bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Wilgenwarvlecht, 19 jul 2019

 wilgenwarvlecht

In voorjaar en zomer komen er zo veel verrassende en nieuwe soorten op mijn pad, dat ik wel elke dag een column zou kunnen vullen. Het is dus niet moeilijk kiezen en we kunnen nog voor jaren vooruit. In de keuze van het onderwerp laat ik mij mede leiden door een afwisseling tussen planten, dieren, insecten en of er een leuk verhaal achter zit. En daar naast is het vanwege copyright ook essentieel dat ik er zelf een foto van kan maken. Dat probleem sluit een heel serie interessante zaken zoals de monniksgier die een paar weken geleden even boven de Haarlemmermeer zweefde uit. Jammer, maar helaas. Daarom deze week een makkelijk stil zittend onderwerp met een intrigerende naam: wilgenwarvlecht. Ik heb het al eens gehad over gallen en heksenbezems. De wilgenwarvlecht zit daar een beetje tussen in. Een heksenbezem ontstaat (meestal in een berk) omdat een schimmel een stofje produceert dat alle slapende knoppen wakker maakt. En de ca 1400 soorten gallen die in Nederland tot dusverre gevonden zijn, ontstaan omdat (met name)

galwespjes ontdekt hebben dat een stofje die zij maken het effect heeft van een plantenhormoon die de plant aanzet tot een zwelling die van binnen smakelijk is en van buiten hard: een perfecte plek om jonkies in groot te laten worden. Bijna elke plantensoort heeft wel 1 of meer gallen en de eik wel 40.

Bijzonder

Van de wilg is het wilgenroosje bekend: een gal in een bladknop, maar vandaag ontdekte ik een hele grote vertakte gal, wel 20 cm lang. Deze wordt niet door een galwesp veroorzaakt en ook niet door een schimmel, maar de wilgenbezemmijt. Een mijt is een klein spinnetje. Op dezelfde manier als bij een heksenbezem worden er veel extra hulpknoppen gevormd waar weer takjes uit groeien, bedekt met schubvormige blaadjes. Bij de meeste wilgen zijn deze warvlechten gedrongen. Bij de grijze wilg kunnen ze wel 40 cm lang worden ( zie foto: warvlecht op grijze wilg)

Waar

De wilgenwarvlecht komt in Nederland voor op schietwilg, geoorde wilg, geoorde kruipwilg, boswilg, grauwe wilg en kruisingen van deze soorten.

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl. Alle columns vanaf april 2006 vindt u op www.stichtingmeergroen.nl





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 6 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 bruinetrilzwampaddenstoelenBruine Trilzwam19 jan 2017januari

Bruine Trilzwam, 19 jan 2017

 bruinetrilzwam

Hoewel in de nazomer en herfst de meeste paddenstoelen te vinden zijn, zijn er ook gedurende de winter genoeg soorten te vinden: oesterzwammen, fluweelpootjes en elfenbankjes staan overal. Het viel me daarbij op dat er vooral veel soorten trilzwammen te vinden zijn: zwarte, felgele trilzwammen en judasoren kende ik al en daar kwam deze week de bruine trilzwam bij. Die had ik nog nooit gevonden en groeide op een dode eikentak. Deze soort lijkt op een heel cluster judasoren bij elkaar.

Bijzonder

Trilzwammen hebben het vermogen om vocht op te zuigen bij natte omstandigheden en bij droge omstandigheden helemaal te verschrompelen. In vochtige omstandigheden groeit de paddenstoel en produceert hij sporen en dat proces valt stil in droge toestand. Dit opzwellen en verdrogen kan vele malen achter elkaar zonder dat

de paddenstoel afsterft. Dat staat in schril contrast met de gewone ‘hoeden vormende’ soorten die daarbij wel afsterven. Trilzwammen hebben meestal uitgebreide lobben en plooien. Daarmee vergoten ze hun oppervlakte en kunnen dan meer sporen produceren. De bruine trilzwam heeft dat proces van lobbenvorming het verst doorgevoerd. Nog een bijzonderheid aan trilzwammen is dat ze zelf in en op hout kunnen groeien maar daarnaast een parasitaire levenswijze kunnen hebben. Ze parasiteren dan op andere paddenstoelen zoals de gele trilzwam op korst zwammen (die voor hen het hout verteren) en de bruin trilzwam op het geslacht van elfenbankjes. Nog een interessante eigenschap van trilzwammen is dat ze vaak eetbaar zijn. Ze smaken echter zoals ze eruit zien: naar koud kraakbeen. Judasoren worden in de Chinese keuken in Tjap Tjoy verwerkt. Ze houden daarbij een goede ‘bite’ en smaken een beetje gepeperd.

Waar

De bruine trilzwam komt voor in loofbossen met beuk, eik en hazelaar begroeiing. De soort komt echter ook op andere loofbomen voor, zoals esdoorn, es, haagbeuk en linde. Soms komt de bruine trilzwam ook voor op sparren.

 kkleinewintervlindervlindersKleine Wintervlinder30 dec 2016december

Kleine Wintervlinder, 30 dec 2016

 kkleinewintervlinder

Bij insecten denken we meestal aan dieren die in de warme dagen van voorjaar, zomer en herfst actief zijn. Toch zou de natuur de natuur niet zijn, als er niet ook insecten waren die zich aan de koude winter hebben aangepast. Zo’n soort is de kleine wintervlinder. Het is een soort die van november tot in januari vliegt bij temperaturen tussen 0 en10 graden en liefst in mistig rustig weer. Het is een mot of nachtvlinder, dus doet hij dan ook bij voorkeur in de avond en nacht. Daarbij wordt deze soort sterk door licht aangetrokken, dus als er een vlinder op uw verlichte raam zit in de winter is het in de meeste gevallen deze soort. En het is altijd een mannetje ( foto). De vrouwtjes van deze soort hebben nl geen vleugels en kruipen uit hun pop in de grond omhoog op boomstammen om door de mannetjes gevonden en meegedragen te worden in de lucht om te paren. Ze vinden elkaar

met feromonen of lokgeurstoffen. Beide seksen eten niet (er is in de winter ook geen nectar).Ze teren op de reserves die de rups heeft verzameld.

Bijzonder

De kleine wintervlinder is een soort uit de grote familie van de spanners. De naam spanners komt van de rupsen, die zich niet stap voor stap voortbewegen, maar door zich met de poten en schijnpoten aan de voor en achterkant van het lichaam te stekken en op te vouwen. U heeft vast wel eens zo’n koddig rupsje gezien. De kleine wintervlinder is een van de rupsen die de voedsel voorraad (rupsenpiek!) vormt voor de jonge vogeltje die in mei uit hun ei komen. Door de klimaatverandering lopen die 2 processen elkaar steeds vaker mis. Dat corrigeert de natuur door de variatie in uitkomst tijden: Late rupsen hebben nu een grotere kans om vlinder te worden en vroege jonge vogeltjes krijgen niet genoeg eten. Zo sterven de minst aangepaste individuen uit en de beter aangepaste nemen in aantal toe.

Waar

De kleine wintervlinder komt voor in heel Nederland in tuinen, parken, loofbossen, boomgaarden en andere bosrijke gebieden.

 kkleineoranjebekerzwampaddenstoelenKleine Oranje Bekerwam16 dec 2016december

Kleine Oranje Bekerwam, 16 dec 2016

 kkleineoranjebekerzwam

In de winter zijn de kleuren meestal wat grijs en bruin. Daarom is het extra leuk om in die nogal grauwe wereld af en toe heldere kleuren tegen te komen. En voor de oplettende waarnemer zijn die inspirerende kleuren overal te vinden. Zo’n moment van inspiratie had ik afgelopen maandag bij het werken aan het nieuwe deel van het Hoofddorpse Wandelbos. Afgelopen zomer is daar de het kanaal uitgebaggerd en de bagger is op de grasstrook daarnaast uitgespreid. Uitgerekend op die onaantrekkelijke grauwe baggerlaag, die inmiddels weer vol dreigt te groeien met ruigte planten zoals riet, brandnetel en distels vond ik niet tientalen, niet honderden maar duizenden heldere oranje vlekjes. Bij nadere inspectie bleken dat paddenstoelen te zijn. En wel kleine oranje bekerzwammen. Een populaire naam van deze zwammen is kleine sinasappelschilzwam.

En ze zouden volgens de literatuur nog zeldzaam moeten zijn ook. Op deze plek zijn ze beslist net zeldzaam.

Bijzonder

Andere soorten die de winter kleur geven zijn bv de knalgele trilzwam men vaak andere bekerzwammen: de grote oranje bekerzwam groeit ook in de winter, net als de rode kelkzwammen. De rode kelkzwammen komen pas in februari en groeien op zwaar verteerde loofbomentakken. Tegen februari is er ook al weer meer kleur van een verscheidenheid aan bolgewassen. De sneeuwklokjes zijn daarvan het meest bekend. Maar wist u dat daar we meer dan 1000 soorten en variëteiten van bestaan. De eerste sneeuwklok die bloeit, is de reuzen sneeuwklok die al rond kerst bloeit. Een andere soort met helder gele bloemen is de winterakoniet. Die verschijnt in de loop van januari. Al deze soorten zijn in De Heimanshof en in het wandelbos te vinden.

Waar

De kleine sinaasappelschilzwam groeit bij voor keur op kale leem- of kleiachtige grond. Daar leeft hij van het organisch materiaal wat in de grond zit. Ik heb deze winterpaddenstoel niet alleen in het Wandelbos maar ook in Houtwijkerveld en in recreatiegebieden zoals Vrijschot gevonden.

 esdoorncombibomenEsdoorn2 dec 2016december

Esdoorn, 2 dec 2016

 esdoorncombi

Kenmerkend voor deze tijd van het jaar is dat de bladeren massaal afvallen. Vandaar de keuze voor een van de meest voor komende bomen: de esdoorn. De Veldesdoorn is een andere inheemse soort. Maar ook de Suikeresdoorn en de Noorse Esdoorn kunnen in de Haarlemmermeer worden aangetroffen, naast vele cultuur variëteiten. Alle esdoorns of ahorns hebben een handvormig ingesneden blad, dat meer of minder scherp ingesneden kan zijn. Alle esdoorns hebben ook kenmerkende ‘helicopter’ zaden, die zijdelings aan elkaar vast zittende en elk voorzien zijn van een vleugeltje, waarmee ze makkelijk door de wind verspreid kunnen worden ( foto onder). De gewone esdoorn is een van de soorten die zich het beste uit weet te zaaien. Elk jaar zaait een moederboom zich tienduizenden malen uit, vaak tot wanhoop van tuin - en boseigenaren. Bij ons onderhoud in het Wandelbos Hoofddorp en ook bv in Landgoed Groenendaal, bestaat 40- 80% van ons werk in het uittrekken of - steken van

zaailingen van de esdoorns. In Groenendaal hebben we inmiddels 15 ha ‘klaar’ en nog 75 ha (3 miljoen zaailingen van 2- 20 jaar oud) te gaan van ca 20 moeder bomen.

Bijzonder

Ook in de winter zijn bomen aan allerlei kenmerken goed te herkennen. De gewone esdoorn kenmerkt zich door dikke groene knoppen. De Noorse esdoorn heeft dezelfde dikke knoppen, maar die zijn roodbruin. Esdoorns kunnen ca 30 m hoog worden. Ze hebben ook last een speciale schimmelsoort, die aan het einde van de zomer bijna alle bladeren met zwarte 1 cm grote vlekken kleurt (foto boven). Dood gaat de boom er niet van. Esdoorns hebben een sterke sapstroom in het voorjaar. De suikeresdoorn ontleent zijn naam aan het feit dat het sap ervan wordt op gevangen om er al of niet alcoholische dranken te maken. Het bad van de ‘Maple’ vormt de vlag van Canada. De esdoorn komt er veel voor en kleurt in de herfst de bossen rood.

Waar

De gewone esdoorn komt heel veel voor in deze regio, maar is van oorsprong een zuid - en midden Europese soort. Er zijn ca 200 soorten esdoorns bekend, die vooral op het Noordelijk halfrond voorkomen.

 sstobbenzwampaddenstoelenStobbenzwam17 nov 2016november

Stobbenzwam, 17 nov 2016

 sstobbenzwam

Op een enorme wilg in De Heimanshof die dit jaar afgestorven is, vormden zich de afgelopen weken dichte clusters van grote bruine paddenstoelen, met een heel duidelijke ring op de steel. Ik kende de soort niet, maar in de dagen daarna zag ik ze opeens overal. Het bleek het stobbenzwammetje te zijn. Op onze wilg zaten er na een week wel 1500 en de groei gaat nog steeds door. Ook hoger op de stam beginnen ze te verschijnen en op ondergrondse wortels wat verder van de stam ook. Het is echt een indrukwekkend verschijnsel. Alles bij elkaar staan er nu al meer dan 50 kilo aan paddenstoelen.

Bijzonder

Nader onderzoek leert dat het stobbezwammetje ook eetbaar is en dat alleen de hoed gegeten wordt. Natuurlijk

hebben we dat geprobeerd en de smaak is iets bitter en een beetje scherp zoals radijs en hij ruikt zoet. Maar als er in een week tijd 50 kilo kan verschijnen is er vast wel een lekker recept mee te maken. Bij regen ontstaat er op de hoed een geleiachtige laag. De steel van het stobbenzwammetje heeft altijd een ‘strakke’ ring. Die ring is een overblijfsel van het vlies dat tijdens de groei in jonge toestand de hoed met de steel verbindt. Onder de ring is de steel donkerbruin en daarboven licht geel. Het stobben zwammetje moet niet verward worden met het niet eetbare zwavelkopje, een andere algemene paddenstoel of dode stammen. Deze is kleiner, helder geel met een contrasterende kleur op de punt. Zowel het zwavel kopje als het stobbenzwammetje zijn saprofytische soorten. Dat wil zeggen: ze maken de boom niet ziek of dood: bij een boom die dood is helpen ze bij de afbraak.

Waar

Het stobbenzwammetje is in Nederland zeer algemeen en groeit in dichte groepen op stobben en stronken van eik, els, berk en wilg.

 ggeleringboleetpaddenstoelenGele Ring Boleet20 okt 2016oktober

Gele Ring Boleet, 20 okt 2016

 ggeleringboleet

In deze tijd van het jaar komen er vele paddenstoelen tevoorschijn.

Veel mensen blijven door onbekendheid hangen in het vooroordeel dat ze wel giftig zullen zijn. Maar het helpt om een aantal grote groepen te leren onderscheiden, bolvormige stuifzwammen (bovisten), hoed vormende plaatjeszwammen (een bonte verscheidenheid) en buisjes zwammen (boleten), en staaf of plaatvormige soorten. Dan heb je soorten die de biomassa (hout, bladeren) verteren (saprofytisch), soorten die levende bomen kunnen ziek maken (parasitair) en soorten die samen werken met bomen (symbiotisch). Van deze laatste groep zijn de boleten het school voorbeeld. Een derde indeling is de eetbaarheid: ik ken misschien 500 soorten, verreweg de meeste daarvan zijn eetbaar, maar niet smakelijk (houtig, vezelig, etc), een 40 tal zijn lekker en maar een enkele zoals de aconieten heeft een giftigheid waar de meeste mensen zo bang voor zijn.

Bijzonder

De boleten springen er in alle indelingen uit. Ze hebben buisjes onder de hoek, zijn vaak zeer smakelijk en ze zijn allemaal symbiotisch. Die symbiose werkt als volgt: de schimmel kan bepaalde mineralen vooral uit arme grond wel opnemen en levert die aan de boomwortels (mycorrhiza) die daar voor suikers aan de schimmel levert. Zo kunnen deze bomen vitaal in zeer arme bodems groeien waar ze anders kwarrig zouden zijn.

Een aantal boleten zoals eekhoorntjesbrood en heksenboleet, heb ik al eens behandeld. Maar deze week verscheen er in De Heimanshof een heksen kring van een hele zeldzame soort: de gele ringboleet. Deze soort leeft uitsluitend samen met de lariks boom. En lariksen zijn er in dit deel van Nederland weinig. Die staan vooral in de droge zanderige streken. Maar er staan 3 lariksen op de heemtuin en die hebben ze weten te vinden. Ook de gele ringboleet is eetbaar. Alleen de hoed is zeer slijmerig en die laag kun je beter verwijderen. Een leuke eigenschap van veel boleten is dat ze bij beschadiging blauw kleuren.

Waar

De gele ringboleet is een beschermde zeldzame soort die uitsluitend bij larikswortels groeit en dus vaak op zandgrond. Maar het kan dus ook op de Haarlemmermeerse klei.

 bbuxusmotvlindersBuxusmot6 okt 2016oktober

Buxusmot, 6 okt 2016

 bbuxusmot

De natuur is permanent in beweging en in ontwikkeling. De laatste tijd speelt de mens daar een belangrijke rol is. Al honderden jaren introduceren we bewust planten en dieren die we overal op de wereld tegen komen, het zij als voeding- of siergewas of huisdier. En met het massale reizen, wat de mondiale economie met zich mee heeft gebracht, is dat is dat de laatste 20-30 jaar eufemistisch gezegd, niet minder geworden. Regelmatig blijken soorten die we van ver weg mee nemen zich tot een plaag te ontwikkelen. Iedereen kent wel voorbeelden zoals de nijlgans, de tijgermug, en de waterhyacint bv. De meeste tuinplanten zijn ook exoten. Een bekende tuinplant is het buxus struikje. Rond 2006 is met een zending buxusstruikjes uit China de busxusmot in Duitsland verzeild geraakt. En die mot of nachtvlinder is in een flink tempo Europa aan het veroveren (Duitsland 2006, Zwitserland en Nederland 2007, Engeland 2008, Frankrijk en Oosten

rijk in 2009, Italië 2013.Dennemarken 2013) . Vorige maand is deze mot ook voor het eerst in de Haarlemmermeer waargenomen en gefotografeerd door Lou vd Linden, die mij regel matig verrast met bijzonderheden.

Bijzonder

De Buxus mot maakt 2-3 generaties per jaar. Vraat aan de bladeren begint binnen in de struik. Daardoor wordt een aantasting vaak pas (te ) laat ontdekt als de grotere rupsen in steeds sneller tempo een struik ontbladeren. In zijn natuurlijke gebied heeft de soort natuurlijke vijanden, die de ontwikkeling van de aantallen in balans houdt. Dat is in Europa niet het geval. Alleen in Zuid- Frankrijk is per toeval eerder de Aziatische wesp geïntroduceerd, die de buxusmot op z’n menu heeft staan.

De buxusmot heeft een vleugelspanwijde van 4-4.5 cm en komt voor in twee kleurvariëteiten: een bijna geheel witte en een bijna bruine (Foto)

Waar

De busxusmot is inheems in Oost Azië en komt sinds zijn introductie in Duitsland in een groot gedeelte van West- Europa voor en werd dit jaar verschillende keren in Hoofddorp gemeld.

 vlaamsegaaimet_eikelvogelsVlaamse Gaai20 sep 2016september

Vlaamse Gaai, 20 sep 2016

 vlaamsegaaimet_eikel

De Vlaamse gaai is een vogel die het goed doet in de stedelijke omgeving. Oorspronkelijk was het een schuwe bosvogel net als de merel.

Het is een zeer alert dier, waarvan het waarschuwingsroep voor alle dieren in het bos een signaal is om op te passen. Een streek naam is dan ook de schreeuwekster. De naam Vlaamse gaai is wellicht een verbastering van de Franse benaming: gai flamant ( Gaai met de vlammende kleuren). De vogel is nl ook mooi gekleurd ( zie foto). Met name de blauwe veertjes op de vleugels zijn geliefd bij jagers als ornament op hun hoed of pet.

De Gaai is een alleseter: insecten, knoppen, eieren, slakken, noten, vruchten, etc. Er bestaan meer dan 40 ondersoorten van de Vlaamse Gaai. In Nederland is het een standvogel, maar uit noordelijke gebieden komen in de herfst en

winter trekvogels bij ons overwinteren.

Bijzonder

De Vlaamse Gaai heeft het vermogen om veel verschillende geluiden voort te brengen. Naast de krassnede waarschuwingsroep ook totaal onverwachte geluiden. De soort heef een zeer sterke snavel. Daarmee kan hij ook noten en eikels openhakken. Eikels vormen in hersft en winter een hoofdbestanddeel van zijn menu. Zodra in deze tijd de eikenbomen eikels beginnen te produceren breekt er voor de Gaai een drukke tijd aan. Behalve het eten van vele eikels verzamelt hij tot 9 eikels in zijn keelzak, die hij overal en nergens op zachte grond( dus liefst in gespitte tuinen en akkers ) in de grond stopt al wintervoorraad. Een deel van de eikels die hij vergeet ontkiemen tot een boom. Daarmee is de Vlaamse gaai een belangrijke bos bouwer uit de natuur en de voornaamste verspreider van de eik.

Waar

De Vlaamse gaai en een vogel die bos en tuinen als leefgebied prefereert en zich steeds meer aan de menselijke omgeving (steden en recreatie gebieden) aanpast. In Nederland zijn er meer dan 50.00 broed paren end e soort neemt toe. Wereld wijd komt de soort in heel Eurazië voor in beboste gebieden buiten de pool gebieden en de woestijnen.

 bbarnsteenslakkleine dierenBarnsteenslak26 aug 2016augustus

Barnsteenslak, 26 aug 2016

 bbarnsteenslak

Slakken zijn over het algemeen een ondergewaardeerde groep organismen. Wereldwijd bestaan er wel 70.000 soorten, onderverdeeld in zeeslakken, naaktslakken, huisjeslakken en zoetwater slakken. Ze hebben een zeer nuttige rol bij het opruimen van organisch materiaal. Hoeveel soorten er in Nederland voo komen kon ik niet vinden, maar alleen in De Heimanshof hebben we tussen de 60 en 70 soorten gevonden. Sommige daarvan zijn zo groot als een zandkorrel en de wijngaardlakken bv zijn met 50 g. flink uit de kluiten gewassen. Vandaag wil ik uw aandacht vragen voor een vrij algemene landslak, die toch weinig bekend is: de barnsteenslak. Het is een huisjesslak met een buitengewoon fragiele schelp, een kleur heeft die de naamgever aan barnsteen deed denken.Het is een 1-1.5 cm groot landslakje dat graag bij water en in vochtig

grasland leeft.

Bijzonder

Zoals de meeste slakken soorten is deze slak hermafrodiet: Alle exemplaren kunnen als vrouw en als man fungeren. Vreemd is dat er wel ruimte is voor mannelijke en vrouwelijk geslachtorganen in elk individu, maar dat door ruimtegebrek van de gedraaide schelp er wel een van 2 nieren verloren is gegaan. Veel slakken en ook de barnsteenslak zijn tussen gastheer voor parasitaire wormensoorten, die er een bijzonder ingewikkelde levenscyclus op na houden. Ze hebben nl naast de slak ook een andere soort nodig in hun levenscyclus. Bij de barnsteekslak is dat een soort die vogels nodig heeft om in de cloaca daarvan volwassen te worden. Deze worm heeft een curieuze manier gevonden om in vogels verzeild te raken. De wormpjes vormen clusters die zich ophopen zich op in de oogtentakels van de barnsteenslak en maken daar heftig pulserende bewegingen terwijl ze ook de slak naar gevaarlijke open plekken dirigeren. Daarmee trekken ze de aandacht van vogels, waardoor de wormen hun levenscyclus af kunnen maken.

Waar

De barnsteek slak leeft graag nabij water op land en komt in heel Europa voor buiten de poolcirkels

 hheelblaadjesplantenHeelblaadjes14 aug 2016augustus

Heelblaadjes, 14 aug 2016

 hheelblaadjes

Elke plant is in feite een soort chemische fabriek: elke soort maakt z’n eigen stoffenmix, met maar 1 doel! Ze willen niet opgegeten worden voor ze zaad hebben geproduceerd. Alle planten die we om ons heen zien hebben per definitie een strategie die voldoende werkt. Wel kun je allemaal verschillen zien in het succes. Ik vind dat fascinerend om zo naar de natuur te kijken: m’n favoriete plant in dit verband is boerenwormkruid. Die heeft zo’n goede cocktail van stoffen dat geen kever of rups er aan begint. Ook leuk is zeepkruid, die zeep maakt: ook niet lekker om in te bijten. Veel mensen denken dat al die stofjes er zijn voor de mens: we genieten van tijm, salie, munt, citroen, uien en noem maar op. Bij muntsoorten is te zien dat de strategie aan het instorten is; er is namelijk een keversoort gekomen, die dankzij het feit dat niemand er van at een tafeltje-dekje heeft gekregen

nadat hij zich over z’n weerzin tegen de muntsmaak heeft gezet. In De Heimanshof is goed te zien dat de meest muntplanten zwaar aangevreten worden.

Bijzonder

En dan heelblaadjes. Dat is een plant die in de Haarlemmermeer sterk in opkomst is en op dit moment massaal bloeit. Waarom heet die heelblaadjes: dat klinkt al medicinaal, maar je proeft er niets aan. Toch moet iets zijn. In Duitsland (en ook in het Latijn) heet deze soort vlooienkruid. Als je deze plant in de honden- of kattenmand legt, maken vlooien zich uit de voeten. Heelblaadjes hebben nl een antiseptische werking. In de tijd voor er pleisterfabrieken waren gebruikten mensen de blaadjes van deze plant om wondjes te verbinden( met een stukje wilgen bast om het vast te binden) Dit soort kennis is op grote schaal verloren aan het gaan. Maar in De Heimanshof kunnen we er uren over vertellen en de effecten laten zien. Dat kan bv op onze open dag zondag 21 augustus vanaf 11 uur .

Waar

Heelblaadjes houdt van vochtige plekjes, maar eenmaal aangeslagen kan het ook droog staan. Het komt in heel Europa en Klein-Azië voor.

 grotewolbijinsectenGrote Wolbij21 jul 2016juli

Grote Wolbij, 21 jul 2016

 grotewolbij

In de zomer wordt ik bijna elke week wel een keer gebeld door mensen die last hebben van wespen of bijen. Soms is zo’n telefoontje interessant omdat het een zwerm honingbijen betreft, die we kunnen vangen. In andere gevallen denken mensen dat wij een soort destructiebedrijf zijn om hun van een wespenvolk af te helpen. Dat doen we als natuurvereniging nooit. In weer andere gevallen blijkt het dat mensen niet het verschil weten tussen bijen en hommels. Ik kan dan ook niet vaak genoeg herhalen dat er ca 450 soorten bijen en duizenden soorten wespen zijn die allemaal ( behalve 2 of 3) volledig onschuldig zijn om dat ze niet eens een angel hebben! Honingbijen hebben nl alleen een angeltje om hun honingvoorraad (van soms 25 kg) te beschermen waarmee hun volk de winter mee door moet komen. De andere bijen zijn geen volkenvormende, maar alleen levende soorten, die zo weinig honing verzamelen dat het de

moeite van een angel niet eens waard is. En die soorten zijn fascinerend in hun verscheidenheid waarmee ze hun leven hebben ingericht. Recentelijk kreeg ik een mooie foto van zo’n fascinerende soort: de grote wolbij

Bijzonder

De meeste solitaire bijen benutten natuurlijke holletjes om cocons voor hun jongen te maken. Metselbijen gebruiken daarvoor klei, tronkenbijen maken van hars en zandkorrels een soort beton, behangersbijen maken veilige cocons met stukjes blad en wolbijen maken een prachtig huisje door haren af te knippen van soorten zoals toortsen. De grote wolbij is een van de 4 soorten in Nederland en is sterk territoriaal. Het mannetje verdedigd een territorium fel tegen andere soorten zodat vrouwtjes bij hem komen om nectar te halen. Terwijl ze dat doen kan hij met ze paren. Deze soort lijkt op een wesp, maar kan niet steken (mimicry). Mannetjes hebben wel stekels aan hun achterlijf, waarmee ze van andere soorten de vleugels kunnen beschadigen of zelfs afrukken.

Waar

De grote wolbij komt over een groot deel van de wereld voor in Eurazië en Noord en Zuid Amerika.

 hhermelijnvlinderrupsvlindersHermelijnvlinder rups16 jul 2016juli

Hermelijnvlinder rups, 16 jul 2016

 hhermelijnvlinderrups

Door een van mijn oplettende medespotters in de polder (Lou van der Linden) werd afgelopen week een groep van 40 vrij bijzondere rupsen waar genomen op de Geniedijk (zie foto). Lou is fotograaf en heeft en meer dan gemiddeld oog voor kleine details, waardoor hij zeer regelmatig met de meest bijzondere waarnemingen op de proppen komt. De hermelijnvlinder is een nachtvlindersoort die nu eens niet meer in het binnenland voor komt, zoals heel vaak, maar vooral in de kust provincies. De naam hermelijnvlinder dankt deze soort aan zijn wit met zwarte gestreepte camouflagetekening. Hoewel de meeste vlinders naar hun volwassen stadium worden genoemd is de rupsenfase vaak veel belangrijker en langer en duurt niet zelden jaren terwijl de vlinders soms maar 4-14 dagen leeft. Ook de hermelijnvlinder leeft maar kort en heeft geen monddelen omdat ze niet eet en alleen leeft van de reservestoffen

die de rups heeft opgeslagen. De vlinder is alleen het medium om snel te paren en eieren te leggen. De rups is met zijn lengte van 7 cm zeer groot en de vlinder mag er met een spanwijdte tussen 4 en 7 cm ook zijn.

Bijzonder

De hermelijnvlinder hoort bij de tandvlinders, een naam ontleent aan een of meer tandvorminge uitsteeksels die in rust op de rug uitsteekt. Er zijn ca 3200 soorten wereldwijd en in Nederland een stuk of 40. Een beruchte daarvan is is de eikenprocessie rups. De rups van de hermelijnvlinder is prachtig gekleurd. Bij bedreiging trekt hij zijn kop terug in binnen de rode rand en steekt een paar bewegelijke uitsteeksels op z’n achterlijf naar boven. De rups kan ook scherp bijtend mierenzuur weg spuiten ter verdediging. De rups leeft van wilgen of populieren soorten en overwintert in een zeer harde met hout verstevigde cocon. Er vliegt maar een generatie vlinders tussen april en augustus.

Waar

De hermelijn vlinder is een beschermde rode lijst soort ( kwetsbaar), die vooral in halfopen wilgen- en populierenlandschappen aan de kust voor komt.