bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Kweepeer en Merels, 7 okt 2018

 kweepeer

Nog nooit heb ik zoveel reacties op een column gekregen als de vorige over merelsterfte. Helaas niet genoeg om duidelijkheid te krijgen of dat Usutuvirus overal heeft toegeslagen. Het is wel opvallend dat ik over de buxusrupscolumn (met alternatief!), waar duizenden tuintjes door verruïneerd zijn geen enkele reactie kreeg, noch over mollensterfte.

Deze week de Kweepeer, want die is nu oogstrijp. Dat kun je detecteren met je neus. De keiharde kweepeer gaat dan nl zo lekker ruiken, dat een vrucht genoeg is in de wc of auto als luchtverfrisser! De kweepeer komt meer voor dan menigeen denkt. Er bestaan 2 typen: appelvormige soorten (waarvan het sierstuikje in gemeente plantsoen met rode bloemen en gele appeltjes een voorbeeld is) en de peervormige types, die vaak in bomen en stuiken tot een hoogte van 3-4m groeien.

Bijzonder

De kweepeer stond vroeger in elke (boerderij)tuin. Hoewel zijn vruchten keihard zijn en niet zo te eten, werd hij veel gebruikt in

allerlei gerechten. Het woord marmelade is zelfs afgeleid van het(Portugese) woord kweepeer: Marmelo. De kwee bevat nl veel pectine om jam dikker te maken. Zoals veel andere soorten als de kruisbes en de mispel is de kweepeer in onze gemakscultuur een vergeten soort fruit geworden. In alle boomgaarden die wij aanplanten, zetten we een of meer kweeperen. Dat zijn vaak de enige bomen waarvan het fruit het haalt tot rijpheid! (De andere soorten appels, peren en pruimen worden meestal al onrijp geplukt en na een hap (teleurgesteld) weggegooid en dat 500-1000 keer!). De kweepeer draagt meestal zeer rijk en elk jaar weer. In een aantal bomen moesten we dit warme jaar de takken ondersteunen om ze niet te laten breken (foto). Wij gaan kweeperentaart en jam maken. Wie het ook wil proberen kan in ons winkeltje op Park 2020 een paar vruchten komen halen zolang de voorraad strekt.

Waar

De kweepeer komt oorspronkelijk uit de Kaukasus (wet als walnoot, perzik en mispel). Hij gedijt goed op een neutrale bodem en houdt van zon.

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl. Persoonlijk kunnen wij u te woord staan op werkdagen bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp. Alle columns vanaf april 2006 vindt u op www.stichtingmeergroen.nl





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 11 ] Ga naar vorige<<… 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 paardenbijterinsectenPaardenbijter17 sep 2011september

Paardenbijter, 17 sep 2011

 paardenbijter

Je kunt de Nederlandse libellen in 3 groepen indelen. Waterjuffers zijn de kleinste soorten. Zij hebben een smal lichaam van 3-4 cm lang en vouwen hun vleugels net als nachtvlinders boven hun lichaam. De grotere libellen houden hun vleugels uitgespreid. Dat deed de mensen vroeger denken aan glazenmakers, die glasplaten op dezelfde manier op hun rug droegen. De grotere libellen bestaan weer in twee groepen: de middelgrote libellen (van 4- 5 cm lang) en de grootste soorten, die wel 6- 8 cm lang kunnen zijn. Dit zijn de echte glazenmakers. Een van de kleinste en meest algemene glazenmakers is de soort met de intrigerende naam paardenbijter. Alle libellen zijn zeer fotogeniek (zie foto) en hebben een dubbelleven. Uit de overwinterende eitjes komen larven, die in water leven en zeer roofzuchtig zijn. Ze zijn voorzien met uitklapbare kaken, die prooien die flink groter zijn dan

zichzelf aankunnen. Zonder popstadium kruipen de larven het water uit en de volwassen libel kruipt met vleugels en al uit de larve. Dit altijd weer wonderbaarlijke proces vereist alleen nog maar het oppompen van de vleugels. Ook de volwassen libellen zijn rovers die op vliegen en andere prooien jagen in en daarbij vaak 8-vormige banen volgen.

Bijzonder

De naam van de paardenbijter vindt zijn oorsprong in een misverstand. Paarden zijn zeer schrikachtig en kunnen panisch reageren op horzels en dazen. Wat boeren opmerkten was, dat paarden soms panisch werden als er een glazenmaker om hun paard heen vloog. Wat ze niet opmerkten, was dat die paardenbijter bezig was om de dazen en horzels te vangen, waar hun paard zo panisch van werd.

Waar

De paardenbijter houdt van stilstaande en zwak stromende wateren met een rijke moerasvegetatie. Hij komt in heel Eurazië voor en is een goede vlieger die ver kan trekken. Het is een soort die ook in de Haarlemmermeer plaatselijk algemeen is. In augustus en september is hij het talrijkst en kan in groepen en in tuinen worden waargenomen bij het jagen.

 gewonevliegendoderinsectenGewone vliegendoder28 aug 2011augustus

Gewone vliegendoder, 28 aug 2011

 gewonevliegendoder

De meeste mensen krijgen geen positieve gedachten bij wespen. Dat is te "danken" aan de gewone limonade wesp. Dat er duizenden andere wespensoorten in Nederland leven, waar we nooit last van hebben en die een fascinerende verscheidenheid van leefwijzen hebben is niet zo bekend. Wat (de meeste) wespensoorten van bijen onderscheid, is dat zij hun jongen groot brengen met levende prooien, terwijl bijen hun larven voeren met stuifmeel als eiwitbron. Verreweg de meeste wespensoorten zijn sluipwespen. Bijna voor elke soort insect bestaat er wel een gespecialiseerde sluipwespensoort. Daarmee vervullen ze een belangrijke rol in het handhaven van evenwicht in de natuur. Een andere groep wespen bestaat uit graafwespen. Zij ontlenen hun naam aan het feit dat ze gangen graven en deze vullen met 1 of meer prooien, waarbij zij hun eieren leggen. Graafwespen zijn vanwege dit

zware werk meestal nogal groot (2-4 cm). Ook bij deze groep bestaat er een specialisatie naar prooidieren, die in hun namen tot uitdrukking komt: vliegendoders, rupsendoders, spinnendoders, etc. De meeste graafwespen maken nesten in los zand in de zon. Afgelopen week ontdekten we een hele kolonie van graafwespen, die in een diep beschaduwd bos op De Heimanshof tientallen gangen had gegraven.

Bijzonder

De graafwespnesten waren van de gewone vliegendoder. Deze wespen maken holen die loodrecht 30- 40 cm de grond in gaan. Prooidieren zijn vliegen uit de dazen-, wapenvliegen- en snipvliegenfamilies. Afhankelijk van hun grootte, worden er tussen 5-10 vliegen in een nest gebracht. Elk vrouwtje graaft zo"n 10 holen. Om de vliegen te vangen, worden schermbloemigen en vooral berenklauw bloeiwijzen afgezocht, maar ook bij mest wordt er gejaagd. De gewone vliegendoder is een soort die tot diep in oktober actief blijft.

Waar

De gewone vliegendoder is een vrij algemene graafwespensoort. De soort heeft een voorkeur voor open, zandige tot lemige plekken en komt ook voor in stedelijke gebieden.

 eikenbladwespinsectenEikenbladwesp11 aug 2011augustus

Eikenbladwesp, 11 aug 2011

 eikenbladwesp

Eiken zijn bomen die al heel lang in deze regio groeien. Hoe langer een soort ergens voorkomt, hoe meer andere soorten de neiging hebben om de mogelijkheden van die soort te benutten. De eik is daar een perfect voorbeeld van. Er leven honderden soorten met en van de eik. Bv. de Vlaamse gaai en de bosmuis verspreiden zijn eikels. Een paar honderd soorten schimmels leven samen met zijn wortels en krijgen suikers geleverd en zorgen zelf voor mineralen in retour. Ook het legioen insecten dat in en van de eik leeft is groot de vliegend hert larve en boktorren leven in zijn hout en wel 40 soorten galwespen hebben ontdekt dat het veilig toeven is in zwellingen (gallen) die zij produceren door het uitscheiden en inspuiten van een plantenhormoon: de buitenkant van die gallen is een veilige harde beschermlaag en de binnenkant is zacht en geschikt als voedsel voor de larve. En dan zijn

er ook nog tientallen tot honderden kevers en (nacht) vlinders, die van de eikengastvrijheid ge- en misbruik maken.

Bijzonder

De meeste wespen brengen hun larven groot met dierlijke prooien. Daarmee zijn wespen belangrijke plaagbestrijders. Maar in de natuur zijn er altijd uitzonderingen. Bij een heel andere groep wespen, die bladwespen genoemd worden, voeden de larven zich met plantendelen en kunnen bij massaoptreden vooral in rozen en in elzen economische schade veroorzaken. Op de eik komt een groep wespen voor waarvan de larven er uitzien als een kleine naaktslak. Vanwege hun uiterlijk worden ze ook wel bastaardrupsen genoemd. Zij hebben zich gespecialiseerd in het "skelletiseren" van bladeren, d.w.z. zij ontdoen het blad van alle cellen met bladgroen en laten alleen bovenste doorzichtige beschermlaag intact. Je vindt die larfjes door goed op deels licht verkleurende eikenbladeren te letten. Als je die om draait zie je groepjes larven zoals op de foto.

Waar

Eikenbladwespen zijn gebonden aan het voorkomen van eiken in de gematigde loofbossen van het noordelijk halfrond.

 wilgenhaantjeinsectenWilgenhaantje16 okt 2010oktober

Wilgenhaantje, 16 okt 2010

 wilgenhaantje

Kleine Populierenhaan

De Heimanshof heeft inmiddels met de gemeente en Recreatieschap Spaarnwoude 6 ha aan bloemenweides in beheer rond Ravensbos, in Floriande, bij het insectenpad, in de Fruittuinen en op het Groene Carré Zuid. Deze bloemenweides moeten om volgend jaar weer te bloeien, voor 15 oktober weer losgewoelde grond krijgen. De wilgenaanplant in het verlaagde eerste gedeelte van het Groene Carré leek er bij mijn werkbezoeken steeds minder vitaal bij te staan. Bijna alle bladeren vielen weg en dat kwam niet door de herfst, meldde prof. Ernst, mijn vaste steun en toeverlaat voor moeilijke insectenvragen. Het kwam door de kleine populierenhaan, een soort wilgenhaantje. Zowel de larven als de volwassen kevers van deze soort, eten in groepen van het blad van de wilg of populier. Net als het rozemarijngoudhaantje

van vorige week behoort het wilgenhaantje tot de ´goudhaantjes´.

Bijzonder

De meeste goudhaantjes eten van een bepaalde groep planten. Veel Nederlandse namen wijzen hierop: aspergehaantje, elzenhaantje, zuringhaantje enz. Kevers die slechts één plantengeslacht eten, worden monofaag genoemd. Soms gaat dit zover dat de kevers eerder sterven dan een andere plant eten! Het merendeel eet echter van meerdere plantengeslachten. Deze kevers (waaronder de kleine populierenhaan) worden oligofaag genoemd. Zowel de voorkeur om eieren te leggen, als de mogelijkheid om de plant te kunnen eten, zijn genetisch in de kever vastgelegd. De kevers kunnen de afweerstoffen van hun waardplanten opslaan en zijn daardoor zelf giftig worden voor roofdieren. Opvallend gekleurd zijn, heeft daarom een belangrijke afschrikkende functie. Meestal geldt dat blauw meer voorkomt in bos en een goudkleur meer in het open veld.

Waar

De waardplanten van wilgenhaantjes komen vooral voor bij water en staan vaak periodiek in het water. De wilgenhaantjes zijn van oorsprong Europese soorten die zich sinds de ijstijden over een groot deel van de wereld verspreid hebben.

 rozenmarijngoudhaantjeinsectenRozenmarijngoudhaantje9 okt 2010oktober

Rozenmarijngoudhaantje, 9 okt 2010

 rozenmarijngoudhaantje

De zomer ligt al weer achter ons. Dus de tijd van insecten zou voorbij moeten zijn. Maar niets is minder waar. Ik wordt de laatste weken overspoeld met interessante waarnemingen over torren, kevers en andere kruipers. Opvallend is dat er veel ´exoten´ of zo u wilt ´allochtonen´ of ´asielzoekers´ bij zitten. Sommige daarvan zijn absoluut een verrijking van onze fauna, terwijl ander soorten de potentie van een plaag in zich hebben. Een soort die in beide categorieën valt, is het rozenmarijngoudhaantje. Deze prachtige koperrood en -groen gekleurde soort werd in Cruquius waargenomen door een trouwe lezeres en ook al meteen correct op naam gebracht! Zoals de naam al zegt leeft hij (o.a.) op rozemarijn, maar ook lavendel, salie, tijm en munt worden niet versmaad.

Het is een prachtige kever, echter hij kan zo algemeen worden dat van deze soorten niet veel meer overblijft.

Bijzonder

Insecten en speciaal mediterrane soorten hebben de naam warmte minaars te zijn. Het rozemarijngoudhaantje echter niet. In de zomer gaat deze soort in het warme zuiden al in zomerrust als de temperatuur boven de 14 graden Celsius komt. En pas als de dagen korter en koeler worden, wordt hij weer actief. In Nederland is al waargenomen dat de kevers zich pas half december verschuilen voor de koude, om al weer half januari actief te worden. In Nederland worden de meeste waarnemingen wel in de zomer gedaan.

Waar

De latijnse naam van dit goudhaantje is Chrysolina americana. Echter uit Amerika zijn geen waarnemingen bekend. Het is een Zuid-Europese soort die voorkomt van Spanje tot in Frankrijk. Ook in Groot-Brittannië rukt het rozemarijngoudhaantje de laatste jaren op. En nu begint deze soort ook als dwaalgast in Nederland op te duiken. Op Waarneming.nl staan 63 waarneming van ruim 600 exemplaren vermeld over de laatste 5 jaar. De waarneming uit Cruquius met 18 volwassen exemplaren en een paar larven is de eerste uit de Haarlemmermeer.

 bramengalmijtmetmijtinsectenBramengalmijt5 sep 2010september

Bramengalmijt, 5 sep 2010

 bramengalmijtmetmijt

Deze column gaat over een dier dat nauwelijks te zien is en dat op bramen leeft. Sommige braamstruiken krijgen bramen die niet rijp worden. Vooral de bovenste helft van de braam wordt wel rijp, maar de onderste helft blijft rood en smakeloos. Dat wordt veroorzaakt door een miniscuul beestje dat familie is van de spinnen: de bramengalmijt. Dit heet ook wel rode vruchtziekte. Rode vruchtziekte dankt zijn naam aan de rood en onrijp blijvende korrels van bramen. De rode vruchten blijven tot het volgende voorjaar aan de struik hangen.

Bijzonder

De bramengalmijt is 0,18 mm lang, wittig van kleur en heeft twee paar ´poten´. Je hebt een 10-15x vergrotende loep nodig om hem te kunnen zien. Aangezien de bramengalmijt een vrij verborgen levenswijze heeft, is bestrijding niet eenvoudig. De enige

vorm van natuurlijke bestrijding is het verwijderen van aangetaste vruchten om de populatie mijten laag te houden het verwijderen en verbranden van afgedragen stengels vòòr de winter.

Waar

Aantasting van de vruchten ontstaat doordat de bramengalmijt zijn eieren legt in de bloem. De daaruit ontwikkelende mijten zitten in de vrucht en spuiten een stof in de korrels, waardoor deze niet verder rijpen. Van de bramengalmijt overwintert alleen het vrouwtje als volwassen mijt achter de knopschubben of diep in knoppen. Vanaf oktober gaat ze in rust en begin maart komt ze weer tevoorschijn. Ze begint zich te voeden aan de openbrekende knop en de ontvouwende blaadjes. Vanaf begin april legt ze haar eieren tussen de haren aan de onderkant van het blad. Na enkele weken ontwikkelen zich daaruit de larven, die zuigen aan het blad. Vanaf half mei zijn ze ontwikkeld tot volwassen mijten, die vanaf begin juni hun eieren afzetten in de bloemen. Deze ontwikkelen zich vrij snel weer tot een nieuwe generatie mijten en zo kunnen er vanaf augustus tot oktober verscheidene generaties mijten ontstaan. Het zijn de mijten van deze generaties die de deels onrijp blijvende vruchten veroorzaken.

 populierenboktorcombiinsectenGrote Populierenboktor29 aug 2010augustus

Grote Populierenboktor, 29 aug 2010

 populierenboktorcombi

Op het artikel over de boktorren van twee weken geleden, kwamen allerlei reacties over nog minstens 7 in onze polder gesignaleerde soorten. Een aantal hiervan wil ik u niet onthouden. Deze week de Grote Populierenboktor. Deze soort voldoet redelijk aan het imago van boktorren. De grote populierenboktor wordt 2-3 cm groot. Hij leeft in 1 generatie van juli tot november. De volwassen kevers leven van de bladeren van de populier waardoor er gaten in ontstaan. De kever wordt niet vaak gezien omdat hij alleen in de schemer actief is en zich na zonsondergang in de kruin van de boom terugtrekt. Aan het eind van de zomer worden de eitjes één voor één afgezet in de schors van de stam.

Bijzonder

Als de larven uitkomen, leven ze het eerste jaar nog van schors. Pas in het tweede jaar maken ze gangen in het hout waarna uiteindelijk een kamertje wordt uitgeknaagd waarin de verpopping plaatsvindt. De

keverlarve kan ruim 3 centimeter lang worden. De larve is vanwege zijn voedselvoorkeur voor hout van levende populieren schadelijk omdat de gangen de boom verzwakken waardoor deze makkelijker omwaait (Zie foto inzet) Ook tasten de gangen de gezondheid van de boom aan waardoor de bladeren kunnen vergelen. Het is echter vaak moeilijk te zien of een boom is aangetast. Alleen de uitvlieggaten van de kever zijn een aanwijzing maar dan is het al te laat. De uitvlieggaten zijn te herkennen aan hun grootte en de grove boorspaanders.

Waar

De grote populierenbok komt voor in een zeer groot deel van Europa tot in Scandinavië, en is ook in Nederland en België vrij algemeen. Ondanks de nachtelijke levenswijze, waardoor de kever zelden overdag wordt aangetroffen, worden ze wel eens ´s avonds gezien op een zomeravond omdat de kevers op licht afkomen. In onze polder die vol staat met populieren komt hij ook voor, maar wordt zelden gezien.

 populierenboktorlarf

 hartdragendesmalboktorinsectenHartdragende Smalboktor15 aug 2010augustus

Hartdragende Smalboktor, 15 aug 2010

 hartdragendesmalboktor

De afgelopen maand was het nationaal nieuws dat na de eerste vondst van de Oost-Aziatische boktor in Boskoop er maar liefst 2 x een exemplaar (mannetje én vrouwtje) opdook in Floriande. Deze boktor is schadelijk omdat de larve in veel soorten levende bomen leeft en deze dat vaak op den duur niet overleven. Andere soorten schadelijke boktorren zoals de huisbok leven in dood hout en hun larven kunnen de draagkracht van steunbalken ernstig aantasten. Hun larven leven 2-4 jaar in het hout voordat de kevers verpoppen en uitvliegen. Voor mensen die bij het woord boktor nu rillingen over hun rug krijgen, wil ik graag een andere kant van het verhaal belichten. Zo bestaan er wereldwijd wel 20.000 soorten boktorren en in Nederland een stuk op 90. Verreweg de meeste soorten zijn volledig onschadelijk. En niet alleen dat, boktorren behoren tot de mooiste en kleurrijkste

insecten. Je herkent een boktor of hij nu 4 mm of 4 cm groot is, vooral aan zijn voelsprieten, die bijna net zo lang of langer dan zijn lichaam zijn.

Bijzonder

Afgelopen maand werd niet alleen de Oost-Azialtisch boktor in Hoofddorp gevonden. Een bekend bioloog en mijn steun en toeverlaat bij moeilijke vragen van lezers van deze column (professor Ernst) trof op een plant op de parkeerplaats van de Fanny Blankers KoenHal (naast De Heimanshof) ook een interessante boktor aan. Dit bleek na controle in wetenschappelijke kring het eerste ooit in Nederland waargenomen exemplaar van de Hartdragende smalbok te zijn. Deze soort komt normaliter niet ten noorden van de Alpen voor. Ik denk dat dit weer een voorbeeld van een klimaatvolger is. Deze smalbok komt vaak op bloeiende roosachtigen af, maar ook op schermbloemigen en composieten. De larve ontwikkelt zich vermoedelijk in vermolmd loofhout.

Waar

Het waargenomen exemplaar van de Hartdragende smalbok is zo bijzonder, dat hij in de wetenschappelijke collectie van Naturalis in Leiden is opgenomen. Of hij daar bezoek mag ontvangen, weet ik niet.

 citroenlieveheersbeestjeinsectenCitroenlieveheersbeestje29 mei 2010mei

Citroenlieveheersbeestje, 29 mei 2010

 citroenlieveheersbeestje

Lieveheersbeestjes zijn zeer bekende en ook wel gewaardeerde insectensoorten. In Nederland komen een zestigtal soorten voor, die lang niet allemaal rood met zwarte stippen zijn. De grootte van de Nederlandse soorten ligt tussen 2 en 10 mm. De kevers en de larven zijn meestal roofdieren, die vooral leven van bladluizen, maar er zijn ook lieveheersbeestjes met een plantaardig dieet. Een van die vegetarische lieveheersbeestjes is het citroenlieveheersbeestje of 22-stippelig lieveheersbeestje. Dit kleine kevertje wordt 3 tot 4,5 mm lang. In tegenstelling tot de bekende rode lieveheersbeestjes leeft deze soort als volwassen insect niet van bladluizen maar van een schimmelsoort genaamd meeldauw. Meeldauw is een beruchte plantenschimmel. Behalve dat het citroenlieveheersbeestje deze schimmels onschadelijk maakt draagt hij ook bij aan de verspreiding daarvan. Het citroenlieveheersbeestje

dankt zijn naam aan zijn gele kleur, en heeft 22 kleine, ronde zwarte stippen op de dekschilden, het halsschild en de kop. Ook de larve en de pop hebben dezelfde kleuren. Ook de larve leeft van meeldauw. Omdat deze niet kan vliegen draagt de larve veel minder bij aan de verspreiding.

Bijzonder

Als je een lieveheersbeestje plaagt door zachtjes op hem te drukken dan produceert hij een gele vloeistof. Dit gedrag heet ´reflexbloeden´. De vloeistof (hemolymfe), die tevoorschijn komt bij een pootgewricht, heeft een kwalijk geurtje en smaakt erg bitter. Vogels die een lieveheersbeestje oppakken, proeven dit bloed en laten hem dan soms snel vallen. De felle kleur van lieveheersbeestjes is dan ook te beschouwen als een waarschuwing. Dit zie je vaak bij insecten of andere dieren met een giftige of vieze smaak. De vieze smaak wordt veroorzaakt door een stof die per soort verschilt.

Waar

Het citroenlieveheersbeestje heeft een voorkeur voor bosranden en houtwallen. Het is een vrij algemene soort in heel Europa. Door zijn kleine postuur wordt hij vaak over het hoofd gezien.

 muurwespinsectenMuurwesp25 apr 2010april

Muurwesp, 25 apr 2010

 muurwesp

Al 3 weken is het behoorlijk droog en warm. Dat betekent dat een stimulans voor de insectenwereld. De hoogste tijd dus om het insectenhotelproject af te ronden wat we in november gestart zijn. De rijkdom aan mogelijke bouwsels en fascinerende insecten wordt goed geschreven in de website: biodiversiteitsjaar-2010.nl onder ´overzicht´. Daar staan ook de Heimanshoftypen en de aan te treffen soorten. 24 april droegen we 20 van de 24 insectenhotels over aan de nieuwe eigenaars. Een nieuw ontdekte insectenhotel´gast´ is de muurwesp. Deze is verwant aan de gewone wesp, maar is volledig onschuldig, heeft geen angel en leeft niet in kolonies maar alleen. Na de overwintering zoekt het vrouwtje een holle rietstengel, een oude kevergang in hout of een ander holletje. Per broedcel brengt ze 2-4 larven van kleine vlinders en bladkevers en sluit deze met klei af. De aantallen kever- en/of vlinderlarven bepalen de broedcellen in een gang. Uiteindelijk wordt het hele nest met een extra dikke prop afgesloten, bestaand uit zaagsel gemengd met klei dat met in de

krop meegevoerd water vermengd wordt. Om die reden werden muurwespen vroeger metselwespen genoemd. De muurwesp kent 2 generaties per jaar van half april tot begin oktober.

Bijzonder

Als de nesten eieren van beide seksen bevatten dan worden de eieren die later vrouwtjes leveren het eerst gelegd en aan het eind volgen de eieren van toekomstige mannetjes, die dus ook meer aan parasieten blootstaan. De muurwespen worden geparasiteerd door de schitterende gekleurde goudwesp. De goudwesplarve komt iets eerder uit en vreet eerst het eitje van de muurwesp op, en daarna de aanwezige prooidieren.

Waar

De muurwesp is in de Haarlemmermeer nog vooral bekend uit Hoofddorp. In de Heimanshof komen drie soorten muurwespen voor die moeilijk uit elkaar te houden zijn. In Europa komen tientallen soorten voor, sommige in noordelijk landen en andere in zuidelijke. We houden ons aanbevolen voor meldingen van muurwespen van buiten Hoofddorp.

 muurwespmanenvrouw

 houtbij1insectenHoutbij23 okt 2009oktober

Houtbij, 23 okt 2009

 houtbij1

Op het Tolheksbos meldde een oplettende lezer, dat bijzonder grote pikzwarte bijen zich in haar tuin in een berkenstammetje hadden ingevreten. Zij had zelfs al de naam van deze bij gevonden: de blauwzwarte houtbij. Een mannetje was zo vriendelijk bij mijn bezoek (20 oktober!) bij een waterig herfstzonnetje naar buiten te komen en vertoonde daarbij gedrag dat ik uit Italië kende:linea recta vloog hij naar een naburige passiebloem om na luttele seconden volgetankt met nectar weer naar zijn holletje terug te keren. De blauwzwarte houtbij is een solitaire bijensoort (zie ook de columns over de wormkruidzijdebij en de muurrrouwzwever op De Heimanshofwebsite). Terwijl een hommel- of honingbijenkoningin vele werksters heeft, werkt een solitaire bijenvrouw alleen, met af en toe bezoek van een mannetje.

Bijzonder

De houtbij is één van de grootste bijen van Europa. Behalve de grootte is ook de kleur bijzonder: zwart met een dieppaarse glans. De houtbij is niet agressief

en steekt alleen in uiterste nood, en dan alleen de vrouwtjes (3 cm) want mannetjes (2 cm) hebben geen angel. Zowel de mannetjes als de vrouwtjes overwinteren, om in het voorjaar te paren. De eitjes worden afgezet in pas afgestorven hout, dat nog een harde structuur heeft, b.v. in lariks, pruim, kers of berk. Het vrouwtje knaagt nesttunnels die 30 centimeter lang kunnen zijn en stouwt het einde vol met nectar en stuifmeel als voedsel voor de larven. Op iedere voedselvoorraad wordt een eitje afgezet, de eitjes worden in aparte kamertjes afgezet en gescheiden door houtsnipperschotjes.

Waar

De houtbij is een zuidelijke soort die de laatste jaren vaker gesignaleerd wordt: op de Veluwe, bij Rotterdam, in het Gooi en bij Uithoorn. De waarneming in het Tolheksbos is de eerste uit de Haarlemmermeer. De betreffende tuin ligt vlak bij de bloemrijke ecologische IJtochtzone die De Heimanshof i.s.m. de gemeente heeft aangelegd. Mogelijk is deze bloemenrijkdom mede een reden dat deze soort daar is neergestreken.

 houtbij2

 compostduizendpootgrootinsectenCompostduizendpoot27 sep 2009september

Compostduizendpoot, 27 sep 2009

 compostduizendpootgroot

De aanleiding voor deze column was de groentetuinactiviteit van de jeugdnatuurclub. De deelnemende kinderen worden steeds alerter op de natuur om hen heen en proberen elkaar af te troeven met nieuwe ontdekkingen. Er kwam zoals gebruikelijk van alles boven water, zoals koolrupsen, parelstuifzwammen, lieveheersbeestjes en zelfs een heuse koekoekshommel. Maar de topper van een dag was voor Kenmar Kuiper met een lichtschuw, zeer dun en 7 cm lang rennend wezen, dat een compostduizendpoot bleek te zijn. Duizendpoten hebben per segment één paar poten, kunnen hard lopen, zijn felle rovers en hebben gif, waarmee ze hun prooi kunnen verlammen. Ze eten insecten, slakken en wormen, pissebedden en spinnen, die ze verlammen en daarna in stukjes knippen. De kop van een duizendpoot heeft ook 2 grote voelsprieten en puntogen, waarmee ze alleen licht en donker mee kunnen onderscheiden. Nederlandse soorten zijn ongevaarlijk maar kunnen wel bijten. De beet voelt aan als een wespensteek. Vijanden van duizendpoten zijn grotere roofinsecten, zoals loopkevers, amfibieën en vogels.

Bijzonder

Duizendpoten worden in het Engels

(centipede) en in het Duits (Hundertfüsser) "honderdpoot" genoemd. Wat wij in Nederland ´miljoenpoot´ noemen, heet in het Engels millipede (dus ´duizendpoot´). Duizendpoten zijn gevoeliger voor droogte dan miljoenpoten. Ze zijn daarom vooral ondergronds of ´s nachts en na regen actief. Eitjes worden meestal bewaakt door het vrouwtje, die ze ook schoonhoudt om beschimmeling en uitdroging te voorkomen. Als de nimfen net uit het ei kruipen hebben ze altijd minder segmenten en poten dan volwassen dieren. Bij iedere vervelling komt er een segment met potenpaar bij. Het duurt vaak enkele jaren voor een nimf volwassen is. De gewone duizendpoot kan 5-6 jaar worden.

Waar

In Nederland komen 2 typen duizendpoten voor: de kortere, bredere en vaak donkere soorten, die hard kunnen lopen en de langere, blekere soorten, die wat minder snel zijn en in de grond leven. Beide typen vind je vooral onder stenen en hout. De compostduizendpoot is met ruim 110 paar poten één van de langste soorten van ons land. Zijn vorm maakt het deze soort mogelijk om in wormengangen onder de grond en in losse aarde van onder andere composthopen te leven

 compstduizendpoot2