bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Kool, 2 feb 2020

 kool

Kolen zoals boerenkool, spruiten, groene, witte, rode kolen, bloemkool en broccoli zijn winterharde groenten die al duizenden jaren in Europa gekweekt en verder veredeld worden. Hoewel nauwelijks meer herkenbaar als zodanig zijn ze allemaal gekweekt uit wilde kool en/of zeekool. Kelten en Turken begonnen daar al 5000 jaar geleden mee. Kolen zijn tweejarige planten. Het eerste jaar of seizoen maken ze een bladrozet. Daarmee drukken ze ernaast groeiende concurrenten weg. Vanuit dat bladrozet groeien ze daarna met de opgedane extra energie omhoog tot 2 meter oog en 1x1m breed. Ze zijn ook daglengte gevoelig. In maart gezaaide boerenkool bloeit na 2-3 maanden. Vanaf 21 juni gezaaid geeft grote planten die in mei na de winter bloeien. Van veel koolsoorten eten we die jonge bladeren, zoals bij boerenkool. Bij witte, groen en rode kool eten

we de enorme bladknop in dat rozet.

Bijzonder

Kolen zijn winterhard omdat hun wilde voorouders in deze regio groeien en het vermogen hebben om antivries aan te maken om vorstschade tegen te gaan. Dat antivries maken kolen in de vorm van suikers. Daarom wordt boerenkool pas na de eerst nachtvorst gegeten: dan zit er gewoon een zachtere zoete smaak aan. Om in september geoogste boerenkool in de vriezer te doen helpt dus niet, want de plant heeft een paar dagen nodig om die suikers aan te maken als hij de koude voelt aankomen. Bij spruiten is die zoete smaak nog sterker. Als je ze in de winter klaarmaakt net na het oogsten zijn ze echt zoet. Terwijl de bittere smaak die veel kinderen tegenstaat bij spruiten ontstaat doordat ze in de herfst machinaal geoogst worden en dan ’geconditioneerd’ worden opgeslagen. Tijdens die opslag worden die suikers gaande weg opgesoupeerd. Kolen bevatten een stof die preventief werkt tegen kanker.

Waar

Wilde kool kont oorspronkelijk uit zuid en west Europa in kalkrijke gebieden. Zeekool groeit langs de kust. Veredelde koolsoorten groeien overal op akkers en in groentetuinen.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur op Meijerslaan 17 in Heemstede.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 1 ] Ga naar 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 koolplantenKool2 feb 2020februari

Kool, 2 feb 2020

 kool

Kolen zoals boerenkool, spruiten, groene, witte, rode kolen, bloemkool en broccoli zijn winterharde groenten die al duizenden jaren in Europa gekweekt en verder veredeld worden. Hoewel nauwelijks meer herkenbaar als zodanig zijn ze allemaal gekweekt uit wilde kool en/of zeekool. Kelten en Turken begonnen daar al 5000 jaar geleden mee. Kolen zijn tweejarige planten. Het eerste jaar of seizoen maken ze een bladrozet. Daarmee drukken ze ernaast groeiende concurrenten weg. Vanuit dat bladrozet groeien ze daarna met de opgedane extra energie omhoog tot 2 meter oog en 1x1m breed. Ze zijn ook daglengte gevoelig. In maart gezaaide boerenkool bloeit na 2-3 maanden. Vanaf 21 juni gezaaid geeft grote planten die in mei na de winter bloeien. Van veel koolsoorten eten we die jonge bladeren, zoals bij boerenkool. Bij witte, groen en rode kool eten

we de enorme bladknop in dat rozet.

Bijzonder

Kolen zijn winterhard omdat hun wilde voorouders in deze regio groeien en het vermogen hebben om antivries aan te maken om vorstschade tegen te gaan. Dat antivries maken kolen in de vorm van suikers. Daarom wordt boerenkool pas na de eerst nachtvorst gegeten: dan zit er gewoon een zachtere zoete smaak aan. Om in september geoogste boerenkool in de vriezer te doen helpt dus niet, want de plant heeft een paar dagen nodig om die suikers aan te maken als hij de koude voelt aankomen. Bij spruiten is die zoete smaak nog sterker. Als je ze in de winter klaarmaakt net na het oogsten zijn ze echt zoet. Terwijl de bittere smaak die veel kinderen tegenstaat bij spruiten ontstaat doordat ze in de herfst machinaal geoogst worden en dan ’geconditioneerd’ worden opgeslagen. Tijdens die opslag worden die suikers gaande weg opgesoupeerd. Kolen bevatten een stof die preventief werkt tegen kanker.

Waar

Wilde kool kont oorspronkelijk uit zuid en west Europa in kalkrijke gebieden. Zeekool groeit langs de kust. Veredelde koolsoorten groeien overal op akkers en in groentetuinen.

 japanseduizendknoop2plantenJapanse Duizendknoop18 jan 2020januari

Japanse Duizendknoop, 18 jan 2020

 japanseduizendknoop2

Voor deze column laat ik mij meestal inspireren door wat er voor mijn voeten komt en dat is elke dag heel veel. Vandaag was ik in een van de MEERGroenprojecten in Heemstede een strook van 100 x 20 m totaal uit de hand gelopen Japanse Duizend knoop te maaien. De planten waren 3 meter hoog (foto) en de wortelstronken waren 10-15 cm dik en keihard verhout. En dan te bedenken dat die wortels tot 3 m diep doorgaan en dat elk stukje wortel wat in de grond blijft zitten weer uitloopt. Dat is nu wat je noemt een ongewenst kruid en een invasieve exoot. Veel mensen hebben die dingen gekocht en in hun tuin uitgezet. Nog erger is dat vanwege ondernemersrechten die dingen nog steeds verkocht worden in tuincentra. In Engeland is de soort totaal verboden en kun je je huis niet eens meer verkopen als die plant (nog) in de tuin groeit.

Bijzonder

De

Japanse duizendknoop komt hier niet vandaan en er zijn daarom geen insecten, schimmels of dieren die hem van nature eten, dus kan hij ongebreideld doorgroeien. En dat doet hij heel goed: onder bestrating door tot 7m ver weg en via zaden. Duizendknoopsoorten komen ook in Nederland voor, bv Perzikkruid en Veenwortel en ook die zijn heel lastig in je akker. Ook hun wortels groeien heel diep en de planten komen altijd weer terug tot 1m hoog. Toch heeft ook de Japanse duizendknoop wel wat. Hij is mooi om te zien, de jonge stengels zijn eetbaar als rabarber en het is een nectarplant voor bijen. Maar om hem onder controle te houden is bijna onbegonnen werk. Wat een beetje werkt, is vanaf april tot oktober elke 14 dagen maaien en wortels uitgraven zodat je hem uitput. En de enige definitieve oplossing is alle grond tot mogelijk 3 m diep afgraven en steriliseren met stoom, maar dat is nogal wat.

Waar

Ook in de Haarlemmermeer komt deze plant op allerlei plekken voor in wegbermen of vanuit tuinen, zelfs na 40 jaar terug dringen nog in de Heimanshof vanuit de tuin van de beheerder uit 1980.

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl.

 bamboeplantenBamboe20 dec 2019december

Bamboe, 20 dec 2019

 bamboe

Bamboe is zo hard als hout, maar het behoort tot de grassen familie. Bamboe is van oorsprong niet inheems, maar dat zijn konijnen, damherten, halsbandparkieten en nog veel meer soorten die zich hier prima handhaven ook niet. Van de ca 1500 soorten bamboe die er bestaan zijn er ongeveer 300 die het goed doen in het Nederlandse klimaat. Deze week waren we weer boompjes aan het verzamelen voor de boomweggeefactie en toen viel het me op hoe mooi groen opstanden van bamboe in de winter bleven in het verder kale landschap. Olifantsgras wordt al commercieel geteeld om biomassa vast te leggen en allerlei producten van te maken. Maar bamboe legt nog veel meer biomassa vast en fijnstof vast en lijkt me minstens zo bruikbaar voor van alles en nog wat. Door de dichtheid van de begroeiing legt een bamboeopstand 4x zo veel CO2 vast en 35 % meer fijnstof dan een bos bestaande uit

bomen. De soort waar ik tegen aan liep was wel 4-5 m hoog en die gaan we bv gebruiken om insectenhotels mee te vullen. Niet alle soorten zijn daar geschikt voor: sommige zijn te zacht en krimpen daardoor en andere hebben veel zijscheuten of zijn te dun.

Bijzonder

Bamboe is een van de snelst groeiende plantensoorten ter wereld. In de tropen kan een scheut van grote soorten wel 1,5 m per dag groeien. Maar ook in Nederland kan dat 25 cm per dag zijn. Bamboe bloeit afhankelijk van de soort na 30-150 jaar. Bijzonder is dat dan alle exemplaren van die soort tegelijk bloeien en daarna afsterven. De grootste bamboesoorten kunnen meer dan 40 m hoog worden. Doordat bamboe bestaat uit holle kokers met schotten is het een licht materiaal, wat tegelijkertijd sterk en buigzaam is. Het kan als bouwmateriaal gebruikt worden, maar ook om kleding, papier en bio plastic van te maken.

Waar

Bamboe groeit van nature in alle wereld delen behalve Europa (en Antarctica). In Nederland en de Haarlemmermeer wordt het daarom vooral in tuinen en parken aan getroffen.

 tammekastanjebomenTammeKastanje7 dec 2019december

TammeKastanje, 7 dec 2019

 tammekastanje

De bladeren zijn van de bomen, die daarmee in rust zijn. Dat is het startschot voor het verzamelen van zaailingen die we rond de nationale boomfeestdag (18 maart) bijna gratis weg gaan geven aan iedereen die zijn tuin of terrein natuurvriendelijk wil inrichten. Dat doen we al vanaf 2009. Dit jaar werken we toe naar ca 30.000 boompjes van ca 60 soorten. Maar we gaan dit jaar nog een stuk verder. Er is nl. grote zorg over de klimaatverandering, waar veel over vergaderd wordt, maar nog weinig aan gedaan. Eigenlijk is het wereldwijde ecosysteem al zo uit balans dat we te laat zijn als we nu pas beginnen. Maar er is altijd hoop. Met het planten van 100 miljoen km2 klimaatbos in 30 jaar zouden we 50-100 jaar tijd kunnen winnen. Maar dat moet dan wel een topprioriteit worden. Wij beginnen vast, ook in de Haarlemmermeer en met een paar 100.000 gratis zaailingen kan dat een stuk goedkoper dan normaal.

En met klimaatbos overal, in Park 21, Spaarnwoude, wegbermen en waar dan ook kunnen we ook voedselbossen, biodiversiteit, fijnstof vangen en nog veel meer doelen combineren. Met 2 van die doelen hangt de tamme kastanje nauw samen.

Bijzonder

Tamme kastanjes zijn nl eetbaar en lekker en het hout heeft de kwaliteit van tropisch hardhout waardoor het onbeschilderd 25 jaar buiten goed blijft. Wij hebben in 2 weken al 4000 boompjes en (fruit)struiken verzameld en de foto toont 2500 hazelnoten en 800 tamme kastanjes op te kweken. Wie doet er mee met opkweken en met het verzamelen van de 30.000 weggeefbomen en een paar 100.000 klimaatbosbomen?

Waar

De tamme kastanje komt oorspronkelijk uit Zuid-Europa en is hier al door de Romeinen ingevoerd. Ook in de Haarlemmermeer staan op veel plekken tamme kastanjes, bv bij de Sterrenschool (ex Bikube) die flink kastanjes produceren. Ze staan liefst op wat zandige grond en dat is er volop in deze polder die bestaat uit zandbanken en kleigeulen van een oude Waddenzee. En met de klimaatverandering wordt het weer hier steeds gunstiger voor ze.

 Biodiversiteitinpark2020_RansuilandersBiodivesiteit inPark 202023 nov 2019november

Biodivesiteit inPark 2020, 23 nov 2019

 Biodiversiteitinpark2020_Ransuil

Meestal behandel ik hier een soort die in de Haarlemmermeer voorkomt. Maar misschien is het ook wel eens interessant om aandacht te geven aan meerdere soorten die in een bepaald terrein ( ‘biotoop’) voorkomen. De aanleiding daarvoor is onze blijde verrassing over wat er de afgelopen jaren in ’ons’ kantorenpark P2020 is gebeurd. Meestal is het niet best gesteld met flora en fauna in bedrijventerreinen omdat de focus ligt op nette gazonnetjes en zo goedkoop mogelijk beheer. In Park2020 hebben we als MEERGroen de gelegenheid gekregen om een stukje bouwgrond wat meer aandacht te geven met een voedseltuin en bloemenweides.

Bijzonder

En het mooie van de natuur is dat er dan bijna meteen allerlei bijzondere soorten verschijnen. Zo zijn er allerlei soorten muizen en ook konijnen komen wonen ‘in het groen’ en daarop afgekomen zijn er bv een paartje vossen, bunzings en wezels, torenvalken,

een ransuil (foto) ‘om de natuurlijke balans’ in stand te houden. Op de bloemenweides komen talloze vlinders af waaronder de kolibrievlinder, atalanta, koolwitjes, citroenvlinders, dagpauwoog en dit jaar heel veel distelvlinders en niet te vergeten talloze solitaire bijen- en wespensoorten die ook van onze insectenhotels gebruik maken. Buiten onze voedseltuin geniet een slechtvalk van de duivenpopulatie en de hoge gebouwen, scholeksters en zwarte roodstaarten nestelen op de daken van kantoren en op de zaden van distels en kaardenbollen leeft jaarrond een groep van 20-30 putters (distelvinken), sijsjes, gewone vinken en nog wat andere soorten. Terwijl de gewone en de gele kwikstaart op het plaveisel en in de tuinen hun gading zoeken. Over de 50 kauwtjes die graag mee-eten van onze groenten en fruit zijn we minder tevreden. En zo zijn er nog talloze andere soorten, zowel planten en dieren. Zeer de moeite waard om een keer te komen bekijken.

Waar

Park2020 (‘twenty- twenty’ dwz ‘ het zit wel goed’) is bedoeld als het meest duurzame kantorenpark van Europa. Het ligt tussen station Hoofddorp en de Rijnlanderweg langs de busbaan en is van verre herkenbaar aan de kas.

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl.

 bessenglasvlinderinsectenBessenglasvlinder8 nov 2019november

Bessenglasvlinder, 8 nov 2019

 bessenglasvlinder

Bessenglasvlinder

Het insectenseizoen ligt al weer achter ons. In de zomer krijg ik zoveel meldingen, dat ik wel elke dag een column kan maken. Sommige waarnemingen zijn zo mooi of bijzonder, dat ik u deze niet wil onthouden. Zo kreeg ik begin september de bijgesloten foto van een van de meest actieve volgers van deze column (Janet Bakker uit Cruquius). Deze foto van de bessenglasvlinder is niet alleen bijzonder fraai. Het is ook weer eens een foto van een soort uit een groep waar ik zelfs nog nooit tegen aangelopen ben in 50 jaar: de wespvlinders. Iedereen kent wel dagvlinders en nachtvlinders, maar deze groep van dag actieve nachtvlinders met doorschijnende vleugels is niet erg bekend. In Nederland komen er 13 soorten wespvlinders voor en wereld wijd ca 1400.

Bijzonder

Wespvlinders zijn volledig

onschuldige nectar-eters zonder bijzonder verdedigingsmiddelen en zijn daardoor een makkelijk prooi van bv vogels. Het risico om al te veel als prooi opgepeuzeld te worden verminderen zij , net als veel ander onschuldige insecten( zoals zweefvliegen) door gebruik te maken van mimicry: ze hebben in de loop van evolutie een vorm aangenomen die lijkt op wespen. Daar hoort de tekening bij en de voor vlinders smalle en doorschijnende vleugels. De bessenglasvlinder heet zo, omdat zijn rups bijna alleen leeft op de planten van zwarte, rode en kruisbesstruiken. De rups van deze vlinder leeft 1 tot 4 jaar in het hout van deze bessenstruiken en is kaal waardoor hij op een vliegenmade lijkt.

Waar

De bessenglasvlinder komt in heel Europa voor maar niet in Noord-Scandinavië en niet op de Middellandse Zee-eilanden in Noord-Turkije , de Baltische staten, Wit-Rusland, de Oekraïne, het Europese deel van Rusland, Noord-Kazachstan en tot de Altaj. Met ribes struiken is de soort in de VS, Zuid-Canada, Zuid-Australië en Nieuw-Zeeland terecht gekomen. In Nederland wordt de soort weinig waargenomen. Feromoon(seks geurstof) onderzoek heeft uit gewezen dat de soort algemener is dan gedacht.

 blankeparasolzwampaddenstoelenBlanke Parasolzwam12 okt 2019oktober

Blanke Parasolzwam, 12 okt 2019

 blankeparasolzwam

Deze column die begon in 2006 heet eigenlijk ’Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer’. Het idee is om elke week of tegenwoordig 14 dagen een soort te behandelen van de ca 10.000 soorten die er in de Haarlemmermeer voorkomen. Inmiddels zijn er ca 650 soorten behandeld dus ik kan nog eeuwen doorgaan. Natuurlijk probeer ik zoveel mogelijk aansprekende soorten ’van het seizoen ‘te behandelen. Daarom was een paddenstoel, een keuze die zich in deze zeer natte en nog warme herfst nadrukkelijk opdrong. Er was keuze uit wel 40 soorten die ik deze week tegenkwam. Daaronder prachtige witte kluifjeszwammen, en een 20 tal reuzenbovisten, en geschubde inktzwammen maar die had ik al behandeld. De blanke parasolzwam was nieuw. Die stond vrij massaal in de compost van de voedseltuin op Park2020.

Bijzonder

Net

als de veel bekendere grote parasolzwam is de blanke parasolzwam eetbaar. De grote Parasolzwam groeit vooral (en massaal) op voedselarm zand in de duinen, maar kan daar wel 40 cm hoog en 30 cm in diameter worden. De blanke parasolzwam is veel bescheidener van omvang. De hoed wordt maximaal 10 cm in diameter. Verder is deze soort vrij zeldzaam, dus opeten is geen goed idee. Dat hebben we wel gedaan met een 3 kilo zware reuzenbovist (1 van 20 exemplaren). Die kun je inplakken snijden en bakken als een biefstuk zolang hij wit is (dat wil zeggen nog groeit en geen sporen aan het vormen is) . De blanke parasolzwam heet ook wel de blanke champignonparasolzwam. Maar het is geen champignon. Die hebben als enige geslacht altijd zwarte sporen waar ze duidelijk aan te herkennen zijn. Er zijn wel 20 soorten met een hoed van 10-40 cm in diameter. De blanke parasolzwam heeft witte sporen en bij rijping en als je de paddenstoel indrukt verkleurd hij een beetje roze.

Waar

De blanke parasolzwam groeit op zandige grond die wat rijker is door een pakket van humus. Dus ook wel in tuinen, zoals bij ons op de voedseltuin van park2020.

 bosspitsmuiskleine dierenBosspitsmuis28 sep 2019september

Bosspitsmuis, 28 sep 2019

 bosspitsmuis

Bosspitsmuis

Afgelopen weekend was het nationale burendag. Als MEERGroen hebben we daarbij bij 6 projecten onze buren uitgenodigd. Dat was in Heemstede een groot succes met ca 150 kinderen en volwassenen die appels kwamen plukken van onze boomgaarden om samen appeltaart en appelmoes te maken. Maar in de Haarlemmermeer voelde onze buren in het Oude Buurtje, Jansoniustereinen, Floriande en Overbos, Houtwijkerveld en Park2020 zich niet geroepen en bleven we overal steken op 10-15 vooral eigen mensen. Waar moet dan heen met de sociale cohesie in de Haarlemmermeer? Uit arren moede hebben we daarom maar het nodige aan werk verzet. En daarbij komt altijd wel iets bijzonders tevoorschijn. Op het Jansonius terrein bv een nest bosspitsmuizen(foto).

Bijzonder

De vijf meest voorkomende soorten spitsmuizen zijn de huis-, bos-, dwerg-, water- en veldspitsmuis. Spitsmuizen hebben een extreem hoge hartslag, van 600

tot 1200 slagen per minuut bij verhoogde intensiteit. Ze kunnen zich letterlijk doodschrikken. Ze leven relatief kort, maximaal 2,5 jaar. Van muizen is vaak niet bekend dat er herbivoren (vegetariërs) zijn zoals veldmuizen, met geribbelde kiezen zoals koeien en alleseters met knobbelkiezen net als wij, bv huismuizen. Spitsmuizen zijn de vleeseters onder de muizen(maar zijn eigenlijk geen echte muizen) . Ze eten insecten en wormpjes. Daarom hebben ze ook puntige tanden. Die van de bosspitsmuis hebben rode punten, waardoor ze er erg bloeddorstig uitzien. Spitsmuizen zijn de kleinste zoogdieren die er bestaan. Omdat ze zo klein zijn moeten ze enorm veel eten 2-3 x hun eigen gewicht per dag. Ze zijn daarom heel actief, maar ook erg agressief ook tegen hun soortgenoten.

Waar

Bosspitsmuizen komen niet alleen in bossen voor, maar ook in graslanden, vooral als die wat natter zijn zoals inde Jansonius natuurstrook. Bosspitsmuizen leven een groot gedeelte van hun leven onder het bladafval en onder de grond. ′s Winters blijven ze 80% van de tijd in hun ondergrondse holen.

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl. Alle columns vanaf april 2006 vindt u op www.stichtingmeergroen.nl

 veldwolfspininsectenVeldwolfspuin28 sep 2019september

Veldwolfspuin, 28 sep 2019

 veldwolfspin

De zomer gaat geleidelijk over in de herfst en dat is bij uitstek de tijd waarin spinnen duidelijk aanwezig zijn. Iedereen kent de kruisspin. Een van de veel webvormende spinnen. Maar er zijn wereld wijd wel 45000 soorten en in Nederland ca 700 soorten, die na een zomer jagen dik en volwassen zijn en overal eipakketen mee zeulen of in spinrag inbedden. Spinnen zijn geen insecten en ze onderscheiden zich daarvan o.a. doordat ze 8 poten hebben i.p.v. 6, dat ze geen antennes hebben en alle maal kunnen ze draden spinnen. Er zijn een grote groepen: de webvormende spinnen de springspinnen, vogelspinnen en mijten. De webvormende spinnen zitten in of bij hun web met kleverige draden waarmee ze prooien vangen. De springspinnen, waaronder de wolf spinnen jagen actief, zijn zeer bewegelijk en blijven niet in de buurt van een spinsel of nest. Vogelspinnen zijn zeer groot en komen niet in Nederland voor en mijten zijn juist zeer klein. Spinnen en mijten kunnen ook in water voorkomen. Deze week zag ik een klein actief wolfspinnetje van een mm of 5 rondscharrelen

(foto) Het met een panter of tijgerpatroon uitgeruste beestje bleek een veldwolfspin.

Bijzonder

De Veldwolfspin is een actief overdag jagende soort. Hij is daarvoor met 8 ogen uit gerust, 2 hoofdogen voor op de kop en 6 wat kleinere bij-ogen. De soort is extreem bewegelijk en dus moeilijk op de foto te krijgen en rent en springt bijna constant. Zoals bij alle spinnen is het mannetje kleiner dan het vrouwtje: 5 mm tov 8 mm. Maar het verschil is niet zo groot als bij veel andere spinnensoorten: bv de tijgerspin is het vrouwtje 1.5 cm en het mannetje een paar mm. De veldwolfspin jaagt vooral op kleine vliegjes, springstaarten en andere kleine insecten.

Waar

De veldwolfspin is een algemene soort die in graslanden en velden voorkomt . Liefst in een beetje vochtige omstandigheden. Hij komt in heel Europa, Rusland, Zuid Siberië en Turkije voor.

Correctie op Woudaapcolumn van 4-9: Het was geen Woudaapje, maar een Kwak (net zo zeldzaam!)

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl. Alle columns vanaf april 2006 vindt u op www.stichtingmeergroen.nl

 woudaap2bomenWoudaapje30 aug 2019augustus

Woudaapje, 30 aug 2019

 woudaap2

Ik woon naast langs de Geniedijk en houd sinds 1996 het Oude Dr Nanningazwembad ( 1935-1975) bij als groentetuin, heemtuin en cultuurhistorisch monument. Dit plekje is sowieso een ecologisch paradijsje met snoeken van meer dan een meter en de ijsvogel, groene specht, vleermuizen, libellen, roofvogels en nog veel meer als smaakmakers. Maar afgelopen week had ik er tot 2 x toe een wel zeer bijzondere ervaring. Een vrouwtje woudaap (foto) schoot op 2 verschillende dagen uit de oever tussen de bosjes vandaan en bleef in een geval wel 10 minuten op een paal midden in het water zitten. Inmiddels is deze dame verder getrokken, maar het zou goed kunnen dat er een broedgeval van de woudaap geweest is in bv de Groene Weelde. Het woudaapje is de kleinste reigerachtige die in Nederland voorkomt. Net groter dan een waterhoentje. De laatste keer dat ik een Woudaap

had gezien was in 1968!

Bijzonder

In die tijd waren er landelijk naar schatting nog 250 broedparen. Inmiddels is dat schrikbarend afgenomen tot niet meer dan 20 paren, verdeeld over heel het land en staat de soort hier als ernstig bedreigd in de boeken. Internationaal is het nog niet zo ernstig. Waarom deze soort niet geprofiteerd heeft van de drooglegging van de Flevopolders en de Oostvaardersplassen is niet bekend. De genoemde aantallen kunnen een onderschatting zijn, want het woudaapje leeft zeer verscholen. Zijn naam komt deels van zijn roep die een beetje klinkt als ‘wouw’, maar hij leeft ook in een moerasbos (‘woud’) waar hij zo handig als een aapje door de takken en de rietstengels klautert! Het mannetje woudaap is itt tot het bruin gestreepte vrouwtje ( schutkleur) een stuk opvallender met zwart en witte tekening die op de rug bijna roze is.

Waar

De woudaap broedt in Europa, West- en zuidelijk Azië, Afrika in rietmoerassen en zoetwateroevers. Vogels die in de gematigde klimaatzone van Europa en Azië broeden, trekken ′s winters naar het zuiden. Vogels die in de tropen broeden, zijn standvogel.

 distelvlinderinsectenDistelvlinder24 aug 2019augustus

Distelvlinder, 24 aug 2019

 distelvlinder

Vlinders behoren tot de insecten met de grootste aaibaarheidsfactor. En dat geldt dan vooral voor de dagvlinders. Er zijn een stuk of 20 dagvlindersoorten die nog redelijk veel voorkomen in de Haarlemmermeer en elk jaar te zien zijn. Van de 500 soorten dagvlinders die in Nederland voorkwamen is dat niet veel. De oorzaken van de achteruitgang zijn bekend: steeds minder ruige bloemenweides, het vroegtijdig maaien van de waardplanten (waar de rupsen van leven) en nectarplanten, versnippering van geschikte biotopen, steeds meer steen en asfalt, spuiten en vele vlinders vallen ook ten prooi aan autoverkeer. Maar er zijn ook vlinders die juist tegen de verdrukking in toenemen zoals de gehakkelde aurelia en het bont zandoogje. Vaak is de klimaatverandering daar mede debet aan. Af en toe is er ook een tijdelijk opleving van bepaalde soorten. Naast vlinders die lokaal blijven zijn er nl trekvlinders, die enorme afstanden af kunnen leggen en

soms in de vorm van invasies enorm talrijk kunnen zijn. 2 jaar geleden was dat het geval met de gele luzernevlinder en ook dit jaar is er zo’n invasie gaande. Dit jaar is dat de distelvlinder (foto).

Bijzonder

Net als de Atalanta (zwart met wit en oranje) is de Distelvlinder een trekvlinder. De vlinders die we in mei en juni al zagen, kwamen uit zuidelijk streken zoals de Sahel of het Midden Oosten. Daarbij worden ze geholpen door gunstige winden. Dat is lang niet altijd zo. In 2009 was de vorige invasie. In maart dit jaar waren er meldingen uit Israël dat er 700 miljoen tot 1 miljard distelvlinders noordwaarts trokken. Daarvan kwam een deel in mei en juni in Nederland aan. Mede door het warme weer toen hebben deze vlinders hier zoveel nakomelingen gekregen dat de distelvlinder nu de meest algemene vlinder hier is. Deze vlinders maken nu zoetjes aan de reis terug naar het zuiden. Voorwaar een enorme prestatie over een afstand van 6000 km of meer!

Waar

De waardplant van de distelvlinder is de distel. Voor nectar gebruiken ze alle bloemen. Als trekvlinder komen ze in grote delen van Eurazië en Afrika voor.

 wilgenwarvlechtbomenWilgenwarvlecht19 jul 2019juli

Wilgenwarvlecht, 19 jul 2019

 wilgenwarvlecht

In voorjaar en zomer komen er zo veel verrassende en nieuwe soorten op mijn pad, dat ik wel elke dag een column zou kunnen vullen. Het is dus niet moeilijk kiezen en we kunnen nog voor jaren vooruit. In de keuze van het onderwerp laat ik mij mede leiden door een afwisseling tussen planten, dieren, insecten en of er een leuk verhaal achter zit. En daar naast is het vanwege copyright ook essentieel dat ik er zelf een foto van kan maken. Dat probleem sluit een heel serie interessante zaken zoals de monniksgier die een paar weken geleden even boven de Haarlemmermeer zweefde uit. Jammer, maar helaas. Daarom deze week een makkelijk stil zittend onderwerp met een intrigerende naam: wilgenwarvlecht. Ik heb het al eens gehad over gallen en heksenbezems. De wilgenwarvlecht zit daar een beetje tussen in. Een heksenbezem ontstaat (meestal in een berk) omdat een schimmel een stofje produceert dat alle slapende knoppen wakker maakt. En de ca 1400 soorten gallen die in Nederland tot dusverre gevonden zijn, ontstaan omdat (met name)

galwespjes ontdekt hebben dat een stofje die zij maken het effect heeft van een plantenhormoon die de plant aanzet tot een zwelling die van binnen smakelijk is en van buiten hard: een perfecte plek om jonkies in groot te laten worden. Bijna elke plantensoort heeft wel 1 of meer gallen en de eik wel 40.

Bijzonder

Van de wilg is het wilgenroosje bekend: een gal in een bladknop, maar vandaag ontdekte ik een hele grote vertakte gal, wel 20 cm lang. Deze wordt niet door een galwesp veroorzaakt en ook niet door een schimmel, maar de wilgenbezemmijt. Een mijt is een klein spinnetje. Op dezelfde manier als bij een heksenbezem worden er veel extra hulpknoppen gevormd waar weer takjes uit groeien, bedekt met schubvormige blaadjes. Bij de meeste wilgen zijn deze warvlechten gedrongen. Bij de grijze wilg kunnen ze wel 40 cm lang worden ( zie foto: warvlecht op grijze wilg)

Waar

De wilgenwarvlecht komt in Nederland voor op schietwilg, geoorde wilg, geoorde kruipwilg, boswilg, grauwe wilg en kruisingen van deze soorten.

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl. Alle columns vanaf april 2006 vindt u op www.stichtingmeergroen.nl