bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Woudaapje, 30 aug 2019

 woudaap2

Ik woon naast langs de Geniedijk en houd sinds 1996 het Oude Dr Nanningazwembad ( 1935-1975) bij als groentetuin, heemtuin en cultuurhistorisch monument. Dit plekje is sowieso een ecologisch paradijsje met snoeken van meer dan een meter en de ijsvogel, groene specht, vleermuizen, libellen, roofvogels en nog veel meer als smaakmakers. Maar afgelopen week had ik er tot 2 x toe een wel zeer bijzondere ervaring. Een vrouwtje woudaap (foto) schoot op 2 verschillende dagen uit de oever tussen de bosjes vandaan en bleef in een geval wel 10 minuten op een paal midden in het water zitten. Inmiddels is deze dame verder getrokken, maar het zou goed kunnen dat er een broedgeval van de woudaap geweest is in bv de Groene Weelde. Het woudaapje is de kleinste reigerachtige die in Nederland voorkomt. Net groter dan een waterhoentje. De laatste keer dat ik een Woudaap

had gezien was in 1968!

Bijzonder

In die tijd waren er landelijk naar schatting nog 250 broedparen. Inmiddels is dat schrikbarend afgenomen tot niet meer dan 20 paren, verdeeld over heel het land en staat de soort hier als ernstig bedreigd in de boeken. Internationaal is het nog niet zo ernstig. Waarom deze soort niet geprofiteerd heeft van de drooglegging van de Flevopolders en de Oostvaardersplassen is niet bekend. De genoemde aantallen kunnen een onderschatting zijn, want het woudaapje leeft zeer verscholen. Zijn naam komt deels van zijn roep die een beetje klinkt als ‘wouw’, maar hij leeft ook in een moerasbos (‘woud’) waar hij zo handig als een aapje door de takken en de rietstengels klautert! Het mannetje woudaap is itt tot het bruin gestreepte vrouwtje ( schutkleur) een stuk opvallender met zwart en witte tekening die op de rug bijna roze is.

Waar

De woudaap broedt in Europa, West- en zuidelijk Azië, Afrika in rietmoerassen en zoetwateroevers. Vogels die in de gematigde klimaatzone van Europa en Azië broeden, trekken ′s winters naar het zuiden. Vogels die in de tropen broeden, zijn standvogel.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur op Meijerslaan 17 in Heemstede.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 2 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 Grote_viltinktzwam3paddenstoelen(Grote) Viltinkzwam (2)25 dec 2012december

(Grote) Viltinkzwam (2), 25 dec 2012

 Grote_viltinktzwam3

Vervolg van de column van vorige week. Er zijn honderden soorten inktzwammen wereldwijd. Ze ontlenen hun naam aan het feit dat een ‘rijpe’ inktzwam vervloeid tot een soort zwarte inkt. In deze vloeibare kleverige inkt zitten de sporen, die aan poten van insecten (vooral vliegen) blijven kleven en zo verspreid worden. De grote viltinktzwam is niet zo groot met een hoed van 2-4 cm en een steel van 3-8 cm. (zie foto)Veel kleiner dan de algemene grijze en geschubde inktzwammen, die vaak op voedsel rijke gazons of composthopen staan. Vooral de geschubde inktzwam is een delicatesse. De Grijze inktzwam is ook eetbaar, maar alleen als je er minstens 24 uur ervoor en erna geen alcohol nuttigt. In dat geval produceert hij nl gifstoffen in je bloed. Of de Grote viltinkzwam eetbaar is, is mij niet bekend. I.t.t. de gewone zwamdraden droogt

het luchtmycelium niet zo makkelijk uit en heeft het een functie om te ontsnappen uit een plek waar het eten op is. Dat kan op 2 manieren: 1: door over een plek heen te groeien waar geen verteerbaar organisch materiaal voorkomt naar een plek waar de schimmel wel weer kan gedijen 2: door met kleine plukjes af te breken en heel ergens anders heen te waaien. Luchtmycelium komt ook bij schimmelsoorten voor, maar niet als dit oranjebruine ‘vilt’: Schimmels en bacteriën zijn voortdurend met elkaar in concurrentie. Waar deze organismen elkaar in de grond of in een petri schaal in laboratoria tegen komen en ´elkaar niet uit kunnen staan´ gaan de zwamdraden of dood of vormen onder stressvolle condities ook vaak luchtmycelium. Daarbij wordt er tegelijkertijd een soort chemische oorlog uitgevochten. Een deel van de chemische batterij aan stoffen bestaat uit antibiotica. Zo geven luchtmycelia aan onderzoekers aan waar interessante stoffen gevonden kunnen worden.

Waar

Viltinkzwammen komen voor op dode takken, stronken en stammen van loofbomen (populier, els, esdoorn) op voedselrijke bodem.

 viltinktzwam1paddenstoelen(Grote) Viltinktzwam (1)18 dec 2012december

(Grote) Viltinktzwam (1), 18 dec 2012

 viltinktzwam1

Op de schors van een aantal dode wilgentakken in De Heimanshof namen we in de loop van de herfst plukken, van wat het meest leek op een bruin soort mos, waar. Iets dergelijks prikkelt altijd onze nieuwsgierigheid, want deze oranjebruine vitale kleur kenden we van geen enkele mossensoort. De enige bruine mossen die in de literatuur beschreven worden, zijn verdroogde mossen en deze soort zag er blakend gezond uit. Daarmee werd het verschijnsel alleen maar interessanter.

Een zoektocht onder mossendeskundigen leverde de tip op over een paddenstoel. Wat wij als paddenstoel kennen, is het vruchtlichaam van de eigenlijke organisme, dat bestaat uit een zwamvlok, het zogenaamde mycelium. Deze draadvormige schimmelnetwerken bevinden zich meestal in hout of in de grond, waar

zij leven van het verteren van organisch materiaal . Er zijn mycelia in alle soorten en maten. Hele grote exemplaren kun je soms herkennen in de vorm van heksenkringen. Binnen de heksenkring is het voedsel verteerd en aan de rand van het organisme (en vaak waar er contact gemaakt wordt met andere ´schimmelindividuen´) worden de paddenstoelen gevormd. Er zijn heksenkringen van tientallen, honderden meters en zelfs kilometers doorsnede bekend.

Bijzonder

Zwamdraden zijn zeer gevoelig voor uitdrogen en daarom tref je ze zelden aan in de open lucht. Maar in sommige gevallen is dat wel een noodzaak. En dat is speciaal het geval als het eten opraakt of wanneer het mycelium het op een andere manier benauwd krijgt. Dan wordt er een zogenaamd luchtmycelium of Ozonium gevormd (zie op de foto het ozonium van de grote viltinktzwam). Er bestaan een drietal soorten inktzwammen die dit oranjebruine luchtmycelium vormen. De meest waarschijnlijke soort is de Grote viltinktzwam. Deze is het meest algemeen, maar pas als er paddenstoelen gevormd worden kan de soort definitief bepaald worden. Volgende week meer.

 druivenpitjepaddenstoelenGlanzend Druivenpitje9 dec 2012december

Glanzend Druivenpitje, 9 dec 2012

 druivenpitje

Ondanks het donkere droevige weer is er in de natuur (als je goed kijkt) nog veel moois te ontdekken. Deze week trok een curieus organisme de aandacht: Iets wat in kennerskringen het glanzend druivenpitje genoemd wordt.

Bijzonder

Dit organisme troffen we aan op een paar takjes in de Groene Weelde. Het was een minuscuul maar opvallend heldergeel plekje. We hebben het over een slijmzwammensoort. Wereldwijd zijn er ca 500 soorten. I.t.t. wat de naam suggereert, is het geen paddenstoelensoort. Paddenstoelen bestaan uit zwamdraden, maar slijmzwammen bestaan uit losse amoeboide cellen, die aan voedsel komen door op bacteriën en schimmels te jagen en hen te verteren door ze te omsluiten. Het is een unieke oeroude levensvorm, het resultaat van experimenten uit de begintijd van het leven, die op het zelfde niveau staat

als het dierenrijk en het plantenrijk. Alle levensvormen op aarde behalve slijmzwammen hebben gemeen dat ze uit cellen bestaan met 1 celkern. In een deel van zijn bestaan heeft de slijmzwam dat ook, maar soms versmelten alle losse cellen tot een ‘plasmodium’. Dat is een soort reuzencel, waarbinnen celkernen uit de oorspronkelijke cellen zich gedragen als zelfstandige cellen die zich delen en sporen vormen. Veel slijmzwammen hebben intrigerende namen: Het spreekt nl zeer tot de verbeelding dat plasmodia ’blobs’ zich kunnen verplaatsen tijdens hun jacht op voedsel. Een andere soort heet bv ‘heksenboter’. Plasmodia vertonen zich vaak na regenval als er veel te jagen valt en ze flink kunnen groeien of bij droogte, wanneer ze het benauwd krijgen en sporen willen vormen. Bij ons glanzend druivenpitjeskolonie zijn het de sporenvormende sporangiën die door hun heldergele kleur de aandacht trekken. De mooie kleur duurt maar kort. Na 24 uur zijn de sporen rijp, is de kleur weg en verstuiven de sporen.

Waar

Slijmzwammen en ook het glanzend druivenpitje zijn niet zeldzaam. Deze soort leeft soms enkele cm’s boven de grond op afgevallen blaadjes en takjes.

 glanzendehoutmier2insectenGlanzende Houtmier (2)1 dec 2012december

Glanzende Houtmier (2), 1 dec 2012

 glanzendehoutmier2

De vestiging van een volk is een complexe zaak. De glanzende houtmier heeft nl een nest van een andere soort mieren nodig als start. Daarvoor hebben de houtmieren een speciaal wapen. Dit wapen bestaat uit geurstoffen die ook door mensen waar te nemen zijn als een zoete geur. Voor mieren is deze geur een sterk alarmteken. Bij proeven met het loslaten van een handvol glanzende houtmieren in de kolonie van een andere soort vluchten de koninginnen met een deel van de werksters onmiddellijk. Deze proef verklaart waarom vaak verschillende jonge koninginnen van de glanzende houtmier zich vestigen in een bestaand nest van een andere soort. De eieren en larven worden eerst door de werksters van het andere volk verzorgd en grootgebracht. Geleidelijk wordt de andere soort weggedrukt terwijl hun gezamenlijk kolonie zich uitbreidt. Dit wordt sociaal parasitisme genoemd. Terwijl andere mierensoorten met een eenvoudig grondnest vrij snel verkassen bij verstoringen, doet de glanzende houtmier dit zelden of nooit. Dat

komt omdat het maken van een dergelijk nest een grote investering is. Een gevestigd glanzende houtmiernest kan vele jaren blijven voortbestaan en 2 miljoen werksters tellen. Deze mieren leven van het melken van bladluizen. Vanuit het nest gaat van april tot met september een gestage stroom van mieren tegen de stam omhoog. Daar oogsten ze honingdauw en melken ze bladluizen en komen dan met opgezwollen achterlijven naar beneden.

Waar

De glanzende houtmier leeft in holle bomen in de onderkant van de stam en tussen de wortels in de grond. De voorkeursoorten zijn eik, linde en berk, maar ander soorten komen ook voor. De linde is een logische soort die bekend is van zwarte aanslag eronder afkomstig van bladluizen. Deze bladluizen produceren het voedsel waar deze mieren van leven: honingdauw of luizenpoep. De glanzende houtmier wordt gaandeweg een steeds zeldzamer soort, met name door het feit dat holle bomen preventief verwijderd worden door de mens.

 glanzendehoutmier2a

 amberboom2bomenAmberboom25 dec 2011december

Amberboom, 25 dec 2011

 amberboom2

Deze week weer aandacht voor bijzondere bomen in de Haarlemmermeer i.v.m. de routes van monumentale en bijzonder bomen, die we willen gaan maken. Deze routes moeten deels te voet (per woonkern), deels op de fiets en deels met de auto te bezoeken zijn. Wij vragen u monumentale of andere bijzondere bomen, die voor zo"n route in aanmerking komen, door te geven met hun bijzonderheden. Deze week de amberboom als inspirerend voorbeeld. De naam amberboom komt van de gomhars (amber) die door insnijding uit de bast gewonnen wordt. De amberboom kan wel 45 m hoog worden, maar wordt in Nederland meestal niet hoger dan 10 tot 20 m. De jonge bast is roodbruin, later wordt deze grijsbruin en diep gegroefd.

Bijzonder

Bij oudere bomen worden op de takken en twijgen grote grillige kurklijsten gevormd (zie foto) . Het blad heeft bijzonder diepe rode, gele en oranje herfstkleuren(zie inzet in de foto). Zijn bladeren geven bij wrijven

een aangename zoete geur af. De amberboom wordt bij ons vooral geplant om zijn prachtige herfstkleuren. De amberhars die uit de boom gewonnen wordt, wordt door de parfumindustrie gebruikt. In de Verenigde Staten gebruikt men deze amberhars ook voor kauwgom (sweet gum) en voor het aromatiseren van snoep, dranken en tabak. In het verleden was de hars ook een bestanddeel van schoencrème. In de volksgeneeskunde is de hars een onderdeel van producten tegen verkoudheid en huidziektes. Het roodbruine hout wordt gebruikt voor fineer en meubels.

Waar

De amberboom is een loofboom die van oorsprong voorkomt in het oosten van Noord-Amerika. In Europa wordt de amberboom als sierboom aangeplant. Ook in de Haarlemmermeer staat deze boom af en toe in tuinen en in het openbaar groen. Een fraai exemplaar staat net buiten De Heimanshof aan de Wieger Bruinlaan op de hoek met de hockeyvelden. Ook in het bomenpad in het Haarlemmermeerse Bos is de boom aan te treffen.

 amberboomcombi

 ginkgobladbomenGinkgo17 dec 2011december

Ginkgo, 17 dec 2011

 ginkgoblad

Ginkgo of Tempelboom

Deze week weer aandacht voor bijzondere bomen in de Haarlemmermeer i.v.m. bomenroutes. Deze routes moeten deels te voet (per woonkern), deels op de fiets en deels met de auto te bezoeken zijn. Wij vragen u monumentale of andere bijzondere bomen, die voor zo\'n route in aanmerking komen, door te geven met hun bijzonderheden. Deze week de Ginkgo of Tempelboom als voorbeeld. De Ginkgo is een levend fossiel uit de tijd voor de dinosauriërs, zo\'n 270 miljoen jaar geleden. Ongeveer 7 miljoen jaar geleden verdween de Ginkgo uit N-Amerika en ongeveer 2.5 miljoen jaar geleden uit Europa. In 1691 werd de soort in China bij kloosters in de bergen herontdekt.

Bijzonder

De Ginkgo is een evolutionaire overgangsvorm tussen naaldbomen en loofbomen. Dat is te zien aan de bladeren die lijken

te bestaan uit netjes naast elkaar liggende naalden(foto). De kroonvorm van de Ginkgo is zeer onregelmatig. De Ginkgo kent zowel vrouwelijke als mannelijke exemplaren. Dat verschil is pas bij volwassen bomen na 20 jaar te zien. De boom wordt circa 40 m. hoog. Ginkgo vruchten zijn abrikoosvormig met een zilveren gloed. Wereldwijd zijn er minder vrouwelijke Ginkgobomen dan mannelijke. Dit komt omdat de mens selectief mannelijke bomen aanplant: rotte vruchten geven nl. butaanzuur af, wat ruikt als ranzige boter. De inhoud van de zaden wordt in China en Japan beschouwd als delicatesse. Zowel de vruchten als de bladeren worden voor vele medicinale toepassingen gebruikt. In Japan wordt de boom als een god vereerd. Het feit dat 4 bomen in Hiroshima de atoombom overleefden, heeft hier wellicht aan bijgedragen.

Waar

Lange tijd kwam de Ginkgo in grote delen van de wereld veel voor (Azië, Europa en Noord-Amerika). De oudste Ginkgo in de Haarlemmermeer staat op het kerkhof van de Hoofdvaartkerk en dateert uit de eerste jaren na de drooglegging. In de Bijbelse tuin achter de Katholieke Kerk aan de Kruisweg staan een groot mannelijk en vrouwelijk exemplaar van zo\'n 100 jaar oud, naast elkaar.

 mammoetbomgroenweeldebomenMammoetboom10 dec 2011december

Mammoetboom, 10 dec 2011

 mammoetbomgroenweelde

De meest karakteristieke boom van de Haarlemmermeer is de populier. In onze ca. 160 jaar oude polder staan ook interessantere bomen, zoals de ca. 500 op de monumentale bomenlijst van de gemeente. Maar er zijn nog meer bomen die ecologisch of cultuurhistorisch de moeite waard zijn. Daarom zijn we begonnen met een project om monumentale en andere bijzondere bomen "op de kaart te zetten". Deze routes moeten idealiter deels te voet (per woonkern), deels op de fiets en deels met de auto te bezoeken zijn. Graag vragen wij hierbij uw medewerking door monumentale of andere bijzondere bomen die voor een dergelijke route in aanmerking komen, door te geven, met hun bijzonderheden. Ter inspiratie behandelen we in de komende weken vast een aantal bijzonder bomen. Vandaag de mammoetboom. Mammoetbomen of sequoia\'s komen uit N- Amerika. Ze behoren tot de

grootste en oudste levende organismen op aarde. Er bestaan 2 soorten. De rode sequoia, die 150 m hoog kan worden en de mammoetboom die niet zo hoog maar wel enorm dik kan worden. De oudste exemplaren hebben een omvang van ruim 25 m, een hoogte van 83 m en een leeftijd van 3200 jaar. De Groene Weelde is een recreatiegebied dat voor de Floriade van 2002 is aangelegd. Het grootste deel ervan bestaat uit bosplantsoen van inheemse soorten. Op een aantal plekken staan groepjes mammoetbomen. Een aantal daarvan is goed aangeslagen. Laten we hopen dat ze de kans krijgen om een respectabele omvang te krijgen die bij deze soort hoort. De zeer dikke schors is zo zacht dat men ertegen kan stompen zonder zich te verwonden. Door zijn dikke schors en zijn hoogte is de boom beschermd tegen bosbranden.

Waar

De mammoetbomen groeien op de vochtige hellingen van de stille oceaan in Californie tot Canada, De oudste mammoetbomen in Europa zijn 150 jaar oud en hebben inmiddels een stamomvang van 8 m. In de Groene Weelde staan er een 30 tal waarvan de grootste een hoogte van 8 m heeft (foto) en één staat er in het bomenpad in het Haarlemmermeerse bos.

 oesterzwamgrootpaddenstoelenOesterzwam3 dec 2011december

Oesterzwam, 3 dec 2011

 oesterzwamgroot

Oesterzwam en andere soorten

Hoewel dit najaar bijzonder droog was, is er toch wel genoeg vocht beschikbaar voor veel paddenstroei. Het bijzondere van paddenstoelen is dat ze soms elk jaar op dezelfde plaats en tijd verschijnen (zoals de grijze en geschubde inktzwammen in gazon) en dat sommige schijnbaar uit het niets verschijnen om pas jaren later of nooit meer terug te keren. Dat en de vele vormen, kleuren en korte groeiperioden maakt het altijd weer spannend om ze te \'spotten\'. Schattig zijn b.v takruitertjes. De kleinste paddenstoeltjes, die er nog uitzien als een paddenstoel: ze groeien massaal op dunne takjes die op de grond liggen en zijn ca 3 mm hoog en breed. Op een populier in Jeugdland en een beuk op de Heimanshof verscheen de eigele slijmvoetbundelzwam. Prachtig om te zien met donkerbruine schubjes op de glibberig heldergele hoed. En grijze oesterzwammen koloniseerden massaal een oude eikenstam op de Heimanshof.

Bijzonder

De oesterzwam

is een zeer smakelijke soort die ook commercieel beschikbaar is. De soort ontleent zijn naam aan het feit dat hij de vorm heeft van een oesterschelp. Deze oesterschelpen groeien in bundels. Er bestaan verschillende rassen of soorten. Naast de in het wild veel voorkomende grijze oesterzwam is er een witte, een roze en een gele variant. Ook in de natuur is de oesterzwam variabel van kleur. En de verschillende kleuren smaken vaak ook weer anders. Een oesterzwam hebben we met de kinderen van de jeugdclub geproefd en hij smaakte best stevig en kruidig. Andere rassen zijn zoetiger, pittiger of vissig van smaak. In tegenstelling tot champignons houd je bij bakken veel meer \'vlees\' over. Omdat er minder vocht in zit.

Waar

De oesterzwam komt voor op hout van loofbomen en groeit in de herfst en de winter. De soort komt zowel voor op dood als op levend hout. In dat laatste geval zou hij parasitair kunnen zijn en de levende boom kunnen aantasten. Gekweekt worden ze op geprepareerd stro. De soort is vrij algemeen in Nederland.

 oesterzwam

 albinosalamanderkleine dierenAlbino Salamander25 dec 2010december

Albino Salamander, 25 dec 2010

 albinosalamander

De jeugdnatuurclub van De Heimanshof heeft een wekelijks groentetuinprogramma (ook in de winter) en een maandelijks natuurprogramma. Bij de activiteiten zijn er altijd kinderen, die creatief afdwalen, zowel letterlijk als figuurlijk. En vaak levert dat onverwachte verrassingen op aan bijzondere planten en dieren die ze uit de gekste hoeken en gaten te voorschijn toveren. Afgelopen zaterdag was door de dikke sneeuwlaag ons werkterrein naar de kassen op de tuin verplaatst om vogelnestenkasten en insectenhotels te bouwen. En natuurlijk gaan er dan kinderen zwerven op zoek naar een rondvliegend winterkoninkje, de wandelende takken kolonie etc. De verrassing van de dag was, dat er een albino kleine watersalamanderlarve ontdekt werd. De larve was wit, met felrode kieuwen, maar zonder rode ogen.

Bijzonder

Normaliter zijn de salamanders in december in winterslaap. De verwarmde kassituatie is waarschijnlijk de verklaring voor de ´wakkere´ aanwezigheid. Dat de salamander

nog in het larvale stadium was, is ook opmerkelijk. De ontwikkelingsduur van de larven hangt sterk af van het voedselaanbod en de temperatuur. In warme voedselrijke plasjes kan de larve al na 6- 8 weken volledig ontwikkelt zijn. Onder minder gunstige omstandigheden, overwintert de larve en wordt pas het volgende voorjaar volwassen. Daarna duurt het nog 2 tot 3 jaar voor hij volwassen is en zich kan voortplanten. Er zijn ook gevallen bekend, waarbij volwassen dieren kenmerken van larven behouden zoals uitwendige kieuwen. De oorzaak hiervan is jodiumgebrek, waardoor onvoldoende schildklierhormoon kan worden gevormd. In de praktijk komt dit wel voor in zure vennen op voedselarme gronden. In onze kas met veengrond spelen beide omstandigheden mogelijk een rol.

Waar

De kleine watersalamander is een van de meeste algemene amfibieënsoorten in ons land. Het is ook goed aan het leven op het droge aangepast. Buiten het larvale stadium komt de salamander alleen voor paring en ei-afzetting in het water.

 albinosalamander2

 goudplevierwinterkleedvogelsGoudplevier19 dec 2010december

Goudplevier, 19 dec 2010

 goudplevierwinterkleed

Iedereen kent de kievit. Het is een steltloper, die gespecialiseerd is in jagen op het oog. Daarom leeft deze soort op kale akkerlanden en korte graslanden. Andere steltlopers zoals de grutto en de wulp jagen op het gevoel. Met hun lange gevoelige snavels prikken ze in de (zachte) grond. De kievit maakt deel uit van een veel grotere groep oogjagers: de plevieren. In de Nederlandse vogelgidsen staan wel 13 soorten plevieren. Eén van deze soorten, de goudplevier, is een regelmatige bezoeker van onze polder gedurende de trek. Je treft hem aan tussen de grote groepen kieviten die langs de A4 op de kale velden voedsel zoeken, gedurende de hele winter. Tenminste zolang het niet te hard vriest, want dan verhuist iedereen voor de vorstgrens uit, naar het zuiden. De goudplevier is in zijn zomerkleed een prachtige verschijning. Zie foto. In zijn winterkleed is hij heel wat minder deftig (zie inzet). In de herfst zijn er echter nog heel wat exemplaren die geheel of gedeeltelijk in ´prachtkleed´ zijn.

Bijzonder

Het verlies van biotoop

is de oorzaak dat de goudplevier in Nederland geen broedvogel meer is. Het laatste broedgeval werd in 1974 vastgesteld bij Budel en dat was de eerste keer na het voorlaatste broedgeval bij Fochteloo in 1937. Wellicht dat het Plan Goudplevier van Natuurmonumenten in Drenthe weer mogelijkheden biedt. Als trekvogel gaat het niet slecht met de goudplevier. Tussen 1980 en 2006 namen de aantallen toe, steeds met een maximum van enige honderduizenden in de maand november over heel Nederland. De goudplevier was het onderwerp van discussie tussen de directeuren van de Guinness Brouwerijen aan het begin van de jaren vijftig. Eén van de heren dacht dat deze vogel de snelste ter wereld was. Uiteindelijk is uit deze discussie het Guinness Book of Records ontstaan.

Waar

In Nederland zijn goudplevieren het meest in het voorjaar (maart-april) en in het najaar (september-december) te zien. Ze broeden ´s zomers in Scandinavië en Rusland.

 goudplevierzomerkleed

 beukbomenBeuk10 dec 2010december

Beuk, 10 dec 2010

 beuk

De aanleiding voor deze column is, dat er afgelopen zaterdag op de natuurspeelplaats (in aanbouw) op De Heimanshof een monumentale beukenstam is geplaatst als (liggende) klauterboom. Deze beuk van 180 jaar oud was in de duinen geveld door een storm. De beuk is een inheemse boomsoort met hardhout en een gladde bast die misschien wel 20 jaar als klauterboom geschikt blijft. In de Haarlemmermeer op de klei staan bijna geen beuken. Op het zand in de duinen des te meer. Grote bomen in onze polder zijn meestal wilgen of populieren, die na rooien in 3- 5 jaar verteren. Deze zijn dus minder geschikt als speelbomen. Volwassen beuken zorgen in bossen voor een dicht bladerdek, waardoor ondergroei weinig kans krijgt. Met zijn grootte tot 40 meter is het een hoge boom. De boom leeft in symbiose met schimmels. De boom levert suikers en de schimmel levert mineralen daarvoor terug. Beukenbossen behoren

tot de mooiste bossen. De bestuiving vindt plaats door de wind. De beuk kan goed tegen schaduw en is een climax-soort, dwz dat ze het eindstadium van de ontwikkeling van een bos vormen.

Bijzonder

De vrucht van de beuk bestaat uit nootjes. Beukennootjes worden verspreid door dieren, die ze als wintervoorraad gebruiken. De beuk heeft een zeer gevoelige bast voor zonneschijn. Als er door b.v. storm of een andere reden een deel van de kroon afbreekt, kan dit leiden tot de dood van de boom, door teveel zon op de stam. De knoppen van de beuk zijn erg lang en bevatten de volledige bladeren, die rond half mei in een paar dagen uitrollen. Beukenhout is zeer buigzaam en gemakkelijk te draaien, waardoor het uitstekend geschikt is voor het maken van meubilair. Het heeft een fijne nerf en geen knoesten, aangezien de takken al jong afvallen.

Waar

Van nature staat een beuk op zware bodems met een goede drainage, maar aangeplant vind je hem ook elders. De oudste boom van het nieuwe land in onze polder is een beuk van nu 158 jaar oud bij boerderij de Eersteling met een stamdiameter van ruim 2 m.

 essengalmetinzetbomenEssengal4 dec 2010december

Essengal, 4 dec 2010

 essengalmetinzet

Het voorjaar en de zomer hebben de naam de perioden te zijn dat je insecten kunt waarnemen. Maar ook in de rest van het jaar, zelfs in de winter kun je overal insecten aantreffen. Maar dan moet je wel weten waar je naar moet kijken. Een interessante manier om nu insecten te vinden, is via gallen: Als wij gestoken worden door een insect, bv. een mug, ontstaat er een bultje. Ooit miljoenen jaren geleden heeft eens een insect, waarschijnlijk een soort wesp, ontdekt dat zijn steek bij een plant ook aanleiding gaf tot een bultje, dat aan de buitenkant hard en aan de binnenkant zacht (en voor een larve) smakelijk was. Dat was dus een perfecte plek om kroost veilig groot te brengen. Zeker toen die larve ook die stof ging produceren en de bult (gal) steeds bleef groeien. Om die reden was dat insect zeer succesvol en ontwikkelden zich snel veel andere soorten. Van deze insectengroep zijn er in Nederland nu

wel 1400 soorten te vinden. Niet alleen (gal)wespen veroorzaken gallen. Ook vele muggen, vlinders en vliegen hebben deze truc ontdekt. Bijna op alle plantensoorten zijn er één of meer soorten gallen te vinden. Vooral de eik heeft er veel, wel 40. Nu de bladeren vallen, is er een leuke soort op essenbomen te vinden. Essen zijn de bomen die als zaden enkelvoudige vleugeltjes(´helicoptertjes´) vormen. Esdoorns maken dubbel gevleugelde zaden.

Bijzonder

De essengal, die bij het bladloos worden van de essen zichtbaar wordt, heeft geen Nederlandse naam. In het Duits wordt hij ´klunkern´ genoemd. Hij is nu bruin en is als groene bloemkoolachtig woekering ontstaan uit de bloemen. Deze ´klunkern´ kunnen de hele winter nog als bruine klonterige massa´s aan de boom zitten: Soms zit de hele boom er vol mee. Binnenin leven de larfjes van Aceria fraxinivora (zie foto)

Waar

Gallen kunnen overal in alle seizoenen en op bijna alle plantensoorten gevonden worden. Oog krijgen voor de verbazingwekkende verscheidenheid van gallen geeft een nieuwe dimensie aan het buiten in de natuur lopen.