bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Buxusproblemen?, 20 jul 2018

 buxusproblemen

Dit jaar heb ik bij het lopen voor collectes wel 1000 huizen, dus ook voortuinen bezocht. In wel 400 van die tuinen stonden buxusstruikjes. Hetzij solitair of in al-of-niet tuin dominerende heggen. En van die 400 buxuscreaties waren er nog ongeveer 5 intact groen. Bij navraag bleek dat meestal te gaan om mensen die de bui van de buxusmot hadden zien aankomen en met (veel) gif gestrooid hadden. De buxusmot invasie die nu zo’n 2 jaar aan de gang is heeft dus aardig om zich heen gegrepen. Ik durf mijn steekproef nauwelijks om te rekenen naar de impact in de hele Haarlemmermeer, laat staan heel Nederland.

Bijzonder

In De Heimanshof hebben we ook buxusstruiken, vooral als heggetjes in de klooster-/kruidentuin. Ook daar kwam vorig jaar de buxusmot in en ik had me als beheerder al verzoend met de gedachte dat het ook bij ons afgelopen zou zijn dit jaar. Maar

wie schetst mijn verbazing dat week na week verstreek en dat ondanks het ideale (warme en droge) buxusmotweer de heggetjes geen schade kregen en de aangetaste stukken zich zelfs herstelden. (foto). Dat vraagt natuurlijk om een verklaring. Het enige wat ik kan bedenken is dat in het normale stedelijke milieu de biodiversiteit redelijk tot zeer beperkt is, zeker waar de meeste tuinen bestraat zijn (ook niet erg goed voor het opvangen van de te verwachten hoosbuien en hittestress van de klimaatverandering die er in hoog tempo aan zit te komen). Maar in De Heimanshof hebben we een maximale biodiversiteit, zowel veel vogels (in aantal en soorten) en enorm veel insecten: zowel insecten die planten eten, maar ook heel veel soorten die andere insecten lusten. Daarom denk ik dat in een milieu met veel biodiversiteit zoals in De Heimanshof het probleem zich zelf oplost of niet de vorm van de catastrofe aanneemt zoals in de rest van het stedelijk gebied.

Waar

?

Graag hoor ik van andere plekken waar het buxus probleem niet optreedt. Wie weet komt daar een structurele oplossing uit. Maar meer gevarieerd ecologisch groen overal, lijkt me sowieso een aanrader.





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 18 ] Ga naar vorige<<… 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 vogelsIJsduiker14 jan 2012januari

IJsduiker, 14 jan 2012

 ijsduikermetrivierkreeft

Ik onderbreek de serie over bijzondere bomen met het verhaal wat de vogelaarswereld in de wijde omgeving deze week op scherp zette: de waarneming van een ijsduiker in de ringvaart tussen Lisserbroek en Cruquius. De ijsduiker is een grote vogel van 70-90 cm lang. We zien deze vogels in Nederland alleen in de winter en dan meestal alleen op zee. De stormen van de afgelopen tijd heeft deze zeevogel wellicht verleid om rustiger water op te zoeken. Net als alle leden van de zeeduikerfamilie leeft de ijsduiker van vis, maar ook van kreeftachtigen (zie foto van ’onze’ vogel met een Rivierkreeft; en ook filmpjes op youtube). Hij duikt meestal op 2-4 m, maar is ook op 200 m diepte aangetroffen. Een voorwaarde is dat het water helder is, want de vogel jaagt op zicht.

Bijzonder

De ijsduiker

staat van alle vogels het dichtst bij de oervorm van de vogels van 100 miljoen jaar geleden. Dat komt vooral tot uitdrukking in het feit dat hij nog massieve botten heeft en alle andere vogels holle (dus lichte) botten, wat helpt bij het vliegen. De ijsduiker is dus voor een vogel erg zwaar. Deze zware botten zouden helpen bij het duiken. Zo elegant en snel de ijsduiker zwemt, zo log en onhandig is hij op land en bij het vliegen. In de broedtijd maakt de vogel een merkwaardig klagend geluid. Het geluid is typerend voor de Canadese wildernis en wordt wel met het gelach van een gek vergeleken, vandaar de Noord-Amerikaanse naam: loon (van loony: gek).

Waar

De ijsduiker broedt bij voorkeur bij grote, ongestoorde en afgelegen meren met diep, open water in de noordelijke naaldwoudzone en toendra, zoals de binnenmeren van Alaska, Canada, Groenland en IJsland. ’s Winters trekt hij ver naar het zuiden: in Europa van Noorwegen tot Portugal en in Noord-Amerika tot Californië en de Golfkust. In Europa broedt hij alleen op IJsland (100-300 paren). In Nederland is het een zeldzame gast met slechts 10-20 stuks per jaar langs de kust. Heel zelden worden ook vogels in het binnenland gezien.

 bomenPlataan8 jan 2012januari

Plataan, 8 jan 2012

 Plataan_stam

I.v.m. routes van monumentale en bijzonder bomen, die we willen gaan maken deze week een 5e voorbeeldsoort in de hoop dat u massaal ook uw favoriete bomen daarvoor aanmeld. Er staan op veel plaatsen platanen in de Haarlemmermeer. Daarvan hebben er 15 een monumentaal karakter. De dikste is ruim 4 m in omtrek. Waar die staat, komt in de monumentale bomenroute te staan als de eigenaar toestemming geeft. De plataan is een tot 30 m hoge loofboom, die meteen te herkennen is aan de stam. De schors laat namelijk in grote plakken los, waardoor lichtgekleurde vlekken ontstaan(zie foto). Het woord plataan komt van het Griekse platys wat plat of breed betekent. Dat heeft te maken met de brede kroon van de boom. De bladeren van de plataan zijn stug en verteren niet makkelijk (inzet foto). Dat is wel eens een probleem in de herfst met bladeren ruimen. Een plataan kan door zijn sterke bladeren goed tegen de zon en tegen smog van industriegebieden. In zuidelijke landen is het daarom een veel gebruikte schaduwboom. Ook tegen snoeien is hij goed bestand. Platanen in straten

wordt daarom vaak gekandelaberd. D.w.z. de stam met overgebleven korte zijtakken lijkt op een kandelaar.

Bijzonder

Het hout van een plataan is vrij hard, niet duurzaam en dus niet geschikt voor buitenwerk. Het is licht van kleur en mooi gevlamd en wordt daarom gebruikt in de meubel- en wagenmakerij, voor het vervaardigen van kisten, piano’s en voor houtsnijwerk. Vanwege zijn zelfsmerend vermogen gebruikt men plataanhout voor bureauladen.

Waar

Er komen 2 soorten voor in de polder: de Oosterse plataan die inheems is in Zuid- Europa en een kruising tussen de Oosterse en de Westerse plataan (inheems in Amerika). Deze kruising wordt veel gebruikt omdat de Oosterse in zijn jonge jaren vorstgevoelig is. Een paar mooie exemplaren staan bij het Oude Raadhuis in Hoofddorp. Als laanboom staat de plataan o.a. in de Burg. Amersfoordtlaan in Badhoevedorp en in de Parklaan in Hoofddorp staan o.a gekandelaberde exemplaren.

 plataanblad

 bomenWilde citroen1 jan 2012januari

Wilde citroen, 1 jan 2012

 wildecitroen1

In de serie over bijzondere bomen in de Haarlemmermeer deze week de 4e soort. Dit i.v.m. routes van monumentale en bijzonder bomen, die we willen gaan maken. Deze routes moeten deels te voet (per woonkern), deels op de fiets en deels met de auto te bezoeken zijn. Deze week een wilde citroen uit mijn eigen tuin als inspirerend voorbeeld. Deze extreem gedoornde struik (met doorns tot wel 10 cm lang) kwam spontaan op in de schaduw op het noorden en begon een jaar of 4 geleden prachtige bloemen te krijgen in april/mei. Laat in de herfst werden dit onduidelijke gele vruchten. Jaarlijks nam de bloei en de vruchtzetting toe tot wel 200 stuks dit jaar. Onderzoek leidde naar citrussoorten, die mediterrane of tropische voorkeuren hebben en dus zeker geen winter van 15 graden vorst zouden kunne overleven.

Bijzonder

Toch zijn er citrussoorten, die winterhard zijn: De wilde citroen is een bladverliezende, langzaam groeiende kleine boom die 3 m hoog en breed worden kan worden en

tegen 20 graden vorst kan. Eerst verschijnen de witte, sterk naar sinasappel geurende bloemen. Daarna komen de drielobbige bladeren tevoorschijn. De stengels zijn kantig tot afgeplat en olijfkleurig groen. De gele vruchten lijken op kleine sinaasappels of mandarijnen. Zij bevatten veel pitten, hebben een dun vachtje op hun schil en zijn door hun gehalte aan bitterstoffen niet lekker. Maar zij zijn sierraden voor de tuin. De wilde citroen is zelfbestuivend, bloeit op tweejarige twijgen en wordt vaak gebruikt als onderstam om andere citrussoorten op te enten. In Korea zijn de vruchten bekend als middel tegen verstopping, eczeem en koorts. Sap en vruchtvlees kunnen voor jam gebruikt worden, de schil kan men kandijen.

Waar

De wilde citroen komt in het wild voor in de koude gebieden van Korea, Japan en China. De struik in mijn tuin is de enige van deze soort die ik in de Haarlemmermeer ken. Indien u ook bijzonder bomen kent die de moeite waard zijn in een route opgenomen te worden horen wij het graag.

 wildecitroenbloem

 bomenAmberboom25 dec 2011december

Amberboom, 25 dec 2011

 amberboom2

Deze week weer aandacht voor bijzondere bomen in de Haarlemmermeer i.v.m. de routes van monumentale en bijzonder bomen, die we willen gaan maken. Deze routes moeten deels te voet (per woonkern), deels op de fiets en deels met de auto te bezoeken zijn. Wij vragen u monumentale of andere bijzondere bomen, die voor zo"n route in aanmerking komen, door te geven met hun bijzonderheden. Deze week de amberboom als inspirerend voorbeeld. De naam amberboom komt van de gomhars (amber) die door insnijding uit de bast gewonnen wordt. De amberboom kan wel 45 m hoog worden, maar wordt in Nederland meestal niet hoger dan 10 tot 20 m. De jonge bast is roodbruin, later wordt deze grijsbruin en diep gegroefd.

Bijzonder

Bij oudere bomen worden op de takken en twijgen grote grillige kurklijsten gevormd (zie foto) . Het blad heeft bijzonder diepe rode, gele en oranje herfstkleuren(zie inzet in de foto). Zijn bladeren geven bij wrijven

een aangename zoete geur af. De amberboom wordt bij ons vooral geplant om zijn prachtige herfstkleuren. De amberhars die uit de boom gewonnen wordt, wordt door de parfumindustrie gebruikt. In de Verenigde Staten gebruikt men deze amberhars ook voor kauwgom (sweet gum) en voor het aromatiseren van snoep, dranken en tabak. In het verleden was de hars ook een bestanddeel van schoencrème. In de volksgeneeskunde is de hars een onderdeel van producten tegen verkoudheid en huidziektes. Het roodbruine hout wordt gebruikt voor fineer en meubels.

Waar

De amberboom is een loofboom die van oorsprong voorkomt in het oosten van Noord-Amerika. In Europa wordt de amberboom als sierboom aangeplant. Ook in de Haarlemmermeer staat deze boom af en toe in tuinen en in het openbaar groen. Een fraai exemplaar staat net buiten De Heimanshof aan de Wieger Bruinlaan op de hoek met de hockeyvelden. Ook in het bomenpad in het Haarlemmermeerse Bos is de boom aan te treffen.

 amberboomcombi

 bomenGinkgo17 dec 2011december

Ginkgo, 17 dec 2011

 ginkgoblad

Ginkgo of Tempelboom

Deze week weer aandacht voor bijzondere bomen in de Haarlemmermeer i.v.m. bomenroutes. Deze routes moeten deels te voet (per woonkern), deels op de fiets en deels met de auto te bezoeken zijn. Wij vragen u monumentale of andere bijzondere bomen, die voor zo\'n route in aanmerking komen, door te geven met hun bijzonderheden. Deze week de Ginkgo of Tempelboom als voorbeeld. De Ginkgo is een levend fossiel uit de tijd voor de dinosauriërs, zo\'n 270 miljoen jaar geleden. Ongeveer 7 miljoen jaar geleden verdween de Ginkgo uit N-Amerika en ongeveer 2.5 miljoen jaar geleden uit Europa. In 1691 werd de soort in China bij kloosters in de bergen herontdekt.

Bijzonder

De Ginkgo is een evolutionaire overgangsvorm tussen naaldbomen en loofbomen. Dat is te zien aan de bladeren die lijken

te bestaan uit netjes naast elkaar liggende naalden(foto). De kroonvorm van de Ginkgo is zeer onregelmatig. De Ginkgo kent zowel vrouwelijke als mannelijke exemplaren. Dat verschil is pas bij volwassen bomen na 20 jaar te zien. De boom wordt circa 40 m. hoog. Ginkgo vruchten zijn abrikoosvormig met een zilveren gloed. Wereldwijd zijn er minder vrouwelijke Ginkgobomen dan mannelijke. Dit komt omdat de mens selectief mannelijke bomen aanplant: rotte vruchten geven nl. butaanzuur af, wat ruikt als ranzige boter. De inhoud van de zaden wordt in China en Japan beschouwd als delicatesse. Zowel de vruchten als de bladeren worden voor vele medicinale toepassingen gebruikt. In Japan wordt de boom als een god vereerd. Het feit dat 4 bomen in Hiroshima de atoombom overleefden, heeft hier wellicht aan bijgedragen.

Waar

Lange tijd kwam de Ginkgo in grote delen van de wereld veel voor (Azië, Europa en Noord-Amerika). De oudste Ginkgo in de Haarlemmermeer staat op het kerkhof van de Hoofdvaartkerk en dateert uit de eerste jaren na de drooglegging. In de Bijbelse tuin achter de Katholieke Kerk aan de Kruisweg staan een groot mannelijk en vrouwelijk exemplaar van zo\'n 100 jaar oud, naast elkaar.

 bomenMammoetboom10 dec 2011december

Mammoetboom, 10 dec 2011

 mammoetbomgroenweelde

De meest karakteristieke boom van de Haarlemmermeer is de populier. In onze ca. 160 jaar oude polder staan ook interessantere bomen, zoals de ca. 500 op de monumentale bomenlijst van de gemeente. Maar er zijn nog meer bomen die ecologisch of cultuurhistorisch de moeite waard zijn. Daarom zijn we begonnen met een project om monumentale en andere bijzondere bomen "op de kaart te zetten". Deze routes moeten idealiter deels te voet (per woonkern), deels op de fiets en deels met de auto te bezoeken zijn. Graag vragen wij hierbij uw medewerking door monumentale of andere bijzondere bomen die voor een dergelijke route in aanmerking komen, door te geven, met hun bijzonderheden. Ter inspiratie behandelen we in de komende weken vast een aantal bijzonder bomen. Vandaag de mammoetboom. Mammoetbomen of sequoia\'s komen uit N- Amerika. Ze behoren tot de

grootste en oudste levende organismen op aarde. Er bestaan 2 soorten. De rode sequoia, die 150 m hoog kan worden en de mammoetboom die niet zo hoog maar wel enorm dik kan worden. De oudste exemplaren hebben een omvang van ruim 25 m, een hoogte van 83 m en een leeftijd van 3200 jaar. De Groene Weelde is een recreatiegebied dat voor de Floriade van 2002 is aangelegd. Het grootste deel ervan bestaat uit bosplantsoen van inheemse soorten. Op een aantal plekken staan groepjes mammoetbomen. Een aantal daarvan is goed aangeslagen. Laten we hopen dat ze de kans krijgen om een respectabele omvang te krijgen die bij deze soort hoort. De zeer dikke schors is zo zacht dat men ertegen kan stompen zonder zich te verwonden. Door zijn dikke schors en zijn hoogte is de boom beschermd tegen bosbranden.

Waar

De mammoetbomen groeien op de vochtige hellingen van de stille oceaan in Californie tot Canada, De oudste mammoetbomen in Europa zijn 150 jaar oud en hebben inmiddels een stamomvang van 8 m. In de Groene Weelde staan er een 30 tal waarvan de grootste een hoogte van 8 m heeft (foto) en één staat er in het bomenpad in het Haarlemmermeerse bos.

 paddenstoelenOesterzwam3 dec 2011december

Oesterzwam, 3 dec 2011

 oesterzwamgroot

Oesterzwam en andere soorten

Hoewel dit najaar bijzonder droog was, is er toch wel genoeg vocht beschikbaar voor veel paddenstroei. Het bijzondere van paddenstoelen is dat ze soms elk jaar op dezelfde plaats en tijd verschijnen (zoals de grijze en geschubde inktzwammen in gazon) en dat sommige schijnbaar uit het niets verschijnen om pas jaren later of nooit meer terug te keren. Dat en de vele vormen, kleuren en korte groeiperioden maakt het altijd weer spannend om ze te \'spotten\'. Schattig zijn b.v takruitertjes. De kleinste paddenstoeltjes, die er nog uitzien als een paddenstoel: ze groeien massaal op dunne takjes die op de grond liggen en zijn ca 3 mm hoog en breed. Op een populier in Jeugdland en een beuk op de Heimanshof verscheen de eigele slijmvoetbundelzwam. Prachtig om te zien met donkerbruine schubjes op de glibberig heldergele hoed. En grijze oesterzwammen koloniseerden massaal een oude eikenstam op de Heimanshof.

Bijzonder

De oesterzwam

is een zeer smakelijke soort die ook commercieel beschikbaar is. De soort ontleent zijn naam aan het feit dat hij de vorm heeft van een oesterschelp. Deze oesterschelpen groeien in bundels. Er bestaan verschillende rassen of soorten. Naast de in het wild veel voorkomende grijze oesterzwam is er een witte, een roze en een gele variant. Ook in de natuur is de oesterzwam variabel van kleur. En de verschillende kleuren smaken vaak ook weer anders. Een oesterzwam hebben we met de kinderen van de jeugdclub geproefd en hij smaakte best stevig en kruidig. Andere rassen zijn zoetiger, pittiger of vissig van smaak. In tegenstelling tot champignons houd je bij bakken veel meer \'vlees\' over. Omdat er minder vocht in zit.

Waar

De oesterzwam komt voor op hout van loofbomen en groeit in de herfst en de winter. De soort komt zowel voor op dood als op levend hout. In dat laatste geval zou hij parasitair kunnen zijn en de levende boom kunnen aantasten. Gekweekt worden ze op geprepareerd stro. De soort is vrij algemeen in Nederland.

 oesterzwam

 plantenGrote Kroosvaren27 nov 2011november

Grote Kroosvaren, 27 nov 2011

 grotekroosvarengroot

Het najaar is bijzonder droog en zacht geweest. Door het ontbreken van nachtvorst en de hoge temperaturen maken we een soort 2e lente mee, waarin allerlei soorten opnieuw gaan bloeien of door blijven groeien. Dat gebeurt niet alleen op het land maar ook op het water. Een soort waarvoor ik deze week uw aandacht wil vragen in dat verband is de grote kroosvaren. Het is de grootste van 8 soorten kroos in ons land. Vandaag zag ik een sloot die zo dicht begroeid was dat meerkoeten er overheen konden lopen! De grote kroosvaren groeit bijzonder snel om dat hij alleen voorkomt waar hij veel water, voedsel en zonlicht aantreft: elke week een verdubbeling van plantjes! Maar onder dergelijke 10 cm dikke kroospakketten sterft veel leven uit door gebrek aan zonlicht.

Bijzonder

De grote kroosvaren is zowel wel als niet een exoot. Het is nl een plantje dat goed gedijt in warmte. Het kwam massaal voor in ons land tussen voorgaande ijstijden en is tijdens de laatste ijstijd weer

uitgestorven. Dat bleef zo tot ergens vorige eeuw. In Amerika is het plantje niet door de ijsmassa"s "doodgedrukt" tegen bergmassa"s als de Alpen en de Pyreneeën omdat de Amerikaanse gebergtes van Noord naar Zuid Lopen. Daarom is dit plantje daar blijven overleven en is het vorige eeuw door een onverlaat uit de Verenigde Staten meegenomen en al of niet per ongeluk in Europese buitenwater uitgezet. Sinds die tijd neemt het onze sloten en vooral die in West Nederland weer stormenderhand in bezit. Bij vorst sterft het plantje af, maar de sporen overleven de vorst en vandaar uit verspreid hij zich weer het volgende jaar. Dit jaar zijn de kroosvarenpakketten door het zachte najaar extra dik. Dat kan leuk worden als de klimaatverandering verder door zet.

Waar

De grote kroosvaren houdt van zonnige plaatsen in ondiep, zoet of zwak brak, stilstaand water met een bodem van klei of laagveen en is daarom vrij algemeen in het westen en midden van het land en zeldzaam in het oosten en zuiden.

 grotekroosvaren

 insectenHoutsluipwesp24 nov 2011november

Houtsluipwesp, 24 nov 2011

 houtsluipwespborend

Eind oktober verscheen er op het insectenhotel van De Heimanshof een sprietmager 7 cm lang insect. 3 cm daarvan bestond uit een enorme legboor. Dat is de grootste sluipwesp en wellicht over het langste insect van Nederland (soms wel 8 cm lang): de houtsluipwesp. Sluipwespen zijn misschien wel de meest talrijke insectengroep. Bijna voor elke insectensoort bestaan er gespecialiseerde sluipwespen. Hun rol is het handhaven van het natuurlijk evenwicht in de insectenwereld. Sluipwespen eten hun prooien van binnenuit levend op. Onze houtsluipwesp is gespecialiseerd in het opsporen van graafwespen, metselbijen en bladsnijderbijen waarvan de larven diep in dood (eiken)hout leven.

Bijzonder

De houtsluipwesp kan larven van haar prooisoorten diep in het hout opsporen. Haar voelsprieten hebben een zeer scherpe reukzin, en kunnen lutttele moleculen van kenmerkende stoffen van hun prooisoort detecteren. Na de ontdekking stelt kromt een vrouwtje zich in een bijna onmogelijke

bocht boven de larve waarbij haar 3 cm lange boor tussen haar voelsprieten in het hout gedrukt wordt (zie inzetfoto). Door een langzaam draaiende beweging drukt zij de deze steeds verder het hout in. Zeker bij eikenhout is dit een immense prestatie. De operatie kan een uur duren. Als de boor de larve bereikt wordt deze eerst verlamd met gif en daarna wordt er een eitje in gelegd. Het is een indrukwekkende prestatie om zowel de prooi zo diep in het hout te ontdekken, een ragdunne boor diep het hout in te drijven en hem er ook nog weer onbeschadigd uit te trekken. Probeer zelf maar eens een naald 3 cm diep in hout te steken! En hoe de ragfijne sluipwesp (van 4- 8 cm lang) zich weer uit 3 cm hout een weg baant is ook weer een prestatie. Slechts 20 % van de eitjes lukt het om als volwassen insect uit te vliegen.

Waar

De houtsluipwesp is van vroeg in de zomer tot ver in de herfst op dood hout te vinden. Bij voorkeur op eikenhout. De soort komt in heel Europa voor, maar wordt in Nederland zelden waargenomen.

 houtsluipwesplengte

 paddenstoelenVoorjaarspronkridderzwam24 nov 2011november

Voorjaarspronkridderzwam, 24 nov 2011

 voorjaarspronkridderzwam

Ik heb het al vaker genoemd, maar voor een oplettend oog is de natuur om ons heen altijd vol van verrassingen. Wellicht de eerste verrassing voor sommigen is dat er niet alleen paddenstoelen voorkomen in de herfst, maar ook in elk ander jaargetijde. Zo is april altijd de tijd van de morieljes en kwamen er recentelijk in De Heimanshof prachtige grote honingzwammen tevoorschijn uit een stam. Maar ook voor mij was het deze week een verrassing dat ondanks het al bijna 2 maanden droge weer er toch hele heksenkringen van paddenstoelen in het gazon bij mijn tuin verschenen. Omdat ik deze soort nog niet kende ben ik op onderzoek uitgegaan. Daar kwam uit, dat deze voorjaarspronkridderzwam normaliter in mei boven de grond komt. In warmere landen zoals Italië verschijnt hij al in maart. De zomerse en niet

bij april horende temperaturen van deze periode verklaren waarom deze soort al zo vroeg verscheen.

Bijzonder

De voorjaarspronkridderzwam is een mooie stevige paddenstoel (zie foto) met een hoed van 5-15 cm diameter. Hij is blank wit met fraaie ook witte dicht opeen staande sporenplaatjes. Zijn wetenschappelijke naam Calocybe is ook afgeleid van zijn fraaie uiterlijk en betekent letterlijk: ´mooi kopje´. De soort komt veel in heksenkringen voor. In Engeland staan heksenkringen die zo groot zijn, dat men denkt, dat ze al eeuwen oud zijn. De soort is ook eetbaar. In boter gebakken zou het een delicatesse zijn. In Oost-Europa wordt de voorjaarspronkridderzwam in commerciële hoeveelheden verzameld en uitgevoerd. Pas op bij zelf verzamelen. Er zijn een paar enigszins gelijkende soorten die maar 1x eetbaar zijn.

Waar

De voorjaarspronkridderzwam is niet zeldzaam. Hij wordt zowel in bebost terrein en in graslanden aangetroffen en met name in gebieden waar er kalk in de grond zit. Het lijkt erop dat de schelpen in de Haarlemmermeerse oude zeekleigronden net als voor de veel orchideeën in onze polder ook voor deze soort een gunstige voedingsbodem vormen.

 plantenMispel (2)13 nov 2011november

Mispel (2), 13 nov 2011

 Mispel2.groot

Vorige week verscheen de introductie over de mispel. Deze week het vervolg met de bijzonderheden en waar deze soort voorkomt en zich thuis voelt. Op landgoederen en in kasteeltuinen werden in de Middeleeuwen mispels gehouden om de laxerende werking van de vrucht. Ook verlichten mispels menstruatiekrampen. Een uit zaad voortgekomen mispel groeit langzaam en wordt een heester. Het zaad kiemt moeilijk en moet eerst behandeld worden om de kiemrust op te heffen. De meest verwante soort van de mispel is de meidoorn en kan daarmee door middel van enten of oculeren worden verenigd. Als onderstam kan ook een wilde peer of kweepeer worden gebruikt. Een dergelijke onderstam zorgt ervoor dat de mispel op stam groeit, een forse struik wordt en bovendien meer vruchten in een betere

regelmaat geeft.

Waar

Mispels hebben een niet te natte, kalkrijke grond nodig en zijn zonaanbidders. Drieduizend jaar geleden werd de mispel al in de omgeving van de Kaspische Zee aangeplant en kwam 700 v.Chr. naar Griekenland en 200 v.Chr. naar Rome en werd door de Romeinen verder verspreid door Europa. Het was een zeer belangrijke vrucht tijdens het Romeinse Keizerrijk en Middeleeuwen nog voor de introductie van andere fruitsoorten in West-Europa. De mispel werd in de Middeleeuwen vooral in Frankrijk, Duitsland en Nederland aangeplant in kloostertuinen. In Duitsland kwam deze soort verwilderd veel voor in de bossen, waardoor men dacht dat de boom daar inheems was. Linnaeus gaf daarom aan de mispel z"n Latijnse naam Mespilus germanica. In de Heimanshof staat op de mergelheuvel een grote mispelboom die elk jaar volop vruchten draagt.

 Mispel2ookgroot

 plantenMispel (1 )6 nov 2011november

Mispel (1 ), 6 nov 2011

 mispel1

De hoofdbezigheid in de natuur is om jaarrond aan voedsel te komen. Tot voor kort gold dit ook voor de mens. Met de opkomst van koel- en andere conserveringstechnieken is dat niet meer nodig en daarmee is ook de bijbehorende kennis grotendeels verloren gegaan bij de meeste mensen. Kenmerk van de meeste "vergeten" gewassen is dat ze weliswaar niet de meest optimaal tongstrelende kwaliteiten hadden, maar dat ze tenminste beschikbaar waren als ze het meeste nodig waren. Een van die bijna verdwenen gewassen die aan deze eisen voldoet is de mispel. In De Heimanshof staat een exemplaar die elk jaar rijkelijk vrucht draagt. De mispel vormt een kleine boom die ongeveer 4,5 m hoog kan worden. De mispel bloeit in West-Europa in mei en juni met circa 4 cm grote, crèmewitte bloemen (zie foto). Mispel bevrucht zichzelf, dus zijn twee exemplaren voor de bestuiving en vruchtzetting niet nodig. Er worden droge kleine harde goudbruine vruchten gevormd, die in oktober

rijp, maar dan nog ongenietbaar, melig en wrang, zijn. Na de eerste nachtvorsten worden ze zacht en bruin, en dan kunnen ze wel gegeten worden. Aanbevolen wordt ze in oktober of november na een nachtvorst te plukken en ze met de bovenkant naar onderen twee tot drie weken te bewaren op een koele plaats. De vrucht wordt "beurs" waarbij de kleur via een fermentatieproces verandert van groen/wit naar donker bruin. De smaak verandert daarbij van wrang naar weeïg zoet. Ook is het mogelijk de vruchten enkele dagen in de diepvriezer te leggen, waarna ze gegeten kunnen worden. Voor sommigen is de mispel een lekkernij. Het gezegde: ïZo rot als een mispelï slaat dus in feite op een lekkernij. Als de mispel zacht is, is hij maar een paar dagen te bewaren; hij kan dan gemakkelijk gaan schimmelen en echt gaan rotten. Een mispel is sappig met een zoetzure smaak. Er kan heerlijke jam of gelei van worden gemaakt. Dit is de eerste van 2 columns over de mispel. Volgende week het vervolg.

 mispel-beurs