bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

fluweelpootje, 6 jan 2018

 fluweelpootjecombi

Dit is de tijd van de winterpaddenstoelen. In herfst en zomer schieten de paddenstoelen als rakketten uit de grond en zijn ook binnen een paar dagen weer weg. Die moeten dus heel snel hun sporen rijp laten worden. In de winter gaat alles veel langzamer. De winterpaddenstoelen zijn daarom ook maandenlang te bewonderen en de hebben lange tijd om zoveel mogelijk sporen te laten verwaaien. Vele winterpaddenstoelen zijn eetbaar. Dat geldt bv voor de Judasoor die je veel in Chinese gerechten vindt. Ze ontlenen hun naam aan hun oorvorm en de overlevering dat ze er groeien sinds Judas met z’n oor aan de scherpe punt van de afgebroken vliertak bleef hangen toen hij er uit schuldgevoel een einde aan wilde maken. Ze smaken zoals ze eruit zien: Een stevige bite van kraakbeen met een peperachtige nasmaak. Het fluweelpootje is ook een heel algemene winterpaddenstoel, die als delicatesse geldt in de horeca en zoetig smaakt. Vooral

de hoed. In Azië worden ze gekweekt zonder licht en zien ze er heel wit uit (inzet).

Bijzonder

Hoewel de hoed het lekkerst smaakt (ook rauw) bevat de wat taaiere steel eens immuunsysteem versterkende stof en het mycelium in het hout een werkzame stof tegen kanker. Fluweelpootjes smaken zoetig omdat ze een antivries aanmaken in de vorm van suiker. Dat komt ze goed van pas, want ze komen in de witter pas tevoorschijn na de eerst vorst en kunnen ook vorst goed verdragen. Pas recentelijk is ontdekt dat de makkelijk herkenbare soort toch complexer in elkaar zit. Op basis van sporenkenmerken zijn 3 soorten een variëteit onderscheiden.

De kweekversie van Fluweel pootje is door de NASA meegenomen in de ruimte om het effect van zwaartekracht te onderzoeken. In de ruimte werden de strak gerichte dichte bundels paddenstoelen een wirwar van steeltjes en hoedjes.

Waar

Fluweelpootjes zijn een onmiskenbare en algemene paddenstoel door z’n steel die met fluweel begroeid lijkt en in bundels voorkomt op dood en ziekloofhout van wilgen ,elzen, populieren e.d.(foto)





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 4 ] Ga naar vorige1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 insectenWilgenhaantje16 okt 2010oktober

Wilgenhaantje, 16 okt 2010

 wilgenhaantje

Kleine Populierenhaan

De Heimanshof heeft inmiddels met de gemeente en Recreatieschap Spaarnwoude 6 ha aan bloemenweides in beheer rond Ravensbos, in Floriande, bij het insectenpad, in de Fruittuinen en op het Groene Carré Zuid. Deze bloemenweides moeten om volgend jaar weer te bloeien, voor 15 oktober weer losgewoelde grond krijgen. De wilgenaanplant in het verlaagde eerste gedeelte van het Groene Carré leek er bij mijn werkbezoeken steeds minder vitaal bij te staan. Bijna alle bladeren vielen weg en dat kwam niet door de herfst, meldde prof. Ernst, mijn vaste steun en toeverlaat voor moeilijke insectenvragen. Het kwam door de kleine populierenhaan, een soort wilgenhaantje. Zowel de larven als de volwassen kevers van deze soort, eten in groepen van het blad van de wilg of populier. Net als het rozemarijngoudhaantje

van vorige week behoort het wilgenhaantje tot de ´goudhaantjes´.

Bijzonder

De meeste goudhaantjes eten van een bepaalde groep planten. Veel Nederlandse namen wijzen hierop: aspergehaantje, elzenhaantje, zuringhaantje enz. Kevers die slechts één plantengeslacht eten, worden monofaag genoemd. Soms gaat dit zover dat de kevers eerder sterven dan een andere plant eten! Het merendeel eet echter van meerdere plantengeslachten. Deze kevers (waaronder de kleine populierenhaan) worden oligofaag genoemd. Zowel de voorkeur om eieren te leggen, als de mogelijkheid om de plant te kunnen eten, zijn genetisch in de kever vastgelegd. De kevers kunnen de afweerstoffen van hun waardplanten opslaan en zijn daardoor zelf giftig worden voor roofdieren. Opvallend gekleurd zijn, heeft daarom een belangrijke afschrikkende functie. Meestal geldt dat blauw meer voorkomt in bos en een goudkleur meer in het open veld.

Waar

De waardplanten van wilgenhaantjes komen vooral voor bij water en staan vaak periodiek in het water. De wilgenhaantjes zijn van oorsprong Europese soorten die zich sinds de ijstijden over een groot deel van de wereld verspreid hebben.

 bomenWilgen13 mrt 2010maart

Wilgen, 13 mrt 2010

 wilgboswilg

De jaarlijkse boomplantdag rond 21 maart vraagt om een column over een boom. De Heimanshof heeft de hele winter 5000 bomen en struiken verzameld. Deze worden ter gelegenheid van het 35-jarig jubileum weggegeven om te stimuleren dat tuinen natuurvriendelijker ingericht worden. Wilgen zijn daarbij een onderschatte en onbekende groep. De meeste mensen kennen knotwilgen, treurwilgen en kronkelwilgen, maar weinigen weten dat er wel 300 soorten bestaan met vele nuttige toepassingen en kwaliteiten. Hiervan komen er tientallen in Nederland voor. Knotwilgen zijn geen soort, maar een snoeivorm van boomvormende soorten. Omdat deze soorten zoals de grijze of schietwilg heel snel groeien, storten ze binnen 40-60 jaar onder hun eigen gewicht in. Door ze regelmatig te knotten kan de levensduur tot 250 jaar verlengd worden en komen

er allerlei nuttige producten vrij zoals vlechttenen, palen of brandhout.

Bijzonder

Andere interessante wilgensoorten voor een tuin zijn: boswilgen of grauwe wilgen, die prachtige grote katjes produceren die een sieraad zijn in een vaas (foto). Deze katjes produceren ook veel stuifmeel, wat in maart en april het hoofdvoedsel voor jonge insecten, zoals honingbijen vormt; kruipwilgen worden niet hoger dan 1 meter; goudwilgen hebben prachtige goudbruine takken; laurierwilgen mooie donkergroene glanzende bladeren;katwilgen doen het met lange gedistingeerde bladeren en geoorde wilgen met extra voetblaadjes aan elk blad. En ga zo maar door. En de meeste wilgen kruisen ook nog makkelijk met elkaar, dus tussenvormen zijn er legio. De schors van enkele soorten, zoals amandelwilg en schietwilg, bevatten salicine, dat lang geleden gebruikt werd als pijnstiller(aspirine). Salicine wordt ook gebruikt voor leerlooien.

Waar

Wilgen zijn snelgroeiende pioniersoorten van natte deltagebieden zoals Nederland. Wilgen en vooral knotwilgen hebben mede het aanzien van ons landschap bepaald. De meeste genoemde soorten zijn tot 1 april gratis verkrijgbaar in De Heimanshof.

 vogelsWilde eend1 mei 2010mei

Wilde eend, 1 mei 2010

 wildeeendennestvorkenmes

Het is nu mei en de meeste vogels zijn druk bezig met hun nest. Een broedend vrouwtje zoekt meestal een veilige, verborgen plek op. Twee keer had ik deze week een ervaring met een eendennest. Een eend in het Haarlemmermeerse Bos had zoveel vertrouwen in de mens dat ze haar nest in een plantenbak midden op het terras van het restaurant Vork en Mes had gemaakt (zie foto). De 2e ervaring doe ik bijna elk jaar op in mijn tuin langs de Geniedijk. Het Hoogheemraadschap houdt voor de boeren een laag winterpeil en een 20- 25 cm hoger zomerpeil aan. Dat is op zich onnatuurlijk, want door onze natte winters en droge zomers zijn inheemse planten aangepast aan de omgekeerde situatie. Die peilverhoging is dit jaar rond 23 april ingezet. En dat is elk jaar het moment dat een eend in mijn tuin haar 12 eieren bijna uitgebroed heeft. Op 25 april kwam het nest

onder water en gingen de eieren drijven. Hoeveel watervogels zal dit lot nog meer treffen vraag ik mij af. Graag krijg ik meldingen van andere gevallen. Wilde eenden zijn zeer algemeen in onze streken. Het mannetje of de woerd is prachtig gekleurd met een groene kop en het vrouwtje heeft een prima schutkleur. Hun enige gemeenschappelijke kenmerk is de blauwe vleugelspiegel.

Bijzonder

De wilde eend is sinds 1999 het enige soort waterwild wat bejaagd mag worden. Dat mag van 15 augustus tot 31 januari van een half uur voor zonsopkomst tot een half uur na zonsondergang. Vrouwtjes die hun nest verloren hebben of nog niet broeden worden vaak belaagd door een of meer woerden, die graag een 2e kans benutten om nageslacht te produceren. Het gaat er soms zo heftig aan toe dat vrouwtjes verdronken worden of dat eenden zich tegen auto´s en glazen wanden te pletter vliegen.

Waar

De wilde eend is een veelvoorkomende soort in de gematigde en subtropische wateren in Europa, Noord-Amerika en Azië. De vogel komt ook wel voor in Centraal-Amerika en het Caribische gebied.

 bomenWilde citroen1 jan 2012januari

Wilde citroen, 1 jan 2012

 wildecitroen1

In de serie over bijzondere bomen in de Haarlemmermeer deze week de 4e soort. Dit i.v.m. routes van monumentale en bijzonder bomen, die we willen gaan maken. Deze routes moeten deels te voet (per woonkern), deels op de fiets en deels met de auto te bezoeken zijn. Deze week een wilde citroen uit mijn eigen tuin als inspirerend voorbeeld. Deze extreem gedoornde struik (met doorns tot wel 10 cm lang) kwam spontaan op in de schaduw op het noorden en begon een jaar of 4 geleden prachtige bloemen te krijgen in april/mei. Laat in de herfst werden dit onduidelijke gele vruchten. Jaarlijks nam de bloei en de vruchtzetting toe tot wel 200 stuks dit jaar. Onderzoek leidde naar citrussoorten, die mediterrane of tropische voorkeuren hebben en dus zeker geen winter van 15 graden vorst zouden kunne overleven.

Bijzonder

Toch zijn er citrussoorten, die winterhard zijn: De wilde citroen is een bladverliezende, langzaam groeiende kleine boom die 3 m hoog en breed worden kan worden en

tegen 20 graden vorst kan. Eerst verschijnen de witte, sterk naar sinasappel geurende bloemen. Daarna komen de drielobbige bladeren tevoorschijn. De stengels zijn kantig tot afgeplat en olijfkleurig groen. De gele vruchten lijken op kleine sinaasappels of mandarijnen. Zij bevatten veel pitten, hebben een dun vachtje op hun schil en zijn door hun gehalte aan bitterstoffen niet lekker. Maar zij zijn sierraden voor de tuin. De wilde citroen is zelfbestuivend, bloeit op tweejarige twijgen en wordt vaak gebruikt als onderstam om andere citrussoorten op te enten. In Korea zijn de vruchten bekend als middel tegen verstopping, eczeem en koorts. Sap en vruchtvlees kunnen voor jam gebruikt worden, de schil kan men kandijen.

Waar

De wilde citroen komt in het wild voor in de koude gebieden van Korea, Japan en China. De struik in mijn tuin is de enige van deze soort die ik in de Haarlemmermeer ken. Indien u ook bijzonder bomen kent die de moeite waard zijn in een route opgenomen te worden horen wij het graag.

 wildecitroenbloem

 vogelsWilde Zwaan13 feb 2011februari

Wilde Zwaan, 13 feb 2011

 wide zwaangroot

Naar aanleiding van de column over de kleine wilde zwaan, kwamen er meer meldingen over zwanen. Zwarte zwanen zwommen in de Hoofdvaart bij Abbenes, in de Toolenburgse plas en bij Schiphol-Rijk en in de sneeuw bij de Boseilanden was een hele familiegroep wilde zwanen, bestaande uit een tiental volwassen en jonge exemplaren neergestreken (zie foto).En ook vloog er één zoekend over de Heimanshof. De kleine zwaan en de wilde zwaan hebben beide geel op de snavel. Bij de wilde zwaan is het geel veel prominenter en de soort is bijna zo goot als een knobbelzwaan. De wilde zwaan eet vrijwel uitsluitend waterplanten. In de winter eet hij ook knollen, gevallen en ontkiemend graan en ander plantaardig materiaal.

Bijzonder

Van de zwanen die in het wild voorkomen is dit de minst algemene soort in Nederland. 1500 exemplaren in een winter is al vrij veel. Een stuk minder talrijk dan de kleine zwaan dus. Ook de wilde zwaan is een echte wintergast die afwezig is van mei tot en met september.

In het Frans heet de wilde zwaan zingende zwaan om de luide trompetachtige geluiden die hij vooral tijdens de vlucht maakt. Naast het trompetgeluid kan de wilde zwaan ook vliegend van de knobbelzwaan worden onderscheiden. Zijn vleugelslag maakt itt die van de knobbelzwaan geen fluitend geluid en zijn nek blijft helemaal recht i.p.v. de sierlijke bocht waarin de knobbelzwaan hem houdt.

Waar

Wilde zwanen broeden langs poelen op toendra´s, in veenmoerassen en bij kleine meren in afgelegen gebieden in Scandinavië en het noorden van Rusland en Siberië. In het najaar trekken wilde zwanen naar het zuiden om te overwinteren op de weiden en in plassen. De broedgebieden van de wilde zwaan liggen dichterbij dan die van de kleine zwaan. In zuid Zweden broeden ze al. Maar de meeste broeden in Noord Rusland, Siberië en IJsland. Het lijkt erop dat de Wilde zwanen die op IJsland broeden niet in Nederland overwinteren. De vogels die in Nederland overwinteren komen dus van Scandinavië en Rusland.

 wildezwaanboseilanden

 kleine dierenWijngaardslak13 okt 2006oktober

Wijngaardslak, 13 okt 2006

 wijngaardslak

De wijngaardslak is een grote huisjesslak, die de respectabele leeftijd van 5 jaar kan bereiken. Buiten de Benelux, waar de wijngaardslak vrij zeldzaam is, komt deze soort algemeen voor in grote delen van Europa en is over de hele wereld uitgezet. In Nederland is de wijngaardslak beschermd, en mag niet worden gevangen, laat staan opgegeten.
De wijngaardslak komt voor in bossen, tuinen en graslanden. Een levensvoorwaarde voor deze slak is, dat er flink wat kalk aanwezig moet zijn om zijn huisje van op te bouwen. In de herfst zoekt de slak een schuilplaats op, bijvoorbeeld in een houtstapel, en maakt een dekseltje om zich te beschermen. Zoals bij alle slakken is vorst funest vanwege het waterige lichaam.

Bijzonder

De wijngaardslak is hermafrodiet ofwel tweeslachtig en als twee exemplaren

elkaar in de juiste stemming tegenkomen, vindt paring plaats. Hierbij is één dier passief, en gedraagt zich als vrouwtje. De andere is actief en brengt zaadcellen in het lichaam van de partner door een harde, kalkachtige pijl in het lichaam van het ′vrouwtje′ te schieten, waarna de zaadcellen de eicellen opzoeken. Nadat de ene slak ′geschoten′ heeft, worden de rollen omgedraaid en er vindt dus wederzijdse bevruchting plaats. De eitjes worden in kleine holletjes gelegd en komen na enkele weken uit.

Waar

: De wijngaardslak komt voor in Zuid-Limburg, waar hij door de Romeinen geïntroduceerd zou zijn. Verder is hij door de mens op vele plekken gebracht. Vooral in het Gooi en de kalkrijke Noord- en Zuid-Hollandse Duinen zijn er redelijke populaties. In de Haarlemmermeer is een grote populatie van enige duizenden exemplaren al 30 jaar in De Heimanshof aanwezig. De schelpenpaden, de Mergelheuvel en de grote massa en variatie aan plantensoorten zullen hieraan debet zijn. Het is bekend dat er andere plekken zijn waar de slak voorkomt in de Haarlemmermeer, maar een precies beeld ontbreekt.

Status:Beschermde rode lijst soort

 kleine dierenWezel23 okt 2010oktober

Wezel, 23 okt 2010

 wezelgroot

Het wezeltje is algemener dan andere roofdieren zoals de bunzing, de hermelijn of de vos, die al eerder gemeld en behandeld zijn in deze column. Het heeft ruim 4 jaar geduurd voor er een wezelmelding binnenkwam. Dat gebeurde vorige week toen (waarschijnlijk) een kat in Lisserbroek een wezeltje doodde. Wezels zijn volledig carnivoor, met een sterke specialisatie op woelmuizen. Andere voedselbronnen zijn jonge konijnen, vogels, eieren, kikkers en insecten.

Bijzonder

De wezel is het kleinste roofzoogdier ter wereld. Een vrouwtjeswezel weegt met 35 gram nog minder dan een veldmuis. Mannetjes worden 50- 70 gram. Als wezels jagen, achtervolgen ze prooien tot in hun hol. De dieren moeten ongeveer 1/3 van hun lichaamsgewicht aan voedsel per dag eten en ze zijn daarom ook dag en nacht op jacht. Door

hun geringe lichaamsgrootte en hoge stofwisseling verliezen ze veel warmte en isoleren ze hun hol met veren en pluis. De dieren leven in principe solitair, behalve in de paartijd en in de periode dat de wat grotere jongen samen met hun moeder op jacht gaan. Mannetjesterritoria zijn groter en overlappen met die van verschillende vrouwtjes. De grootte van de territoria hangt af van de muizenstand. Bij mannetjes van 1- 25 ha, bij vrouwtjes van 1 -7 ha. Het gemiddeld aantal jongen is 6, maar kan wel eens het dubbele zijn. In sommige jaren volgt een tweede worp. De jongen zijn al na 3 maanden geslachtsrijp. Per volwassen vrouwtje kunnen er wel 30 nakomelingen per jaar geboren worden. Hoewel wezels 5-6 jaar oud kunnen worden, worden ze meestal niet ouder dan 1 jaar. Nogal wat dieren komen om als verkeersslachtoffer of worden gedood door grotere roofdieren. Huiskatten zijn geduchte wezel-doders.

Waar

Het voorkomen van wezels is gebonden aan de aanwezigheid van woelmuizen en niet aan een bepaald type biotoop. Wezels leven in het hele Noordelijke halfrond, zowel in stedelijke gebieden als op het platteland. Graag ontvang ik meldingen van andere wezels in de polder.

 insectenWespbijen (3)20 mei 2012mei

Wespbijen (3), 20 mei 2012

 wespbijroodspriet3

Dit is de laatste van 3 columns over wespbijen en hun gastheren, de zandbijen. Alle genoemde soorten zijn solitaire bijensoorten, die i.t.t. volkvormende (sociale) honingbijen zo weinig honing verzamelen dat zij geen angel nodig hebben om hun voorraad tegen (grote) rovers te beschermen. Van de 71 zandbijsoorten, die in Nederland waargenomen zijn, komen 14 in de Haarlemmermeer voor, nagenoeg alle in De Heimanshof en Arnolduspark. Van de 43 wespbijsoorten die in Nederland vastgesteld zijn, komen 11 soorten met zekerheid in onze polder voor, ook vooral in en om De Heimanshof. Dat er zoveel soorten in en bij de heemtuin voorkomen, komt door de grote verscheidenheid aan waardplanten die daar voorhanden zijn. Bijna de helft van de wespbijen in de Haarlemmermeer heeft meer dan één gastheer. De gewone wespbij, de gewone kleine wespbij en de sierlijke wespbij hebben ieder twee gastheren, de donkere wespbij en de smalbandwespbij zelfs drie. Het is ondoenlijk om alle soorten zandbijen en wespenbijen te behandelen. Bij wijze van uitzondering is het wellicht een keer illustratief om de veelheid aan soorten en relaties eens op een rij te zetten. Daarom hierbij de door Prof Ernst gedocumenteerde

zandbijen en hun wespbij-parasieten op een rij:

Zandbijen en hun wespbijen in de Haarlemmermeer

Zandbij soort Parasiterende Wespbij
Witbaardzandbij Bleekvlekwespbij
Meidoornzandbij Gewone wespbij (foto bij column1)
Donkere wespbij
Signaalwespbij
Goudpootzandbij Roodzwarte dubbeltand
Grasbij Kortsprietwespbij
Signaalwespbij
Vosje Sierlijke wespbij (foto bij column2)
Roodgatje Gewone dubbeltand
Gewone dwergzandbij Gewone kleine wespbij
Zwartbronzen zandbij Smalbandwespbij
Donkere wespbij
Viltvlekzandbij Gewone wespbij
Smalbandwespbij
Donkere wespbij
Vroege zandbij Geelschouderwespbij
Fluitenkruidbij Langsprietwespbij
Witkopdwergzandbij Gewone kleine wespbij
Grijze rimpelrug Roodsprietwespbij (foto bij column3)

 insectenWespbijen (2)12 mei 2012mei

Wespbijen (2), 12 mei 2012

 wespbijsierlijke2

Wanneer een gastheernest eenmaal gelokaliseerd is, bezoekt het wespbijvrouwtje het nest verschillende keren. Een nest dat reeds voorzien is van stuifmeel, is qua geur aantrekkelijker dan een leeg nest. Wanneer twee wespbijvrouwtjes van dezelfde soort elkaar tegen komen bij een gastheernest, dan gedragen ze zich agressief en proberen elkaar weg te jagen. De vrouwtjes van de zandbijen gedragen zich vreemd genoeg niet agressief t.o.v. wespbijvrouwtjes. Dit komt omdat het wespbijvrouwtje een zelfde geur heeft als het zandbijvrouwtje. Deze geur hebben de wespbijvrouwtjes niet van zichzelf maar komt van klieren van wespbijmannetjes. Tijdens het paren krijgen de vrouwtjes deze geur mee en die blijft lang aan haar hangen. Dit is weer een prachtige 'uitvinding' van de natuur (gezien

van uit de wespbij), dat alleen bevruchte vrouwtjes effectief in zandbijnesten kunnen binnendringen. Een eenmaal gevonden gastheernest wordt regelmatig opnieuw bezocht en in de gaten gehouden. Indien het zandbijvrouwtje zelf aanwezig is, dan blijft het wespbijvrouwtje vaak vlak bij de nestingang. Hierbij gaat ze in een 'loerhouding' roerloos, met de kop in de richting van de nestingang zitten. Wanneer de gastheer wegvliegt, gaat het wespbijvrouwtje het nest in. Ze gebruikt alleen cellen, die pas afgesloten zijn, dus voorzien zijn van voldoende voedsel (stuifmeel). Ze legt meestal twee eieren per broedcel, op voor de soort vaste plekken in de wand van de broedcel. De eitjes komen na ongeveer een week uit. De pas uitgekomen larve gaat eerst op zoek naar het andere Wespbij eitje en vernietigt dat. Het wordt echter niet opgegeten. Vervolgens gaat de larve naar het ei van de gastheer en voedt zich daar mee. Pas daarna gaat de larve eten van de opgeslagen stuifmeelvoorraad. Gedurende deze periode vervelt de larve enkele keren. De gehele ontwikkeling van ei tot volwassen wespbij duurt een paar weken. Op de foto een van de 43 wespbijsoorten: de sierlijke wespbij.

 insectenWespbijen (1)5 mei 2012mei

Wespbijen (1), 5 mei 2012

 wespbijgewone1

2012 is uitgeroepen tot het jaar van bij, om aandacht te vragen voor het belang van bijen en de problemen waar bijen mee kampen . In deze serie columns over solitaire bijen probeer ik u te interesseren voor de fascinerende verscheidenheid in bijen soorten (allen zonder angels!). Na de sachembijen nu een serie over wespbijen. De naam wespbijen zal velen al merkwaardig in de oren klinken, maar in de insectenwereld is de werkelijkheid vaak vreemder dan de wildste fantasieën. In Nederland zijn tot dusver 43 soorten wespbijen ontdekt. Ze heten wespbijen omdat ze op wespen lijken, maar het zijn bijen omdat ze op stuifmeel en nectar worden grootgebracht en niet zoals bij wespen met dierlijke prooien. Maar echt bijachtig gedragen zij zich niet. Ze verzamelen namelijk het stuifmeel en nectar niet zelf en hebben daarom ook geen stuifmeel

korfjes aan hun poten. In gedrag lijken ze ook op wespen, want wespen zijn veelal rovers en ook wespbijen komen aan de kost door roven.

Bijzonder

Wespbijen zijn cleptoparasieten, ook wel koekoeksbijen genoemd. De vrouwtjes maken zelf geen nest, maar leggen hun eitjes in het nest van andere solitaire bijen. Dit gedrag komt bij veel meer bijengeslachten voor. Verreweg de meeste wespbijsoorten parasiteren op één of meer soorten zandbijen. (De 64 soorten zandbijen heten zo omdat zij hun nest uitgraven in spaars begroeide zandplekken; ook zandbijen hebben het relatief zwaar in onze polder omdat er weinig geschikte broedplekken beschikbaar zijn; Een ieder kan daar wat aan doen door in de eigen tuin in de zon een zandhoop in te richten; voor een voorbeeld, bezoek De Heimanshof) Sommige wespbijen zijn parasiet van groefbijen, roetbijen of dikpootbijen. Wespbijen hebben geen vaste woon- of verblijfplaats. 's Nachts slapen ze verborgen in bloemen, of ze bijten zich vast aan plantendelen zoals stengels en bladeren. Bij het zoeken naar de nesten van de gastheer speelt zicht een belangrijke rol. Volgende week meer.

 insectenwc-motmug7 mrt 2015maart

wc-motmug, 7 mrt 2015

 wcmotmuggestippelde

U bent van mij gewend om intrigerende natuurverschijnselen overal vandaan te toveren. Deze week een tropische soort die recentelijk (10 -20 jaar geleden of zo) is meegelift met internationale reizigers.

Zijn levenscyclus is niet heel appetijtelijk, want hij legt z’n eitjes (soms massaal) in de slijmerige prut van gootsteen- en wc-zwanenhalzen. Daar kauwen de larfjes zich door die prut. De volwassen exemplaren houden zich in en bij gootstenen en wc-potten op. Daar kunnen ze jaar rond aangetroffen worden.

Ze heten motmuggen. En om preciezer te zijn wc-motmuggen.

Het zijn circa 5 mm grote zwarte insecten met donkere zware beharing. Die beharing valt af als ze wat ouder worden.

Er zijn inmiddels 2 soorten bekend: de gestippelde wc motmug, die zijn vleugels horizontaal houdt en rijen witte stippels op de randen heeft (foto) en de gewone wc-motmug

die wat kleiner is zonder stippen en die zijn vleugels dakpansgewijs boven zijn lichaam houdt.

In de zomer kunnen de wc-motmuggen ook buiten leven. Daar worden ze soms aangetroffen in compostvaten en -hopen, vooral als deze vol met natte inhoud zitten.

Hoewel hun larvale stadium zich niet afspeelt in de meest fantasievolle omgeving, brengen ze voor zover bekend geen ziekten en plagen met zich mee.

Bijzonder

De wc-motmuggen ken ik zelf al een jaar of 10, maar naar nu blijkt stonden ze tot voor kort niet eens geregistreerd als een soort die in Nederland voorkomt. Dat heeft waarschijnlijk meer te maken met de aandacht voor deze soortgroep dan met hun daadwerkelijke voorkomen.

De levenscyclus van de motmuggen is heel snel: van ei tot volwassen exemplaar duurt ca. 17 dagen. De motmugjes zelf leven ca 10 dagen en na ongeveer 9 uur kunnen ze zich al voort planten met 200-300 eitjes per vrouwtje. Dat kan in korte tijd duizenden nakomelingen opleveren.

Waar

Voor het waarnemen van motmugjes hoeft u de deur niet uit. Ze leven in gootstenen, wcpotten en blubberige composthopen.

 kleine dierenWaterspitsmuis (3)17 mrt 2013maart

Waterspitsmuis (3), 17 mrt 2013

 waterspitsmuis3

In de perioden dat de waterspitsmuis actief is, is hij op zoek naar voedsel, waarbij hij continu in beweging is. Deze actieve periodes duren enkele minuten tot 2 uur en worden onderbroken door rustperiodes. Ze rusten nooit langer dan een uur. De rustperioden worden doorgebracht in ondergrondse holen. Er bestaan 2 groepen spitsmuizen op basis van hun tanden. De helft van de soorten heeft witte tanden. De andere helft, waaronder de waterspitsmuis heeft tanden met rode punten, die hun schedels (vaak in braakballen) een bloeddorstig uiterlijk geven. Op de foto staan drie spitsmuissoorten met rode tandpunten. De tanden zijn spits om levende prooien te kunnen vastpakken en verscheuren.

Waar

De waterspitsmuis komt voor in en langs schoon, niet te voedselrijk, vrij

snel stromend tot stilstaand water met een behoorlijk ontwikkelde watervegetatie en ruig begroeide oevers. Dat is vaak bij beken, rivieren, sloten, plassen en daar waar schoon grondwater opwelt. Ook wordt hij aangetroffen langs de binnenduinrand, natuurlijke duinmeren en kunstmatige infiltratiegebieden. Bovendien moet er in de oevers voldoende schuilmogelijkheid zijn waar de waterspitsmuis zich kan terugtrekken om zijn prooien op te eten. Het verspreidingsgebied van de waterspitsmuis ligt in een groot deel van Europa. Van de Middellandse zee tot in het noorden van Scandinavië. In Nederland heeft de waterspitsmuis een zeer versnipperde verspreiding, maar hij komt het meest voor in de waterrijke provincies Friesland en Overijssel. In Oost- en Zuid-Nederland komt zijn verspreiding overeen met beek- en rivierdalen van de zand- en lössgronden, in laag Nederland betreft het vooral kwelgebieden. Ook in De Heimanshof is de waterspitsmuis in het verleden aangetroffen. De populatie in Poelbroek vlak buiten de Haarlemmermeer bij Vijfhuizen geeft hoop dat deze soort ook in de vochtige veenpolder rond de Eendenkooi Stokman kan voorkomen en langs de steeds frequenter aangelegde ecologische oevers in onze polder.