bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Buxusproblemen?, 20 jul 2018

 buxusproblemen

Dit jaar heb ik bij het lopen voor collectes wel 1000 huizen, dus ook voortuinen bezocht. In wel 400 van die tuinen stonden buxusstruikjes. Hetzij solitair of in al-of-niet tuin dominerende heggen. En van die 400 buxuscreaties waren er nog ongeveer 5 intact groen. Bij navraag bleek dat meestal te gaan om mensen die de bui van de buxusmot hadden zien aankomen en met (veel) gif gestrooid hadden. De buxusmot invasie die nu zo’n 2 jaar aan de gang is heeft dus aardig om zich heen gegrepen. Ik durf mijn steekproef nauwelijks om te rekenen naar de impact in de hele Haarlemmermeer, laat staan heel Nederland.

Bijzonder

In De Heimanshof hebben we ook buxusstruiken, vooral als heggetjes in de klooster-/kruidentuin. Ook daar kwam vorig jaar de buxusmot in en ik had me als beheerder al verzoend met de gedachte dat het ook bij ons afgelopen zou zijn dit jaar. Maar

wie schetst mijn verbazing dat week na week verstreek en dat ondanks het ideale (warme en droge) buxusmotweer de heggetjes geen schade kregen en de aangetaste stukken zich zelfs herstelden. (foto). Dat vraagt natuurlijk om een verklaring. Het enige wat ik kan bedenken is dat in het normale stedelijke milieu de biodiversiteit redelijk tot zeer beperkt is, zeker waar de meeste tuinen bestraat zijn (ook niet erg goed voor het opvangen van de te verwachten hoosbuien en hittestress van de klimaatverandering die er in hoog tempo aan zit te komen). Maar in De Heimanshof hebben we een maximale biodiversiteit, zowel veel vogels (in aantal en soorten) en enorm veel insecten: zowel insecten die planten eten, maar ook heel veel soorten die andere insecten lusten. Daarom denk ik dat in een milieu met veel biodiversiteit zoals in De Heimanshof het probleem zich zelf oplost of niet de vorm van de catastrofe aanneemt zoals in de rest van het stedelijk gebied.

Waar

?

Graag hoor ik van andere plekken waar het buxus probleem niet optreedt. Wie weet komt daar een structurele oplossing uit. Maar meer gevarieerd ecologisch groen overal, lijkt me sowieso een aanrader.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 9 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 andersGallen10 sep 2007september

Gallen, 10 sep 2007

 gallenlensgaldetail

Augustus is een goede tijd om eens op gallen te letten. Gallen zijn woekeringen op planten (meestal bomen) die veelal veroorzaakt worden door galwespen. Het doel is om hun larven bescherming en voedsel te bieden. 75 % van alle gallen komt voor op berken, populieren, wilgen, pruimen en vooral op eiken. In het Nederlandse gallenboek worden ruim 1400 soorten gallen besproken. Gallen ontstaan omdat galwespen en hun larven hormonale stoffen uitscheiden, die de plant aanzetten tot die woekering. Bekende gallen zijn de lensgal, aardappelgal (op eikenblad), de ananasgal (eikenbladknop) de knoppergal (eikels), en de de knikkergal (tak). Ook op de stam, de bloem en de wortel kunnen gallen voorkomen. Een bekende gal op de roos is de mosgal en een leuke gal op de iep die veel in de Haarlemmermeer voorkomt is de knotsgal(blad). De reden waarom de eik zo populair is, is hoogst waarschijnlijk vanwege het feit dat de

boom pas laat in het seizoen de bladeren verliest en dus tot laat in het jaar een (voedende) sapstroom heeft. De plantengallen zijn met een los weefsel gevuld, dat meestal door een verharde laag omgeven is. Het binnenste bestaat uit olie en eiwitrijke cellen die als voedsel dienen voor de larven. Als de larve dood gaat, houdt ook de groei van de gal op.

Bijzonder

: Gallen werden vroeger veel gebruikt voor het maken van looistof en inkt. Er leven veel parasieten van de galwespenlarven in de gal. Dat zijn dus hyperparasieten: parasieten op parasieten. Het geeft wel aan dat een gal een geliefd plekje is om in op te groeien. Overigens blijft de galwesplarve wel in leven, want deze levert immers het zo belangrijke groei-hormoon voor de gal, zolang hij leeft.

Waar

Een oplettende waar

 galananasgaleik

 andersGallen10 sep 2007september

Gallen, 10 sep 2007

 galeikenlensgal

Augustus is een goede tijd om eens op gallen te letten. Gallen zijn woekeringen op planten (meestal bomen) die veelal veroorzaakt worden door galwespen. Het doel is om hun larven bescherming en voedsel te bieden. 75 % van alle gallen komt voor op berken, populieren, wilgen, pruimen en vooral op eiken. In het Nederlandse gallenboek worden ruim 1400 soorten gallen besproken. Gallen ontstaan omdat galwespen en hun larven hormonale stoffen uitscheiden, die de plant aanzetten tot die woekering. Bekende gallen zijn de lensgal, aardappelgal (op eikenblad), de ananasgal (eikenbladknop) de knoppergal (eikels), en de de knikkergal (tak). Ook op de stam, de bloem en de wortel kunnen gallen voorkomen. Een bekende gal op de roos is de mosgal en een leuke gal op de iep die veel in de Haarlemmermeer voorkomt is de knotsgal(blad).
De reden waarom de eik zo populair is, is hoogst waarschijnlijk vanwege het feit dat de boom pas laat in het seizoen de bladeren verliest en dus tot laat in het jaar een (voedende) sapstroom heeft.
De plantengallen zijn met een los weefsel gevuld, dat

meestal door een verharde laag omgeven is. Het binnenste bestaat uit olie en eiwitrijke cellen die als voedsel dienen voor de larven. Als de larve dood gaat, houdt ook de groei van de gal op.

Bijzonder

: Gallen werden vroeger veel gebruikt voor het maken van looistof en inkt. Er leven veel parasieten van de galwespenlarven in de gal. Dat zijn dus hyperparasieten: parasieten op parasieten. Het geeft wel aan dat een gal een geliefd plekje is om in op te groeien. Overigens blijft de galwesplarve wel in leven, want deze levert immers het zo belangrijke groei-hormoon voor de gal, zolang hij leeft.

Waar

Een oplettende waarnemer kan overal gallen vinden. Voor een minder geoefende waarnemer is De Heimanshof of het bomenpad in het Haarlemmermeerse bos een goede start. Alle genoemde gallen en nog vele meer kunnen in de eiken, iepen en rozen worden aangetroffen.
Voorkomen: vooral in de zomer
Status: Geen speciale bescherming bekend

 gallenlensgaldetail

 paddenstoelenGebakken Kip zwam4 jan 2015januari

Gebakken Kip zwam, 4 jan 2015

 Gebakken-Kip_Lyophyllum_decastes

Een halve hek­senkring van grote (12 cm) pad­den­stoe­len op een gazon vlak bij De Heiman­shof (foto) zette mij op een speur­tocht met ver­rassende resul­taten, die ik graag met u deel.

Mijn eerste indruk vanaf de weg was dat het een soort wilde champignon leek, waar­van som­mige soorten wel 25 groot kun­nen wor­den. Maar de eerste inspec­tie sloot dat al uit. Alle champignons hebben zwarte sporen en een ring (velum) om de stam. En deze exem­plaren had­den geen ring en de plaat­jes onder de hoed waren maagdelijk wit.

De vol­gende stap is dan om alle pad­den­stoe­len gid­sen er bij te nemen. Daar kwa­men als optie Gordi­jnzwammen uit naar voren. Gordi­jnzwammen hebben net als deze soort laag afhangende en brede plaat­jes en er blijken wel 180 soorten van te bestaan. Maar alle­maal hebben ze bru­ine sporen. Als de pad­den­stoe­lengid­sen geen uit­sluit­sel

geven is Pro­fes­sor Ernst mijn geheime wapen. Deze pro­fes­sor waar ik in 1980 bij afges­tudeerd ben heeft toe­gang tot netwerken waar micro­scopis­che details uit­sluit­sel geven. Hij kwam de weten­schap­pelijke naam van deze zeer algemene en grote soort die geen Ned­er­landse naam heeft, maar in Amerika Gebakken kip zwam heet. Deze soort heeft nl witte ronde sporen, ter­wijl de enige Gordi­jnzwam met wit­tige sporen appelvormige sporen heeft.

Bij­zon­der

De naam geeft al aan dat het een eet­bare soort is. De smaak van de verse hoed doet aan radijs denken. In Azië wordt deze soort mas­saal gek­weekt en zeer gewaardeerd in purees en soepen. In het westen is dit min­der. Met de juiste kruiden smaakt de hoed naar gebakken kip en de robu­uste stam wordt of vers­maad of ook in gepureerde vorm ver?w?erkt?.De weten­schap­pelijke naam van de gebakken kipzwam is Lyophyl­lum decastes, omdat hij opval­lend vaak in clus­ters van 10 exem­plaren voor schi­jnt de komen; deca is 10 in het latijn.

Waar

Deze soort komt bij voorkeur op ver­sto­orde gron­den voor, waar hij organ­isch mate­ri­aal ver­teerd. Waar hij voorkomt is het meestal in zeer grote aantallen.

 plantenGeitenruit23 jun 2018juni

Geitenruit, 23 jun 2018

 geitenruit

Soms weet je niet waar een bijzondere plant opeens vandaan komt. Nota bene voor De Heimanshof in het gazon aan de Wieger Bruinlaan bloeit dit jaar een vrij grote vlinderbloemige met lila bloemen. Hij is wel 1.5 m hoog en zit vol met paarse bloemen (foto). Ook wij als plantenkenners moesten 2 plantendeterminatie app’s gebruiken om achter de naam te komen. De Nederlandse naam is geitenruit. Die naam stamtuit de tijd toen men dacht dat het een familie van de ruitfamilie (zoals kleine ruit en poelruit) was.

Bijzonder

Geitenruit heeft veel gebruiksmogelijkheden. De plant bloeit erg lang en is een rijke bron van nectar en stuikmeel voor insecten. Hij werd veel geteeld voor bodemverbetering en als voedsel voor vee. Ook heeft het vele medicinale gebruiksmogelijkheden. Het gebruik als veevoer viel niet goed bij alle soort vee. Mogelijk heet het daarom

geitenruit, omdat die het wel konden eten zonder bijwerkingen. De meest gebruikte toepassing is zijn bloedsuikerspiegel verlagende werking bij diabetespatiënten. Dankzij onderzoek aan deze plant is het meest gebruikte diabetesmedicijn ontdekt. Daarnaast vermindert het de eetlust wat bij meeste zware diabetes type 2 patiënten ook een pre is. De Latijnse naam slaat op het effect op melkproductie bij zogende vrouwen. Galega staat nl voor ‘melk voortbrengen’ omdat het melkklieren stimuleert. Maar er zijn nog meer werkingen: het is ook een diureticum, dwz de nieren worden gestimuleerd om meer urine te produceren en ook de zweetproductie wordt verhoogd en als zodanig helpt het bij griep, bloedstolsels worden tegen gegaan en het heeft een antibacteriële werking waardoor wonden sneller genezen. Het is dus een behoorlijk interessante plant die meer aandacht en plek verdient.

Waar

Oorspronkelijk komt deze uit Rusland, maar is al lang in heel Europa ingeburgerd. Het is een zonminnende plant die zoals veel vlinderbloemigen houdt van arme bodems: omdat ze zelf met bacteriën stikstof uit de lucht kunnen vast leggen hebben deze een concurrentie voordeel.

 paddenstoelenGekraagde Aardster5 jan 2014januari

Gekraagde Aardster, 5 jan 2014

 gekraagdeaardster

De natuur lijkt in rust in de winter, maar niets is minder waar.

Voor de goede waarnemer is er volop activiteit waar te nemen.

Zo zwerven er miljoenen wintergasten door ons land die overleven op de bessen en grassen van onze rijke rivierdeltagronden.

In de bossen is het al een gekrioel van planten. Dat komt omdat de bosplanten hun levenscyclus rond moeten hebben voor het bladerdek van de bomen gesloten is. Dat is goed te zien in De Heimanshof waar nu al weer 3 soorten planten bloeien en 40 soorten stinsenplanten zich massaal uit de strooisellaag omhoog werken. Dat doen ze vanuit reservestoffen in bolletjes en wortelstokken.

Spiedend naar de bolletjes valt ook op dat er ook gedurende de winter nog veel paddenstoelen te vinden zijn: bv judasoren en vele soorten elfenbankjes, kogelzwammen en opvallende gele

trilzwammen. De meest curieuze zwam die plaatselijk algemeen uit de strooisellaag tevoorschijn komt, is de gekraagde aardster.

Bijzonder

De gekraagde aardster is een zogenaamde buikzwam, die verwant is aan de bovisten. Deze soorten maken bolvormige vruchtlichamen die grotendeels verstuiven in de vorm van sporen.

De gekraagde aardster barst in 2 niveaus open.

De buitenste wand is heel dik en barst in de vorm van een ster open, waarmee hij zich naar boven drukt uit de strooisellaag.

Daarbij komt een 2-5 cm dikke bol vrij met een heel dun velletje, waarin bovenin een gaatje valt. Door regendruppels en dieren die er op stappen, worden de rijpe sporen in dit bolletje als een soort vulkaan explosie weggeblazen. (Zie foto). Heel leuk voor kinderen (en volwassenen) om eens te proberen. Veel bovisten zijn eetbaar zolang de sporen niet rijp zijn. Van de gekraagde aardster is dit niet zo bekend, want hij drukt zich pas boven de grond uit als de sporen rijp zijn. De sporen werden in traditionele geneeskunst gebruikt om ontstekingen en bloedingen tegen te gaan.

Waar

De Gekraagde Aardster komt wereld wijd voor in gematigde streken. In de Heimanshof staan veel exemplaren.

 vogelsGekraagde Roodstaart13 jun 2010juni

Gekraagde Roodstaart, 13 jun 2010

 gekraagde_roodstaart

De gekraagde roodstaart is een van de mooiste zangvogeltjes van Nederland. Helaas voor de Haarlemmermeer houdt hij niet van open polderlandschappen. Hij komt in Nederland vooral voor op de zandgronden in kleinschalige landschappen met afwisselend bos en open plekken. Verder is het voorkomen van lege spechten holen belangrijk om te kunnen broeden. Ik was dan ook niet weinig verrast toen ik tot tweemaal toe in mijn tuin op de Geniedijk een prachtig mannetje waarnam en binnen twee weken daarna ook een melding uit Nieuw- Vennep kreeg. Vooral het mannetje is spectaculair gekleurd, zijn bruine borst en roodbruine staart, steken fel af tegen zijn zilverkleurige kop met helderwit ´petje´. Het vrouwtje is grauwbruin maar heeft wel ook de rode staart.

Bijzonder

Volgens SOVON wisselde in de periode 1990-2007 het aantal broedparen sterk, zo was er tussen 1998 en 2005 sprake van een daling, maar daarna steeg het aantal weer. Rond

2007 broedden er nog ongeveer 26.500 paar in Nederland. De gekraagde roodstaart staat niet op de Nederlandse rode lijst. De gekraagde roodstaart is tegenwoordig niet meer zo algemeen als enkele decennia geleden.

Waar

De gekraagde roodstaart is een vogelsoort van oude, parkachtige bossen. Deze vogelsoort is vooral te vinden op de zandgronden. Open plekken, oude bomen, graslanden of heiden moeten elkaar afwisselen. Gekraagde roodstaarten zijn holenbroeders, welke ook wel van nestkasten gebruik maken. De aanwezigheid van een gekraagde roodstaart blijft vaak onopgemerkt: het is nogal een schuwe en onopvallende vogelsoort die vaak pas opvalt wanneer het mannetje uitbundig zit te zingen. De gekraagde roodstaart komt voor in de koele tot warme gematigde delen van Europa tot in Oost-Siberië. Graag krijg ik speciaal voor deze soort meldingen door over het voorkomen. Het kan zijn dat hij door het veranderen van ons polderlandschap we deze aanwinst erbij cadeau krijgen.

 gekraagderoodstaart2

 bomenGele Kornoelje19 jan 2016januari

Gele Kornoelje, 19 jan 2016

 gelekornoelje

De Gele Kornoelje is een groot deel van het jaar een onopvallend struikje of kleine boom. Het is een zeer langzaam groeiende plant, waarvan het hout om die reden erg hard is. In maart doet de gele kornoelje zijn naam eer aan. Voordat er blad aan zit en voordat andere bomen en stuiken in blad komen, wordt het hele struikje knalgeel van de bloesem (foto). Ik zou deze column dus eigenlijk in maart moeten schrijven, maar ik doe het nu omdat door het vreemde weer van deze winter de gele kornoeljes al sinds de eerste week van januari in bloei zijn gekomen. Ik hoop dat ze die bloei tot in maart volhouden. Ook in september is de struik weer opvallend: uit de bloesem komen namelijk eetbare vruchten. De hele struik kan dan rood zijn. Ze zijn wat zuur, maar er kan jam en sap van worden gemaakt.

Bijzonder

De naamgeving van de kornoelje familie is wat bizar.

De gele kornoelje heet geel vanwege zijn bloesem. De rode kornoelje die in Haarlemmermeerse bossen een plaagplant is, heeft echter geen rode bloemen, maar witte. Deze heet rode kornoelje omdat zijn groene takken in de winter rood kleuren. Wel niet zo rood als de Japanse sierkornoelje, maar toch. Zijn zwarte bessen zijn niet eetbaar voor ons mensen, maar wel voor vogels. En wat voor bloesem zou de witte (sier) kornoelje hebben: ook wit. Want deze struik heet wit om dat hij witte bessen heeft. De gele kornoelje staat graag op kalkhoudende grond, dus dat past wel bij de Haarlemmermeer. Hij is in Nederland zo zeldzaam dat hij op een wettelijke bescherming geniet en op de zogeheten rode lijst staat als ‘zeldzaam, maar stabiel’.

Waar

Er stonden een paar prachtige gele kornoeljes langs de Hoofdvaart in Hoofddorp. Maar die zijn het afgelopen jaar gesneuveld. De enige gele kornoeljes die ik ken in de Haarlemmermeer, staan in De Heimanshof en in het bomenpad van het Haarlemmermeerse bos. Gele kornoelje komt in een groot deel van Europa tot ver in Turkije van nature voor. De struiken groeien in en langs randen van bossen.

 paddenstoelenGele Ring Boleet20 okt 2016oktober

Gele Ring Boleet, 20 okt 2016

 ggeleringboleet

In deze tijd van het jaar komen er vele paddenstoelen tevoorschijn.

Veel mensen blijven door onbekendheid hangen in het vooroordeel dat ze wel giftig zullen zijn. Maar het helpt om een aantal grote groepen te leren onderscheiden, bolvormige stuifzwammen (bovisten), hoed vormende plaatjeszwammen (een bonte verscheidenheid) en buisjes zwammen (boleten), en staaf of plaatvormige soorten. Dan heb je soorten die de biomassa (hout, bladeren) verteren (saprofytisch), soorten die levende bomen kunnen ziek maken (parasitair) en soorten die samen werken met bomen (symbiotisch). Van deze laatste groep zijn de boleten het school voorbeeld. Een derde indeling is de eetbaarheid: ik ken misschien 500 soorten, verreweg de meeste daarvan zijn eetbaar, maar niet smakelijk (houtig, vezelig, etc), een 40 tal zijn lekker en maar een enkele zoals de aconieten heeft een giftigheid waar de meeste mensen zo bang voor zijn.

Bijzonder

De boleten springen er in alle indelingen uit. Ze hebben buisjes onder de hoek, zijn vaak zeer smakelijk en ze zijn allemaal symbiotisch. Die symbiose werkt als volgt: de schimmel kan bepaalde mineralen vooral uit arme grond wel opnemen en levert die aan de boomwortels (mycorrhiza) die daar voor suikers aan de schimmel levert. Zo kunnen deze bomen vitaal in zeer arme bodems groeien waar ze anders kwarrig zouden zijn.

Een aantal boleten zoals eekhoorntjesbrood en heksenboleet, heb ik al eens behandeld. Maar deze week verscheen er in De Heimanshof een heksen kring van een hele zeldzame soort: de gele ringboleet. Deze soort leeft uitsluitend samen met de lariks boom. En lariksen zijn er in dit deel van Nederland weinig. Die staan vooral in de droge zanderige streken. Maar er staan 3 lariksen op de heemtuin en die hebben ze weten te vinden. Ook de gele ringboleet is eetbaar. Alleen de hoed is zeer slijmerig en die laag kun je beter verwijderen. Een leuke eigenschap van veel boleten is dat ze bij beschadiging blauw kleuren.

Waar

De gele ringboleet is een beschermde zeldzame soort die uitsluitend bij larikswortels groeit en dus vaak op zandgrond. Maar het kan dus ook op de Haarlemmermeerse klei.

 plantenGele trilzwam17 nov 2010november

Gele trilzwam, 17 nov 2010

 geletrilzwam1

Paddenstoelen zijn de voortplantingsorganen van een zwamvlok of mycelium dat meestal verborgen ondergronds of in hout leeft. Omdat de voornaamste functie van de paddenstoel is om sporen te vormen en te verspreiden, verspillen een heleboel schimmelsoorten er niet te veel tijd aan. Vele soorten paddenstoelen groeien bijzonder snel (uit de ondergrondse reserves) en zijn ook al weer snel versnotterd of verdroogd. Maar zoals altijd in de natuur, bestaan er talloze andere fascinerende ´strategieën´. Deze week wil ik uw aandacht vragen voor de trilzwammen´ aanpak´. Bij de natuurwerkzaamheden in de Groene Weelde kwamen we onderop dode eikentakken prachtige gele klompjes geleiachtig materiaal tegen. Deze geleiklompjes hebben op jonge leeftijd een heldergele of oranje kleur en worden bij het ouder worden lichtgeel. Bij goed kijken bestaan deze klompjes uit in elkaar gevlochten flapjes. Daarmee wordt het oppervlak van de paddenstoel vergroot en daarmee ook de ruimte voor sporenvormend materiaal.

Bijzonder

Bij nog beter

kijken, blijken de gele trilzwammen niet de enige zwammen op die takken te zijn. Bijna de hele onderkant was bedekt met een korstvormige soort. Dat is bijzonder, want vaak koloniseert een soort zwam een plek en laat dan geen andere soorten meer toe. De Gele trilzwam is namelijk een parasitaire soort, die niet leeft op hout, maar van deze korstzwammen. Trilzwammen zijn nauw verwant aan de bekende judasoren, Beide kunnen jaarrond gevonden worden. Afhankelijk van de weersomstandigheden kunnen ze tot harde korsten opdrogen of met regen weer opzwellen. Zodra ze opzwellen gaan de onderbroken levensfuncties, zoals sporenvorming weer door.

Waar

De gele trilzwam leeft van schorszwammen (Peniophora), die dode loofboomtakken verteren. Vaak zitten deze takken nog aan de boom. Ze komen jaarrond voor en zijn niet zeldzaam. Wereldwijd komen er zo´n 500 soorten trilzwammen voor. De meeste in de tropen. In Nederland zijn 10 soorten trilzwammen gevonden.

 geletrilzwam2

 insectenGeleklisboorvlieg30 mei 2015mei

Geleklisboorvlieg, 30 mei 2015

 geleklisboorvlieg

Het droge voorjaar van 2015 lijkt zeer insectenvriendelijk te zijn.

Zo hebben zich in de afgelopen 2 weken zeker 14 honingbijzwermen in en om De Heimanshof vertoond. Maar ook andere insectensoorten lijken te gedijen en de plantengroei lijkt van de droogte weinig last te hebben.

Zo is de grote klis aan een groeispurt bezig die in de komende maand planten van wel 2- 2.5 m hoog gaat opleveren en die de stekelige klitten maken die in haar en kleren vast blijven zitten.

Bij het verwijderen van een groot deel van deze dominante planten viel ons oog op een bijzonder insect (foto Lou vd Linden), die weer inzicht in een hele nieuwe wereld van insectenleven opleverde. Het was de Gele Klisboorvlieg.

Bijzonder

Boorvliegen zijn een familie van insecten uit de orde vliegen en muggen of tweevleugeligen. Ze

heten ook wel fruitvliegen, maar horen niet tot de bekende laboratorium fruitvliegjes familie.

Wereldwijd zijn er wel 5000 soorten boorvliegen beken in ca 500 geslachten.

Boorvliegen onderscheiden zich van deze soorten en van andere insecten door de mooie tekeningen van vlekken, banden of zigzagstrepen op de vleugels, waardoor ze op het eerste zicht op een springspin kunnen lijken. Zij danken hun naam aan het feit dat de vrouwtjes de eitjes in een plant leggen met behulp van hun puntige legboor, die vaak langer is dan de rest van het lichaam. De lichaamslengte bedraagt maximaal 1,5 cm.

De larve van aantal boorvliegsoorten is heel klein en vreet gangen uit tussen de onder- en bovenkant van bladeren. Andere soorten leven parasitair op andere insecten.

Volwassen vliegen voeden zich met plantensappen en vocht uit rottend plantenmateriaal. De eieren worden apart of groepsgewijs afgezet onder de schil van vruchten.

Enkele boorvliegsoorten staan bekend als plaagsoorten van fruitbomen zoals de appelvlieg uit Noord-Amerika en kersenvliegen uit Zuid-Europa, die via transport hier terechtgekomen zijn.

Waar

De Gele klisboorvlieg is gebonden aan de Grote klis als waardplant.

 plantenGenadekruid16 aug 2009augustus

Genadekruid, 16 aug 2009

 genadekruid

Een jaar of drie geleden verscheen er spontaan een onbekend plantje aan de moerasoever van mijn tuin aan de Geniedijk. Het gedijde zo goed dat ik het ook in De Heimanshof introduceerde en nadat ik de naam uitvond ook in de tuin bij het bezinningscentrum De Stal op het Kaageiland. Zolang het maar met zijn voeten in het water stond, groeide het overal prima. We hebben het over genadekruid, een overblijvende plant uit de helmkruidfamilie. Het heeft prachtige witte bloemen die lang, van juni tot in augustus bloeien.

Bijzonder

Genadekruid is natuurlijk een zeer aansprekende naam. Het heeft in verdunde vorm veel medische en homeopathische (b.v Gratiola D3) toepassingen. Dodonaeus in zijn Cruydeboeck uit 1554 schreef het voor bij jicht, huid- en leveraandoeningen, tegen wormen en als laxeermiddel. De giftigheid uit echter dermate hoog dat het tegen wormen en als laxeermiddel niet meer gebruikt wordt. De verklaring voor de bijzondere naam van deze plant kan samenhangen met het feit dat al rond het jaar 800 bekend was dat genadekruid, (latijnse naam:Gratiola officinalis)

de geslachtsdrift bij nymfomane vrouwen temperde. Men vond, dat deze plant de vrouw zo´n dienst bewees, dat ze Genadekruid werd genoemd. In Duitsland noemt men de plant zelfs Gottes-Gnadekraut.

Waar

De plant komt voor op in de winter overstroomde, vrij voedselrijke grond langs rivieren en beken. De plant komt van nature voor in Midden- en Zuid-Europa en in Centraal-Azië. In Nederland heeft de plant ongeveer zijn noordelijkste grens van voorkomen. Genadekruid blijkt een bijzonder zeldzame plant, die op waarneming.nl maar een paar keer vermeld wordt, die in Wallonië uitgestorven is, in Vlaanderen bedreigd wordt met uitsterven en ook in Nederland alleen zeer zeldzaam in het rivierengebied voorkomt en zeer sterk is afgenomen. De reden hiervan is, dat we als samenleving nauwelijks meer ´s winters overstromende beken en rivieren tolereren. Genadekruid staat daarom overal op de rode lijst als een zeer sterk afgenomen en bedreigde soort. Ik ben nog op zoek naar de oorzaken, waarom deze blijkbaar zo gevoelige plant het langs de Geniedijk en vooral op het Kaageiland zo goed doet.

 genadekruidgroot

 paddenstoelenGeschubde inktzwam23 sep 2007september

Geschubde inktzwam, 23 sep 2007

 geschubde_inktzwam

Inktzwammen zijn een groep van ongeveer 100 soorten paddenstoelen, waarvan bij het rijp worden van de sporen, de hoed lijkt weg te smelten als een soort zwarte inkt. Een van de meest algemene en goed te herkennen soorten is de geschubde inktzwam. Als deze jong is, is de 5 - 15 cm hoge witte hoed ei- tot klokvormig en bedekt met karakteristieke opkrullende schubben (zie foto) De holle steel wordt uiteindelijk 10 - 20 cm hoog met een lage, beweegbare, vrij snel afvallende ring. De sporenlamellen, waaraan de sporen groeien zijn eerst wit. Later verkleuren deze vanaf de onderrand rand via roze naar zwart. Als de sporen rijp zijn, smelt de hoed van onderaf weg als een dikke vloeistof. Uiteindelijk blijft alleen de steel over met resten van de hoed.

Bijzonder

De "inkt", met daarin de sporen, is kleverig en trekt vliegen aan, door wie de sporen verspreid worden. Jonge exemplaren zijn eetbaar en smakelijk (maar alleen zolang

de hoed nog wit is) maar moet wel direct na het plukken verwerkt worden. De zwam is niet meer eetbaar als eenmaal vervloeiing of verkleuring optreedt. Check bij het nuttigen van de paddenstoel, dat het de geschubde inktzwam is. De veel grijzere en gladde ‘kale inktzwam’, die geen schubben heeft, bevat namelijk een stof die in combinatie met alcohol wel giftig is. En dat geldt voor alcohol die van 2 dagen voor tot 2 dagen erna wordt genuttigd!

Waar

Vanaf mei tot in november is de Geschubde inktzwam vaak in groepen te vinden op grond die pas is omgewerkt op akkers, weilanden, parken en wegbermen. Ook in de bebouwde kom is deze paddenstoel vaak te zien op gazons. In een zwaarbemest grasland of op composthopen, zijn de inktzwammen vaak de enige paddestoelen, die zich kunnen handhaven. Grote groepen staan op de gazons en weiden van het Haarlemmermeerse bos en op de oude spoorwegberm aan de Burg. Pabstlaan. Sommige vormen complete heksenkringen, vooral rond recent verplante bomen.

Terugmeldingen

Een doodgereden bunzing op de N201 bij Hoofddorp. Een 3e groeiplaats van de zeer zeldzame en beschermde grote keverorchis in de bebouwde kom van Nieuw-Vennep, die overwoekerd lijkt te raken door bosplantsoen.