bovenfoto

Columns:

Sinds april 2006 is er elke week de natuurcolumn 'Ontdek de Flora en Fauna van de Haarlemmermeer' verschenen in de Hoofddorpse Courant.
Deze column heeft ten doel belangstelling voor de verrassende verscheidenheid van planten en dieren in onze leefomgeving te wekken.

 

Hieronder staat de column van deze week en daar onder kunnen alle tot dusver verschenen columns opgevraagd worden. U kunt deze selecteren en sorteren op categorie, onderwerp, het jaar en de tijd van het jaar. Combinaties zijn ook mogelijk. Ga naar de oudere columns

florafauna

Kweepeer en Merels, 7 okt 2018

 kweepeer

Nog nooit heb ik zoveel reacties op een column gekregen als de vorige over merelsterfte. Helaas niet genoeg om duidelijkheid te krijgen of dat Usutuvirus overal heeft toegeslagen. Het is wel opvallend dat ik over de buxusrupscolumn (met alternatief!), waar duizenden tuintjes door verruïneerd zijn geen enkele reactie kreeg, noch over mollensterfte.

Deze week de Kweepeer, want die is nu oogstrijp. Dat kun je detecteren met je neus. De keiharde kweepeer gaat dan nl zo lekker ruiken, dat een vrucht genoeg is in de wc of auto als luchtverfrisser! De kweepeer komt meer voor dan menigeen denkt. Er bestaan 2 typen: appelvormige soorten (waarvan het sierstuikje in gemeente plantsoen met rode bloemen en gele appeltjes een voorbeeld is) en de peervormige types, die vaak in bomen en stuiken tot een hoogte van 3-4m groeien.

Bijzonder

De kweepeer stond vroeger in elke (boerderij)tuin. Hoewel zijn vruchten keihard zijn en niet zo te eten, werd hij veel gebruikt in

allerlei gerechten. Het woord marmelade is zelfs afgeleid van het(Portugese) woord kweepeer: Marmelo. De kwee bevat nl veel pectine om jam dikker te maken. Zoals veel andere soorten als de kruisbes en de mispel is de kweepeer in onze gemakscultuur een vergeten soort fruit geworden. In alle boomgaarden die wij aanplanten, zetten we een of meer kweeperen. Dat zijn vaak de enige bomen waarvan het fruit het haalt tot rijpheid! (De andere soorten appels, peren en pruimen worden meestal al onrijp geplukt en na een hap (teleurgesteld) weggegooid en dat 500-1000 keer!). De kweepeer draagt meestal zeer rijk en elk jaar weer. In een aantal bomen moesten we dit warme jaar de takken ondersteunen om ze niet te laten breken (foto). Wij gaan kweeperentaart en jam maken. Wie het ook wil proberen kan in ons winkeltje op Park 2020 een paar vruchten komen halen zolang de voorraad strekt.

Waar

De kweepeer komt oorspronkelijk uit de Kaukasus (wet als walnoot, perzik en mispel). Hij gedijt goed op een neutrale bodem en houdt van zon.

Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl. Persoonlijk kunnen wij u te woord staan op werkdagen bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp. Alle columns vanaf april 2006 vindt u op www.stichtingmeergroen.nl





Meldingen van bijzondere dieren en planten kunt u doorgeven aan info@stichtingmeergroen.nl .

Persoonlijk kan Franke van der Laan u te woord staan op werkdagen tussen 9:00 en 12.30
en op woensdag tot 17:00 uur bij De Heimanshof, Wieger Bruinlaan 1-7 in Hoofddorp.


Oudere columns:

 

SELECTIEMENU; selecteer op:

categorie
en/of
titel zoekterm

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/of
maand
en/of
jaar
 
 

SORTEREN: klik op de kopjes in de titelbalk om de sortering te veranderen

 

Blz [ 13 ] Ga naar vorige<<… 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 …>> volgende

thumb

categorie: titel: datum: maand:

open/dicht

 regenworm2kleine dierenRegenworm (2)15 apr 2013april

Regenworm (2), 15 apr 2013

 regenworm2

Bijna alle lichaamssegmenten van regenwormen hebben kleine borstels, die grip geven bij graven.
Regenwormen worden op basis van hun levenswijze ingedeeld in 3 groepen.

Soorten die leven in de strooisellaag blijven klein en graven geen gangen. Deze soorten verkleinen bladafval.

Andere soorten leven in de toplaag van de bodem en graven horizontale tunnels. Deze wormen breken bladafval af en zorgen voor beluchting.

De 3e groep graaft diepe, verticale tunnels. Deze soorten hebben kleuren en worden het grootst. Door hun tunnels wordt de bodem beter belucht en kan water worden afgevoerd. Bij het graven van gangen wordt veel materiaal opgenomen, maar grond bevat maar een deel van het benodigde voedsel. Een ander deel bestaat uit plantendelen die in het hol worden getrokken en vervolgens worden voorverteerd in de mond en door bacteriën.

Regenwormen staan aan de basis van vele voedselketens en dienen als voedsel voor veel vogels, zoogdieren, insecten, naaktslakken en platwormen . Vooral (spits)muizen en mollen eten veel regenwormen.

Bijzonder

Regenwormen kunnen niet overleven in te zure grond, zoals veen. Hierdoor worden plantenresten niet op grote schaal omgezet in mineralen, en kan turf ontstaan.

De gewone regenworm kan een totale lichaamslengte van 30 cm bereiken. De reuzenregenworm uit Australië wel 3 m. De regenworm speelt een zeer belangrijke rol in het verbeteren van de bodemstructuur. Hij graaft lange tunnels waardoor de bodem wordt belucht. Dit heeft als gevolg dat bacteriën dieper in de bodem kunnen leven, die de afbraak van organische stoffen verder versnellen. Door de tunnels van regenwormen kunnen plantenwortels makkelijker en dieper de bodem in. Daarnaast wordt de waterhuishouding van de grond beter, omdat water door de tunnels beter in en uit de bodem en vastgehouden kan worden, al naar de omstandigheden. Ook de omzetting van bladafval in mineralen is belangrijk voor de bodem en plantengroei. Door wormen is (onbetreden) bosgrond los en luchtig.

 regenworm1kleine dierenRegenwormen (1)7 apr 2013april

Regenwormen (1), 7 apr 2013

 regenworm1

Iedereen kent regenwormen. Maar ze zijn zo interessant en er bestaan zoveel misconcepties over, dat er 4 columns nodig zijn voor een redelijke behandeling.

Regenwormen behoren tot de ringwormen. Dit is zijn wormen die de zee verlaten hebben en in zoetwater maar ook op het land kunnen leven. Regenwormen zijn meestal in grote aantallen te vinden. Het lichaam van regenwormen is net als bij alle ringwormen opgebouwd uit segmenten of ringen. De segmenten zijn binnen in het lichaam gescheiden door een wand. Door deze segmentwanden heen lopen de spijsverteringskolom, de aderen, de zenuwstreng en bepaalde klieren. Deze klieren werken als nieren, waarmee stoffen als urinezuur, zouten en ammoniak worden afgevoerd en water wordt teruggewonnen uit afvalstoffen.

Het lichaam van de regenworm kan bestaan uit 100-150

segmenten. Verharde structuren zoals tanden of kaken ontbreken. Een regenworm heeft geen ogen of oren maar kan wel trillingen en geschikte voedingsbronnen waarnemen. De lichaamsholten zijn met een vloeistof gevuld en staan onder druk, wat de worm stevigheid geeft.

Net als andere ongewervelde dieren hebben ze geen hersenen maar een aantal knooppunten waar de zenuwen samenkomen, bv in de mondflap. De mondflap is een belangrijk lichaamsdeel omdat het dient als een tastzintuig bij het zoeken naar voedsel. Deze ‘bovenlip’ dient ook als grijporgaan. Regenwormen hebben geen ogen, maar zijn wel gevoelig voor licht. De regenworm heeft geen speciale ademhalingsorganen, maar wel een gesloten bloedvatensysteem, waarmee door de huid zuurstof opgenomen wordt en uit de darm opgenomen voedingsstoffen worden getransporteerd.

De gewone regenworm heeft vijf paar harten en dus tien harten in totaal. Om het lichaam van zuurstof te voorzien, hebben regenwormen net als gewervelde dieren rood bloed, maar geen rode bloedcellen. Omdat regenwormen soms in zuurstofarme omstandigheden belanden, zoals bij langdurige overstromingen van het land, kan hun bloed veel zuurstof opnemen.

 roodborstlijstervogelsRoodborstlijster31 mrt 2013maart

Roodborstlijster, 31 mrt 2013

 roodborstlijster

De roodborstlijster is een prachtig gekleurde lijsterachtige die in Amerika algemeen is. Het is een trekvogel die net als de Kramsvogel en de Koperwiek een krachtige vlucht heeft. Het wordt ook onder de Europese vogels gerekend als een zeer zeldzame dwaalgast (in 10 jaar 3 meldingen in Nederland). Recentelijk was er opwinding in vogelaarsland toen er in Hoofddorp bij het station een en mogelijk 2 exemplaren werden waargenomen. De roodborstlijster is een uitermate fraai gekleurde vogel(foto). Beide geslachten zijn vrijwel gelijk, alleen zijn de vrouwtjes wat doffer van kleur. De mannen hebben een nagenoeg zwarte kop met een zwart-wit gestreepte keel. Om het oog zit een opvallende, onderbroken witte ring. Aan de oranjerode borstkleur hebben de vogels hun naam te danken. Die kleur doet denken

aan de borstkleur van het bekende Europese roodborstje. Om die reden wordt deze vogel in Amerika Robin (Roodborstje) genoemd.

Bijzonder

De roodborstlijster zou je de Amerikaanse merel kunnen noemen, want de gedragingen van deze vogelsoort komen op heel wat punten overeen met onze merel. Zo heeft hij zich, net als de merel in Europa, van schuwe bosvogel ontwikkeld tot een cultuurvolger. De vogel heeft een groot deel van zijn aangeboren schuwheid afgelegd, leeft graag in de buurt van mensen en is tot in de grote steden te vinden in tuinen, parken en op sportterreinen etc. Als er maar bosjes, gecombineerd met grasvelden of gazons zijn, dan is hij er te vinden. Hij nestelt, evenals zijn neef de merel, op de meest uiteenlopende plaatsen.

Waar

De roodborstlijster is een echte trekvogel. Met name uit Alaska en uit Canada komen vogels die ieder jaar grote trektochten ondernemen tot in Mexico. De roodborstlijsters uit het midden en zuiden van de V.S. zijn standvogels. Soms raken de vogels tijdens stormen uit de koers boven de Atlantische oceaan. Tijdens zo’n tocht wordt er onderweg soms meegelift op zeeschepen en bereiken ze soms de kusten van Europa.

 tepelgalvlieg1insectenTepelgalvlieg23 mrt 2013maart

Tepelgalvlieg, 23 mrt 2013

 tepelgalvlieg1

In deze column hebben we al eens een aantal soorten wespen behandeld, die voor hun larven en hun nageslacht een comfortabele plek hebben weten te creëren door planten aan te zetten tot de vorming van gallen. Gallen, die aan de buiten kant een harde beschermlaag vormen en aan de binnenkant een eetbare substantie. Geen wonder dat er alleen al in Nederland ruim 2000 galvormende insecten zijn ontstaan, waaronder ook muggen,vliegen en motten. Op bladeren en stengels worden de meeste gallen gevonden, maar ook op eikels, knoppen en bloemen en wortels van alle denkbare soorten zijn er gallen te ontdekken. Maar de soort die we vandaag behandelen, heeft wel een hele curieuze manier ontwikkeld: De tepelgalvlieg legt zijn eieren onder een meerjarige verhoutende paddenstoel: De platte tonderzwam. Dat hij onder de brede hoed van de tonderzwam groeit, is natuurlijk handig tegen de regen. De platte tonderzwamtepelgalvlieg is 4-5 mm lang en behoort tot de familie van breedvoetvliegen (foto onder) . Er bestaan 250 soorten breedvoetvliegen wereldwijd. In Europa

is dit de enige breedvoetvlieg die gallen op paddenstoelen vormt.

Bijzonder

Omdat de platte tonderzwam meerjarig is, blijven de gallen lang onder de zwam zitten. De zwam vormt tijdens en na de galvorming nieuw sporenvormend weefsel om de gal heen (zie foto boven). Uiteindelijk verdwijnen de gallen in dit weefsel, waarop in volgende jaren weer nieuwe gallen kunnen worden gevormd. Er zijn in en op zo’n tonderzwam wel eens 600 gallen geteld. Verschillende graafwespen, solitaire bijen en sluipwespen nestelen graag in oude, verlaten gallen. Galbewoners hebben zoals vele andere organismen ook hun vijanden. Niet alleen vogels weten de larven in de gallen te vinden, ook bepaalde parasieten kraken het huisje van de galverwekker. Zo zijn sluipwespen geduchte vijanden van galbewoners.

Waar

De tonderzwamtepelgalvlieg komt voor in het noorden van Azië en in Europa en natuurlijk alleen waar tonderzwammen groeien.

 tepelgalvlieg2

 waterspitsmuis3kleine dierenWaterspitsmuis (3)17 mrt 2013maart

Waterspitsmuis (3), 17 mrt 2013

 waterspitsmuis3

In de perioden dat de waterspitsmuis actief is, is hij op zoek naar voedsel, waarbij hij continu in beweging is. Deze actieve periodes duren enkele minuten tot 2 uur en worden onderbroken door rustperiodes. Ze rusten nooit langer dan een uur. De rustperioden worden doorgebracht in ondergrondse holen. Er bestaan 2 groepen spitsmuizen op basis van hun tanden. De helft van de soorten heeft witte tanden. De andere helft, waaronder de waterspitsmuis heeft tanden met rode punten, die hun schedels (vaak in braakballen) een bloeddorstig uiterlijk geven. Op de foto staan drie spitsmuissoorten met rode tandpunten. De tanden zijn spits om levende prooien te kunnen vastpakken en verscheuren.

Waar

De waterspitsmuis komt voor in en langs schoon, niet te voedselrijk, vrij

snel stromend tot stilstaand water met een behoorlijk ontwikkelde watervegetatie en ruig begroeide oevers. Dat is vaak bij beken, rivieren, sloten, plassen en daar waar schoon grondwater opwelt. Ook wordt hij aangetroffen langs de binnenduinrand, natuurlijke duinmeren en kunstmatige infiltratiegebieden. Bovendien moet er in de oevers voldoende schuilmogelijkheid zijn waar de waterspitsmuis zich kan terugtrekken om zijn prooien op te eten. Het verspreidingsgebied van de waterspitsmuis ligt in een groot deel van Europa. Van de Middellandse zee tot in het noorden van Scandinavië. In Nederland heeft de waterspitsmuis een zeer versnipperde verspreiding, maar hij komt het meest voor in de waterrijke provincies Friesland en Overijssel. In Oost- en Zuid-Nederland komt zijn verspreiding overeen met beek- en rivierdalen van de zand- en lössgronden, in laag Nederland betreft het vooral kwelgebieden. Ook in De Heimanshof is de waterspitsmuis in het verleden aangetroffen. De populatie in Poelbroek vlak buiten de Haarlemmermeer bij Vijfhuizen geeft hoop dat deze soort ook in de vochtige veenpolder rond de Eendenkooi Stokman kan voorkomen en langs de steeds frequenter aangelegde ecologische oevers in onze polder.

 waterspitsmuis2kleine dierenWaterspitsmuis (2)10 mrt 2013maart

Waterspitsmuis (2), 10 mrt 2013

 waterspitsmuis2

De waterspitsmuis heeft giftig speeksel. Dit wordt vooral gebruikt om prooidieren als vissen en kikkers te verlammen, die groter kunnen zijn dan hijzelf (foto). De waterspitsmuis leeft solitair. Alleen in de voortplantingstijd leven meerdere dieren bijeen in een los familieverband.

Het voedsel van de waterspitsmuis bestaat uit prooidieren die hij zowel op het land als in het water vangt. Zijn voedsel bestaat voornamelijk uit insecten en andere ongewervelden zoals kreeftachtigen, waterslakken, kevers, motten, vliegen, larven en wormen. Daarnaast eet hij ook kleine vissen, amfibieën(eieren) en aas. Soms legt de waterspitsmuis een voorraad aan. Waterspitsmuizen eten per dag minstens hun eigen lichaamsgewicht en kunnen twee dagen zonder

voedsel.

De waterspitsmuis is vrij luidruchtig. Hij maakt fluitende kreten, trillers en schrille krijsende en sissende geluiden.

Bijzonder

De waterspitsmuis is in Nederland bedreigd en staat op de rode lijst als kwetsbaar. Dit is het gevolg van de vernietiging van hun leefgebied door o.a. de aanleg van waterwegen, de drainage van landerijen, het verwijderen van oevervegetatie en watervervuiling.

Ook in veel Europese gebieden is de populatie van waterspitsmuizen hierdoor teruggelopen. Maar omdat ze zo klein en ongrijpbaar zijn, is het moeilijk een juiste schatting te maken van de mate van achteruitgang. Natuurlijke bedreigingen van de waterspitsmuis zijn kerkuil, steenuil, steenmarter en boommarter. Daarnaast worden waterspitsmuizen ook wel gevangen door o.a. bunzing, kat, vos en ransuil, maar niet door hen opgegeten. Dit komt omdat spitsmuizen, vooral de mannetjes, een ranzig ruikende stof uitscheiden en dan door deze geur of smaak niet worden opgegeten.

De waterspitsmuis is een ontzettend schuw dier, dat zich dood kan schrikken van een plotseling, hard geluid. De soort is zowel overdag als ′s nachts actief, maar vooral voor zonsopgang.

 waterspitsmuis1kleine dierenWaterspitsmuis (1)3 mrt 2013maart

Waterspitsmuis (1), 3 mrt 2013

 waterspitsmuis1

Afgelopen zaterdag werkte ik mee aan een project vlak bij Vijfhuizen net over de ringvaart. Een ruig en nat weiland, genaamd Poelbroekpark. Met 10 man deden we het achterstallig maaiwerk wat paarden de jaren ervoor gedaan hadden. De snijdende koude voelden we niet door het harde werken en vooral de vele leuke dingen die we zagen: een vossenburcht en maar liefst een stuk of 10 bijzonder spitsmuizen: de waterspitsmuis had het hier goed naar zijn zin. Normaliter zijn deze dieren in de ruige natte gebieden waar ze leven niet te vinden of te vangen, maar door het maaien krioelden ze overal. Zoals de naam doet vermoeden, zijn waterspitsmuizen waterdieren. Spitsmuizen zijn verder geen gewone muizen die zaad of gras eten, maar het zijn jagende carnivoren. Er zijn 6 spitsmuissoorten in Nederland,

waarvan de waterspitsmuis de grootste is. En de specialiteit van de waterspitsmuis is jagen onder water. Ook loopt hij over de bodem van het water. Hij kan tot 20 seconden onder water blijven. De waterspitsmuis zwemt met zijn staart en poten. De onderzijde van de staart is voorzien van rijen witte borstelharen, die dienen als een soort kiel bij het zwemmen en franje bij met name de achterpoten en zwemvliezen. De oren liggen geheel verborgen in de vacht en worden bedekt door huidflapjes tegen inkomend water. Hij heeft kleine zwarte ogen en een spitse snuit met lange witte snorharen. De vacht is waterafstotend, door de afscheiding van vetklieren, die hij op het land door zijn vacht poetst. Als een waterspitsmuis zwemt, blijven er luchtbellen tussen de vacht zitten, waardoor deze een zilveren kleur krijgt (foto). Deze luchtbellen houden warmte vast, maar zorgen er ook voor dat de waterspitsmuis blijft drijven. Om bij de bodem te komen, moet een waterspitsmuis met een sprong het water induiken. De waterspitsmuis heeft gevoelige, beweeglijke snorharen en een spitse snuit, waarmee hij naar prooi kan zoeken in de modder en onder steentjes. Volgende week verder.

 eik4bomenEikenbijzonderheden (4)25 feb 2013februari

Eikenbijzonderheden (4), 25 feb 2013

 eik4

Ook de naam Holland heeft met eiken te maken. Holland komt niet van ‘hol’ maar van ‘Holt’. Onze veengebieden bestonden vroeger uit machtige eikenbossen. Veeboeren op veenweides stuiten nog steeds elk jaar op enorme stammen van eiken die in het veen verzonken waren en die door het inklinken en vervliegen van het veen bovengronds komen, zogenaamde veeneiken (foto).

De grootste eik van Groot-Brittannië is ca 1000 jaar en heeft een stamomtrek van 12,7 m. De Chêne du Tronjoli (ook 1000 jaar) staat op een boerderij in Bretagne. De Kongeegen in Denemarken wordt op 1000 - 1400 jaar oud geschat. Op de Veluwe zijn eikenhakhoutbosjes gevonden die mogelijk al meer dan 1500 jaar om de 8- 10 jaar zijn ‘geoogst’. In vroeger tijden waren eikels vooral belangrijk als varkensvoer. Eikenhout is hard en sterk. En wordt nog steeds

gebruikt als constructiehout, voor parket, deuren en voor de bouw van bruggen en steigers.

De bast bevat, evenals het hout van de oudere bomen, looistoffen die gebruikt worden bij de leerindustrie. Door koken komen de waardevolle looizuren vrij die gebruikt worden voor het looien van huiden. Als dit looizuur met ijzer reageert ontstaat Oost-Indische inkt. Dat proces is te zien bij het omzagen van een eik: op de zaagsnede vormen zich zwarte vlekken. Op eiken komen zeer veel gallen voor. Wel 40 soorten galwespen gebruiken alle onderdelen van de eik:het blad, bladknoppen, eikels, takken en zelfs wortels. De galwesp en zijn larve geven een soort plantenhormoon af dat de plant aanzet tot het vormen van een verdikking. Deze is meestal hard aan de buitenkant en zacht en smakelijk van binnen en vormt een veilige en ideale plek om op te groeien voor jonge galwespen.

Waar

In alle gebieden boven de evenaar groeien eiken. Uitgestrekte eikenwouden besloegen ooit grote delen van Europa. Van deze oerbossen is er nog maar weinig overgebleven. Groot-Brittannië heeft de grootste en mooiste ongerepte oerbossen van Noordwest-Europa waar nog veel eiken staan.

 eik3bbomenEik (3)17 feb 2013februari

Eik (3), 17 feb 2013

 eik3b

De Steeneik kan 20 m hoog worden, maar is meestal vele kleiner omdat hij vooral op onvruchtbare rotsige plekken groeit. Hij heeft een korte stam en een brede, ronde kroon. De bladeren zijn hard en leerachtig en glanzend donkergroen en blijven jaren aan de boom, terwijl alle andere eiken bladverliezend zijn. Ze lijken op hulstbladeren en hebben ook stekels. Hij komt voor in het Middellandse Zeegebied tot aan de zuidrand van de Alpen. De boom is niet winterhard en staat daarom in de mediterrane kas van De Heimanshof. Vroeger bedekten wouden van steeneiken grote delen van het Middellandse Zeegebied. Hij is nu teruggedrongen tot steeds kleiner wordende arealen. De steeneik levert zeer hard, zwaar hout dat azijnhout genoemd wordt. Het leent zich voor onderdelen die zwaar belast worden, in de wagenmakerij en in molens voor de kammen van de wielen.

De Libanese eik blijft een vrij kleine boom van maximaal 8 m. Zijn bladeren zijn langwerpig en zaagvormig gelobt met een punt. Hij komt voor van Libanon tot in Iran

en is beperkt winterhard. Ook deze groeit daarom in de mediterrane kas van De Heimanshof.

Bijzonder

Eik is een Oud-Germaans woord en betekent boom. In Nederland en België kennen wij de zomer- en wintereik (Quercus robur en Quercus petraea). Robur betekent hard (eiken)hout en petraea van de rotsen omdat deze eik met arme grond, zelfs rotsgrond, genoegen neemt.

Het Griekse woord voor eik is drus en dat lijkt op het woord druïde voor de Keltische priesters, die ook wel eikmensen genoemd werden. Eiken waren voor de Kelten Heilige bomen en werden vereerd. Bij de Hettiten, Perzen, Grieken en Romeinen was de eik symbool voor wilskracht. De eik was voor veel volkeren een magische boom. De Griekse geschiedschrijver Tracitus schrijft dat de Germanen geen tempels kenden, alleen heilige wouden. Hij was erg onder de indruk van de machtige eikenbossen in Duitsland. Aan de voet van eiken spraken zij recht, brachten zij offers en begroeven zij hun doden.

 eik3a

 eik2bomenEik (2)10 feb 2013februari

Eik (2), 10 feb 2013

 eik2

De Hongaarse Eik kan tot 40 m hoog worden en heeft een brede kroon en hoogopgaande takken.

Langs de Hoofdweg-Oost in Hoofddorp tussen het Griekse restaurant en Quick-fit staan de enige drie Hongaarse eiken die wij ontdekt hebben, maar die mogen er dan ook zijn. Ze zijn ca 90 jaar oud en de dikste is ruim 2.5 m in omtrek. Deze soort komt uit de Balkan en met je vindt hem met name in Servië, Bulgarije en Roemenie. Het gekke is dat de boom nauwelijks in Hongarije voorkomt.

Deze eik houdt van zware, voedzame, iets zure gronden die in het voorjaar nat is en in de zomer kurkdroog. Hij houdt niet van een hoge grondwaterstand en heeft een hekel aan kalk. Opvallend is dat de bladeren aan de uiteinden van de takken zitten. Daardoor krijgt de boom een open kroon.

De

bladeren zijn met 10- 20 cm, erg groot en glanzend groen met ronde lobben en verkleuren in de herfst van geel naar bruin(Zie foto). De eikels worden voor 1/3 tot de helft omsloten door het napje.

De Amerikaanse eik komt, zoals de naam zegt uit Amerika en is goed winterhard. Het mooiste exemplaar in onze polder staat langs de Kromme Spiering weg (bij nr 289) en ook langs de Hoofdvaart voor het Oude Raadhuis staan er een aantal. Deze eik krijgt in de herfst mooi rood blad. Dit blad is opvallend groot (tot 22 cm) en geeft geen ronde maar puntige lobben. Hij kan 25 m hoog worden en groeit extra breed uit (foto). De Amerikaanse eik wordt niet zo oud. Met 80 jaar is het meestal wel gebeurd. Het hout van de Amerikaanse eik is minder waardevol dan dat van de zomer- en wintereik. Het rode herfstblad wordt veel gebruikt voor bloemstukken, meestal in combinatie met chrysanten. De eikels hebben een 2-jarige ontwikkelingscyclus. In het eerste jaar worden ze bestoven. Het worden dan kleine groene vruchtjes. Pas in het tweede jaar vindt de echte rijping plaats. De eikels worden dan groter dan die van zomer-en wintereik. Ze hebben ook een extra puntje waardoor ze als tolletjes zijn te gebruiken.

 eik1bomenEik (1)7 feb 2013februari

Eik (1), 7 feb 2013

 eik1

Na de lindesoorten in polder is het nu de beurt aan de eiken. In onze polder heb ik tot dusver 7 soorten gevonden. Graag laat ik u in de komende weken weten waar ze staan en wat er voor bijzonderheden aan te ontdekken zijn. Over eiken is een heel boek te schrijven. Ik ga dat proberen in 4 afleveringen samen te persen.

De meest algemene inheemse eikensoort is de zomereik. Deze boom kan een hoge ouderdom bereiken. De stam gaat gauw over in krachtige, maar kromme takken waardoor zich de kroon onregelmatig ontwikkelt en lichtdoorlatend is. De naam zomereik wijst erop dat de boom slechts in de zomer bladeren draagt in tegenstelling tot de wintereik. De bladeren ontluiken in de eerste helft van mei, hebben ronde lobben en korte stelen. Zomereiken zijn door de mens bevoordeeld boven wintereiken

omdat deze soort meer eikels produceert (de ‘mast’). Op deze mast werden de varkens vroeger vetgemest in de herfst.

Ook de wintereik is inheems. Ik heb maar 2 exemplaren gevonden in de polder: in het Wandelbos Hoofddorp en langs de Bennebroekerdijk. Het herfstblad van deze boom blijft gedurende de hele winter aan de takken, net als bij sommige beuken. De bladeren zijn glanzend en leerachtig, vrij regelmatig van vorm en hebben een lange steel. Ook deze soort kan zeer oud worden.

Een uitheemse soort die het erg goed doet, is de Turkse of Moseik (bv in het centrale parkje in Vijfhuizen of langs de Wieger Bruinlaan in Hoofddorp) Deze eik kan 35 m hoog worden. De bladeren zijn 10- 15 cm lang, glanzend groen aan de bovenkant en met kleine rechthoekige lobben. De rijping van de kleine vruchten vindt pas in het 2e jaar na bevruchting van de bloemen plaats. Ze zijn voor de helft omgeven door een vruchtbeker met draadachtige, lange schubben. Aan deze draadachtige schubben dankt de soort zijn naam van moseik. Dit ‘mos’ lijkt als een eskimomuts op de eikel te zitten. De schors is grijsbruin tot zwart en diep gekloofd. Hij groeit vooral in Zuidoost-Europa en West-Azië.

 linde3bomenLinde (3)28 jan 2013januari

Linde (3), 28 jan 2013

 linde3

Lindenhout is een houtsoort die zich zeer goed leent voor houtsnijwerk, draaiwerk en beeldhouwwerk, omdat het vrij zacht is, een fijne nerf heeft en gelijkmatig is opgebouwd. De linde van Sambeek wordt vaak de oudste boom van Nederland genoemd. Of dat waar is, kan niemand met zekerheid zeggen, want de bepaling wordt bemoeilijkt doordat de boom hol is en er dus geen jaarringen geteld kunnen worden. Wel is zeker dat deze boom een van de oudste van Nederland is. De boom zou 1000 jaar oud zijn, maar deskundigen houden het op 400- 500 jaar. Het is in elk geval de dikste linde van Nederland, met een stamomvang van 775 cm. Oorspronkelijk was het een etagelinde, in drie etages. In 1901 zijn de bovenste twee etages gesneuveld. In het centrum van de holle stam is een nieuwe stam gegroeid uit het

oude wortelstelsel; dit is inmiddels zelf weer een forse boom van circa 2,5 m. omtrek.

Waar

Er bestaan ca 25 soorten lindes wereldwijd, die vooral voorkomen op het noordelijk halfrond in Europa, Noord-Amerika en Azië. De kleinbladige en de grootbladige linde komen van nature in de Benelux voor. Linden gelden als een van de grootste loofboomsoorten en heeft zijn biotoop van nature met name in beekdalen. Mooie voorbeelden van de Winterlinde of kleinbladige linde (op foto: links) staan in het Generaal Snijdersplantsoen in Badhoevedorp. Zomerlindes of grootbladige lindes (op foto: rechts) zijn aangeplant in het oude centrum van Hoofddorp (Fortweg, Managelaan, Terveen laan, etc) en Gewone lindes (op foto: midden) staan daar vlak bij langs de Hoofdvaart. Krimlindes zijn aangeplant op kerkhof Iepenhof. De dikste en mogelijk dus oudste linde van de polder staat bij de boerderij aan de Schipholweg 569. Een van de 6 daarvan is bijna 3 m in omvang. De meeste andere oude lindes zijn 2- 2.5 m in omvang. Een boom die ook deze omvang benadert staat in het Wandelbos van Hoofddorp. In de loop van 2013 en 2014 zullen de ca 20 routes langs monumentale en bijzondere bomen door de gehele polder uitkomen.