. Hondskruid is nl een orchidee. En niet zo maar 1. Bij orchideeën denken veel mensen aan tropische orchideeën die je in de winkel kunt kopen. Maar ook in Nederland komen ca 70 soorten orchideeën voor. En daarbij denken de meest mensen dan aan Limburg, want op de kalk van Limburg komen zo’n 60 soorten voor. Wat meestal niet bekend is, is dat in onze ‘kale landbouwpolder’ die steeds meer met woningen en kantoren wordt gevuld misschien wel meer orchideeën voorkomen dan in Limburg. Nog pas 2 weken geleden heb ik een fietstocht langs een veld met ca 1 miljoen orchideeën gehouden. Tot op heden hebben we in de Haarlemmermeer 14 soorten gevonden. Dat komt omdat we een oude waddenbodem hebben, waar nog schelpen (kalk) inzit, de oude zandbanken zijn voedselarm en

beetje brakke kwel helpt ook. Van die 14 soorten is hondskruid een van de zeldzaamste.

Bijzonder

De eerste plant werd een jaar of 10-15 gelden ontdekt in Beukenhorst aan de kruisweg. Die werd geplukt. Een jaar of 8 gelden verscheen er 1 ook in Beukenhorst aan de Kagertocht, die na 2 jaar werd ook werd geplukt. Nu is er een heel veldje gevonden in het Groene Carre Zuid. De plek werd ontdekt en gefotografeerd door Ruud Luntz, Waarvoor dank.

Helaas is in 2017 aan de meeste orchideeën de status van beschermde soort ontnomen. Dat kwam project ontwikkelaars beter uit en onze overheid luistert ‘goed’ naar de samenleving.

Waar

Hondskruid houdt van zonnige plekken op zand-, leem- of kleibodem. Het komt voor rond de middellandse zee en in Europa tot Noord-Duitsland, Schotland, en Ierland. In Nederland is de plant zeer zeldzaam en komt voor in Zuid-Limburg, Zeeland, in de duinen bij Wijk aan Zee en Noordwijk aan Zee en in het westen van het land op opgespoten braakliggende industrieterreinen. Wellicht door de klimaatverandering is de soort aan een gestage opmars bezig. Dat is dus ook in onze polder te merken.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur op Meijerslaan 17 in Heemstede.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 6 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 wintermuginsectenWintermuggen19 feb 2012februari

Wintermuggen, 19 feb 2012

 wintermug

In de winter houden de meest insecten zich gedeisd. Maar zoals altijd in de natuur zijn er uitzonderingen, zo heb je wintervlinders en wintermuggen die dan juist wel actief zijn. Zo ontvluchten ze namelijk het grootste deel van mogelijke parasieten en jagers. En voor hen is de winter ondanks de nadelen, evolutionair toch een voordelige overlevingsstrategie geworden. Wintermuggen kun je vooral op milde winterdagen, zelfs bij vorst in wolken zien vliegen boven een markant punt, zoals een groot lichtgekleurd voorwerp, de was aan de lijn of een plek sneeuw in de tuin. Wintermuggen zijn totaal onschuldige insecten. Steken kunnen ze niet. De larven leven in het strooisel en eten rottend plantaardig materiaal. Wintermuggen zijn 6-7 mm lang en lijken op kleine langpootmuggen. Ondanks dat zij gedurende het grootste gedeelte van het jaar zwermen, is dit

vooral opvallend op warme winterdagen en hebben zij zo hun naam gekregen. Aangezien de volwassen dieren gereduceerde monddelen hebben, eten ze waarschijnlijk niet meer. De volwassen dieren leven eigenlijk alleen maar om te paren. En het rondvliegen in wolken heeft daar alles mee te maken. Zouden de mannetjes en de wijfjes elkaar zomaar proberen op te zoeken, dan was de kans om de ander tegen het lijf te lopen heel gering. Vormen de mannetjes echter een zwerm - die voortdurend aangroeit omdat ze steeds meer paarlustigen aantrekt - dan weten de wijfjes waar ze wezen moeten. De zwerm is dus een soort huwelijksmarkt.

Bijzonder

Er komen een tiental soorten wintermuggensoorten voor in Nederland. De meeste zijn alleen door gespecialiseerde experts te herkennen. Maar 2 categorieën kan iedereen proefondervindelijk herkennen op een leuke manier: Sneeuwmuggen dansen boven wegdooiende sneeuw, dooimuggen boven plekken waar de sneeuw al is verdwenen. Leg je een krant onder een dansend zwermpje dooimuggen, dan verhuizen ze meteen naar een donkergekleurde plek. Omgekeerd laten sneeuwmuggen zich door een krant niet storen.

 brilduiker1vogelsBrilduiker12 feb 2012februari

Brilduiker, 12 feb 2012

 brilduiker1

Brilduiker Al jaren kijk ik uit naar een van de mooiste eenden soorten. En deze week was het (dankzij de vorst?) eindelijk raak. Op de open plekken in het grote meer in het Haarlemmermeerse Bos zaten tussen nonnetjes, dodaars en 3 soorten ganzen, 3 brilduikers. Brilduikers zijn net als de veel algemenere kuifeenden, duikeendjes en hebben net als hen een zeer opvallend goudgeel oog. De naam brilduiker komt van het mannetje dat een witte vlek onder beide ogen heeft. De vrouwtjes zijn minder spectaculair getekend (zie foto). Zoals de meeste eendensoorten zijn brilduikers in de winter op hun mooist. In het vroege voorjaar worden er paartjes gevormd met baltsgedrag waarbij het normaliter stille mannetje raspende geluiden maakt en zijn kop achterover gooit.

Bijzonder

Brilduikers zijn een in Nederland beschermde (rode lijst) soort. Maar wereldwijd zijn ze niet bedreigd. Brilduikers zoeken overdag voedsel (voornamelijk schelpdieren, garnalen, insectenlarven) door te duiken tot op 4 m diepte. In de herfst wordt ook plantaardig voedsel (zaden, knollen, wortels en bladeren van waterplanten) gegeten. Het voedsel wordt meestal al onder water

ingeslikt. In de vlucht is de brilduiker te herkennen aan de snelle vleugelslag, waarbij een fluitend geluid te horen is dat veroorzaakt wordt door de slagpennen van de vleugels.
:

Waar

De brilduiker heeft een voorkeur voor gebieden met heldere meren omzoomd door oude bossen. Het is een holenbroeder die in grote spechtenholen en ook in nestkasten broedt. In Nederland broeden ze sinds het einde van de vorige eeuw langs de Ijsel af en toe in holtes van oude knotbomen. Deze populatie bestaat inmiddels uit 15- 20 paar. In Scandinavië, Rusland en Schotland zijn ze een algemene soort. Nederland maakt wel onderdeel uit van hun overwinteringsgebied, vooral tussen december en maart. Duizenden exemplaren verblijven dan in het deltagebied, op het IJsselmeer en in de grote rivieren, maar ook op kleinere wateren. Dus zowel in zoet als in zout water.

 brilduikerpaartje

 prinsessenboomcombibomenPrinsessenboom5 feb 2012februari

Prinsessenboom, 5 feb 2012

 prinsessenboomcombi

Anna Paulownaboom Na 7 columns over bijzondere bomen beginnen de meldingen van andere bomen binnen te komen. De Anna Paulowna- of Prinsessenboom wil ik u niet onthouden in de hoop op meer van dit soort meldingen. Koningin Anna Paulowna (1795-1865) had iets met bomen en ook iets met de Haarlemmermeer (b.v. een bankje onder de oudste beuk van de polder bij het gemaal Leeghwater in Buitenkaag waar zij regelmatig langsging). Ter harer ere werd deze "koninklijke" boom naar haar vernoemd. De Anna Paulownaboom is het enige boomvormende geslacht in de familie van de Leeuwenbekjes. De boom vormt in mei een indrukwekkende kroon van paarsblauwe, trompetvormige, aangenaam geurende bloemen (Zie foto met inzet een bloementuil). Ook de bladeren zijn bijzonder. Ze zijn extreem groot met 15-40 centimeter en lijken op

die van de trompetboom (zie 2e inzet van de foto).

Bijzonder

Ook de groei van de boom is bijzonder. Hij wordt een meter of 15 hoog, maar groeit in een enorm tempo. Met 4-5 m per jaar groeit hij sneller dan een wilg (2-3 m per jaar). In vele landen is het een traditie om deze boom te planten bij de geboorte van een kind. Hij is dan bij zijn of haar trouwen zo groot dat er uit het hout meubelen kunnen worden gemaakt. En afzagen is geen probleem. Vanuit de wortels groeit hij in rap tempo weer uit. Om zijn grote groeisnelheid en de bruikbaarheid van het hout lopen er onderzoeken of de Anna Paulownaboom gebruikt kan worden voor het vastleggen van CO2 uit de dampkring om de klimaat crisis te beteugelen.

Waar

De Anna Paulownasoorten komen oorspronkelijk uit ZO Azië. Hoewel ze van warmte houden, doen sommige soorten het ook in koelere regio's zoals in Nederland goed, zolang de wortels maar niet te nat staan. In Hoofddorp staat in het Oude buurtje een mooi exemplaar, ook geplant ter gelegenheid van een geboorte. Graag ontvangen wij meldingen van andere bijzondere of monumentale bomen overal uit de Haarlemmermeer t.b.v. het samenstellen van wandel- en fietsroutes.

 gesteeeldestuifbalpaddenstoelenGesteelde Stuifbal26 feb 2011februari

Gesteelde Stuifbal, 26 feb 2011

 gesteeeldestuifbal

Gesteelde stuifbal klinkt intrigerend, maar eigenlijk zou hij gesteeld stuifballetje moeten heten. Het is namelijk maar een piepklein paddenstoeltje. Voor een niet getraind oog lijkt hij het meest op een konijnkeutel. Deze soort werd door een oplettend Heimanshofvrijwilligster in Vijfhuizen tussen straatstenen gevonden. Deze soort behoort tot de stuifzwammen of bovisten, waarvan de aardappelbovist, de parelstuifzwam en de gekraagde aardster de meest algemene soorten zijn en de reuzenbovist de grootste soort is. Deze kan wel 60 cm in diameter worden. Alle stuifzwammen groeien op als massieve vruchtlichamen. Als de sporen rijp zijn, houden de meeste soorten alleen een dun velletje over en blijkt de hele inhoud uit sporen te bestaan. Door een klein voorgeprogrammeerd gaatje kunnen de sporen meestal ontsnappen. Kinderen vinden het vaak een leuk spelletje om de rijpe vrucht in te drukken zodat de sporen als een mini vulkaaneruptie verstuiven. Ook de gesteelde stuifbal heeft zo´n voorgevormd gaatje waar bij betreding of bij regen de sporen

uit kunnen stuiven (zie foto). De gesteelde stuifbal groeit op uit een bol, die grotendeels ondergronds blijft.

Bijzonder

De gesteelde stuifbal is een zeldzame paddenstoel. Hij is zo zeldzaam dat hij sinds 1989 op de rode lijst van beschermde soorten staat. Op waarneming .nl wordt de soort slechts zelden gerapporteerd. Bijzonder aan de vondst in Vijfhuizen is de vondst in februari. Andere waarnemingen zijn meest uit oktober.

Waar

De gesteelde stuifbal heeft een voorkeur voor droge voedselarme zandgrond. De meeste vindplaatsen zijn daarom in de duinen. Daar ´torent´ hij op zijn 2 - 5 cm langs steel boven de mossen uit. Zijn steeltje zal daarbij helpen om wat extra wind te vangen om zijn sporen te verspreiden en zijn vermomming als konijnenkeutel zal helpen om een leeftijd te bereiken waarop de sporen rijp zijn. Dat deze soort in Vijfhuizen tussen straatstenen gevonden is, mag wel een klein wonder heten.

 gesteeeldestuifbal2

 heggenmusvogelsHeggenmus20 feb 2011februari

Heggenmus, 20 feb 2011

 heggenmus

In februari is het nog volop winter. Toch zijn er al veel signalen dat het voorjaar aan kracht wint. Vooral in het bosplantsoen ontstaat een hoopvolle groene gloed van jonge planten. Dit zijn vooral de bolgewassen die vanuit de opgeslagen energie in de bol omhoogschieten. Een tiental soorten daarvan bloeien zelfs al. Op een mooie winterdag kriebelt het ook bij de vogels. Eén van de vogels die elk jaar bij de eersten hoort, die gaat zingen, is de heggenmus. De eerste hoorde ik dit jaar op 8 februari. Dat was vroeger dan vorig jaar. Ondanks zijn vroege zang broedt hij pas half april, hij wil alvast zijn territorium zeker stellen. De heggenmus is een bescheiden vogeltje dat tussen de struiken en heggen scharrelt. Hij is ongeveer zo groot als een roodborst. Het is een egaal gekleurd vrij donker vogeltje met een grijze kop en roodbruine poten. Hij lijkt op een vrouwtje huismus,

maar de grijze kop en zijn dunne snaveltje maken een duidelijk verschil. Wat ook duidelijk verschillend is, is de zang. De zang van de heggenmus lijkt niet op het getjilp van mussen. Het is echt een liedje, maar wel één waar weinig melodie in zit.

Bijzonder

Heggenmussen zoeken hun voedsel op de grond, maar altijd in de buurt van dekking. Het is een echte insecteneter maar in de winter eten ze noodgedwongen ook wel brood van de voedertafel. De heggenmus nestelt in dicht struikgewas of onderin een conifeer. Het vrouwtje legt dan 4 a 5 blauwe eieren. Buiten het broedseizoen leeft hij alleen. De soort is zeer algemeen met een geschat aantal broedparen in Nederland van rond de 200.000.

Waar

De heggenmus heeft een voorkeur voor naaldbossen en gemengde bossen met veel ondergroei. Daarom is hij ook veel te vinden in parken en tuinen. De heggenmus is in Nederland een standvogel. Alleen als de bevolkingsdichtheid te groot is trekt hij naar aangrenzende gebieden. In noord en oost Europa is het een trekvogel, daar wordt het voor een insecteneter te koud in de winter.

 wide zwaangrootvogelsWilde Zwaan13 feb 2011februari

Wilde Zwaan, 13 feb 2011

 wide zwaangroot

Naar aanleiding van de column over de kleine wilde zwaan, kwamen er meer meldingen over zwanen. Zwarte zwanen zwommen in de Hoofdvaart bij Abbenes, in de Toolenburgse plas en bij Schiphol-Rijk en in de sneeuw bij de Boseilanden was een hele familiegroep wilde zwanen, bestaande uit een tiental volwassen en jonge exemplaren neergestreken (zie foto).En ook vloog er één zoekend over de Heimanshof. De kleine zwaan en de wilde zwaan hebben beide geel op de snavel. Bij de wilde zwaan is het geel veel prominenter en de soort is bijna zo goot als een knobbelzwaan. De wilde zwaan eet vrijwel uitsluitend waterplanten. In de winter eet hij ook knollen, gevallen en ontkiemend graan en ander plantaardig materiaal.

Bijzonder

Van de zwanen die in het wild voorkomen is dit de minst algemene soort in Nederland. 1500 exemplaren in een winter is al vrij veel. Een stuk minder talrijk dan de kleine zwaan dus. Ook de wilde zwaan is een echte wintergast die afwezig is van mei tot en met september.

In het Frans heet de wilde zwaan zingende zwaan om de luide trompetachtige geluiden die hij vooral tijdens de vlucht maakt. Naast het trompetgeluid kan de wilde zwaan ook vliegend van de knobbelzwaan worden onderscheiden. Zijn vleugelslag maakt itt die van de knobbelzwaan geen fluitend geluid en zijn nek blijft helemaal recht i.p.v. de sierlijke bocht waarin de knobbelzwaan hem houdt.

Waar

Wilde zwanen broeden langs poelen op toendra´s, in veenmoerassen en bij kleine meren in afgelegen gebieden in Scandinavië en het noorden van Rusland en Siberië. In het najaar trekken wilde zwanen naar het zuiden om te overwinteren op de weiden en in plassen. De broedgebieden van de wilde zwaan liggen dichterbij dan die van de kleine zwaan. In zuid Zweden broeden ze al. Maar de meeste broeden in Noord Rusland, Siberië en IJsland. Het lijkt erop dat de Wilde zwanen die op IJsland broeden niet in Nederland overwinteren. De vogels die in Nederland overwinteren komen dus van Scandinavië en Rusland.

 wildezwaanboseilanden

 damhert2grote dierenDamhert (2)6 feb 2011februari

Damhert (2), 6 feb 2011

 damhert2

Dit is de tweede column over het optrekken van het Damhert in onze polder en de ecologie van deze soort.

Bijzonder

Het damhert werd in 2004 op de Nederlandse Rode Lijst voor zoogdieren gezet in de categorie bedreigd. De actuele status is ´gevoelig´. Er mag dus niet zomaar op gejaagd worden. Zowel in de duinen als op de Veluwe is daar wel spraken van. Damherten zijn dagdieren. In verstoorde gebieden worden het echter meer schemeringsdieren. Oudere mannetjes hebben de neiging vooral ´s nachts te leven. Het damhert is een goede zwemmer. Half oktober is een heftige tijd voor het damhert: de bronstperiode. De herten vechten dan om een territorium en om en de gunst van een roedel vrouwtjes. Je kunt dan

vaak ondiepe kuilen vinden waar deze arena zich meestal bevindt (wordt ook wel ´lek´ genoemd, mogelijk omdat deze flink met urine besproeid wordt). In deze periode zijn de bokken niet toerekeningsvatbaar.

Waar

Het damhert komt van nature voor in volwassen loofbossen en gemengde bossen, zelden in naaldbossen. Hij heeft een voorkeur voor bossen met een dichte onderbegroeiing, in de buurt van open parkachtig bosgebied en landbouwgronden. De bossen dienen voornamelijk als schuilplaats, terwijl de meer open gebieden als graasplek dienen. In Nederland komt het damhert voor op de Veluwe, in de duinen en op kinderboerderijen en hertenkampen. Tussen de ijstijden leefden de damherten onder andere tot in West-Europa, maar de laatste ijstijd heeft de dieren naar Klein-Azië verdreven. De Romeinen brachten de soort weer met zich mee en verspreidden het dier door het gehele Romeinse Rijk. In onze regio zijn damherten sterk toegenomen in de Kennemer- en Waterleidingduinen. Deze winter waagden weer meer damherten de oversteek over de ringvaart. Het zijn meestal door dominante bokken verjaagde jonge mannetjes. Een exemplaar werd langs de Hoofdvaart doodgereden. Graag hoor ik van andere waarnemingen

 huisspitsmuiskleine dierenHuisspitsmuis27 feb 2010februari

Huisspitsmuis, 27 feb 2010

 huisspitsmuis

Aangemoedigd door vele sporen in de sneeuw hebben we met de jeugdnatuurclub een muizenonderzoek in De Heimanshof uitgevoerd met vallen waar je muizen levend in vangt. Eén van de aangetroffen soorten was de huisspitsmuis. Spitsmuizen zijn geen echte muizen, want dat zijn knaagdieren. Spitsmuizen jagen op insecten, larven, pissebedden, slakken, wormen en ze eten ook jonge muizen en aas. De huisspitsmuis maakt op een beschutte plaats als een composthoop een nest van droog gras en bladeren. De huisspitsmuis is socialer dan de meeste spitsmuizensoorten. In de winter kunnen tot 6 exemplaren dezelfde slaapplaats gebruiken en beide ouders zorgen voor de jongen. Bij de eerste verkenningen buiten het nest neemt moeder de jongen op sleeptouw waarbij ze zich aan elkaar vasthouden: dit heet karavaangedrag. De huisspitsmuis is vooral ´s nachts actief, maar omdat hij per dag zijn eigen lichaamgewicht moet eten is hij ook overdag actief. Dat gaat op en af in periodes van een half uur.

Bijzonder

Spitsmuizen behoren met 6-14 gr. tot de kleinste zoogdieren (een brief weegt 20 gr.) De huisspitsmuis heeft net als andere spitsmuizen muskusklieren, waarmee hij een vrij penetrante geur verspreidt. Hierdoor worden ze door de meeste roofdieren niet graag gegeten, behalve door de kerkuil. Spitsmuizen hebben een extreem hoge hartslag: tot 600 slagen per minuut. Hierdoor leven ze ook relatief kort, maximaal 2,5 jaar. Spitsmuizen hebben een cloaca: een primitieve uitgang van zowel het voortplantings- als het spijsverteringsstelsel. Bij de meeste zoogdieren zijn deze uitgangen gescheiden. Ook is hun speeksel giftig.

Waar

De huisspitsmuis komt voor in braakland, weilanden, hooilanden en wegbermen. Zoals de naam al aangeeft, is deze soort niet mensenschuw en komt hij dichtbij huizen, in tuinen en parken voor. In de winter concentreren de dieren zich op voedselrijke plaatsen, zoals composthopen, in en rond stallen en soms zelfs in huizen. Huisspitsmuizen komen overal voor in Europa.

 huisspitsmuis2

 brandgans1vogelsBrandgans20 feb 2010februari

Brandgans, 20 feb 2010

 brandgans1

Met alle sneeuw van deze winter is het in het luchtruim boven de Haarlemmermeer niet alleen druk met vliegtuigen. Nederland is namelijk een belangrijk toevluchtsoord voor allerlei soorten ganzen uit het hoge noorden. Een van de talrijkste en meest opvallende soorten in Nederland is de brandgans. Een groot gedeelte van de wereldpopulatie overwintert in Nederland. Afhankelijk van de vorst en de sneeuwgrens verplaatsen veel ganzen zich tussen het Waddengebied, Flevoland, de veenweiden van Holland en de Zeeuwse Delta. Bij die verplaatsingen treken er vaak grote groepen over de Haarlemmermeer en komen ook hier op akkers en weilanden fourageren. De brandgans is door zijn contrastrijke zwart-witte verenkleed ook in de lucht goed te herkennen.

Bijzonder

Brandganzen eten vooral gras, maar ook mos en ongebruikelijk voor ganzen ook veel zaden. Het eiwit daarvan wordt verteerd, en het groene gras zelf wordt weer uitgescheiden. Ze eten vooral overdag en tegen het

vallen van de avond zoeken ze een veilige rustplaats. Tijdens de poolzomer zijn ze 24 uur per dag actief, om hun jongen te beschermen en om reserves op te bouwen voor de trek naar het zuiden.

Waar

De brandgans broedt op rotskusten op Groenland, Nova Zembla en Spitsbergen. Tegen roofdieren bouwt de vogel zijn nest op een plaats die meestal alleen vliegend te bereiken is. Er zijn brandganzen die ook in Nederland broeden. Net als bij Canadese ganzen en Nijlganzen stammen deze af van uit parken ontsnapte dieren. De vogels overwinteren, vaak in groepen van duizenden vogels, vooral in Friesland, het Deltagebied, Noord Groningen en de Dollard. In de wintermaanden worden er honderdduizenden exemplaren waargenomen. Het maximum aantal in één groep was 150.000. Over de Haarlemmermeer vliegen vooral de inheemse grauwe en nijlganzen. Maar ook groepen brandganzen kunnen van tijd tot tijd worden waargenomen en bij het Kunstfort verblijven ´inheemse´ brand- en Canadese ganzen jaarrond.

 brandgans

 blauwe-kiekmanvogelsBlauwe Kiekendief14 feb 2010februari

Blauwe Kiekendief, 14 feb 2010

 blauwe-kiekman

Natuurwaarnemen kan zo eenvoudig zijn als het over de A4 rijden, terwijl er een grote roofvogel overzweeft met v-vormig omhooggehouden vleugels en een witte stuit. Dat is een beeld dat ´s winters vaker te zien is dan zomers. In de winter komen namelijk de Skandinavische blauwe kiekendieven naar ons land en dat zijn er veel meer dan de100 paar die nog in ons land broeden. Bij de kiekendieven zijn de mannetjes en de vrouwtjes verschillend gekleurd. Het mannetje is blauwgrijs met zwarte vleugelpunten en die witte stuit, terwijl de vrouwtjes en de onvolwassen dieren bruin gekleurd zijn. Maar die zweefvlucht met opgeheven vleugels en de witte stuit zijn onmiskenbaar. Muizen en zangvogels staan meestal op het menu in maar ook grote prooien, zoals konijn en fazant.

Bijzonder

De blauwe kiekendief was vroeger een vrije algemene broedvogel. Door het in cultuur brengen van het land is de soort steeds meer naar uithoeken verdreven. De soort zit nu als broedvogel

in de gevarenzone in Nederland en staat op de rode lijst van bedreigde soorten als gevoelig. Die achteruitgang komt o.a. door het verdwijnen van geschikte leefgebieden, maar ook doordat de vogel vaak broedt in weilanden, waar regelmatig eieren en jongen verloren gaan als het gras wordt gemaaid. De populatie floreerde tijdelijk in de jaren tachtig door het droogleggen van de Flevopolders.

Waar

Blauwe kiekendieven leven in open, vochtige gebieden. Zij zoeken hun voedsel en maken hun nest bij voorkeur in moerassen met een lage, dichte vegetatie en brede rietkragen en in kruidenrijke akkerranden. De meeste Blauwe Kiekendieven broeden op de Waddeneilanden en rond de Oostvaardersplassen, maar elk jaar broeden er ook één of meer paar in de akkers onze polder, samen met de laatste bruine kiekendieven (hierover is al een column verschenen). Door het steeds verder ´omvormen´ van akkerland is er een gerede kans dat we de kiekendieven als Haarlemmermeerse soorten gaan verliezen.

 blauwekiekvrouw

 wrangwortelgrootplantenWrangwortel6 feb 2010februari

Wrangwortel, 6 feb 2010

 wrangwortelgroot

Na de donkere dagen rond kerst en zeker door de ruimhartige portie sneeuw van deze winter, hebben velen behoefte aan het voorjaar. Voor wie het wil zien, zijn voorjaarstekenen al volop aanwezig. Met de jeugdclub van de Heimanshof zijn we daarom met het jaarlijkse fenologieproject gestart: we houden voor vogels bij wanneer de eersten gaan zingen of terugkomen uit het zuiden, voor insecten wanneer ze voor het eerst uit de winterrust komen en voor planten wanneer de eerste bloemen per soort verschijnen. Er gaat dan een wereld open: sinds half december bloeit de reuzensneeuwklok, sinds 2 weken de boerensneeuwklok en sinds vandaag de winteraconiet. En ook de de wrangwortel staat op het punt van bloeien. Wrangwortel is een zeer zeldzame rode lijst soort uit de kerstroosfamilie. Het is een plant die in al zijn onderdelen giftig is. Zelfs wrijven aan de plant kan irritatie geven, net als bij zijn naaste familielid: het stinkend nieskruid. De plant bloeit in de winter met groene bloemen.

Bijzonder

Voor de vreemde naam

zijn twee verklaringen: 1: Wrang is het droogstaan van de koeien. Dit wordt veroorzaakt door een bacterie die een ontsteking veroorzaakt in de uier. Vroeger werd een stukje wortel van de wrangwortel onder de huid aangebracht om deze ontsteking te genezen. 2: Van een uitspraak van Eli Heimans (naamgever van De Heimanshof): ´doet iemand een hap in de wortel in de mening een delicatesse voor zich te hebben, dan krijgt men het gevoel alsof zijn tong wordt rondgedraaid en uitgewrongen en de tanden met geweld achterste voren in de kaken worden gedraaid´.

Waar

Wrangwortel is een bergplant uit Midden- en West-Europa, die in Nederland zijn noordelijkste verspreiding heeft. De plant wordt gerekend tot de stinsenplanten en groeit in het wild in Limburg en in het rivierengebied. Elders staat hij vooral in heemparken en buitenplaatsen. In de Haarlemmermeer houden we ons aanbevolen voor informatie over groeiplaatsen

 wrangwortel

 reuzenchampignonpaddenstoelenReuzenchampignon3 feb 2010februari

Reuzenchampignon, 3 feb 2010

 reuzenchampignon

Naast De Heimanshof probeer ik mij nuttig te maken met de verbouw van biologische streekgroenten. Mijn grote afnemer is het Restaurant Vork en Mes, het enige restaurant dat met hun hoofdmenu ´Laat je verrassen´ in staat is gebleken om de eindeloze variatie die de natuur van week tot week produceert in een leuk menu om te zetten. Natuurlijk passeren ook de wekelijkse bijzonderheden in de wilde natuur de revu. En elke keer als er weer een leuke (dwz eetbare ) paddenstoel massaal ergens verschijnt (b.v. de geschubde inktzwam, de reuzenbovist of de judasoor) , smeken de koks mij om ze mee te nemen. Helaas voor hen, ben ik daar tot op heden niet op in gegaan. Wel lever ik ze zevenblad, daslook, vogelmuur en brandnetel uit het seizoen, maar wilde paddenstoelen gaat mij nog een stap te ver. Daarom zijn we uit arrenmoed over gegaan op het kweken van paddenstoelen en wel oesterzwammen, die het prima doen op tot de kern natgemaakte strobalen. Maar toen. Wat verscheen er in de eigen groentetuin voor het restaurant deze week:

een groot aantal dicht opeen groeiende clusters van grote paddenstoelen met donkere sporen, en een geschubde hoed van wel 15 cm in diameter. Het was al snel duidelijk dat het in ieder geval een soort wilde champignon moest zijn (die vrijwel altijd eetbaar en smakelijk tot zeer smakelijk zijn) en de meest waarschijnlijke soort was de grootsporige champignon..

Bijzonder

De Grootsporige champignon is de grootste van de ongeveer 15 wilde champignon soorten. Hij kan een hoeddoorsnede van wel 25 cm hebben, maar wordt meestel 10-20 groot. De soort is zeer zeldzaam en staat als kwetsbaar op de rode lijst van beschermde paddenstoelen. Het is een zeer smakelijke paddenstoel. De grootsporige champignon is vleziger dan de gekweekte champignon.

Waar

De Grootsporige champignon groeit van augustus tot en met oktober op grazige bij voorkeur lemige gronden. Tot op heden was deze soort niet bekend uit de Haarlemmermeer.

 reuzenchamp2