bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Pissebed, 31 mrt 2018

 pissebed-kelder

Met het voorjaar in aankomst worden er weer horden planten en dieren actief. In de 12 jaar van deze columns hebben we er al meer dan 500 soorten behandeld, maar er blijft nog voor jaren genoeg te ontdekken en te verbazen over. Deze week een inkijkje in een vaak ondergewaardeerde groep dieren: de pissebedden. In totaal zijner tot dusver meer dan 35 soorten van ontdekt en beschreven in Nederland. De meest algemene soorten zijn de ruwe pissebed die gaal donker gekleurd is, de grijs gekleurde kelderpissebed en de oprolpissebed.

Bijzonder

Pissebedden zijn kreeftachtigen. Dat zijn van oorsprong waterdieren. Er bestaan ook zoetwaterpissebedden die talrijk zijn in sloten en vijvers. Net als kreeften ademen pissebedden via kieuwen. Die moeten altijd vochtig blijven. Het pantser van landpissebedden ziet er degelijker uit dan

het is. Het is nl door latend voor ammoniak- en water waardoor ze continu transpireren. De pissebed hoeft ondanks de naam nooit te plassen, omdat de stikstofverbindingen (ammoniak) verdampt. Misschien heeft de naam pissebed te maken met de geur van ammoniak (urine) die soms te ruiken is. Een pissebed leeft van plantaardig materiaal, zoals rottend hout en bladeren en heeft vele vijanden, waaronder insecten, spinnen, amfibieën en vogels. Blauwe of paarse pissebedden zijn geen andere soort, maar hebben een virusinfectie waardoor ze na 1 of 2 weken sterven.

Waar

Veel landpissebedden zijn cultuurvolgers die oorspronkelijk uit Europa komen, maar tegenwoordig tot in Nieuw-Zeeland te vinden zijn. Landpissebedden leven in een microhabitat, de omstandigheden maakt ze weinig uit, als het maar vochtig is en er schuilplaatsen en voedsel zijn. Pissebedden komen in allerlei habitats voor, van bossen tot graslanden en ook tuinen zijn geschikte leefgebieden waarvan veel mensen pissebedden kennen Uit drogen is het grootste gevaar voor pissebedden.Ze komen dan ook altijd voor in vochtige ruimtes zoals kelders of onder schors, strooisel laag of hout en stenen e.d.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 8 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 plantenTripmadam1 jun 2013juni

Tripmadam, 1 jun 2013

 tripmadam

Achter de intrigerende naam tripmadam schuilt een vetplant uit het geslacht van de sedums of vetkruiden. Dit geslacht kent nog meer illustere leden, zoals de hemelsleutel, wit vetkruid, huislook en muurpeper. De naam tripmadam is een verbastering van de Franse naam Triquemadame. Deze naam en ook de Latijnse naam ‘reflexum’ refereren aan het feit dat het nog niet bloeiende plantje een kenmerkende knik in het topgedeelte heeft(hoofdfoto) . Zodra tripmadam bloeit met heldergele bloemen richt deze knikkende top zich op (inzet). Ik kwam dit plantje tegen op de sedum daken die in de ‘antroposofisch’ gebouwde wijk in Toolenburg veel voorkomen (bv Rosa Spiers straat).

Bijzonder

Tripmadam is een laag liggend vetplantje, waarvan de opgerichte bloeistengels

35-40 cm hoog kunnen worden. Het is in het wild uiterst zeldzaam in Nederland, omdat het een voorkeur heeft voor voedselarme kalkrijke stenige terreinen. En in ons modderige delta land zijn die dun gezaaid. Net als andere Sedums, zoals muurpeper, is Tripmadam eetbaar zolang het niet bloeit en dat is het grootste deel van het jaar, want het is een vorstbestendige altijd groene plant die het hele jaar doorgroeit. Bloeien doet het alleen tijdens de (hele) zomer. Het wordt in salades verwerkt en heeft net als muurpeper een peperachtige smaak.

Waar

De Duitse naam rotsmuurpeper geeft aan dat tripmadam houdt van stenige voedselarme groeiplakken (inzet foto). Bij rijkere grond kan deze soort niet concurreren tegen hoger opgaande grassen en kruiden. Ook op schrale zandgronden kan het een mooie grondbedekker zijn. Zoals reeds aangegeven wordt de soort toegepast op groene daken en in rotstuinen. Ook op De Heimanshof kan tripmadam het hele jaar door aangetroffen worden in muurvegetaties en op natuurmuren. Het verspreidingsgebied loopt van Zuid-Noorwegen en Ierland tot in Rusland en in Zuid-Europa tot het zuiden van Italië en Griekenland.

 vogelsTorenvalk24 sep 2007september

Torenvalk, 24 sep 2007

 torenvalk

De torenvalk is de meest algemene roofvogel in Nederland. Vrouwtjes en jongen hebben een volledig bruin kleed. Mannetjes zijn te herkennen aan een grijze kop en staart. De torenvalk leeft vooral van muizen, die hij op karakteristieke wijze vangt, door stil in de lucht te ‘bidden’. Als een torenvalk stil hangt, heeft hij een muis gezien en wacht hij op een geschikt moment om erop te duiken. De oudst bekende torenvalk is ruim 23 jaar oud geworden maar de gemiddelde leeftijd is 3-4 jaar, doordat 75% van de jongen het 2e jaar niet haalt. De belangrijkste doodsoorzaak is het verkeer, gevolgd door verzwakking als gevolg van honger en ziekte.

Waar

In de Haarlemmermeer wordt al lange tijd intensief onderzoek gedaan naar de Torenvalk door de Roofvogelwerkgroep en in het bijzonder door Bert Jan Bol. Hoewel de stand erg kan fluctueren leven er gemiddeld 50 paren in de Haarlemmermeer. Vooral rond Schiphol. De trend is langzaam stijgend. Dat komt doordat het gras rond landingsbanen en langs wegen een zeer geschikt jachtterrein is voor deze valk. 2007 is een zeer

goed muizenjaar. Voor roofvogels is er daarom overvloedig voedsel. Dit jaar zijn er tenminste 68 broedparen geteld. 80% van de paren broedde in nestkasten, de rest in dakgoten en overkappingen, in oude schuren en boerderijen, in oude nesten van eksters en zwarte kraaien, in hangars op Schiphol en in spleten onder bruggen en viaducten.

Bijzonder

Door de vele muizen was het aantal eieren per nest met 5-6 erg hoog. In Lijnden was er zelfs een nest met 8 eieren; het hoogste aantal dat ooit in de Haarlemmermeer is geregistreerd en door één vrouwtje gelegd. Alle 8 de jongen zijn succesvol uitgevlogen (zie foto). Op het knooppunt Raasdorp had een mannetje torenvalk twee vrouwtjes. Toen hij de jongen van het eerste nest van muizen voorzag, zat het tweede vrouwtje enkele meters verderop te broeden op de eieren van het andere nest. Het eerste vrouwtje is zelfs nog aan een tweede broedsel begonnen.

Terugmeldingen

Alle torenvalkjongen en hun ouders worden zoveel mogelijk geringd. Na een jaar wordt ongeveer een kwart van de nestjongen teruggemeld uit een straal van ongeveer 100 kilometer. De ouders zijn tot op enkele kilometers na honkvast. Een klein deel van de torenvalken uit de polder gaat ook verder weg; er zijn diverse meldingen uit bijvoorbeeld Denemarken, Duitsland, Schotland, Frankrijk, Spanje en zelfs een enkeling uit Noord-Afrika.

 plantenTongvaren6 jun 2014juni

Tongvaren, 6 jun 2014

tongvarenHet grootste deel van Nederland bestaat uit klei, zand of veen, die al of niet voedselarm of vochtig kunnen zijn. Dat komt omdat we een deltagebied zijn. Wereldwijd gezien is dat een relatief zeldzaam soort bodem.

Veel gewoner zijn stenige terreinen. Soorten die bij kalkrijk en/of stenig terrein horen, zijn bij ons daarom zeldzaam en de daarbij horende planten en diersoorten ook en daarom beschermd.

Daarom is het leuk dat er op het kruispunt bij de brandweerkazerne Hoofddorp een rotsterrein kunstmatig is aangelegd. Omdat we het bijzondere karakter van dit terrein van 0.7 ha inzagen, hebben we gevraagd aan de gemeente of we dit als MEERGroen in beheer mochten nemen. 3 jaar lang proberen we al het boomopschot en de kruidenlaag

terug te dringen (en plastic en flessen op te ruimen) zodat er ruimte komt voor de typische planten en dieren die zich op een dergelijk terrein thuis voelen.

Deze week bleek dat het begint te werken: er komen vetplanten, brede wespenorchissen en we vonden zelfs de eerste tongvaren. We hopen dat deze soorten zich gestaag uitbreiden en dat er vroeg of laat ook hagedissen en andere reptielen en amfibieën verschijnen. Vooral met de eerste tongvarens zijn we blij.

Bijzonder

Tongvarens groeien op oude, beschaduwde, vochtige tot natte muren, zoals op sluis-, gracht- en kademuren, maar ook op basaltglooiingen, op tuinmuren en in putten. In het stedelijk gebied - met zijn milde stadsklimaat - vindt tongvaren de nodige beschutting. Dankzij een lange reeks gematigde winters heeft de plant zich voornamelijk in West-Nederland gestaag kunnen uitbreiden. Als stikstofminnende plant profiteert hij daarnaast van de vermesting van het milieu.

Waar

In de Haarlemmermeer kennen we de tongvaren alleen van De Heimanshof, waar hij massaal op kalkrijke en vochtige plekken groeit en als decoratieplant in tuinen. De tongvarens op het rotsterrein langs de busbaan bij de brandweer Hoofddorp zijn de eerste zelfstandig gevestigde exemplaren die we kennen.

 insectenTijgerspin of Wespspin17 aug 2006augustus

Tijgerspin of Wespspin, 17 aug 2006

 tijgerspin

De invloed van de klimaatsverandering is goed merkbaar aan het opduiken van bijzondere, zuidelijke soorten. In augustus 2006 dook een wesp- of tijgerspin in De Heimanshof is op. De tijgerspin is een indrukwekkend grote spin van met een achterlijf dat prachtig zwart en geel gestreept is. Dit geldt tenminste voor het 3 cm grote vrouwtje, want het mannetjes wordt maar 1 cm. In Nederland werd deze soort pas in 1980 ontdekt in Limburg. Het web wordt dicht boven de grond tussen grashalmen en stengels gespannen. Ruige, zonnige open plaatsen in graslanden en heidevelden zijn een geschikte biotoop. Het favoriete voedsel van deze spin is sprinkhanen. De beet van de tijgerspin is voor de mens niet gevaarlijk.

Bijzonder

:

De tijgerspin hangt altijd ondersteboven in haar web, dat te herkennen is aan de twee extra zigzag bandjes, die straalsgewijze vanuit het centrum zijn gesponnen. De functie van deze zigzagband in haar web is niet geheel duidelijk. Er zijn verschillende theorieën in omloop. Het kan bedoeld zijn om insecten aan te trekken, omdat de witte zijde UV-licht weerkaatst. Een andere verklaring is dat het rovers zou afschrikken. Als de spin gestoord wordt, begint zij hevig te trillen in haar web zodat de spin een wazige witte vlek lijkt te worden. Een andere verklaring is dat de witte band het web duidelijk zichtbaar maakt, zodat er geen dieren doorheen lopen. Waarschijnlijk zijn alle theorieën een beetje waar en helpt het de spin te overleven

Waar

: In tegenstelling tot veel wilde dieren is de tijgerspin zeer honkvast. Ongeveer 5 weken lang zat zij op dezelfde plaats. Of zij stierf bij het eieren leggen of door de koude is niet bekend. In 2007 werd er geen tijgerspin aangetroffen.

Voorkomen: onbekend

Status: Klimaatmigrant; niet beschermd

 kleine dierenTijgerslak2 mrt 2008maart

Tijgerslak, 2 mrt 2008

 tijgerslak

Door het zachte en natte weer kroop er vorige week een grote tijgerslak door mijn tuin. De tijgerslak of Grote aardslak is een van de grootste naaktslakken in Europa en wordt wel 20 centimeter lang en tot 3 jaar oud. De kleur is grijsbruin met donkere strepen op het lichaam en vlekken op het mantelschild. De Grote aardslak is een grote eter. Hij eet niet alleen planten, maar ook voorraden in kelders, honden- en kattenvoer, paddenstoelen en zelfs andere naaktslakken. Bij droog weer kruipt deze naaktslak onder stenen of in de grond. Vorst overleeft geen enkele slakkensoort door hun hoge watergehalte (meer dan 90%)

Bijzonder

Slakken zijn hermafrodiet en 2 willekeurige dieren kunnen elkaar dus wederzijds bevruchten. De paring van de tijgerslak is bijzonder spectaculair en duurt zo’n 25 minuten: Twee slakken maken samen een dikke slijmlaag op een hoger punt, waarna ze zich aan een slijmdraad in elkaar gedraaid laten zakken. Elk dier tovert een orgaan van wel 5 cm lang tevoorschijn, die samen ook in elkaar strengelen. De einden stulpen

zich breed uit en vormen een bal van 2 cm waarin geslachtscellen worden uitgewisseld. Daarna worden ze weer snel teruggetrokken. De doorzichtige ovale eieren worden onder planken en losse stenen gelegd, in groepjes van 100. Deze zijn van augustus tot in de herfst te vinden en komen na ongeveer 3 weken uit.

Waar

Tijgerslakken leven vooral in tuinen, plantsoenen, afvalhopen, kelders, schuren en andere vochtige plekken in de buurt van woningen. In Noord-Italië komt de soort wel voor in natuurlijk terrein. Waarschijnlijk is deze soort via plantgoed in de rest van Europa terechtgekomen. Ook is hij onopzettelijk naar andere continenten overgebracht, waar hij zich uitstekend handhaaft. Hij houdt geen winterslaap, maar kruipt in de grond als het gaat vriezen.

Terugmeldingen

De voorjaarstrek is al weer op gang. De eerste ooievaars en lepelaars werden deze week waargenomen. Ook de houtsnippen zijn weer op weg terug en de eerste scholeksters nemen hun territoria in.

 tijgerslakparing

 insectenTepelgalvlieg23 mrt 2013maart

Tepelgalvlieg, 23 mrt 2013

 tepelgalvlieg1

In deze column hebben we al eens een aantal soorten wespen behandeld, die voor hun larven en hun nageslacht een comfortabele plek hebben weten te creëren door planten aan te zetten tot de vorming van gallen. Gallen, die aan de buiten kant een harde beschermlaag vormen en aan de binnenkant een eetbare substantie. Geen wonder dat er alleen al in Nederland ruim 2000 galvormende insecten zijn ontstaan, waaronder ook muggen,vliegen en motten. Op bladeren en stengels worden de meeste gallen gevonden, maar ook op eikels, knoppen en bloemen en wortels van alle denkbare soorten zijn er gallen te ontdekken. Maar de soort die we vandaag behandelen, heeft wel een hele curieuze manier ontwikkeld: De tepelgalvlieg legt zijn eieren onder een meerjarige verhoutende paddenstoel: De platte tonderzwam. Dat hij onder de brede hoed van de tonderzwam groeit, is natuurlijk handig tegen de regen. De platte tonderzwamtepelgalvlieg is 4-5 mm lang en behoort tot de familie van breedvoetvliegen (foto onder) . Er bestaan 250 soorten breedvoetvliegen wereldwijd. In Europa

is dit de enige breedvoetvlieg die gallen op paddenstoelen vormt.

Bijzonder

Omdat de platte tonderzwam meerjarig is, blijven de gallen lang onder de zwam zitten. De zwam vormt tijdens en na de galvorming nieuw sporenvormend weefsel om de gal heen (zie foto boven). Uiteindelijk verdwijnen de gallen in dit weefsel, waarop in volgende jaren weer nieuwe gallen kunnen worden gevormd. Er zijn in en op zo’n tonderzwam wel eens 600 gallen geteld. Verschillende graafwespen, solitaire bijen en sluipwespen nestelen graag in oude, verlaten gallen. Galbewoners hebben zoals vele andere organismen ook hun vijanden. Niet alleen vogels weten de larven in de gallen te vinden, ook bepaalde parasieten kraken het huisje van de galverwekker. Zo zijn sluipwespen geduchte vijanden van galbewoners.

Waar

De tonderzwamtepelgalvlieg komt voor in het noorden van Azië en in Europa en natuurlijk alleen waar tonderzwammen groeien.

 tepelgalvlieg2

 bomenTaxus22 jan 2012januari

Taxus, 22 jan 2012

 Taxus

Venijnboom

Deze week hervatten we de serie bijzondere bomen in de hoop dat u bijzonder bomen uit uw omgeving doorgeeft voor onze bomenroutes. Deze week de venijnboom die vaak beter bekend is onder zijn latijnse naam taxus. Het is een langzaam groeiende boom die 20 m hoog kan worden. Van de taxus bestaan mannelijke en vrouwelijke planten. Hij kan zeer oud worden. Er zijn exemplaren bekend van voor het begin van de jaartelling. De oudste taxus die ik heb aangetroffen in onze polder staat bij het gemaal Leegwater in Buitenkaag. Zijn leeftijd schat ik op 180 jaar, dus 20 jaar ouder dan de drooglegging. Elke kegel bevat één zaad, omringd door een zachte rode zaadmantel (zie foto). Deze is 6-9 maanden na bestuiving rijp en wordt gegeten door lijsters en andere vogels, die de harde zaden onbeschadigd via hun uitwerpselen verspreiden. De zaadmantels zijn eetbaar en zoet,

maar het zaad is gevaarlijk giftig. In tegenstelling tot vogels kan de menselijke maag de zaadlaag oplossen, zodat het gif in het lichaam vrijkomt. De rijping van de "besjes" wordt uitgespreid over 2 tot 3 maanden, om de kans op succesvolle zaadverspreiding te verhogen. De venijnboom is geschikt voor het gebruik in een heg omdat hij zich goed laat snoeien en omdat hij goed vertakt.

Bijzonder

Het hout van de venijnboom is sterk en buigzaam. Bij de Slag bij Azincourt (1415) gebruikten de Engelsen bogen van taxushout. Daardoor hadden hun pijlen een veel groter bereik. Het is een van de redenen waarom ze de slag tegen de Fransen wonnen. Zoals de naam als zegt, is de venijnboom giftig. Het komt vrij vaak voor dat vee of paarden van de venijnboom eten en dood gaan. De giftige bestanddelen van de venijnboom worden al heel lang gebruikt in medicijnen tegen kanker. In feite is taxus het meest gebruikte middel tegen kanker (merknaam taxol). Alle delen van de boom behalve de zaadmantels bevatten taxol.

Waar

De venijnboom is een inheemse conifeer. De venijnboom komt van nature voor in Europa, Noord-Afrika en Noord-Iran.

 vogelTapuit11 apr 2016april

Tapuit, 11 apr 2016

 tapuit

Midden op het open veld bij de Geniedijk en de A4 zag ik deze week een vogel die ik nog nooit in de Haarlemmermeer had gezien: hij viel op door z′n opvallende zwart wit geblokte staart bij het opvliegen: onmiskenbaar een tapuit. Dit kleine vogeltje uit de familie van de vliegenvangers kwam vroeger veel meer voor. Dit exemplaar zou een broedgeval kunnen zijn, maar is meer waarschijnlijk een doortrekker. Het voorkomen van tapuiten is sterk gebonden aan de aanwezigheid van konijnen, die de vegetatie kort grazen en met hun gegraaf zorgen voor plekken met open zand en nestgelegenheid in konijnenholen. In heideterreinen nestelt een groot deel van de tapuiten echter in ingerotte boomstobben die na kapwerkzaamheden zijn achtergebleven. Maar daar kunnen roofdieren er makkelijk bij.

Bijzonder

Tapuiten zijn trekvogels die in Afrika

op de savannen ten zuiden van de Sahara overwinteren en vroeg in de lente terugkomen. De tapuit legt van alle zangvogels de grootste afstand af tijdens de jaarlijkse trek. De soort broedde vooral op de Waddeneilanden en in mindere mate in de duinen van Noord-Holland en Zuid-Holland. Reeds in de jaren 1960 waren er aanwijzingen dat de stand achteruit ging. In de jaren 1990 werd de tapuit schaars in de duinen op het vaste land. In het binnenland komt de tapuit nog voor op heidevelden en zandverstuivingen op de Veluwe, in Drenthe en Zuidoost-Friesland. Door het intensieve gebruik van de grond in Nederland voor bebouwing, landbouw, bosaanplant, etc. is de hoeveelheid oppervlakte die geschikt is als broedgebied voor de tapuit enorm afgenomen. Door atmosferische stikstofdepositie zijn er steeds minder schrale open, zandige plekken, die onmisbaar zijn.

Waar

Tapuiten houden van open terrein zonder struiken en bomen. Ze zijn te vinden op weiden en akkers met stenen muren, hoogveen- en duingebieden, stuifzanden, rotsachtig terrein, eilanden, kusten, berghellingen en morenen. Ze nestelen in rotsspleten, stenen muren, steenhopen, konijnenholen, etc.

 insectenSynophropsiscicade7 okt 2017oktober

Synophropsiscicade, 7 okt 2017

 ccycadeSynophropsis7

Meestal zoek ik een Nederlandse naam van de soort die behandeld wordt. Maar de soort cicade die vorige week in De Heimanshof werd aangetroffen was een nieuwe soort in Nederland, waarvan dit pas de tweede waarneming in het land was. In mei dit jaar werd deze soort voor het eerst in Nederland in Limburg aangetroffen. Dus we moeten het voorlopig doen met deze tongbrekende naam. Een goede kans voor een naam is de Lauriercicade, want de Mediterrane (echte) laurier is zijn favoriete voedingsplant. Maar bij gebrek daaraan wordt hij ook wel op andere struiken met harde bladeren aangetroffen zoals de Portugese Laurier, Hulst en zoals in De Heimanshof op de liguster. De wakkere waarnemer was Theo Terwiel , een fotograaf die veel natuuropnamen maakt en stad en land afstruint op bijzondere insecten en ook vaak in De Heimanshof op bezoek

is.

Bijzonder

Er zijn wereldwijd ongeveer 40.000 soort cicaden bekend. De meeste soorten zijn rond een halve cm groot Rond de Middellandse zee komt een grote soort van 2 cm voor die op zomerse dagen permanent een oorverdovend gesnerp produceert. Bladluizen en wantsen zijn verwante soorten, die net als de cicaden een zuigsnuit hebben waarmee ze plantensappen opzuigen. Sommige soorten cicaden produceren het bekende schuimbeestje. In dat zelf geproduceerde schuim beschermt de larve zich tegen vogels. Een dergelijk nest wordt wel koekoeksspuug genoemd. Een bijzonderheid van cicaden is dat veel soorten een symbiotische relatie hebben met bepaalde bacteriën. Deze helpen de cicade bij het verteren van z´n voedsel. Cicaden zijn driehoekig en hebben een springpoot waar mee ze tientallen keren hun eigen lengte weg kunnen springen (foto)

Waar

Sommige soorten komen in grote aantallen voor op door de mens geteelde gewassen en worden beschouwd als plaaginsecten. Synophropsis was tot 1850 vooral bekend van de Balkan en is sinds die tijd een opmars begonnen rond de Middellandse zee en recentelijk noordwaarts. Mogelijk dankzij de klimaatverandering.

 vogelsStormmeeuw4 apr 2015april

Stormmeeuw, 4 apr 2015

 stormmeeuw

De Haarlemmermeer ligt niet ver van de zee en dat kun je merken aan het feit dat er waar en wanneer je naar de lucht kijkt altijd wel ergens wat meeuwen ziet rondvliegen. Meeuwen leven van afval, vis, aas, wormen en in feite alles wat ze te pakken kunnen krijgen. Zoals overal in de natuur heeft deze succesvolle groep vogels zich gaandeweg uit gesplitst in soorten die verschillende ‘niches’ benutten. Niches zijn combinaties van eigenschappen om te overleven en dat betekent meestal het benutten van verschillende soorten voedsel. Zo ontwikkelt zich meestal een reeks van kleinere en grotere soorten, die kleinere en grotere prooien eten. Bij meeuwen is de dwergmeeuw de kleinste en de grote mantelmeeuw de grootste soort. In onze polder zie je vooral kokmeeuwen ( met zomers een zwart kapje), stormmeeuwen en zilvermeeuwen ( met grijze vleugels), kleine en grote mantelmeeuwen (met zwarte vleugels).De

aanleiding voor deze column is dat er tekenen zijn dat zich stormmeeuwen die vooral in de duinen en op de Waddeneilanden broeden bezig zijn om ook 2 kolonies op daken te vormen. Eentje in Industriepark Hoofddorp Noord en eentje in de President.

Bijzonder

De stormmeeuw is kleiner dan de zilvermeeuw en heeft met een ronde kop en en een zwarte iris een vriendelijker uitstraling dan de zilvermeeuw, die in kustplaatsen soms al een plaag wordt ervaren. Zowel zilvermeeuwen als stormmeeuwen zoeken vaak voedsel door de trillingen van een mol na te bootsen in grasvelden waardoor wormen naar boven vluchten. Stormmeeuwen zijn helemaal niet zo al gemeen: naar schatting 7000 paar in Nederland. Een jaar of 5 geleden hadden we een grote meeuwen en sternen kolonie op het dak van de het PWN gebouw. Doordat het dak lekte, kwam er vogelpoep in het drinkwater. In plaats van het lek te maken is de kolonie verstoord. De vogels zoeken nog steeds naar een nieuwe plek, vaak op daken van gebouwen.

Waar

Stormmeeuwen komen in heel het Noordelijk halfrond voor in 4 ondersoorten. Vooral langs kusten.

 paddenstoelenStobbenzwam17 nov 2016november

Stobbenzwam, 17 nov 2016

 sstobbenzwam

Op een enorme wilg in De Heimanshof die dit jaar afgestorven is, vormden zich de afgelopen weken dichte clusters van grote bruine paddenstoelen, met een heel duidelijke ring op de steel. Ik kende de soort niet, maar in de dagen daarna zag ik ze opeens overal. Het bleek het stobbenzwammetje te zijn. Op onze wilg zaten er na een week wel 1500 en de groei gaat nog steeds door. Ook hoger op de stam beginnen ze te verschijnen en op ondergrondse wortels wat verder van de stam ook. Het is echt een indrukwekkend verschijnsel. Alles bij elkaar staan er nu al meer dan 50 kilo aan paddenstoelen.

Bijzonder

Nader onderzoek leert dat het stobbezwammetje ook eetbaar is en dat alleen de hoed gegeten wordt. Natuurlijk

hebben we dat geprobeerd en de smaak is iets bitter en een beetje scherp zoals radijs en hij ruikt zoet. Maar als er in een week tijd 50 kilo kan verschijnen is er vast wel een lekker recept mee te maken. Bij regen ontstaat er op de hoed een geleiachtige laag. De steel van het stobbenzwammetje heeft altijd een ‘strakke’ ring. Die ring is een overblijfsel van het vlies dat tijdens de groei in jonge toestand de hoed met de steel verbindt. Onder de ring is de steel donkerbruin en daarboven licht geel. Het stobben zwammetje moet niet verward worden met het niet eetbare zwavelkopje, een andere algemene paddenstoel of dode stammen. Deze is kleiner, helder geel met een contrasterende kleur op de punt. Zowel het zwavel kopje als het stobbenzwammetje zijn saprofytische soorten. Dat wil zeggen: ze maken de boom niet ziek of dood: bij een boom die dood is helpen ze bij de afbraak.

Waar

Het stobbenzwammetje is in Nederland zeer algemeen en groeit in dichte groepen op stobben en stronken van eik, els, berk en wilg.

 plantenStinkend Nieskruid14 jan 2008januari

Stinkend Nieskruid, 14 jan 2008

 stinkendnieskruid

Niet alleen mossen hebben in de winter hun toptijd. Er zijn ook hogere planten die in de kou goed gedijen. Stinkend nieskruid of kerstroos is er zo een. Het is een plant van rotsachtige hellingen, bermen en open bossen, die in ons land wel in tuinen wordt aangetroffen en zich van daaruit heeft verspreid. Dit familielid van de boterbloemen is een wintergroene vaste plant. Hij heeft zijn Nederlandse naam te danken aan de groenige bloemen die stinken als ze worden aangeraakt. De plant zaait zich vrij makkelijk uit. Met de steeds zachtere winters doet hij zijn bijnaam Kerstroos eer aan en bloeit dan zeker tot april. Door deze vroege bloei is de plant, samen met bolgewassen een welkome voedselbron voor bijen en andere insecten. De mieren waarderen de olie die uit de zaden komt, en slepen deze mee. Op deze manier vindt de verspreiding van de zaden plaats.

Bijzonder

Alle plantendelen zijn zwak giftig. De onaangename geur van de bloemen is zeer sterk als de enigszins

leerachtige bladeren worden fijngewreven (gebruik handschoenen). De zaden kunnen bij het oogsten jeuk veroorzaken en pijn in de vingers. Ze bevatten een stof die huid- en slijmvliezen irriteert en een andere, die op het hart inwerkt. Vergiftigingsverschijnselen komen uiterst zelden voor en geen reden om deze mooie plant uit de tuin te bannen. De plant stond bekend om zijn genezende werking bij depressies en waandenkbeelden. De latijnse naam Helleborus betekent: voedsel uit de Hel. Volgens de overlevering stierf Alexander de Grote aan een overdosis van dit kruid omdat zijn artsen er iets te scheutig mee waren.

Waar

Stinkend Nieskruid is een plant die oorspronkelijk uit de berggebieden rond de Alpen, Karpaten en Apenijnen komt. Tot in België komt deze soort inheems voor. In ons land vooral in tuinen en verwilderd.

Terugmeldingen

Een maand geleden meldde ik de zeldzame velduilen, die broeden op Schiphol. Sinds kort is een spectaculaire groep van 15 wintergasten van deze soort neergestreken op het braakliggende terrein van het toekomstige Toolenburg-Zuid. Ongetwijfeld doen ook deze dieren zich te goed aan (de resten van) van de grote veldmuizenpopulatie van dit jaar, waaraan zoveel andere roofvogels en uilen een bijzonder goed jaar te danken hebben.