bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Buxusproblemen?, 20 jul 2018

 buxusproblemen

Dit jaar heb ik bij het lopen voor collectes wel 1000 huizen, dus ook voortuinen bezocht. In wel 400 van die tuinen stonden buxusstruikjes. Hetzij solitair of in al-of-niet tuin dominerende heggen. En van die 400 buxuscreaties waren er nog ongeveer 5 intact groen. Bij navraag bleek dat meestal te gaan om mensen die de bui van de buxusmot hadden zien aankomen en met (veel) gif gestrooid hadden. De buxusmot invasie die nu zo’n 2 jaar aan de gang is heeft dus aardig om zich heen gegrepen. Ik durf mijn steekproef nauwelijks om te rekenen naar de impact in de hele Haarlemmermeer, laat staan heel Nederland.

Bijzonder

In De Heimanshof hebben we ook buxusstruiken, vooral als heggetjes in de klooster-/kruidentuin. Ook daar kwam vorig jaar de buxusmot in en ik had me als beheerder al verzoend met de gedachte dat het ook bij ons afgelopen zou zijn dit jaar. Maar

wie schetst mijn verbazing dat week na week verstreek en dat ondanks het ideale (warme en droge) buxusmotweer de heggetjes geen schade kregen en de aangetaste stukken zich zelfs herstelden. (foto). Dat vraagt natuurlijk om een verklaring. Het enige wat ik kan bedenken is dat in het normale stedelijke milieu de biodiversiteit redelijk tot zeer beperkt is, zeker waar de meeste tuinen bestraat zijn (ook niet erg goed voor het opvangen van de te verwachten hoosbuien en hittestress van de klimaatverandering die er in hoog tempo aan zit te komen). Maar in De Heimanshof hebben we een maximale biodiversiteit, zowel veel vogels (in aantal en soorten) en enorm veel insecten: zowel insecten die planten eten, maar ook heel veel soorten die andere insecten lusten. Daarom denk ik dat in een milieu met veel biodiversiteit zoals in De Heimanshof het probleem zich zelf oplost of niet de vorm van de catastrofe aanneemt zoals in de rest van het stedelijk gebied.

Waar

?

Graag hoor ik van andere plekken waar het buxus probleem niet optreedt. Wie weet komt daar een structurele oplossing uit. Maar meer gevarieerd ecologisch groen overal, lijkt me sowieso een aanrader.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 1 ] Ga naar 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 bomenWatercipres20 jan 2018januari

Watercipres, 20 jan 2018

 watercipres2

Op veel plekken in het straatbeeld staan naaldbomen, waarvan in de herfst, nadat ze prachtig rood gekleurd waren, de naalden afgevallen zijn.

Deze bomen bestaan uit 2 soorten, die een beetje lastig uit elkaar zijn te houden. Beide soorten hebben een stam die aan de basis extreem dik is en gaande weg smaller wordt (foto). De minst algemene is de moerascipres die uit de moerasgebieden van de Verenigde Staten komt. Als het goed is, zijn deze aan de waterkant geplant (wat niet altijd het geval is) en daar vormt deze zgn kniewortels: knolvormige wortels waar mee hij lucht hapt en zich verankerd voor overstroming. Dat gebeurt in de Everglades en de Mississippidelta nl maanden lang. En hij heeft een afgeronde kroon. De andere soort is de watercipres. En deze heeft meestal een spitse kroon (foto).

Bijzonder

De

moerascipres komt uit China en is familie van de Sequoia of mammoetboom. Van deze soort, die miljoenen jaren geleden ook in Nederland voorkwam, getuige vondsten in de steenkool van Limburg, was gedacht dat hij uitgestorven was. Totdat mensen hem in een dal in China pas in de 50-tiger jaren van de vorige eeuw ontdekten. Het is dus eigenlijk een levend fossiel. Al snel had men door dat de watercipres, omdat hij zo’n lange geschiedenis had, een zeer sterke ziektevrije soort was ,die ook nog eens ideale eigenschappen had voor aanplant in de bebouwde kom: mooie rood wordende naalden en wortels die bestrating en kabels en leidingen met rust lieten.

Waar

De oudste watercipressen die ik in de polder gevonden heb, staan in het Oude Buurtje in Hoofddorp, waarvan 2 in het plantsoen tegen de kruisweg bij de Geniedijk aan. Deze wijk is rond 1975 gebouwd en de bomen waren toen al een jaar of 10 oud. Dus ze dateren van minder dan 15 jaar na de ontdekking! De beste plek om het verschil tussen moeras- en watercipressen te bekijken is in de Japanse tuin van het Haarlemmermeerse bos. Langs het water staan (met kniewortels) de moerascipressen en hoger op langs het pad de watercipressen.

 paddenstoelenfluweelpootje6 jan 2018januari

fluweelpootje, 6 jan 2018

 fluweelpootjecombi

Dit is de tijd van de winterpaddenstoelen. In herfst en zomer schieten de paddenstoelen als rakketten uit de grond en zijn ook binnen een paar dagen weer weg. Die moeten dus heel snel hun sporen rijp laten worden. In de winter gaat alles veel langzamer. De winterpaddenstoelen zijn daarom ook maandenlang te bewonderen en de hebben lange tijd om zoveel mogelijk sporen te laten verwaaien. Vele winterpaddenstoelen zijn eetbaar. Dat geldt bv voor de Judasoor die je veel in Chinese gerechten vindt. Ze ontlenen hun naam aan hun oorvorm en de overlevering dat ze er groeien sinds Judas met z’n oor aan de scherpe punt van de afgebroken vliertak bleef hangen toen hij er uit schuldgevoel een einde aan wilde maken. Ze smaken zoals ze eruit zien: Een stevige bite van kraakbeen met een peperachtige nasmaak. Het fluweelpootje is ook een heel algemene winterpaddenstoel, die als delicatesse geldt in de horeca en zoetig smaakt. Vooral

de hoed. In Azië worden ze gekweekt zonder licht en zien ze er heel wit uit (inzet).

Bijzonder

Hoewel de hoed het lekkerst smaakt (ook rauw) bevat de wat taaiere steel eens immuunsysteem versterkende stof en het mycelium in het hout een werkzame stof tegen kanker. Fluweelpootjes smaken zoetig omdat ze een antivries aanmaken in de vorm van suiker. Dat komt ze goed van pas, want ze komen in de witter pas tevoorschijn na de eerst vorst en kunnen ook vorst goed verdragen. Pas recentelijk is ontdekt dat de makkelijk herkenbare soort toch complexer in elkaar zit. Op basis van sporenkenmerken zijn 3 soorten een variëteit onderscheiden.

De kweekversie van Fluweel pootje is door de NASA meegenomen in de ruimte om het effect van zwaartekracht te onderzoeken. In de ruimte werden de strak gerichte dichte bundels paddenstoelen een wirwar van steeltjes en hoedjes.

Waar

Fluweelpootjes zijn een onmiskenbare en algemene paddenstoel door z’n steel die met fluweel begroeid lijkt en in bundels voorkomt op dood en ziekloofhout van wilgen ,elzen, populieren e.d.(foto)

 paddenstoelenBruine Trilzwam19 jan 2017januari

Bruine Trilzwam, 19 jan 2017

 bruinetrilzwam

Hoewel in de nazomer en herfst de meeste paddenstoelen te vinden zijn, zijn er ook gedurende de winter genoeg soorten te vinden: oesterzwammen, fluweelpootjes en elfenbankjes staan overal. Het viel me daarbij op dat er vooral veel soorten trilzwammen te vinden zijn: zwarte, felgele trilzwammen en judasoren kende ik al en daar kwam deze week de bruine trilzwam bij. Die had ik nog nooit gevonden en groeide op een dode eikentak. Deze soort lijkt op een heel cluster judasoren bij elkaar.

Bijzonder

Trilzwammen hebben het vermogen om vocht op te zuigen bij natte omstandigheden en bij droge omstandigheden helemaal te verschrompelen. In vochtige omstandigheden groeit de paddenstoel en produceert hij sporen en dat proces valt stil in droge toestand. Dit opzwellen en verdrogen kan vele malen achter elkaar zonder dat

de paddenstoel afsterft. Dat staat in schril contrast met de gewone ‘hoeden vormende’ soorten die daarbij wel afsterven. Trilzwammen hebben meestal uitgebreide lobben en plooien. Daarmee vergoten ze hun oppervlakte en kunnen dan meer sporen produceren. De bruine trilzwam heeft dat proces van lobbenvorming het verst doorgevoerd. Nog een bijzonderheid aan trilzwammen is dat ze zelf in en op hout kunnen groeien maar daarnaast een parasitaire levenswijze kunnen hebben. Ze parasiteren dan op andere paddenstoelen zoals de gele trilzwam op korst zwammen (die voor hen het hout verteren) en de bruin trilzwam op het geslacht van elfenbankjes. Nog een interessante eigenschap van trilzwammen is dat ze vaak eetbaar zijn. Ze smaken echter zoals ze eruit zien: naar koud kraakbeen. Judasoren worden in de Chinese keuken in Tjap Tjoy verwerkt. Ze houden daarbij een goede ‘bite’ en smaken een beetje gepeperd.

Waar

De bruine trilzwam komt voor in loofbossen met beuk, eik en hazelaar begroeiing. De soort komt echter ook op andere loofbomen voor, zoals esdoorn, es, haagbeuk en linde. Soms komt de bruine trilzwam ook voor op sparren.

 bomenGele Kornoelje19 jan 2016januari

Gele Kornoelje, 19 jan 2016

 gelekornoelje

De Gele Kornoelje is een groot deel van het jaar een onopvallend struikje of kleine boom. Het is een zeer langzaam groeiende plant, waarvan het hout om die reden erg hard is. In maart doet de gele kornoelje zijn naam eer aan. Voordat er blad aan zit en voordat andere bomen en stuiken in blad komen, wordt het hele struikje knalgeel van de bloesem (foto). Ik zou deze column dus eigenlijk in maart moeten schrijven, maar ik doe het nu omdat door het vreemde weer van deze winter de gele kornoeljes al sinds de eerste week van januari in bloei zijn gekomen. Ik hoop dat ze die bloei tot in maart volhouden. Ook in september is de struik weer opvallend: uit de bloesem komen namelijk eetbare vruchten. De hele struik kan dan rood zijn. Ze zijn wat zuur, maar er kan jam en sap van worden gemaakt.

Bijzonder

De naamgeving van de kornoelje familie is wat bizar.

De gele kornoelje heet geel vanwege zijn bloesem. De rode kornoelje die in Haarlemmermeerse bossen een plaagplant is, heeft echter geen rode bloemen, maar witte. Deze heet rode kornoelje omdat zijn groene takken in de winter rood kleuren. Wel niet zo rood als de Japanse sierkornoelje, maar toch. Zijn zwarte bessen zijn niet eetbaar voor ons mensen, maar wel voor vogels. En wat voor bloesem zou de witte (sier) kornoelje hebben: ook wit. Want deze struik heet wit om dat hij witte bessen heeft. De gele kornoelje staat graag op kalkhoudende grond, dus dat past wel bij de Haarlemmermeer. Hij is in Nederland zo zeldzaam dat hij op een wettelijke bescherming geniet en op de zogeheten rode lijst staat als ‘zeldzaam, maar stabiel’.

Waar

Er stonden een paar prachtige gele kornoeljes langs de Hoofdvaart in Hoofddorp. Maar die zijn het afgelopen jaar gesneuveld. De enige gele kornoeljes die ik ken in de Haarlemmermeer, staan in De Heimanshof en in het bomenpad van het Haarlemmermeerse bos. Gele kornoelje komt in een groot deel van Europa tot ver in Turkije van nature voor. De struiken groeien in en langs randen van bossen.

 insectenBlauw Munthaantje14 jan 2016januari

Blauw Munthaantje, 14 jan 2016

 munthaantje

Elke plant (en dier) probeert zo effectief mogelijk te overleven. Daartoe hebben ze een heel arsenaal aan ′trucs′ ontwikkeld. Het zijn al die trucs die de natuur zo interessant maken, als je er op gaat letten. Heel veel van mijn columns gaan over die fascinerende mechanismen. Deze week wil ik het hebben over de chemische oorlogvoering. Elke plant en misschien wel elke cel is een soort chemische fabriek. Heeft u zich wel eens afgevraagd waarom er zo veel al of lekker geurende planten zijn: sommige ruiken naar citroen, sommige naar munt, sommige naar ui en zo zijn er duizenden geuren ( en smaken) te onderscheiden, waar wij als mens ons voordeel mee doen. Veel van die stoffen zijn etherische oliën of alkaloïden. Planten maken die stoffen niet voor ons plezier maar omdat die stoffen bewezen hebben, dat ze effectief zijn tegen vraat. Insecten houden niet van de smaak, en

de effectiviteit van de chemische fabriek in die plant valt af te lezen aan de mate waarin bladeren van deze planen niet zijn aangevreten. De natuur zou echter de natuur niet zijn als er niet een beest vroeg of laat ontdekt dat er een tafeltje dekje voor hem klaar ligt als hij zijn tegen zin m.b.t. die bepaalde smaak of geur overwint. Het klassieke voorbeeld daarvan is de Jacobsvlinder die het gif van zijn waardplant op weet te slaan en daarmee zelf oneetbaar wordt. Een ander voorbeeld is het munthaantje, dat gespecialiseerd is in het eten van muntsoorten.

Bijzonder

Het munthaantje is een opvallende fel blauwe kever (foto) die van maart tot september aan te treffen is op populaties van muntplanten. In de Heimanshof staan veel muntsoorten en de munthaantjes die daar altijd in grote aantallen op aan te treffen zijn, vormen een groot succes bij kinderen die in de tuin op bezoek komen. Het munthaantje en zijn larven leven van de bladeren van verschillende muntsoorten.

Waar

Het munt haantje is algemeen in Nederland. Op sommige plaatsen kan hij zich tot een plaag ontwikkelen.

 paddenstoelenRode kelkzwam14 jan 2016januari

Rode kelkzwam, 14 jan 2016

 rodekelkzwam

In de winter is het niet alleen wat frisser, de kleuren buiten zijn ook minder uitgesproken. Daarom is het extra leuk dat er ook midden in de winter vrolijk stemmende kleurige verschijnselen zijn te vinden, die een wandeling of zelfs een hele dag kunnen opvrolijken. Recentelijk noemde ik al de heldergele Gele trilzwam. Winterpaddenstoelen hebben een manier weten te vinden om midden in de winter te groeien: dat gaat wel langzamer maar ze hebben weken of zelfs maanden om hun sporen te verspreiden. En blijkbaar is dat een goede overlevingsstrategie. Deze week kwam ik de mooiste kleur die je in de winter kan vinden tegen in het wandelbos Hoofddorp: het scharlakenrood van de rode kelkzwam.

Bijzonder

Rode kelkzwammen zijn echte winterpaddenstoelen. Ze verschijnen als het koud wordt, soms al in november, en verdwijnen medio maart. Hoewel de vruchtlichamen slecht tegen droogte kunnen, is uit experimenten gebleken dat het mycelium daar wel goed tegen kan en zelfs

tot tien jaar later onder gunstige omstandigheden weer vruchtlichamen produceert. Het lijkt erop dat kelkzwammen nog levende takken infecteren waarbij het houtweefsel gedurende gunstige (vochtige) perioden verteerd wordt. Pas nadat de takken afgevallen zijn en permanent in een vochtige omgeving liggen, waarbij ze vaak bedekt raken met mos, beginnen zich op de takken vruchtlichamen te vormen. Daarna gebeurt dit ieder jaar opnieuw totdat de tak volledig verteerd is.

Slakken, springstaarten en insectenlarven eten er graag van. Wellicht speelt de rode kleur een rol in het lokken van deze dieren. Zodra het weer wat opwarmt, zullen de kelkzwammen als sneeuw voor de zon verdwijnen.

Waar

In Nederland komen 2 soorten rode kelkzwammen voor. De Krulhaarkelkzwam die we ooit in De Heimanshof gehad hebben, heeft een voorkeur voor rottend elzen- of essenhout. De Rode kelkzwam in het wandelbos is een stuk zeldzamer en heeft een voorkeur voor rottend essenhout.

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl. Persoonlijk kunnen wij u te woord staan op werkdagen bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp. Alle columns vanaf april 2006 vindt u op www.stichtingmeergroen.nl

 andersMuurschotelkorst5 jan 2016januari

Muurschotelkorst, 5 jan 2016

 mmuurschotelkorst

In deze herfstige periode verliezen de bomen hun bladeren, trekken de grassen en kruiden zich terug in de grond . Maar om ons heen is er nog steeds van alles te zien, dus er is volop gelegenheid om buiten te genieten: van paddenstoelen, van trekvogels zoals koperwieken, kramsvogels, ganzen en houtsnippen die massaal door trekken , maar ook van prachtige kleine planten die in de zomerse overvloed niet op vallen zoals mossen en korstmossen. Deze kleine plantjes en vooral korstmossen zijn bestand tegen extreme temperaturen en groeien juist s ’winters gewoon door. Omdat ze klein zijn kunnen ze alleen op kale oppervlakten groeien zoals steen of schors. Korstmossen zijn eigenlijk niet een soort, maar 2: het zijn schimmels die al miljoenen jaren geleden het concept landbouw hebben uit gevonden: de schimmel ’houden de algen die ze vasthechten en beschermen tegen uitdrogen en in

ruil krijgen ze voedingsstoffen terug. De schimmel en de alg kunnen ook los voor komen. Alleen onder extreme voedselarme omstandigheden kunnen ze niet zonder elkaar; het wordt wel eens ene honger verbond genoemd. De korstmos plakkaten groeien zeer langzaam: soms maar 1 mm per jaar. Er zijn korst vormige korstmossen, maar ook rechtopstaande en hangende soorten zoals als rendiermos en baard mos.

Bijzonder

Een van de meest algemene korstmossen op steen is muurschotelkorst. . De foto is gemaakt op de basaltkeien van het Haarlemmermeerse Bosmeer. Korstmossen zijn zeer gevoelig voor de zuurgraad van stenen en schors. Te basisch vinden ze niet lekker ( beton en cement) en te zuur ook niet (klinkers) Op oude stenen gedijen ze beter. Op bomen komen vaak specifieke soorten voor. En veel soorten zijn erg gevoelig voor luchtvervuiling. Ondanks de grote dynamiek en fijn stof in de lucht in Nederland is er overal volop van prachtige korstmossen soorten te genieten als je er eenmaal oog voor hebt.

Waar

Muurschotelmos is een zeer algemeen korstmos, dat vooral op onbelopen stenen voor komt.

 insectenRamshoorn­gal­we­sp­pa­rasiet24 jan 2015januari

Ramshoorn­gal­we­sp­pa­rasiet, 24 jan 2015

 Ramshoorngalcomb1

Al 8 jaar mag ik u eerst wekelijks en nu 2-wekelijks van de HC op de hoogte houden van de verbazingwekkende flora en fauna in onze polder.

In augustus 2008 kon ik u melden dat de EU-eenwording ook ecologische invloeden had: met vrachtwagens was uit Hongarije en omstreken de ramshoorngalwesp meegelift.

Tot 1990 was de Ramshoorngalwesp bekend van Oost-Europa tot Iran.

Vanaf 1990 heeft de Ramshoorngalwesp zich naar West-Europa uitgebreid. In het jaar 1990 komt de eerste waarneming uit Duitsland. In de omgeving van London was de eerste waarneming in 1998, nog voor het eerste exemplaar in Nederland (2003), in Diemen werd gezien.

In Nederland heeft zich deze galwesp vooral in het zuiden van Noord-Holland en in Zuid-Holland sterk uitgebreid en

is nauwelijks in Oost-Nederland te vinden.

In De Heimanshof was de eerste gal in de zomer van 2008 op een jonge zomereik.

Bijzonder

Nieuwe soorten kunnen zich vaak snel ontwikkelen omdat ze geen vijanden hebben. Hoe snel de natuur zich soms kan aanpassen, bleek deze winter toen de galwespjes in hun ’veilige’ gallen opgepeuzeld bleken: De vrouwtjes van zogenaamde bronswespen (foto) kunnen met hun sprieten waarnemen waar de larve van de galwesp in de gal zit. Ze boren met hun legboor dan door de buitenschil van de gal en leggen een ei in de galwesplarve. Zodra de parasiet uit het ei kruipt, wordt de galwesplarve opgepeuzeld. Bij kweekexperimenten bleek dat in de late herfst zowel wijfjes als mannetjes van de parasitaire bronswesp Sycophila biguttata uitkwamen.

Ramshoorngalwespen zelf zijn ook bijzonder. Zij kennen twee generaties per jaar die elk een andere soort eik nodig hebben; de moseik of Turkse eik en de inheemse zomereik. In de Wieger Bruinlaan groeien moseiken en overal staan zomereiken. Uit de gallen op de zomereik komen alleen vrouwtjes, uit de gallen op de moseik komen mannetje en vrouwtjes.

Waar

De parasitaire bronswesp komt overal in Europa en West-Azië voor waar ook de Ramshoorngalwesp aanwezig is.

 paddenstoelenGebakken Kip zwam4 jan 2015januari

Gebakken Kip zwam, 4 jan 2015

 Gebakken-Kip_Lyophyllum_decastes

Een halve hek­senkring van grote (12 cm) pad­den­stoe­len op een gazon vlak bij De Heiman­shof (foto) zette mij op een speur­tocht met ver­rassende resul­taten, die ik graag met u deel.

Mijn eerste indruk vanaf de weg was dat het een soort wilde champignon leek, waar­van som­mige soorten wel 25 groot kun­nen wor­den. Maar de eerste inspec­tie sloot dat al uit. Alle champignons hebben zwarte sporen en een ring (velum) om de stam. En deze exem­plaren had­den geen ring en de plaat­jes onder de hoed waren maagdelijk wit.

De vol­gende stap is dan om alle pad­den­stoe­len gid­sen er bij te nemen. Daar kwa­men als optie Gordi­jnzwammen uit naar voren. Gordi­jnzwammen hebben net als deze soort laag afhangende en brede plaat­jes en er blijken wel 180 soorten van te bestaan. Maar alle­maal hebben ze bru­ine sporen. Als de pad­den­stoe­lengid­sen geen uit­sluit­sel

geven is Pro­fes­sor Ernst mijn geheime wapen. Deze pro­fes­sor waar ik in 1980 bij afges­tudeerd ben heeft toe­gang tot netwerken waar micro­scopis­che details uit­sluit­sel geven. Hij kwam de weten­schap­pelijke naam van deze zeer algemene en grote soort die geen Ned­er­landse naam heeft, maar in Amerika Gebakken kip zwam heet. Deze soort heeft nl witte ronde sporen, ter­wijl de enige Gordi­jnzwam met wit­tige sporen appelvormige sporen heeft.

Bij­zon­der

De naam geeft al aan dat het een eet­bare soort is. De smaak van de verse hoed doet aan radijs denken. In Azië wordt deze soort mas­saal gek­weekt en zeer gewaardeerd in purees en soepen. In het westen is dit min­der. Met de juiste kruiden smaakt de hoed naar gebakken kip en de robu­uste stam wordt of vers­maad of ook in gepureerde vorm ver?w?erkt?.De weten­schap­pelijke naam van de gebakken kipzwam is Lyophyl­lum decastes, omdat hij opval­lend vaak in clus­ters van 10 exem­plaren voor schi­jnt de komen; deca is 10 in het latijn.

Waar

Deze soort komt bij voorkeur op ver­sto­orde gron­den voor, waar hij organ­isch mate­ri­aal ver­teerd. Waar hij voorkomt is het meestal in zeer grote aantallen.

 paddenstoelenGekraagde Aardster5 jan 2014januari

Gekraagde Aardster, 5 jan 2014

 gekraagdeaardster

De natuur lijkt in rust in de winter, maar niets is minder waar.

Voor de goede waarnemer is er volop activiteit waar te nemen.

Zo zwerven er miljoenen wintergasten door ons land die overleven op de bessen en grassen van onze rijke rivierdeltagronden.

In de bossen is het al een gekrioel van planten. Dat komt omdat de bosplanten hun levenscyclus rond moeten hebben voor het bladerdek van de bomen gesloten is. Dat is goed te zien in De Heimanshof waar nu al weer 3 soorten planten bloeien en 40 soorten stinsenplanten zich massaal uit de strooisellaag omhoog werken. Dat doen ze vanuit reservestoffen in bolletjes en wortelstokken.

Spiedend naar de bolletjes valt ook op dat er ook gedurende de winter nog veel paddenstoelen te vinden zijn: bv judasoren en vele soorten elfenbankjes, kogelzwammen en opvallende gele

trilzwammen. De meest curieuze zwam die plaatselijk algemeen uit de strooisellaag tevoorschijn komt, is de gekraagde aardster.

Bijzonder

De gekraagde aardster is een zogenaamde buikzwam, die verwant is aan de bovisten. Deze soorten maken bolvormige vruchtlichamen die grotendeels verstuiven in de vorm van sporen.

De gekraagde aardster barst in 2 niveaus open.

De buitenste wand is heel dik en barst in de vorm van een ster open, waarmee hij zich naar boven drukt uit de strooisellaag.

Daarbij komt een 2-5 cm dikke bol vrij met een heel dun velletje, waarin bovenin een gaatje valt. Door regendruppels en dieren die er op stappen, worden de rijpe sporen in dit bolletje als een soort vulkaan explosie weggeblazen. (Zie foto). Heel leuk voor kinderen (en volwassenen) om eens te proberen. Veel bovisten zijn eetbaar zolang de sporen niet rijp zijn. Van de gekraagde aardster is dit niet zo bekend, want hij drukt zich pas boven de grond uit als de sporen rijp zijn. De sporen werden in traditionele geneeskunst gebruikt om ontstekingen en bloedingen tegen te gaan.

Waar

De Gekraagde Aardster komt wereld wijd voor in gematigde streken. In de Heimanshof staan veel exemplaren.

 bomenLinde (3)28 jan 2013januari

Linde (3), 28 jan 2013

 linde3

Lindenhout is een houtsoort die zich zeer goed leent voor houtsnijwerk, draaiwerk en beeldhouwwerk, omdat het vrij zacht is, een fijne nerf heeft en gelijkmatig is opgebouwd. De linde van Sambeek wordt vaak de oudste boom van Nederland genoemd. Of dat waar is, kan niemand met zekerheid zeggen, want de bepaling wordt bemoeilijkt doordat de boom hol is en er dus geen jaarringen geteld kunnen worden. Wel is zeker dat deze boom een van de oudste van Nederland is. De boom zou 1000 jaar oud zijn, maar deskundigen houden het op 400- 500 jaar. Het is in elk geval de dikste linde van Nederland, met een stamomvang van 775 cm. Oorspronkelijk was het een etagelinde, in drie etages. In 1901 zijn de bovenste twee etages gesneuveld. In het centrum van de holle stam is een nieuwe stam gegroeid uit het

oude wortelstelsel; dit is inmiddels zelf weer een forse boom van circa 2,5 m. omtrek.

Waar

Er bestaan ca 25 soorten lindes wereldwijd, die vooral voorkomen op het noordelijk halfrond in Europa, Noord-Amerika en Azië. De kleinbladige en de grootbladige linde komen van nature in de Benelux voor. Linden gelden als een van de grootste loofboomsoorten en heeft zijn biotoop van nature met name in beekdalen. Mooie voorbeelden van de Winterlinde of kleinbladige linde (op foto: links) staan in het Generaal Snijdersplantsoen in Badhoevedorp. Zomerlindes of grootbladige lindes (op foto: rechts) zijn aangeplant in het oude centrum van Hoofddorp (Fortweg, Managelaan, Terveen laan, etc) en Gewone lindes (op foto: midden) staan daar vlak bij langs de Hoofdvaart. Krimlindes zijn aangeplant op kerkhof Iepenhof. De dikste en mogelijk dus oudste linde van de polder staat bij de boerderij aan de Schipholweg 569. Een van de 6 daarvan is bijna 3 m in omvang. De meeste andere oude lindes zijn 2- 2.5 m in omvang. Een boom die ook deze omvang benadert staat in het Wandelbos van Hoofddorp. In de loop van 2013 en 2014 zullen de ca 20 routes langs monumentale en bijzondere bomen door de gehele polder uitkomen.

 bomenLinde (2)20 jan 2013januari

Linde (2), 20 jan 2013

 linde2

Kenmerkend voor lindebomen is de krans van wortelopslag rond de voet van bijna elke boom. De lindeboom werd bij de Kelten en de Germanen gezien als heilige boom. De geest van de linde gold als beschermer voor huizen, bronnen en kerken. Ook later werd de lindeboom als ′goede boom′ beschouwd. Huwelijken werden gesloten onder de linde. Duimen van de geliefden werden dan in de bast gedrukt.

De linde wordt veel gebruikt als leiboom. De boom vormt een dicht bladerscherm dat in de zomer verkoeling biedt. Lindes worden veelvuldig aangeplant als herdenkingsboom. De dikste herdenkingsboom staat op de Geniedijk, kruising Spieringweg. Deze Wilhelminaboom (foto) is in 1923 geplant tgv het 25-jarig regeringsjubileum van Wilhelmina. Jongere gedenklindes staan in vele parken en gazons.

Bijzonder

In

juni bloeit de linde rijkelijk en wordt door bijen en hommels bestoven. Voordat riet- en bietsuiker rijkelijk beschikbaar kwam, was honing de belangrijkste zoetstof. De linde was de grootste producent van honing. Door voedselconcurrentie kunnen onder laatbloeiende lindebomen, vooral onder alleenstaande bomen, veel dode hommels liggen. Hommels verhongeren doordat er meer energie bij het rondvliegen verbruikt wordt dan er in de vorm van nectar verzameld kan worden. Het verhaal dat bv koningslinden giftig zouden zijn is hierop gebaseerd maar klopt niet. Van de bloemen van de linde kan kruidenthee gemaakt worden, ook wel tilleul genaamd, de Franse naam voor linde.

De linde kan zeer veel last hebben van de lindebladluis. De zilverlinde heeft hier echter weinig last van. De lindebladluis scheidt honingdauw, een suikerhoudend vocht, af, waarop weer schimmels zoals roetdauw groeien. Insecten zoals mieren en bijen oogsten deze ′bladhoning′ ook. De honingdauw kan voor zeer veel overlast zorgen (op geparkeerde auto′s bv). Gemeenten plaatsen om dit tegen te gaan soms zakjes met gekweekte lieveheersbeestjes. Jammer genoeg verdringen de gebruikte buitenlandse soorten nu onze inheemse soorten.